Vaststelling bekostigingsplafond Programma onderwijshuisvesting 2025, Overzicht 2025 en Programma Bouwvoorbereiding 2025

Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,

 

gelet op:

 

  • -

    de artikelen 93, 95 en 96 van de Wet op het primair onderwijs (WPO);

  • -

    de artikelen 91, 93, en 94 van de Wet op de expertisecentra (WEC), en

  • -

    de artikelen 6.3, 6.5 en 6.6 van de Wet op het voortgezet onderwijs 2020 (WVO);

 

besluit:

 

  • I.

    onder verwijzing naar artikel 4.1, respectievelijk artikel 8.3, van de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Den Haag 2015 (verder: de Verordening) voor voorzieningen in de huisvesting respectievelijk bouwvoorbereiding voor het jaar 2025, conform bijgaande toelichting, een bekostigingsplafond vast te stellen ten bedrage van € 28,5 miljoen, waarvan:

    - € 23,5 miljoen ten behoeve van voorzieningen in de huisvesting als bedoeld in artikel 1.2 van de Verordening (investeringsdeel) en

    - € 0,9 miljoen ten behoeve van de bekostiging van bouwvoorbereiding als bedoeld in artikel 1.3 van de Verordening en

    - € 4,1 miljoen ten behoeve van voorzieningen in de huisvesting als bedoeld in artikel 1.2 van de Verordening (exploitatiedeel);

 

  • II.

    de op basis van artikel 2.1, eerste lid, van de Verordening aangevraagde voorzieningen, voor zover zij zijn vermeld in bijlage 1 overeenkomstig de aangegeven omvang en voorwaarden goed te keuren en op te nemen op het Programma onderwijshuisvesting 2025;

 

  • III.

    met inachtneming van het gestelde in artikel 99, eerste lid, van de WPO, artikel 97, eerste lid, van de WEC en artikel 6.9, eerste lid, van de WVO, de bekostiging van een voorziening die is opgenomen op het Programma onderwijshuisvesting 2025 (bijlage 1) vast te stellen, waardoor de voorziening een aanvang kan nemen met ingang van 1 februari 2025;

 

  • IV.

    de op basis van artikel 2.1, eerste lid, van de Verordening aangevraagde voorzieningen, voor zover zij zijn vermeld in bijlage 2 af te wijzen en op te nemen op het Overzicht 2025;

 

  • V.

    de op basis van artikel 8.1, eerste lid, van de Verordening aangevraagde bekostiging van bouwvoorbereiding voor het jaar 2025, zoals vermeld in bijlage 3 op het Programma bouwvoorbereiding 2025 toe te kennen respectievelijk af te wijzen;

 

  • VI.

    het budget voor voorzieningen in de huisvesting en bouwvoorbereiding voor het kalenderjaar 2025 ten laste van het Meerjarig Investeringsplan 2025-2028 vast te stellen op € 24,4 miljoen en het Investeringsplan 2024-2028 (bijlage 4) bij de eerstvolgende wijziging hierop budgettair neutraal aan te passen. Hiervoor is dekking aanwezig binnen het Meerjarig Investeringsplan 2025-2028 voor een bedrag van € 35,8 miljoen inclusief de bijbehorende kapitaallasten, zoals door de gemeenteraad is vastgesteld op 14 november 2024 (RIS319799);

  • VII.

    het budget voor voorzieningen in de huisvesting voor het programma onderwijshuisvesting 2025 ten laste van de exploitatiebegroting 2025 vast te stellen op € 4,1 miljoen. Hiervoor is dekking aanwezig binnen de exploitatiebegroting 2025 voor onderwijshuisvesting;

 

  • VIII.

    dat dit besluit in werking treedt op de dag na uitgifte in het Gemeenteblad.

 

Den Haag, 17 december 2024

 

de secretaris,

Ilma Merx

 

de burgemeester,

Jan van Zanen

 

Naar boven