De gemeente Den Haag heeft het voornemen om een opstalrecht te vestigen op een deel van het perceel grond aan de Middachtenweg, kadastraal bekend gemeente 's-Gravenhage: sectie AI nummers 11311 totaal ter grootte van circa 709 m2, ten behoeve van Stichting Hof Wonen (hierna: de SHW), statutair gevestigd te Den Haag, ten behoeve van de realisatie en het beheer van een WKO-systeem in het kader van de energievoorziening van het appartementengebouw aan de Middachtenweg 202-212 die reeds eeuwigdurend in erfpacht zijn uitgegeven aan SHW.
De gemeente Den Haag meent dat SHW gezien de faciliterende functie aan het appartementengebouw aan de Middachtenweg 202-212, de enige serieuze gegadigde is om in aanmerking te komen voor het vestigen van deze opstalrechten.
De gemeente Den Haag is voornemens het voorgenoemde opstalrecht uitsluitend te vestigen ten behoeve van SHW om (onder meer) de volgende redenen:
- –
de gegadigde reeds erfpachter is van het perceel grond met daarop gerealiseerde appartementengebouw en dat zij in die hoedanigheid een WKO-‑systeem in het appartementengebouw heeft laten aanleggen, als gevolg waarvan de Gemeente het opstalrecht niet ten behoeve van een ander dan gegadigde kan vestigen;
- –
op deze wijze kan vorm worden gegeven aan de energievoorziening van het appartementengebouw aan de Middachtenweg 202-212.
Gelet op het voorgaande is de gemeente van oordeel dat er op grond van objectieve, redelijke en toetsbare criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de te vestigen opstalrechten, te weten SHW.
Vervaltermijn
Indien u het niet eens bent met deze voorgenomen vestiging recht van opstal en u voldoet aan de gestelde criteria, dan dient u binnen 20 kalenderdagen na dagtekening van deze publicatie een kort geding aanhangig te maken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Den Haag. Bij gebreke van het tijdig aanhangig maken van een kort geding vervalt het recht tegen al het voornoemde in rechte op te komen en/of daarop enige vordering tot schadevergoeding of welke andere aanspraak dan ook te baseren, althans heeft u uw rechten daarop verwerkt.
De gemeente Den Haag en Gegadigde zouden immers onredelijk worden benadeeld indien pas na deze (duidelijk kenbaar gemaakte) termijn alsnog tegen het voornemen respectievelijk het aangaan van de overeenkomst(en) zou worden opgekomen.
Voor nadere inlichtingen over deze publicatie kunt u contact opnemen met het Grondbedrijf: ajmgrondbedrijf@denhaag.nl.
Een verzoek om inlichtingen heeft geen opschortende werking voor de termijn voor het aanhangig maken van een kort geding. Het verzoek moet rechtsreeks verband houden met het bovenstaande en u dient te onderbouwen dat u ook een serieuze gegadigde voor verkoop van de grond bent en dat de grond daarom openbaar moet worden aangeboden. Het is nadrukkelijk niet bedoeld voor eventuele andere (ruimtelijke) bezwaren die samenhangen met deze grondtransactie of voor vragen over het gemeentelijk beleid.
Toelichting arrest
Met deze publicatie geeft de gemeente uitvoering aan het arrest van de Hoge Raad van 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778). Daarin is bepaald dat de gemeentegrond en vastgoed die zij wil verkopen niet openbaar hoeft aan te bieden als bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat op grond van objectieve, toetsbare en redelijke criteria slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt voor de verkoop.
In dat geval moet de gemeente het voornemen tot verkoop aan deze gegadigde tijdig voorafgaand aan de transactie bekendmaken, op een zodanige manier dat iedereen daarvan kennis kan nemen. Daarbij moet de gemeente motiveren waarom de gemeente van mening is dat op grond van de hiervoor bedoelde criteria bij voorbaat vaststaat of redelijkerwijs mag worden aangenomen dat er slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt.