Verkeersbesluit – gemeente Haarlemmermeer – Hoofddorp, De Hoek – parallelle Kruisweg

Onderwerp: verkeersmaatregelen t.b.v. het realiseren van een doorfietsroute

Nummer: XS-24112611.713

Gelet op het volgende:

  • Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.

  • Op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.

  • De Algemene wet bestuursrecht (AWB) vereist zorgvuldigheid en belangenafweging bij de totstandkoming van besluiten, waaronder verkeersbesluiten. Artikel 3:2 van de AWB schrijft voor dat het bestuursorgaan de nodige kennis omtrent de relevante feiten en de af te wegen belangen vergaart. Naast de belangenafweging bepaalt artikel 3:4 van de AWB dat de voor een of meer belanghebbenden nadelige gevolgen niet onevenredig mogen zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen.

  • Artikel 21 van het BABW bevat voorschriften omtrent de motivering van verkeersbesluiten. Het verkeersbesluit moet in ieder geval weergeven welke doelstelling of doelstellingen met het verkeersbesluit worden beoogd. Daarbij moet worden aangegeven welke van de in artikel 2, eerste en tweede lid van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen ten grondslag liggen aan het besluit. Indien tevens andere van die belangen in het geding zijn, wordt voorts aangegeven op welke wijze de belangen tegen elkaar zijn afgewogen.

  • Artikel 2 van de Wegenverkeerswet noemt de volgende doelen:

  • 1.

    In eerste instantie:

  • a.

    het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • b.

    het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • c.

    het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • d.

    het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.

  • 2.

    In tweede instantie ook voor:

  • a.

    het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

  • b.

    het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

  • Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) dient overleg te worden gevoerd met de korpschef van de Nationale Politie.

  • De vermelde wegen zijn in eigendom, beheer en onderhoud van de gemeente Haarlemmermeer.

  • Krachtens artikel 18, lid 1 onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 worden verkeersbesluiten genomen door het college van B&W. In het Mandaat-, machtiging en volmachtbesluit Haarlemmermeer 2024 is de bevoegdheid tot het nemen en intrekken van verkeersbesluiten een ondermandaat verleend aan de cluster- en teammanagers van de cluster B&O (Beheer & Onderhoud). De maatregelen vallen onder dit ondermandaat.

 

Overwegingen en motivatie

De parallelle Kruisweg, tussen de Van Heuven Goedhartlaan en de Rijkerstreek, ter hoogte van het bedrijventerrein De Hoek in Hoofddorp wordt aangepast. Er wordt ruimte gemaakt voor een breed doorfietspad in 2 richtingen. In onze regio wordt steeds meer en verder gefietst. Deze positieve ontwikkeling willen wij graag verder stimuleren door het verbeteren van de fietsinfrastructuur. De zogenaamde metropolitane doorfietsroute tussen Hoofddorp en Uithoorn is een van de doorfietsroutes die wij hiervoor willen realiseren. Een metropolitane doorfietsroute is een route tussen steden waarbij de fiets als alternatief vervoersmiddel wordt gebruikt voor de auto.

Een doorfietsroute heeft als doel om reizigers die naar hun werk gaan te verleiden de fiets als vervoersmiddel te gebruiken in plaats van de auto. De route heeft een aantal voordelen:

  • Een doorfietsroute kent weinig obstakels die maken dat een fietser moet stoppen en afstappen. Dit maakt het fietsen aantrekkelijk. Obstakels zijn bijvoorbeeld een kruising met stoplichten of een in– en uitrit die over het fietspad kruist.

  • Een doorfietsroute is geschikter voor gebruikers van de speed pedelec, wielrenfietsen en (elektrische) fietsen dan de standaard fietspaden. De paden zijn extra breed. Daardoor kunnen fietsers met snelheid elkaar veiliger inhalen.

  • Vervoer met de fiets is duurzamer dan met de auto, bus of trein: meer woon- werkverkeer met de fiets draagt bij aan verduurzaming van onze gemeente.

