Gemeenteblad van Hoogeveen
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Hoogeveen | Gemeenteblad 2024, 532625 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Hoogeveen | Gemeenteblad 2024, 532625 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening begraafplaatsen Hoogeveen
In deze verordening wordt verstaan onder:
particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
in voorgaande verordeningen ook wel eigen graf genoemd;
onder particulier graf wordt mede begrepen: particulier dubbelgraf, particulier galerijgraf, particulier kindergraf, particuliere grafkelder, particuliere urnenkelder en particuliere urnennis;
rechthebbende: de natuurlijke persoon of een rechtspersoon, die het uitsluitend recht heeft verkregen tot het doen begraven of het doen bijzetten in een particulier graf, particulier dubbel graf, een particulier galerijgraf, een particulier kindergraf, particuliere grafkelder, een particuliere urnenkelder of een particuliere urnennis;
Artikel 4 Termijnen algemene graven
Op schriftelijk verzoek van de gebruiker kan na afloop van de termijn en volgens de bepalingen van het Besluit begraafplaatsen:
het bestaande algemene graf administratief omgezet worden tot een particulier graf. Hiervoor zijn kosten verschuldigd, bij aparte verordening bepaald. Een aanvraag tot administratieve omzetting is alleen mogelijk voor algemene graven waarin ten hoogste 40 jaar voor de aanvraag tot administratieve omzetting is begraven.
Zonder overeenstemming onder de nabestaanden over wat er met de stoffelijke resten moet gebeuren stelt de gemeente de nabestaanden in de gelegenheid om het geschil binnen een half jaar na afloop van de gebruikstermijn aanhangig te maken bij de civiele rechter om tot onderlinge overeenstemming te komen. De gemeente zal het algemene graf tot onherroepelijk vonnis niet ruimen;
Zonder overeenstemming onder de nabestaanden over wat er met de stoffelijke resten moet gebeuren, stelt de gemeente de nabestaanden in de gelegenheid om het geschil binnen een half jaar na afloop van de gebruikstermijn aanhangig te maken bij de civiele rechter om tot onderlinge overeenstemming te komen. De gemeente zal het algemene graf tot onherroepelijk vonnis niet ruimen.
Artikel 8 Onderhoud door de rechthebbende of gebruiker
Indien de rechthebbende of de gebruiker nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende dertien weken ter beschikking van de rechthebbende of de gebruiker en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht is.
De verwijdering vindt niet plaats dan nadat het college de rechthebbende of de gebruiker door middel van een verklaring schriftelijk op de hoogte heeft gesteld van de toestand van de grafbedekking. Wanneer het adres van de rechthebbende of de gebruiker niet bekend is, maakt het college de verklaring bij de ingang van de begraafplaats op het mededelingenbord bekend. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht.
Het college kan de rechthebbende of de gebruiker per aanschrijving verplichten een beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen de door het college gestelde termijn indien de beschadiging zodanig is dat deze naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de begraafplaats schaadt of indien de beschadiging van de grafbedekking gevaar oplevert voor derden.
Artikel 9 Ruiming van graven, urnenkelders en urnennissen
De rechthebbende van een particulier graf kan bij de beheerder een schriftelijke aanvraag indienen om de stoffelijke resten te doen verzamelen om deze opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel om deze te cremeren of elders opnieuw te doen begraven. Het opnieuw plaatsen van stoffelijke resten in hetzelfde graf kan maximaal een keer.
Artikel 11 Openstelling voor bezoek
De begraafplaats is voor een ieder dagelijks kosteloos toegankelijk van zonsopgang tot een half uur na zonsondergang met dien verstande dat de toegang tot en het verblijf op de begraafplaats verboden is voor personen die zich zonder redelijk doel ophouden op een gemeentelijke begraafplaats, deze verontreinigen of deze gebruiken voor een ander doel dan waarvoor de begraafplaats is bestemd.
Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Hoogeveen in de vergadering van 14 november. De griffier, De voorzitter,
Artikelsgewijze toelichting op de Verordening begraafplaatsen Hoogeveen
De begripsbepalingen zijn opgenomen zodat voor iedereen duidelijk is wat en wie met de diverse begrippen bedoeld wordt.
