Gemeenteblad van 's-Gravenhage
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| 's-Gravenhage | Gemeenteblad 2024, 500405 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| 's-Gravenhage | Gemeenteblad 2024, 500405 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling ontwikkeling voor makers Den Haag 2024
De Subsidieregeling makers Den Haag vervalt op 1 januari 2025. De wens bestaat om makers te blijven subsidiëren, maar ook om de subsidieregeling op een aantal punten te wijzigen. Vanwege de aard en omvang van die wijzigingen is deze nieuwe subsidieregeling opgesteld.
In de nieuwe subsidieregeling blijft het uitgangspunt dat de artistieke ontwikkeling van beginnende en gevorderde makers wordt bevorderd. Dit in aanvulling op subsidieregelingen die zich niet op individuele makers, maar op culturele instellingen richten. Met deze regeling wordt niet alleen subsidie verstrekt als de maker samenwerkt met culturele instellingen of instellingen voor hoger onderwijs uit de stedelijke cultuurregio Haaglanden en de stedelijke cultuurregio Leiden, maar dat ook aanspraak op subsidie bestaat als makers zelfstandig werken.
Daarbij kan tot € 9.000,00 subsidie worden aangevraagd als makers samenwerken met een instelling en tot € 4.500,00 wanneer een maker subsidie aanvraagt om zelfstandig te werken. Het subsidieplafond is € 290.000,00 per jaar.
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag,
gelet op artikel 5 van de Algemene subsidieverordening Den Haag 2020,
besluit vast te stellen de navolgende Subsidieregeling ontwikkeling voor makers Den Haag 2024:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1:1 Begripsomschrijvingen
In deze regeling wordt verstaan onder:
|
Een voor publicatie of verkoop geschikt artistiek product zoals een boek of beeld- en geluidsdragers. |
|
|
stichting, vereniging of groep van minimaal drie samenwerkende zelfstandigen zonder personeel, die zich bezighoudt met beeldende kunst, muziek, theater, mode, letteren, film, dans, design, games, strips of een mix hiervan; |
|
|
hogere onderwijsinstelling zoals bedoeld in artikel 1.1, onder g, van de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek gevestigd in de stedelijke cultuurregio Haaglanden of de stedelijke cultuurregio Leiden; |
|
|
inwoner van de gemeente Den Haag die met of zonder vooropleiding kunst maakt of cultuur beoefent binnen de beeldende kunst, muziek, theater, mode, letteren, film, dans, design, games, strips, of een mix hiervan; |
|
|
de gemeenten die zijn opgenomen in het culturele regioprofiel Haaglanden, te weten Delft, Den Haag, Leidschendam-Voorburg, Midden-Delfland, Pijnacker-Nootdorp, Rijswijk, Westland en Zoetermeer; |
|
|
de gemeenten die zijn opgenomen in het culturele regioprofiel Leiden, te weten Alphen aan den Rijn, Hillegom, Kaag en Braassem, Katwijk, Leiden, Leiderdorp, Lisse, Nieuwkoop, Noordwijk, Noordwijkerhout, Oegstgeest, Teylingen, Voorschoten en Zoeterwoude; |
|
|
samenwerking tussen een maker en een culturele instelling of een instelling voor hoger onderwijs die bijdraagt aan het bereiken van de leerdoelen van de maker en bijvoorbeeld bestaat uit mentoring of coaching, het beschikbaar stellen van ruimte, arbeid, materialen of apparatuur, het geven van workshops of het toegang bieden tot de collectie van de instelling; |
|
|
atelier, studio, theater of andere ruimte die ten behoeve van de activiteiten van de maker gehuurd of gekocht wordt om de activiteiten in te verrichten waarvoor subsidie wordt gevraagd. |
Deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van subsidies door het college voor de in artikel 1:4 bedoelde activiteiten.
Artikel 1:3 Doel van de subsidie
Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die gericht zijn op de artistieke ontwikkeling van een maker en plaatsvinden in de stedelijke cultuurregio Haaglanden of stedelijke cultuurregio Leiden.
Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan een natuurlijk persoon die op het moment van de aanvraag ingeschreven staat als inwoner van Den Haag.