 

Op dit moment ligt de parallelle Kruisweg direct langs de provinciale weg en ligt het fietspad aan de kant van de bedrijven. In de nieuwe situatie worden de parallelweg en het fietspad omgedraaid. Hierdoor hoeven fietsers en automobilisten elkaar straks niet meer te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Daarnaast wordt het fietspad verbreed naar 4 meter waardoor snelle (elektrisch aangedreven) fietsers en langzamere fietsers elkaar veiliger kunnen inhalen en passeren. En komt er een afscheiding tussen de provinciale weg en het fietspad. Ten slotte wordt het nieuwe fietspad volledig geasfalteerd.

Met de maatregelen wordt beoogd de bereikbaarheid voor langzaam verkeer te verbeteren en de verkeersveiligheid in zijn totaliteit te garanderen.

 

Maatregelen (bebording en belijning)

Het kruispunt ter hoogte van Kruisweg 759 wordt zodanig aangepast de het verkeer vanuit de N201 voorrang moet verlenen op het verkeer op de parallelle Kruisweg. Dit om de snelheid van het gemotoriseerd verkeer er uit te halen zodat langzaam verkeer veilig en in de voorrang kan oversteken. Hier worden de volgende maatregelen getroffen:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad ten noordwesten van het kruispunt nabij Kruisweg 759 (verwijderen bord G12a RVV 1990 en verwijderen onderbord OB505);

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad ten noordwesten van het kruispunt nabij Kruisweg 759 (verwijderen bord G11 RVV 1990 en verwijderen onderbord OB505);

 

  • 3.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B4, B5, B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt nabij Kruisweg 759, zodanig dat het verkeer vanuit de N201 voorrang verleent op het verkeer op de parallelle Kruisweg;

 

  • 4.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen borden G12a RVV 1990) op de doorfietsroute aan weerszijden van de oversteek over de parallelle Kruisweg en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg.

 

Ter hoogte van de Bloemlaan worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad ter hoogte van het kruispunt parallelle Kruisweg - Bloemlaan (verwijderen borden G11 RVV 1990 en verwijderen onderborden OB505);

 

  • 2.

    Het intrekken van een voorrangsregeling (verwijderen bord B6 RVV 1990, onderbord OB503OB02 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt parallelle Kruisweg – Bloemlaan;

 

  • 3.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990 en onderbord OB502) op de doorfietsroute tegenover de Bloemlaan en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg.

 

Ter hoogte van de Kruisweg 703, dus iets ten westen van de Rijnlanderweg, worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het verwijderen van de waarschuwing op overstekende fietsers (verwijderen borden J24 RVV 1990) op de parallelle Kruisweg ter hoogte van Kruisweg 703;

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad (verwijderen bord G11 RVV 1990 en verwijderen onderbord OB502) op het fietspad ter hoogte van Kruisweg 703;

 

  • 3.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad (verwijderen bord G12a RVV 1990 en verwijderen onderbord OB505) op het fiets/bromfietspad ter hoogte van Kruisweg 703;

 

  • 4.

    Het intrekken van een voorrangsregeling (verwijderen bord B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op de oversteek van het fiets/bromfietspad over de parallelle Kruisweg.

 

  • Ter hoogte van de Rijnlanderweg worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad (verwijderen bord G11 RVV 1990 en verwijderen onderbord OB502) op het fietspad ter hoogte van het kruispunt Rijnlanderweg – parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als busbaan (verwijderen borden F13, F14 RVV 1990 en verwijderen onderbord OB55) op de busbaan ter hoogte van het kruispunt Rijnlanderweg – parallelle Kruisweg;

 

  • 3.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Rijnlanderweg – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft.

 

Ter hoogte van de Zandsteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad (verwijderen bord G11 RVV 1990 en verwijderen onderbord OB501) op het fietspad ter hoogte van het kruispunt Zandsteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad (verwijderen bord G12a RVV 1990 en verwijderen onderbord OB505) op het fiets/bromfietspad ter hoogte van het kruispunt Zandsteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 3.

