Gemeenteblad van Lansingerland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lansingerland | Gemeenteblad 2024, 544243 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lansingerland | Gemeenteblad 2024, 544243 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening verblijfsbelasting Lansingerland 2025
Bed & breakfast of B&B: een kleinschalige overnachtingsaccommodatie gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en kortdurend verblijf met het serveren van een ontbijt tegen een vergoeding. Een bed & breakfast of B&B is gevestigd in een woonhuis of een bijgebouw bij een woonhuis en wordt gerund door de eigenaren en/of bewoners van het betreffende huis.
Onder de naam ‘verblijfsbelasting’ wordt een directe belasting geheven voor:
het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven, indien deze personen gedurende hun verblijf beroeps- of bedrijfsmatige werkzaamheden verrichten voor of in opdracht van anderen.
De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:
van een vreemdeling als bedoeld in artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.
Artikel 5 Maatstaf van heffing
De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar.
Artikel 9 Termijnen van betaling
In afwijking van het eerste lid geldt dat, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische incasso kunnen worden afgeschreven de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
De belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, dient voordat hij voor de eerste maal na inwerkingtreding van deze verordening gelegenheid tot overnachten verschaft, hiervan een schriftelijke melding te maken bij de in artikel 232, vierde lid, onderdelen a en c, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaren.
De belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden de verblijf houdende personen als bedoeld in artikel 2 te registreren in een daarvoor bestemd en door de in artikel 232, vierde lid, onderdelen a en c, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaren beschikbaar gesteld papieren of digitaal nacht(verblijf)register.
De verplichting in het voorgaande lid geldt niet indien de belastingplichtige een eigen registratie voert waarmee het verblijf van de verblijf houdende personen als bedoeld in artikel 2 kan worden vastgesteld, zulks ter beoordeling aan de in artikel 232, vierde lid, onderdelen a en c, van de Gemeentewet bedoelde ambtenaren.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Lansingerland in zijn openbare vergadering van 19 december 2024.
de griffier,
drs. Eveline Hamelink – van Rens
de voorzitter,
drs. Pieter van de Stadt
Toelichting op het raadsbesluit
Art. 224 Gemeentewet maakt het mogelijk om een toeristenbelasting te heffen voor het houden van verblijf door niet-ingezetenen. Het gaat hier om een algemene belasting waarvan de opbrengsten toevloeien aan de algemene middelen van de gemeente.
Hoewel de Gemeentewet daartoe niet verplicht, beperkt de verordening het belastbaar feit tot een verblijf tegen een vergoeding in welke vorm dan ook. Deze beperking is aangebracht uit een oogpunt van uitvoerbaarheid. Zonder deze nadere beperking zou bijvoorbeeld ook de logeerpartij bij familie tot belastingheffing moeten leiden. Dit is in de praktijk niet te controleren en te handhaven.
Met de keuze voor overnachtingen tegen een vergoeding in welke vorm ook, sluit de verordening aan bij een in de praktijk bestaand afrekenmoment. Degene die gelegenheid biedt tot overnachting zal immers ervoor zorgdragen dat hij de afgesproken vergoeding ontvangt. Daarnaast zal de ontvangen vergoeding in de (financiële) administratie worden verantwoord. De heffing van de verblijfsbelasting sluit daarmee aan bij een al bestaande wettelijke plicht tot het voeren van een administratie. Dit maakt de controle en handhaving uitvoerbaar.
Hoewel de naam ‘toeristenbelasting’ niet verplicht is voorgeschreven, is deze naam ontleend aan artikel 224 Gemeentewet. Opgemerkt wordt dat de naam de lading van de belastingheffing op grond van deze verordening niet volledig dekt. In navolging van de Gemeentewet stelt deze verordening aan de overnachting geen eisen van toeristische of recreatieve aard. Ook in de jurisprudentie is al meermalen bevestigd dat ook betaald verblijf met overnachting zonder toeristische of recreatieve aanleiding, tot belastingplicht leidt. Derhalve is in deze verordening gekozen om de term toeristenbelasting te verlaten en is gekozen voor de term verblijfsbelasting.