De term ‘zandgraf’ is een gebruikelijke term voor een grafruimte voor het begraven van een stoffelijk overschot in de bodem. Dat hoeft niet per sé zandgrond te zijn.
Artikel 2 Tijden van begraving en asbezorging
Met dit artikel zijn de tijden van het begraven van stoffelijke resten en het bezorgen van as vastgesteld.
Per begraafplaats mag er in beginsel niet meer dan één begrafenis tegelijk plaatsvinden. Deze bepaling is opgenomen om een optimale dienstverlening te garanderen. Ook hier bestaat de mogelijkheid om af te wijken indien een gelijktijdige begrafenis gewenst is vanwege bijvoorbeeld een gerelateerde of gelijke doodsoorzaak.
Artikel 3 Termijn particuliere graven
Het recht op een particulier graf heet een uitsluitend recht.
Aansluitend aan de uitgiftetermijn is steeds verlenging mogelijk met een minimale termijn van 5 jaar, zodat in beginsel gekozen kan worden voor eeuwige grafrust. Sommige rechthebbenden verkeren in de veronderstelling dat de uitgiftetermijn pas begint te lopen aan het eind van het kalenderjaar waarin de begraving heeft plaatsgevonden. De termijn begint echter te lopen op de datum waarop het particuliere graf is uitgegeven.
De verplichting om de adreswijziging door te geven is van groot belang voor de rechthebbende bij een eventuele verlenging of bij constatering van een verwaarloosd graf. Doet hij of zij dat niet, dan is de rechthebbende onvindbaar voor de beheerder. Reageert de rechthebbende ook niet na het plaatsen van een bordje bij het graf, dan kan het grafrecht vervallen worden verklaard en kan het graf opnieuw worden uitgegeven.
Een rechthebbende mag actief afstand doen van rechten. Dat heeft als voordeel dat de rechthebbende daarmee geen onderhoudsplicht meer heeft of minder grafrechten hoeft te betalen ingeval van het afstand doen van een laag.
Artikel 4 Termijnen algemene graven
Dit artikel opent de mogelijkheid ook bij ruiming van algemene graven de stoffelijke overblijfselen een andere bestemming te geven. Wettelijk gezien is dit geen verplichting van de gemeente. Het is een tegemoetkoming aan de nabestaanden, omdat zij soms alsnog behoefte hebben aan een nieuwe en herkenbare plek voor de stoffelijke resten. Bij algemene graven is nooit sprake van een rechthebbende en weet de gemeente niet tot wie zij zich zou moeten wenden voor een uitspraak over deze behoefte. Bovendien zouden zich meerdere nabestaanden kunnen melden en daarbij een uiteenlopende en niet verenigbare wens hebben voor wat er met de stoffelijke overblijfselen moet gebeuren. De nabestaanden moeten dit onderling regelen, eventueel bij de civiele rechter.
Omdat in een algemeen graf bij wet meerdere personen mogen worden begraven die geen familie of bekenden van elkaar hoeven te zijn, kan dit problemen opleveren wanneer nabestaanden van alle begraven personen zich melden voor herbegraving of omzetting naar een particulier graf. Daarom is het in een algemeen graf toegestaan om slechts één stoffelijk overschot te begraven.
De aanvrager moet zelf aantonen dat deze redelijkerwijs een belanghebbende is. Bijvoorbeeld door de directe familierelatie aan te tonen of een bewijs van samenwonen op hetzelfde adres.
Een administratieve omzetting naar een particulier graf is uitsluitend mogelijk voor graven van 40 jaar of jonger.
Na de administratieve omzetting gelden de voorwaarden aan het graf en de grafbedekking zoals bepaald in het Besluit begraafplaatsen.
Met dit artikel vermeldt de raad de mogelijkheid tot het opstellen van uitvoeringsregels door het college. Deze regels hebben tot doel het beheer en de inrichting van de begraafplaatsen op heldere wijze vorm te geven. Door de bekendmaking ervan kunnen belanghebbenden zich al tijdig op de hoogte stellen van de mogelijkheden en het geeft tevens de medewerkers, die de uitvoering verzorgen, een duidelijk richtsnoer.