    Het intrekken van de aanduiding als busbaan (verwijderen borden F13 en F14 RVV 1990) op de busbaan ter hoogte van het kruispunt Zandsteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 4.

    Het intrekken van het begin van het eenrichtingsverkeer (verwijderen bord C2 RVV 1990 en verwijderen onderborden OB54 en OB104) op de parallelle Kruisweg ter hoogte van Kruisweg 661;

 

  • 5.

    Het instellen van een verplichte rijrichting naar rechts, met uitzondering van fietsers en bromfietsers, op de percelen aan de parallelle Kruisweg (plaatsen bord D5r RVV 1990 en onderbord OB503OB04);

 

  • 6.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990 en onderbord OB502) op de doorfietsroute tegenover de Zandsteen en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg;

 

  • 7.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990) op de doorfietsroute parallel aan de Zandsteen;

 

  • 8.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op de Zandsteen ter hoogte van de uitrit van het Hyatt hotel, zodanig dat fietsers en bromfietsers voorrang verlenen op het verkeer dat op de Zandsteen rijdt;

 

  • 9.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het Kruisweg 661, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • 10.

    Het aanduiden van het begin van het eenrichtingsverkeer (verwijderen onderbord OB401 onder borden C2 en C4 RVV 1990) op de Zandsteen ter hoogte van de uitrit van het Hyatt hotel;

 

  • 11.

    Het aangeven van de richting aan welke zijde fietsers en bromfietsers de middengeleider op het fiets/bromfietspad dienen te passeren door het plaatsen van bord conform model D2 uit bijlage I van het RVV 1990 op de middengeleider ter hoogte van de uitrit van het Hyatt hotel.

 

Ter hoogte van de Leisteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad (verwijderen bord G11 RVV 1990) op het fietspad ter hoogte van het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het intrekken van een voorrangsregeling (verwijderen bord B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 3.

    Het intrekken van de aanduiding van het eenrichtingsverkeer (verwijderen bord C4 RVV 1990 en verwijderen onderbord OB104) op het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg en ter hoogte van huisnummer 609;

 

  • 4.

    Het intrekken van de aanduiding doodlopende weg (verwijderen bord L8 RVV 1990 en verwijderen onderborden OB54 en OB104) op het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 5.

    Het instellen van een verplichte rijrichting naar rechts, met uitzondering van fietsers en bromfietsers, op de percelen aan de parallelle Kruisweg (plaatsen bord D5r RVV 1990 en onderbord OB503OB04);

 

  • 6.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990 en onderbord OB502) op de doorfietsroute tegenover de Leisteen en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg;

 

  • 7.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990) op de doorfietsroute in het verlengde van de Leisteen;

 

  • 8.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • 9.

    Het aanduiden van een eenrichtingsweg (plaatsen borden C3 en C4 RVV 1990 en onderbord OB54) op de Leisteen ter hoogte van Leisteen 9;

 

  • 10.

    Het aanduiden van een parkeerplaats alleen bestemd voor bussen waarbij het uitsluitend is toegestaan om passagiers in en uit te laten stappen, door het plaatsen van bord conform model E8 uit bijlage I van het RVV 1990 met daarop het symbool van een autobus met daaronder een onderbord waarop staat aangegeven “uitsluitend t.b.v. in-/uitstappen van passagiers;

 

  • 11.

    Het aanduiding van een waarschuwing op overstekende fietsers (plaatsen bord J24 RVV 1990 en onderbord OB501) op de Leisteen ter hoogte van het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg.

 

Ter hoogte van de Vuursteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad (verwijderen bord G12a RVV 1990 en verwijderen onderbord OB505) op het fiets/bromfietspad ter hoogte van het kruispunt Vuursteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als busbaan (verwijderen borden F13 en F14 RVV 1990) op de busbaan ter hoogte van het kruispunt Vuursteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 3.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt Vuursteen – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de Vuursteen voorrang heeft indien de verkeerslichten buiten werking of in storing zijn.

 

Ter hoogte van de Hoeksteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 1.

