Gemeenteblad van Bodegraven-Reeuwijk
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bodegraven-Reeuwijk | Gemeenteblad 2024, 547319 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bodegraven-Reeuwijk | Gemeenteblad 2024, 547319 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening van de raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk houdende regels voor de heffing en de invordering van parkeerbelasting (Verordening parkeerbelasting 2025)
In deze verordening wordt verstaan onder:
parkeren: het gedurende een aangesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;
Onder de naam 'parkeerbelasting' wordt de volgende belasting geheven: een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.
Artikel 4: Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak
De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel.
Artikel 6: Ontstaan van de belastingschuld
De belasting bedoeld in artikel 2 is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Artikel 7: Termijnen van betaling
De belasting bedoeld in artikel 2 moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.
Artikel 8: Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen
De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2 mag worden geparkeerd, geschiedt in alle gevallen door het college bij openbaar te maken besluit, overeenkomstig het bepaalde in de Parkeerverordening Bodegraven-Reeuwijk 2013.
Artikel 10: Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de parkeerbelasting.
De “Verordening parkeerbelasting Bodegraven-Reeuwijk 2024” van 20 december 2023 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2025, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk, gehouden op 18 december 2024
De griffier,
drs. J.H. Rijs
De voorzitter,
drs. M.KA. Grauss
Het tarief voor een parkeervergunning als bedoeld in artikel 2 bedraagt per voertuig en per jaar:
Voor de onderdelen I.b, I.c en II.a kunnen ook parkeervergunningen afgegeven worden voor een kortere periode dan een jaar (minimaal 1 maand). De tarieven hiervoor zijn € 321,50 voor een half jaar, € 174,50 voor een kwartaal en € 75,00 voor een maand.
Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk, gehouden op 18 december 2024
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-547319.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.