Artikel 6 Vergunning grafkelder
Op iedere gemeentelijke begraafplaats wordt gelegenheid gegeven tot het aanbrengen van een grafkelder.
Artikel 7 Vereisten grafbedekking
De vergunningseis geldt voor de grafbedekking op een particulier graf en een algemeen graf. De grafbedekking zal op punten als vormgeving, constructie en materiaalkeuze aan bepaalde minimumeisen moeten voldoen.
Deze eisen zijn nader uitgewerkt in de uitvoeringsregels van het college en vastgelegd in het Besluit begraafplaatsen. Zij zijn ruim geformuleerd. Wanneer uit een vergunningaanvraag blijkt dat niet voldaan wordt aan de eisen, zoals vermeld in de uitvoeringsregels, kan het college in uitzonderingsgevallen afwijken van het bepaalde in deze regels en de vergunning alsnog afgeven.
Zo kan in bijzondere gevallen, waar de regels niet in voorzien of deze een onbedoeld en ongewenst resultaat zouden meebrengen toch een maatwerkoplossing worden bereikt.
Artikel 8 Onderhoud door de rechthebbende of gebruiker
In dit artikel worden de rechten en de plichten van de rechthebbende of, in het geval van algemene graven, van de gebruiker ten aanzien van de grafbedekking omschreven. Alleen in dit artikel is sprake van plichten voor (bepaalde) nabestaanden van overledenen die zijn bijgezet in een algemeen graf. Daarom wordt hier de in artikel 1 (‘Begripsbepalingen’) gedefinieerde term ‘gebruiker’ gebezigd in plaats van de ruimer op te vatten term ‘belanghebbende’, die voorkomt in verband met het begrip ‘algemeen graf’ in de Wet op de lijkbezorging (artikel 27a).
De plicht tot onderhoud en daarmee ook de risicoaansprakelijkheid van hetgeen op het graf is geplaatst, ligt volgens art. 32a van de Wet op lijkbezorging bij de rechthebbende en/of de gebruiker.
Het onderhoud dat door de gemeente wordt verricht, is voldoende voor algemene graven.
Indien er sprake is van verwaarlozing van de grafbedekking kan de beheerder van de begraafplaats de rechthebbende of de gebruiker aanspreken en sommeren tot het verrichten van herstelwerkzaamheden aan de grafbedekking. De Wet op de lijkbezorging bepaalt in artikel 28, het vierde tot en met het zevende lid, dat het recht op het graf vervalt wanneer vijf jaar na constatering en bekendmaking van de verwaarlozing niet in het onderhoud is voorzien. Hierbij wordt rekening gehouden met de termijn van grafrust en de uitgiftetermijn van het graf. Zie ook de algemene toelichting, hoofdstuk 3.1.
Artikel 9 Ruiming van graven, urnenkelder en urnennissen
Volgens artikel 31, tweede lid van de Wet op de lijkbezorging kan een particulier graf alleen geruimd worden met toestemming van de rechthebbende. Het recht op een graf kan echter vervallen na het verstrijken van de termijn, of omdat er na het overlijden van de rechthebbende niet tijdig een nieuwe rechthebbende is aangewezen. Ook kan het recht vervallen na verwaarlozing van het onderhoud, volgens artikel 28, zesde lid van de Wet op de lijkbezorging.
De mededeling dat het college voornemens is om de graven te ruimen wordt gedaan zowel aan de rechthebbende van particuliere graven als aan de nabestaanden van overledenen die zijn begraven in een algemeen graf. Het is aan de rechthebbende en nabestaanden om zelf te zorgen voor het doorgeven van een adreswijziging. Voor de rechthebbende is dit een verplichting. Voor de nabestaanden van een algemeen graf niet. Maar wel verstandig wanneer een nabestaande op de hoogte gehouden wil worden van bijvoorbeeld het tijdstip van voorgenomen ruiming, om tijdig een gewijzigde wens over de overblijfselen door te kunnen geven aan de begraafplaatsbeheerder.