Voor een goede spreiding van lasten is het wenselijk dat het belastbaar feit niet onnodig wordt ingeperkt. Doel is alle overnachtingen waarvoor de verblijfhouder een vergoeding in welke vorm dan ook verschuldigd is, in de heffing te betrekken. Alleen dan kan het tarief per overnachting zo laag mogelijk worden gehouden. Daarom is het belastbaar feit in de verordening neutraal geformuleerd. Hierdoor wordt voorkomen dat nieuwe benamingen die voor nieuwe en bestaande verblijfsvormen worden geïntroduceerd, zonder aanpassingen in de verordening aan de verblijfsbelasting zijn onderworpen.
Ten aanzien van het tarief voor de verblijfsbelasting is gekozen om tariefdifferentiatie aan te brengen aan de hand van een aantal categorieën. In deze differentiatie is rekening gehouden met de aard en omvang van de verschillende verblijfsmogelijkheden en de te verwachten verblijfsduur binnen de gemeente Lansingerland. Ten aanzien van de B&B’s gaat het om kleinschalige accommodaties, waarbij sprake is van een korte verblijfsduur met voornamelijk toeristisch karakter. Dit laatste geldt ook voor hotels.
Voor het verblijf op een camping of kampeerterrein is de keuze gemaakt voor een lager tarief wegens de aard en omvang van het verblijf. Betreffende onder andere het toeristisch karakter en de gasten die vooral gezinnen betreffen die veelal zelf hun onderkomen meebrengen.
De voorgenoemde categorieën trekken vooral bezoekers die voor korte duur binnen de gemeente Lansingerland verblijven en minder (structureel) gebruik maken van de openbare voorzieningen in de gemeente. Dit maakt dat het hanteren van een lager tarief passend is. Dit in afwijking van hetgeen tijdens het vaststellen van de begroting werd besloten.
Het tarief voor arbeidsmigrantenhuisvesting is overeenkomstig het bij de begroting vastgestelde tarief voor de verblijfsbelasting. Arbeidsmigranten verblijven doorgaans voor een langere periode in de gemeente Lansingerland dan de bezoeker met een toeristisch oogmerk. Door het langer durende verblijf worden de openbare voorzieningen extra belast. Ook worden er ten aanzien van (grootschalige)arbeidsmigrantenhuisvesting extra diensten verleend, hiermee kan worden gedacht aan:
De structurele kosten ten aanzien van de arbeidsmigrantenhuisvesting worden nu gedragen door de inwoner, afkomstig uit de onroerende zaak belasting en de vergoeding uit het gemeentefonds. De additionele kosten voor kleinschalig toerisme met een kortdurend verblijf vormen nu geen kostenpost, met de komst van (grootschalige)arbeidsmigrantenhuisvesting ligt dit om voorgenoemde redenen anders.
In de gemeente Lansingerland wordt geen vast tarief gehanteerd. Er is gekozen om de tarieven toe te spitsen op de huidige en te verwachten verblijfsmogelijkheden binnen de gemeente.
Dit maakt duidelijk dat verblijfsbelasting hetzelfde betreft als toeristenbelasting. Deze termen zijn inwisselbaar.
Arbeidsmigrantenhuisvestingslocatie
Een arbeidsmigrantenhuisvestingslocatie betreft huisvesting van niet-ingezetenen met het oogmerk of doel dat deze mensen in de nabijheid, vaak binnen dezelfde gemeente, betaald werk verrichten. Bij arbeidsmigrantenhuisvestingslocaties wordt tijdelijk (shortstay/midstay) verblijf geboden aan arbeidsmigranten (c.q. personen die niet-ingezetenen van de gemeente zijn) met een niet-toeristisch karakter. Arbeidsmigrantenhuisvesting vindt plaats in een gebouw of een gedeelte daarvan en niet in een gedeelte van een woonhuis of bijgebouw waar de eigenaar of huurder zelf woont.