    Het intrekken van een geslotenverklaring voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee (verwijderen bord C1 RVV 1990 en verwijderen onderborden OB55 en OB104) ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad (verwijderen borden G12a RVV 1990 en verwijderen onderborden OB505) op het fiets/bromfietspad ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 3.

    Het intrekken van de aanduiding als eenrichtingsweg (verwijderen bord C2 RVV 1990) op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 4.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990 en onderbord OB502) op de doorfietsroute tegenover de Hoeksteen;

 

  • 5.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad (plaatsen bord G12a RVV 1990) op de doorfietsroute in het verlengde van de Hoeksteen;

 

  • 6.

    Het instellen van een voorrangsregeling (plaatsen borden B6 RVV 1990 en haaientanden artikel 80 RVV 1990) op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • 7.

    Het instellen van de aanduiding als eenrichtingsweg (plaatsen bord C2 RVV 1990) op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg.

 

De aan te brengen maatregelen staan aangegeven op de bij dit besluit behorende tekeningen met de nummers 10BS08, 10BS09, 10BS10 en 10BS11.

 

Motivering Wegenverkeerswet 1994 (Wvw 1994):

Motivatie van de maatregel geschiedt uit het oogpunt van:

  • artikel 2, lid 1a van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • artikel 2, lid 1b van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • artikel 2, lid 1c van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • artikel 2, lid 2a van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

  • artikel 2, lid 2b van de Wegenverkeerswet (Wvw) 1994, het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

 

Door de maatregelen wordt van de belangen genoemd in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 er een geschaad, namelijk het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer (lid 1d). Omdat de gevolgen hiervan gering zijn, wegen de met het besluit gediende belangen zwaarder.

 

Belangenafweging

Bewoners

De maatregelen zijn in het belang van bewoners. Er wordt een breed doorfietspad aangelegd aan de zijde van de provinciale weg waardoor fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid.

Bedrijven

De maatregelen zijn in het belang van bedrijven. Er wordt een breed doorfietspad aangelegd aan de zijde van de provinciale weg waardoor fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid.

(Doorgaand) gemotoriseerd verkeer

De maatregelen zijn in het belang van gemotoriseerd verkeer. Doorgaand verkeer rijdt niet over de parallelle Kruisweg, maar voor gemotoriseerd met een bestemming wordt de verkeerssituatie overzichtelijker en daarmee veiliger. De bereikbaarheid blijft bovendien gegarandeerd.

Langzaam verkeer

De maatregelen zijn in het belang van langzaam verkeer. Er wordt een breed doorfietspad aangelegd aan de zijde van de provinciale weg waardoor fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven. Dit komt ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid. Doordat de fietsroute in asfalt wordt uitgevoerd wordt dit bovendien een comfortabele fietsroute.

Openbaar vervoer

De maatregelen hebben gevolgen voor openbaar vervoer. De busroute via de parallelle Kruisweg komt te vervallen. Deze busroute betreft echter een calamiteitenroute voor het geval dat de Abdijtunnel moet worden afgesloten. Bovendien is dit voorafgaand aan de plannen uitgebreid met de vervoerder besproken waardoor de calamiteitenroute inmiddels via de Hoeksteen loopt.

Nood- en hulpdiensten

De maatregelen zijn in het belang van nood- en hulpdiensten. De verkeerssituatie wordt overzichtelijker en daarmee veiliger. De bereikbaarheid blijft bovendien gegarandeerd.

Parkeerders

De maatregelen hebben geen gevolgen voor parkeerders.

Landbouwverkeer

De maatregelen hebben gevolgen voor landbouwverkeer. Landbouwverkeer mocht gebruik maken van de calamiteitenroute van het openbaar vervoer. Voor landbouwverkeer geldt daarom ook dat zij inmiddels via de Hoeksteen hun weg kunnen vervolgen.

Algemeen belang

Met de maatregelen wordt het gebruik van de fietsinfrastructuur gestimuleerd. En omdat fietsers en automobilisten elkaar niet meer hoeven te kruisen op de in- en uitritten van de bedrijven komt dit ten goede aan de verkeersveiligheid en de bereikbaarheid. Dit is in het algemeen belang.

