Gemeenteblad van Steenwijkerland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Steenwijkerland | Gemeenteblad 2024, 531290 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Steenwijkerland | Gemeenteblad 2024, 531290 | beleidsregel |
Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Steenwijkerland
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Steenwijkerland;
titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 35 van de Participatiewet;
Het college het noodzakelijk vindt een juiste en eenduidige uitvoering aan de Participatiewet te geven en duidelijkheid te verschaffen aan de inwoners die een beroep doen op bijzondere bijstand;
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen bijzondere bijstand
De algemene voorwaarden voor het recht op bijstand gelden ook voor de bijzondere bijstand. Dit betekent dat bij iedere aanvraag bijzondere bijstand het recht eerst getoetst moet worden aan de artikelen 11 tot en met 16 Participatiewet en vervolgens aan artikel 35 Participatiewet.
Vragen om het recht op bijzondere bijstand vast te stellen
Iedereen maakt kosten. Bijvoorbeeld aan: huur, gas, water, eten en drinken. Soms zijn er ook bijzondere kosten. Kosten waar niet iedereen geen geld voor heeft. Het kan zijn dat er dan recht bestaat op bijzondere bijstand. Dat hangt af van de persoonlijke situatie. Daarom kan het voorkomen dat de ene inwoner wel voor die kosten bijstand krijgt, maar iemand anders niet.
Omdat niemand hetzelfde is, houden wij rekening met de persoonlijke situatie. Wat voor de ene persoon geldt, gaat niet automatisch op voor een ander.
Bij het beoordelen van het recht op bijzondere bijstand wordt gebruik gemaakt van het volgende afwegingskader:
Bij het leveren van maatwerk is het de bedoeling om aan te sluiten bij wat de inwoner nodig heeft om verder te komen. Het is daarom van belang om te starten bij de inwoner en de wet te gebruiken als instrument bij het ondersteunen van de inwoner. De onderstaande stappen kunnen hierbij helpen:
Bij het beoordelen van aanvragen worden de volgende leidende principes in acht genomen:
Artikel 2 Voorwaarden bijzondere bijstand
Aan de verlening van bijzondere bijstand zijn op grond van artikel 35 lid 1 van de Participatiewet de volgende voorwaarden verbonden:
Artikel 3 Moment indienen aanvraag bijzondere bijstand
Een aanvraag moet in beginsel worden ingediend voordat de kosten zijn gemaakt. De reden hiervoor is dat het veelal niet mogelijk is achteraf de noodzaak van de kosten vast te stellen.
Artikel 5 Draagkrachtbepalingen
Hoofdstuk 2 Bijzondere bijstand voor levensonderhoud
Artikel 8 Kosten levensonderhoud voor 18, 19 en 20 jarigen niet in een inrichting
Indien en voor zover een persoon van 18, 19 of 20 jaar die niet in een inrichting verblijft hogere algemeen noodzakelijke kosten van bestaan heeft dan waarin de norm in het kader van de Participatiewet voorziet en de middelen van zijn ouders ontoereikend zijn of hij redelijkerwijs zijn onderhoudsrecht jegens zijn ouders niet te gelde kan maken, kan het college aanvullende bijzondere bijstand verstrekken.
Artikel 9 Kosten levensonderhoud voor 18, 19 en 20 jarigen in een inrichting;
Indien en voor zover een persoon van 18, 19 of 20 jaar, in een inrichting verblijft, hogere algemeen noodzakelijke kosten van bestaan heeft en de middelen van zijn ouders hiertoe ontoereikend zijn of hij redelijkerwijs zijn onderhoudsrecht jegens zijn ouders niet te gelde kan maken kan het college voor deze kosten bijzondere bijstand verstrekken.
Artikel 10 Alleenstaande ouders jonger dan 21 jaar
De alleenstaande ouder jonger dan 21 jaar komt niet in aanmerking voor extra aanvullende inkomensondersteuning via de bijzondere bijstand.
Indien er een medische noodzaak is voor de aanschaf van een identiteitskaart of paspoort, kan er in afwijking van lid 1 ook bijzondere bijstand voor de kosten van een identiteitskaart of paspoort voor personen jonger dan 14 jaar worden verstrekt. De hoogte van de tegemoetkoming is gelijk aan de bijdragen als genoemd in het tweede lid onder b van dit artikel.
