Gemeenteblad van Ede
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ede | Gemeenteblad 2024, 528775 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Ede | Gemeenteblad 2024, 528775 | beleidsregel |
Beleidsregel van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede houdende regels over kleine bouwwerken (Beleidsregel Kleine bouwwerken Ede)
1. Beleid voor het aanvragen van kleine bouwwerken afwijkend van het omgevingsplan
Wanneer een bouwplan niet aan de regels van het omgevingsplan voldoet, wordt bekeken of hier van afgeweken kan worden. Voor de kleine bouwplannen bij woningen binnen bestaand stedelijk gebied is dit een stedenbouwkundige afweging. De stedenbouwkundige criteria voor medewerking aan het bouwplan worden in deze beleidsregel benoemd.
Dit document geeft een overzicht van die criteria die per bouwwerk gelden. Het betreft uitbreidingen op het dakvlak, aan de woning en op het erf. Voor bouwwerken die niet in deze beleidsregel worden genoemd, geldt dat een individuele afweging wordt gemaakt.
Deze beleidsregel heeft betrekking op particuliere erven in het stedelijk gebied van de gemeente Ede. Het stedelijk gebied is grijs omkaderd in onderstaande afbeelding. Binnen de roze gebieden zijn beeldkwaliteitsplannen van kracht met aanvullende en/of conflicterende criteria. In deze gebieden is de beleidsregel niet van kracht en worden bouwwerken separaat stedenbouwkundig beoordeeld. Ook alle gebieden behorend tot het buitengebied zijn uitgesloten van deze beleidsregel. Ook monumenten, percelen met monumentale bomen en panden met een aanduiding karakteristiek pand zijn uitgesloten van deze beleidsregel.
2. Stedenbouwkundige criteria voor het aanvragen van kleine bouwwerken
Hieronder een verbeelding van het 1) voordakvlak 2) achterdakvlak 3) zijdakvlak 4) achtererfgebied 5) bebouwingsgebied binnen deze beleidsregel.
3. Criteria voor uitbreidingen op het dakvlak van de hoofdwoning
Dakkapellen richting het openbaar gebied
Dakkapellen niet gericht op het openbaar gebied
Alleen mogelijk op het achterdakvlak:
Dakopbouw op het achterdakvlak
Dakvensters richting het openbaar gebied
4. Criteria voor grondgebonden bouwwerken op het erf
Erkers aan de voor- of zijgevel
Aan- of uitbouwen, overkappingen en carports aan de zij- of achtergevel
Oppervlaktevan het bouwwerk valt binnen het maximaal toegestaan aantal m2 bebouwing aan bijbehorende bouwwerken (o.a. aan- uit en bijgebouwen, kelders en overkappingen). Het maximaal toegestaan aantal m2 bebouwing binnen het bebouwingsgebied wordt berekend volgens onderstaande tabel.
L osstaande bijbehorende bouwwerken
Oppervlakte van het bouwwerk valt binnen het maximaal toegestaan aantal m2 bebouwing aan bijbehorende bouwwerken (o.a. aan- uit en bijgebouwen, kelders en overkappingen). Het maximaal toegestaan aantal m2 bebouwing binnen het bebouwingsgebied wordt berekend volgens onderstaande tabel.
Oppervlakte van het bouwwerk valt binnen het maximaal toegestaan aantal m2 bebouwing aan bijbehorende bouwwerken (o.a. aan- uit en bijgebouwen, kelders en overkappingen). Het maximaal toegestaan aantal m2 bebouwing binnen het bebouwingsgebied wordt berekend volgens onderstaande tabel.
Een aan een hoofdgebouw toegevoegde ruimte met een dak die qua afmetingen en/of visueel opzicht (onder meer voor wat betreft goothoogte, dakhelling en/of dakvorm), ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.
Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.
Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de criteria voor kleine bouwwerken een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
Een gebouw dat in functioneel opzicht ondergeschikt is aan en hoort bij een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw.
Een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of nagenoeg gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder.
Een verzameling bij elkaar horende gebouwen bestaande uit een vrijstaand hoofdgebouw, dan wel twee of meer aaneengebouwde hoofdgebouwen inclusief aan- en uitbouwen en bijgebouwen.
Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.
Elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die op de plaats van bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond, bedoeld om ter plaatse te functioneren.