Afweging

Alles afwegende zijn burgemeester en wethouders van mening dat de maatregelen in het algemeen belang zijn en in bijzonder in het belang van langzaam verkeer, maar ook van bewoners, bedrijven, gemotoriseerd verkeer en de nood- en hulpdiensten. Deze belangen wegen zwaarder dan de geringe hinder die openbaar vervoer en landbouwverkeer ondervinden door de maatregelen. Hierover zijn bovendien in het voortraject afspraken gemaakt waardoor zij hun weg via de Hoeksteen vinden.

 

Voorbereiding en overleg

Het hele plan is uitgebreid geparticipeerd met de omgeving. Daarnaast is informatie te vinden op diverse websites, waaronder die van de gemeente Haarlemmermeer. Om de rechtstreeks bij het verkeersbesluit betrokken belangen goed af te kunnen wegen verdient het de aanbeveling om, vooral bij complexe en omstreden maatregelen, een voorbereidingsprocedure te volgen. Hier is van afgezien omdat de maatregelen, ondanks de hoeveelheid, geen complexe maatregelen betreft en de belangen voldoende in beeld zijn.

Overleg met de Nationale Politie heeft plaatsgevonden in de Werkgroep Verkeer, waarin de door de korpschef gemachtigde medewerker verkeersadvisering, alsmede de Brandweer en Connexxion, vertegenwoordigd zijn. Op 30-04-2024, op 15-10-2024 en op 26-11-2024 is dit besluit behandeld in de werkgroep. De leden van de Werkgroep gaan akkoord met de voorgestelde maatregelen.

 

Publicatie

Het besluit wordt gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad van Haarlemmermeer.

 

Besluiten

In overeenstemming met de tekeningen met de nummers 10BS08, 10BS09, 10BS10 en 10BS11, die een onderdeel zijn van dit besluit, wordt besloten tot de volgende verkeersmaatregelen:

Ter hoogte van de Kruisweg 759:

  • 1.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad ten noordwesten van het kruispunt nabij Kruisweg 759, door het verwijderen van bord conform model G12a uit bijlage I van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens (RVV) 1990 en door het verwijderen van onderbord OB505;

 

  • 2.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad ten noordwesten van het kruispunt nabij Kruisweg 759, door het verwijderen van bord conform model G11 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB505;

 

  • 3.

    Het instellen van een voorrangsregeling door het plaatsen van borden conform model B4, B5, B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt nabij Kruisweg 759, zodanig dat het verkeer vanuit de N201 voorrang verleent op het verkeer op de parallelle Kruisweg;

 

  • 4.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van borden conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 op de doorfietsroute aan weerszijden van de oversteek over de parallelle Kruisweg en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg;

 

  • Ter hoogte van de Bloemlaan:

  • 5.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad ter hoogte van het kruispunt parallelle Kruisweg – Bloemlaan, door het verwijderen van borden conform model G11 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderborden OB505;

 

  • 6.

    Het intrekken van een voorrangsregeling, door het verwijderen van bord conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990, het verwijderen van onderbord OB503OB02 en het verwijderen van haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt parallelle Kruisweg – Bloemlaan;

 

  • 7.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB502 op de doorfietsroute tegenover de Bloemlaan en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg;

 

  • Ter hoogte van de Kruisweg 703:

  • 8.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad, door het verwijderen van bord conform model G11 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB502 op het fietspad ter hoogte van Kruisweg 703;

 

  • 9.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad, door het verwijderen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB505 op het fiets/bromfietspad ter hoogte van Kruisweg 703;

 

  • 10.

    Het intrekken van een voorrangsregeling, door het verwijderen van bord conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op de oversteek van het fiets/bromfietspad over de parallelle Kruisweg;

 

 

  • Ter hoogte van de Rijnlanderweg:

  • 11.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad, door het verwijderen van bord conform model G11 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB502 op het fietspad ter hoogte van het kruispunt Rijnlanderweg – parallelle Kruisweg;

 

  • 12.

