Gemeenteblad van Baarle-Nassau
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Baarle-Nassau | Gemeenteblad 2024, 533381 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Baarle-Nassau | Gemeenteblad 2024, 533381 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Nadere regels subsidies Sociaal Domein Baarle-Nassau 2025
Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
vrijwilligers: inwoners die uit vrije wil, buiten een dienstverband of overeenkomst en buiten het eigen sociale netwerk werkzaamheden voor anderen of de samenleving verrichten. Doorgaans zijn deze werkzaamheden onbetaald of staat er maximaal de fiscaal vrijgestelde vrijwilligersvergoeding tegenover.
Artikel 1.3 Instellingen en personen die voor subsidie in aanmerking komen
Voor subsidies als bedoeld in hoofdstuk 4 van deze regeling (subsidies voor incidentele activiteiten) komen zowel rechtspersonen als bedoeld in lid 1, als inwoners en groepen inwoners van de gemeente Baarle-Nassau in aanmerking die zich ten doel stellen om zonder winstoogmerk activiteiten te verrichten voor de gemeenschap in de gemeente Baarle-Nassau.
HOOFDSTUK 2: SUBSIDIES VOOR BASISVOORZIENINGEN
Artikel 2.2 Procedure en voorwaarden om voor subsidie voor een basisvoorziening in aanmerking te komen
Het college kan de beoogde maatschappelijke resultaten, de voorwaarden, afspraken met andere overheden, de financiële kaders en de wijze waarop de subsidie moet worden verantwoord vastleggen in een separaat subsidiekader per basisvoorziening. Subsidieontvangers die in aanmerking komen voor een subsidie voor basisvoorzieningen worden hiervan op de hoogte gesteld.
Professionele organisaties die subsidie voor basisvoorzieningen ontvangen zijn verplicht om mee te werken aan Social Return On Investment (SROI). SROI heeft als doel zoveel mogelijk mensen die zonder re-integratiesteun niet of moeilijk aan het werk komen, aan werk te helpen. Het kan hierbij gaan om het bieden van vrijwilligerswerk, arbeids-, stage-, of leerwerkplekken.
Artikel 2.3 Berekening van de subsidie basisvoorzieningen
De inzet van professionals dient kwantitatief en kwalitatief in verhouding te zijn tot de te organiseren activiteiten en te worden ingezet tegen een naar het oordeel van het college realistische kostprijs. Onder de kostprijs worden niet alleen de personele lasten, maar ook overhead zoals huisvestingslasten, activiteitenlasten en organisatielasten verstaan.
HOOFDSTUK 3: SUBSIDIES VOOR STRUCTURELE ACTIVITEITEN
Artikel 3.1 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
Subsidie wordt alleen verleend voor activiteiten die onderbouwd voldoende maatschappelijk effect hebben en bijdragen aan het behalen van de vastgestelde gemeentelijke beleidsdoelen in het sociaal domein, zoals verwoord in het beleidskader Baarle Bruist en in andere notities waarin dit beleid nader is uitgewerkt.
Ten aanzien van subsidieverlening stelt het college de volgende voorwaarden:
Subsidie worden voor maximaal 3 jaar verleend onder voorbehoud van vaststelling van de begroting door de gemeenteraad. Wanneer een subsidieplafond wordt verlaagd omdat de gemeenteraad onvoldoende financiële middelen ter beschikking stelt in de begroting, heeft dat gevolgen voor reeds ingediende aanvragen en verleende subsidies ten laste van de begroting. Is dat het geval dan zal het college met een beroep op het begrotingsvoorbehoud nadat de begroting is vastgesteld (artikel 4:34, vierde en vijfde lid Awb) de verleende subsidie naar rato verlagen en subsidieontvangers hier voor 1 januari van het betreffende jaar over informeren.
Artikel 3.5 Verdeling van de subsidiemiddelen
Op basis van verklaarbare verschillen kan een hogere bijdrage dan het normbedrag worden toegekend. De verklaring van het verschil dient te blijken uit de subsidieaanvraag en een positief effect te hebben op het maatschappelijk rendement van de activiteit(en) waarvoor subsidie is aangevraagd. Dit kan betrekking hebben op de aard van de activiteiten en de bijdrage aan inclusie.