Eenieder kan van zijn zienswijze doen blijken, bijvoorbeeld omdat het graf van historische betekenis is. Het College neemt daarom in het Besluit begraafplaatsen nadere regels op over wanneer een te ruimen graf als historisch kan worden beschouwd, of wanneer een te ruimen graf of te ruimen gedeelte van de begraafplaats om overige redenen van grote betekenis is.
De rechthebbende mag vragen om de overblijfselen te doen verzamelen om deze te cremeren, dan wel bij te zetten in een ander graf op dezelfde begraafplaats of over te brengen naar een andere begraafplaats. Ook wordt de mogelijkheid gegeven om de overblijfselen in dezelfde grafruimte te doen plaatsen (het zogenaamde schudden). Dit kan hooguit een keer en de mogelijkheid wordt beoordeeld door de begraafplaatsbeheerder. Het graf wordt dan extra diep uitgegraven, en de overblijfselen worden onderin geplaatst. De rechthebbende kan dan vervolgens het graf bestemmen voor andere overledenen. Op deze wijze kan het graf gedurende langere tijd in dezelfde familie blijven. Schudden is nooit mogelijk voor algemene graven.
Met betrekking tot het ruimen is met dit artikel gekozen voor een zorgplicht voor de gemeente, als beheerder van de begraafplaats. Op de beheerder rust de plicht er zorg voor te dragen dat met de stoffelijke resten welke bij de ruiming van een graf worden aangetroffen te allen tijde respectvol wordt omgegaan. Er dienen bovendien maatregelen te worden getroffen zodat bezoekers van de begraafplaats niet met de stoffelijke resten worden geconfronteerd. Hoe dit in de praktijk ingevuld kan worden wordt uitgewerkt in een handreiking, welke in samenspraak met de branche wordt opgesteld.
De tekst van dit artikel komt overeen met de strekking van het “Protocol werkwijze bestaande graven, urnennissen-/kelders Hoogeveen”, inclusief de oplegnotitie en de aanvullende oplegnotitie, zoals vastgesteld door het college in 2013. In het Besluit begraafplaatsen wordt de tekst van dit bedoelde protocol opgenomen.
Dit artikel is opgenomen met het oog op de strafbaarstelling van personen die zich op hinderlijke wijze gedragen of ander ongewenst gedrag vertonen. Alleen door de verboden op te nemen kunnen overtreders strafbaar worden gesteld. Deze bepaling is hier opgenomen en niet in de Algemene plaatselijke verordening vanuit de wens om de bepalingen over de begraafplaatsen in een kader geordend te hebben. Om die reden is de verordening ook gebaseerd op artikel 149 van de Gemeentewet.
Artikel 11 Openstelling voor bezoek
Dit artikel is geïntroduceerd met het oog op de strafbaarstelling van personen die zich op de begraafplaats bevinden buiten de uren van openstelling voor bezoekers. De toegang tot en het verblijf tot de begraafplaats is verboden voor personen die zich zonder redelijk doel ophouden op een begraafplaats, deze verontreinigen of deze gebruiken voor een ander doel dan waarvoor de begraafplaats is bestemd.
De bevoegdheid van het college om personen weg te sturen als zij zich niet aan zijn aanwijzingen en de verbodsbepalingen houden, bieden naast het strafrechtelijk optreden ook een basis om tegen ongewenste activiteiten op te kunnen treden.
De politie kan op grond van de strafbepalingen tegen ordeverstoringen optreden en zo nodig proces-verbaal opmaken.
1. De Verordening begraafplaatsen Hoogeveen 2020 wordt ingetrokken met ingang van de datum waarop deze verordening in werking treedt. Deze verordening geldt voor alle situaties vanaf de datum van inwerkingtreding tot de verordening herzien wordt. Alle verkregen rechten blijven van kracht. Niet bedoeld is dat die nu onbeperkt van kracht blijven, maar dat die van kracht blijven met in achtneming van de regels, zoals die golden tot de inwerkingtreding van de thans vastgestelde voorschriften.
2. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2025.
3. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening begraafplaatsen Hoogeveen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-532625.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.