Een dakconstructie vrijstaand zonder wanden, dan wel aan maximaal drie zijden begrensd door de gevels van belendende gebouwen, bedoeld voor de stalling van een motorvoertuig.
Elk der hellende en elkaar snijdende vlakken van een dak, ook wel dakschild genoemd.
Hellingshoek gemeten langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
Al dan niet bebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een gebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw.
De afbakening van een erf of perceel van een ernaast gelegen erf of van de openbare ruimte.
Doeleinden ten behoeve waarvan gebruik van gebouwen en/of gronden of aangewezen delen daarvan is toegestaan.
Elk bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.
Een gebouw, of gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer gebouwen op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.
Een geheel ondergronds gelegen ruimte die grotendeels is gesitueerd onder een bijbehorend bovengronds bouwwerk, en waarvan de bovenkant van de vloer zich op ten minste 1,75 meter onder peil bevindt.
Een instrument van de gemeente dat alle regels bevat over de fysieke leefomgeving in een bepaald gebied. Dit plan maakt deel uit van de Omgevingswet en vervangt eerdere plannen zoals het bestemmingsplan.
Plinten, pilasters, trappen, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, schoorstenen, gevel- en kroonlijsten, luifels, erkers, balkons en overstekende daken, mits de overschrijding niet meer bedraagt dan 1,0 meter.
Een bouwkundige constructie van enige omvang, geen gebouw zijnde, die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.
Een dakconstructie zonder wanden, dan wel aan maximaal drie zijden begrensd door de gevels van belendende gebouwen of andere bouwwerken.
Een overstek is het overhangende gedeelte van een (ge)bouwdeel, bijvoorbeeld van het dak, de verdieping of de gootconstructie.
De kwaliteit van de ruimte als bepaald door de gebruikswaarde, de belevingswaarde en de toekomstwaarde van die ruimte.
Het door de omvang, de vorm en de situering van de bouwmassa's bepaalde beeld, inclusief de ter plaatse door de infrastructuur, de begroeiing en andere door de mens aangebrachte (kunstmatige) elementen gevormde ruimte(n)
Dak gevormd door twee trapeziumvormige dakvlakken aan de lange zijde en twee driehoekige dakschilden aan de kopse kanten.
De vergroting van een bestaande ruimte in een hoofdgebouw, die qua afmetingen en/of in visueel opzicht (onder meer wat betreft (goot)hoogte, dakhelling en/of dakvorm), ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.
De lijn waarin de voorgevel van een bouwwerk is gelegen alsmede het verlengde daarvan.
De grens van het bouwvlak die gericht is naar de weg en waarop de bebouwing is georiënteerd.
Het afgeschuinde gedeelte van het dak aan de uiteinden van de nok.
Een complex van ruimten, geschikt en bestemd voor de huisvesting van niet meer dan één huishouden.
Dak gevormd door twee gelijkhellende dakvlakken die samenkomen in een nok.
Bij de toepassing van deze regels wordt als volgt gemeten c.q. gerekend:
Afstand tot de zijdelingse perceelsgrens:
De kortste afstand van de zijdelingse perceelsgrens tot enig punt van het op dat bouwperceel voorkomende bouwwerk.
Bebouwd oppervlak van een bouwperceel:
De oppervlakte van alle op een bouwperceel aanwezige bouwwerken tezamen.
Het oppervlak dat met bouwwerken is bebouwd, uitgedrukt in procenten van de oppervlakte van het bouwperceel, voor zover dat is gelegen binnen de bestemming of binnen een in de regels nader aan te duiden gedeelte van die bestemming.
Breedte, diepte c.q. lengte van een bouwwerk, geen gebouw zijnde:
Overeenkomstig de omtreklijn van de horizontale projectie van alle delen van die bouwwerken.
Breedte, diepte c.q. lengte van een gebouw:
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of de harten van gemeenschappelijke scheidingsmuren.
Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.
De goothoogte van een bouwwerk:
Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.
De bouwhoogte van een bouwwerk:
Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.
Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.
Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/ of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.
Het aansluitend afgewerkt terrein, waarbij plaatselijke, niet bij het verdere verloop van het terrein passende, ophogingen of verdiepingen aan de voet van het bouwwerk, anders dan noodzakelijk voor de bouw daarvan, buiten beschouwing blijven.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-528775.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.