Deze definitie behoeft geen toelichting.
Het uitvoeren van de B&B-activiteit is verbonden aan een woonhuis en is kleinschalig. Het oogmerk van het verblijf is toeristisch en van korte duur.
De definitie van camping geeft aan wat hieronder moet worden verstaan. Dit sluit niet uit dat op een camping ook vaste accommodaties zoals vakantiehuisjes aanwezig kunnen zijn.
Ter voorkoming van discussies is het belastbaar feit neutraal geformuleerd. Zie uitgebreider onder Algemeen
De Gemeentewet schrijft geen verplichte vrijstellingen voor. Desondanks is ervoor gekozen enkele bijzondere verblijfsvormen vrij te stellen. Het gaat hierbij om verblijfsvormen waarbij de verblijfhouder doorgaans geen vrije keuze heeft. Naast verzorgden en verpleegden in verzorgings- en verpleeghuizen is daarbij in een regeling voorzien voor asielzoekers die door het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers zijn gehuisvest.
Voor de vrijstelling voor verzorgden en verpleegden is aansluiting gezocht bij de Wet toetreding zorgaanbieders.
Artikel 5. Maatstaf van heffing
De maatstaf van heffing voor de verblijfsbelasting is het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Een overnachting is de keer dat een niet-ingezetene overnacht. Bij een gezin van 4 personen dat een week in een hotel verblijft, is dus sprake van 28 (4 x 7) overnachtingen.
De gemeente heeft tariefdifferentiatie aangebracht . Dit betekent dat ten aanzien van verschillende categorieën andere tarieven gelden. Voor verdere toelichting wordt verwezen naar de toelichting op het raadsbesluit.
Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. Hieraan doet niet af dat het onderkomen waar wordt overnacht, maar een gedeelte van het jaar is opengesteld. Deze beperkte openstelling komt tot uitdrukking in de berekening van het aantal overnachtingen.
De verblijfsbelasting wordt bij wege van aanslag geheven. Doordat de belastingschuld pas aan het einde van het jaar kan worden vastgesteld, vindt de aanslagregeling in het volgende kalenderjaar plaats. Het is mogelijk dat de gemeente daarop vooruitlopend in de loop van het belastingjaar voorlopige aanslagen verblijfsbelasting oplegt.
Artikel 9. Termijnen van betaling
Dit artikel geeft enkele aanwijzingen voor de aanslagregeling.
Dit artikel geeft enkele aanwijzingen voor de aanmeldingsplicht. Het SVHW (Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie Heffing en Waardebepaling) is het orgaan dat zorgdraagt voor de heffing en invordering van de verblijfsbelasting.
Door het SVHW (Samenwerkingsverband Vastgoedinformatie Heffing en Waardebepaling) is een nacht(verblijf)register beschikbaar gesteld.
In de verblijfssector zijn voornamelijk ondernemers actief. Op deze ondernemers rust op grond van fiscale wetgeving al een administratieplicht. Daarnaast zijn deze ondernemers op grond van het Wetboek van Strafrecht verplicht een zogenoemd nachtregister bij te houden. Deze administraties bieden op zich al voldoende informatie om de hoogte van de belastingaanslag te bepalen. Door bij de aanslagregeling op deze administraties aan te sluiten, wordt voorkomen dat ondernemers onnodige aanvullende handelingen moeten verrichten.
Dit artikel regelt op welk moment de verordening in werking treedt en vanaf welk moment de belasting volgens de nieuwe verordening wordt geheven. Op basis van deze bepaling gaan de wijzigingen in op 1 januari 2025.
Dit artikel geeft aan met welke verkorte naam de verordening kan worden aangehaald.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-544243.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.