Artikel 3.7 Berekening van de subsidie
Uitsluitend de kosten die resteren na aftrek van overige inkomsten van de activiteit en die naar het oordeel van het college noodzakelijk zijn voor de uitvoering van de activiteit komen voor subsidie in aanmerking. Onder overige inkomsten wordt verstaan: eigen bijdragen van deelnemers, eigen middelen van de subsidieaanvrager en subsidies of sponsorbijdragen van derden.
Artikel 3.8 Subsidieverantwoording
Subsidies tot € 5.000,- per jaar worden verleend en direct ambtshalve vastgesteld, tenzij een begrotingsvoorbehoud van toepassing is. Dan volgt ambtshalve vaststelling nadat er in de begroting van het betreffende jaar voldoende middelen beschikbaar zijn gesteld. De aanvrager ontvangt jaarlijks een vaststellingsbeschikking.
HOOFDSTUK 4 SUBSIDIES INCIDENTELE ACTIVITEITEN (ook wel Goede Ideeënfonds genoemd)
Artikel 4.1 Activiteiten die voor subsidie in aanmerking komen
Subsidie wordt alleen verleend aan vernieuwende activiteiten (Goede Ideeën) die onderbouwd een bijdrage leveren aan de beleidsdoelen en uitgangspunten zoals verwoord in het beleidskader sociaal domein en dan meer specifiek:
Activiteiten gericht op het versterken van onderlinge verbondenheid en het bieden van informele ondersteuning. Hierbij valt onder andere te denken aan het tot stand brengen van lotgenotencontacten, activiteiten gericht op het vergroten van het sociaal netwerk van inwoners (netwerkversterking), inloop en ontmoeting, en/of;
Een subsidiebijdrage aan een initiatief is eenmalig. Een initiatief dat reeds subsidie heeft ontvangen kan in de daaropvolgende drie jaar voor dezelfde activiteit geen subsidie vanuit het Goede ideeën fonds ontvangen. Het is wel mogelijk om in die jaren een andere subsidie op basis van deze regeling aan te vragen.
Voor incidentele activiteiten gelden de volgende subsidieplafonds als bedoeld in artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht:
Een aanvraag voor een incidentele activiteit dient maximaal 16 weken en ten minste 8 weken voor de start van de activiteit te zijn ingediend.
Of activiteiten, waarvoor subsidie is aangevraagd, voldoende maatschappelijk effect hebben en bijdrage leveren aan de vastgestelde gemeentelijke beleidsdoelen wordt bepaald aan de hand van een beoordelingsformat, als bedoeld in artikel 3. Het beoordelingsformulier wordt op de gemeentelijke website gepubliceerd.
Artikel 4.5 Verdeling van de subsidiemiddelen
Aangevraagde subsidies worden op volgorde van binnenkomst behandeld. Daarbij wordt rekening gehouden met het vastgestelde subsidieplafond.
Artikel 4.7 Berekening van de subsidie
De hoogte van de subsidie wordt bepaald op basis van een voorafgaand aan de activiteit door de aanvrager overgelegde offerte of activiteitenbegroting, dan wel een onderbouwde inschatting van de kosten met uitzondering van activiteiten die niet direct vallen onder deze regeling, maar die het college wel wil waarderen. Daarvoor kan een maximale bijdrage van € 250 worden gehanteerd, met inachtneming van het vastgestelde subsidieplafond voor incidentele activiteiten.
HOOFDSTUK 6: OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN
Artikel 6.1 Overgangsbepalingen
Alle organisaties die voor het verrichten van structurele activiteiten in het kalenderjaar 2025 subsidie hebben ontvangen krijgen de garantie dat zij voor die structurele activiteiten in 2026 minimaal subsidie ter hoogte van het vastgestelde subsidiebedrag 2025 kunnen ontvangen, wanneer het subsidieplafond in de begroting 2026 dat toelaat. Daarvoor gelden de volgende voorwaarden:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-533381.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.