    Het intrekken van de aanduiding als busbaan, door het verwijderen van borden conform model F13 en F14 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB55 op de busbaan ter hoogte van het kruispunt Rijnlanderweg – parallelle Kruisweg;

 

  • 13.

    Het instellen van een voorrangsregeling, door het plaatsen van borden conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Rijnlanderweg – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • Ter hoogte van de Zandsteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 14.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad, door het verwijderen van bord conform model G11 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB501 op het fietspad ter hoogte van het kruispunt Zandsteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 15.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad, door het verwijderen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB505 op het fiets/bromfietspad ter hoogte van het kruispunt Zandsteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 16.

    Het intrekken van de aanduiding als busbaan, door het verwijderen van borden conform model F13 en F14 uit bijlage I van het RVV 1990 op de busbaan ter hoogte van het kruispunt Zandsteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 17.

    Het intrekken van het begin van het eenrichtingsverkeer, door het verwijderen van bord conform model C2 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderborden OB54 en OB104 op de parallelle Kruisweg ter hoogte van Kruisweg 661;

 

  • 18.

    Het instellen van een verplichte rijrichting naar rechts, met uitzondering van fietsers en bromfietsers, op de percelen aan de parallelle Kruisweg door het plaatsen borden conform model D5r uit bijlage I van het RVV 1990 voorzien van onderborden OB503OB04;

 

  • 19.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB502 op de doorfietsroute tegenover de Zandsteen en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg;

 

  • 20.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 op de doorfietsroute parallel aan de Zandsteen;

 

  • 21.

    Het instellen van een voorrangsregeling, door het plaatsen van borden conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op de Zandsteen ter hoogte van de uitrit van het Hyatt hotel, zodanig dat fietsers en bromfietsers voorrang verlenen op het verkeer dat op de Zandsteen rijdt;

 

  • 22.

    Het instellen van een voorrangsregeling, door het plaatsen van borden conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het Kruisweg 661, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • 23.

    Het aanduiden van het begin van het eenrichtingsverkeer, door het verwijderen van onderbord OB401 onder borden conform model C2 en C4 uit bijlage I van het RVV 1990 op de Zandsteen ter hoogte van de uitrit van het Hyatt hotel;

 

  • 24.

    Het aangeven van de richting aan welke zijde fietsers en bromfietsers de middengeleider op het fiets/bromfietspad dienen te passeren door het plaatsen van bord conform model D2 uit bijlage I van het RVV 1990 op de middengeleider ter hoogte van de uitrit van het Hyatt hotel;

 

  • Ter hoogte van de Leisteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 25.

    Het intrekken van de aanduiding als fietspad, door het verwijderen van bord conform model G11 uit bijlage I van het RVV 1990 op het fietspad ter hoogte van het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 26.

    Het intrekken van een voorrangsregeling, door het verwijderen van bord conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 27.

    Het intrekken van de aanduiding van het eenrichtingsverkeer, door het verwijderen van bord conform model C4 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB104 op het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg en ter hoogte van huisnummer 609;

 

  • 28.

    Het instellen van een verplichte rijrichting naar rechts, met uitzondering van fietsers en bromfietsers, op de percelen aan de parallelle Kruisweg door het plaatsen borden conform model D5r uit bijlage I van het RVV 1990 voorzien van onderborden OB503OB04;

 

  • 29.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB502 op de doorfietsroute tegenover de Leisteen en tegenover de percelen aan de parallelle Kruisweg;

 

  • 30.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 op de doorfietsroute in het verlengde van de Leisteen;

 

  • 31.

    Het instellen van een voorrangsregeling, door het plaatsen van borden conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Leisteen – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • 32.

    Het aanduiden van een eenrichtingsweg, door het plaatsen van bord conform model C3 uit bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB54 op de Leisteen ter hoogte van Leisteen 9;

 

  • 33.