Als de overledene niet of onvoldoende verzekerd was tegen begrafenis- of crematiekosten en de schulden van de nalatenschap hoger zijn dan de bezittingen, kunnen de erfgenamen ieder voor zich en op persoonlijke titel bijzondere bijstand aanvragen, voor zover het hen aan middelen ontbreekt om hun aandeel in deze kosten te kunnen voldoen en zij tot de familieleden behoren op wie verhaal gezocht zou kunnen worden krachtens de Wet op de lijkbezorging.
Indien er aan de voorwaarden uit de tweede lid voldaan wordt, kan er bijzondere bijstand verstrekt worden. De kosten die worden vergoed betreffen kosten voor een sobere begrafenis of crematie.
als noodzakelijke kosten kunnen in het algemeen aangemerkt worden: de kosten van de begrafenis of crematie, personeelskosten van de uitvaartondernemer, het kisten van de overledene, de laatste verzorging, de uitvaartdienst, de grafrechten (voor zover het een algemeen graf betreft), de rouwauto en één volgauto, maximaal 50 rouwkaarten, de akte van overlijden, koffie en cake voor 100 personen.
Iedereen is er in de eerste plaats zelf verantwoordelijk voor dat hij of zij (en het gezin) voldoende verzekerd is voor medische kosten. Wordt in de Zvw of de Wlz een bewuste beslissing genomen over de noodzakelijkheid van de voorziening? Dan moet de Participatiewet zich bij die keuze aansluiten. De kosten komen dan niet voor bijstandsverlening in aanmerking.
Artikel 23 Meerkosten als gevolg van medische noodzaak of behoefte aan ondersteuning op één of meerdere leefgebieden
Wanneer uit een medisch advies blijkt dat er sprake is van meerkosten als gevolg medische noodzaak of behoefte aan ondersteuning op één of meerdere leefgebieden, dan kan er recht bestaan op bijzondere bijstand voor de volgende kosten:
Hoofdstuk 5 Woon, verhuis- en inrichtingskosten
Kosten voor verhuizing en inrichting vloeien meestal niet voort uit bijzondere omstandigheden en moeten daarom uit eigen inkomen of vermogen worden betaald. Slechts in bijzondere omstandigheden kan hier bijzondere bijstand voor worden verstrekt.
Bijzondere bijstand voor verhuiskosten moet aangevraagd worden in de gemeente van vertrek, met uitzondering van de dubbele woonlasten (bijv. huur) en eventuele waarborgsom die daarmee verband houden.
Artikel 28 Geen bijzondere bijstand voor de eerste woninginrichting
Voor de kosten van de eerste woninginrichting (verlaten ouderlijk huis) kan geen bijzondere bijstand worden verstrekt, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden.
Artikel 29 Woonkostentoeslag huurders
Indien er aanspraak bestaat op huurtoeslag berekend naar een inkomen dat voor de aanvraag van bijstandsverlening hoger was dan de laagste inkomenscategorie volgens de Wet op de huurtoeslag, kan bijzondere bijstand worden toegekend. De hoogte van de woonkostentoeslag is in dat geval gelijk aan het bedrag dat volgens de berekening van de Wet op de huurtoeslag per maand zou worden toegekend, wanneer hierop wel volledig recht zou bestaan, verminderd met de daadwerkelijk ontvangen huurtoeslag.
De woonkostentoeslag wordt voor de duur van maximaal 1 jaar toegekend en er wordt gelijktijdig een verhuisplicht opgelegd. De periode van toekenning kan telkens met maximaal 1 jaar worden verlengd als de aanvrager er alles aan heeft gedaan om vervangende woonruimte te krijgen en hierin toch niet is geslaagd.
Artikel 31 Woonkostentoeslag voor woonkosten boven de maximale huurgrens
De woonkostentoeslag zoals bedoeld in lid 1 wordt toegekend voor de periode van maximaal twaalf maanden. Verlenging van deze termijn is telkens met een periode van 12 maanden jaar mogelijk, indien belanghebbende redelijkerwijs nog niet kan beschikken over huisvesting waarvan de woonkosten lager zijn dan de maximale huurgrens.
Artikel 34 Berekening reisafstand
Voor de berekening van de enkele reisafstand wordt gebruik gemaakt van de ANWB routeplanner, waarbij voor de kortste route wordt gekozen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-531290.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.