    Het aanduiden van een parkeerplaats alleen bestemd voor bussen waarbij het uitsluitend is toegestaan om passagiers in en uit te laten stappen, door het plaatsen van bord conform model E8 uit bijlage I van het RVV 1990 met daarop het symbool van een autobus met daaronder een onderbord waarop staat aangegeven “uitsluitend t.b.v. in-/uitstappen van passagiers;

 

  • Ter hoogte van de Vuursteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 34.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad, door het verwijderen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderbord OB505 op het fiets/bromfietspad ter hoogte van het kruispunt Vuursteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 35.

    Het intrekken van de aanduiding als busbaan, door het verwijderen van borden conform model F13 en F14 uit bijlage I van het RVV 1990 op de busbaan ter hoogte van het kruispunt Vuursteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 36.

    Het instellen van een voorrangsregeling, door het plaatsen van borden conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt Vuursteen – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de Vuursteen voorrang heeft indien de verkeerslichten buiten werking of in storing zijn;

 

  •  

  • Ter hoogte van de Hoeksteen worden de volgende maatregelen genomen:

  • 37.

    Het intrekken van een geslotenverklaring voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee, door het verwijderen van bord conform model C1 uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderborden OB55 en OB104 ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 38.

    Het intrekken van de aanduiding als fiets/bromfietspad, door het verwijderen van borden conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en door het verwijderen van onderborden OB505 op het fiets/bromfietspad ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 39.

    Het intrekken van de aanduiding als eenrichtingsweg, door het verwijderen van bord conform model C2 uit bijlage I van het RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 40.

    Het aanduiden van de doorfietsroute als fiets/bromfietspad, door het plaatsen van bord conform model G12a uit bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB502 op de doorfietsroute tegenover de Hoeksteen;

 

  • 41.

    Het instellen van de aanduiding als eenrichtingsweg, door het plaatsen van bord conform model C2 uit bijlage I van het RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 42.

    Het instellen van een voorrangsregeling, door het plaatsen van borden conform model B6 uit bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden conform artikel 80 RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg, zodanig dat het verkeer op de doorfietsroute voorrang heeft;

 

  • 43.

    Het instellen van een geslotenverklaring voor fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen, door het plaatsen van bord conform model C15 uit bijlage I van het RVV 1990 op het kruispunt tussen de twee fiets/bromfietspaden ter hoogte van het kruispunt Hoeksteen – parallelle Kruisweg;

 

  • 44.

    Dit besluit ter openbare kennis te brengen op 2-12-2024.

 

 

Burgemeester en Wethouders van Haarlemmermeer

namens dezen,

de gemeentesecretaris,

voor deze,

de teammanager Contract en Uitvoering,

 

 

 

B. Wendelgelst

 

 

 

Terinzagelegging

Het besluit wordt gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad van Haarlemmermeer (overheid.nl). Het besluit en de tekening waarop de maatregelen staan aangegeven, liggen gedurende zes weken vanaf de publicatiedatum voor een ieder na een telefonische afspraak ter inzage op werkdagen van 9.00 tot 17.00 uur in het Informatiecentrum van het raadhuis, Taurusavenue 100 in Hoofddorp.

 

Bezwaar

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan iedereen wiens belang rechtstreeks bij een besluit is betrokken, binnen zes weken na publicatie van dit besluit een met redenen omkleed bezwaarschrift indienen bij het college van Burgemeester en Wethouders van Haarlemmermeer, het cluster Juridische Zaken van het team Ondersteuning, Postbus 250, 2130 AG Hoofddorp. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. Gelijktijdig met of na het indienen van een bezwaarschrift kan een verzoek om een voorlopige voorziening worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Noord-Holland, p/a Arrondissementsrechtbank Haarlem, sector Bestuursrecht Postbus 1621, 2003 BR Haarlem. Een dergelijk verzoek kan pas worden gedaan als het bezwaarschrift is ingediend en onverwijlde spoed, gelet op het betrokken belang, dat vereist. Voor de behandeling van het verzoek wordt een bedrag aan griffierecht geheven.

Naar boven