Artikel 1:6 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
Voor subsidie komen verder in aanmerking:
a. kosten van de eigen uren die de aanvrager in het traject stopt, tot maximaal 25 % van het aangevraagde subsidiebedrag;
b. kosten die direct voortvloeien uit het maken van een artistiek product tot maximaal 20 % van het aangevraagde subsidiebedrag met uitzondering van de kosten genoemd onder a.;
c. kosten voor de aanschaf van muziekinstrumenten, audiovisuele apparatuur, computers of overige goederen met een verwachte levensduur van meer dan twee jaar tot maximaal 20% van de aanschafwaarde van deze goederen;
d. indien de aanvrager samenwerkt met een instelling, de kosten voor de uren van een coach, mentor of begeleider vanuit de culturele instelling of instelling van hoger onderwijs tot maximaal 10% van het aangevraagde subsidiebedrag.
Artikel 1:7 Hoogte van de subsidie
Een subsidie bedraagt maximaal:
a. € 9.000,00 per aanvraag per kalenderjaar als de aanvrager de activiteiten in samenwerking met een culturele instelling of instelling op het gebied van hoger onderwijs uit de stedelijke cultuurregio’s Haaglanden of Leiden uitvoert.
b. € 4.500,00 per aanvraag per kalenderjaar in alle andere gevallen.
a. € 145.000,00 voor de periode van 1 januari tot en met 30 juni;
b. € 145.000,00 voor de periode van 1 juli tot en met 31 december.
Artikel 1:9 Wijze van verdeling
Hoofdstuk 2 Aanvraag subsidie en termijnen
Onverminderd artikel 8, tweede en derde lid, van de ASV legt de aanvrager de volgende gegevens over:
a. een plan van aanpak van maximaal 1200 woorden dat een inhoudelijke omschrijving van de activiteiten, de leerdoelen van de maker en, indien van toepassing, de samenwerking met de ulturele instelling bevat;
b. een curriculum vitae van de maker;
c. indien van toepassing, een door de maker en de culturele instelling ondertekende verklaring waarin de samenwerking tussen beide partijen wordt bevestigd.
In afwijking van artikel 9, tweede lid, van de ASV wordt een aanvraag om subsidie ingediend:
a. voor de periode van 1 januari tot en met 30 juni vanaf 1 november in het daaraan voorafgaande jaar, tot uiterlijk acht weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd;
b. voor de periode van 1 juli tot en met 31 december vanaf 1 mei, tot uiterlijk acht weken voordat de aanvrager voornemens is te beginnen met de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd.
Het college beslist, in afwijking van artikel 10, tweede lid, van de ASV, binnen drie weken na het kennismakingsgesprek
Onverminderd de artikelen 4:25, tweede lid en 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 11, eerste, tweede en derde lid, van de ASV weigert het college een subsidie als:
a. de activiteiten plaatsvinden voordat de subsidie is toegekend;
b. de activiteiten naar oordeel van het college onderdeel zijn van de reguliere ontwikkeling of beroepspraktijk van een maker en daarom zonder subsidie uitgevoerd kunnen worden, zoals bij- of nascholing of bijvoorbeeld het volgen van schilderlessen;
c. de aanvrager de artistieke activiteiten tot nu toe hoofdzakelijk hobbymatig of op amateurniveau heeft uitgevoerd, blijkend uit het cv van de aanvrager, en de aanvraag niet gericht is op verdere professionalisering;
d. de aanvraag voornamelijk of uitsluitend gericht is op het verbeteren van de zakelijke vaardigheden van de maker, het vergroten van de aanwezigheid van de maker op sociale media, het aanleren van beginnersvaardigheden die, naar het oordeel van het college, ook zonder subsidie kunnen worden aangeleerd of het volgen van lessen of vakken binnen het bestaande curriculum van de instelling voor hoger onderwijs;
e. de aanvraag is gedaan namens meerdere aanvragers of meerdere aanvragers separaat een aanvraag indienen voor dezelfde samenwerking;
f. bij de aanvraag een culturele instelling of instelling voor hoger onderwijs is betrokken waaraan in het betreffende aanvraagtijdvak op grond van deze regeling reeds twee keer een subsidie voor een samenwerking tussen maker en instelling is verleend, waarvoor de aanvrager in dienstverband of opdracht werkzaam is, of waarmee de maker familiaire banden in de eerste of tweede graad heeft;
Hoofdstuk 4 Verplichtingen en betaling
Bevoorschotting vindt plaats met 100% van de verleende subsidie in één keer.
Hoofdstuk 5 Eindverantwoording en vaststelling na verlening vooraf
Artikel 5:1 Indieningstermijn aanvraag tot vaststelling
In afwijking van artikel 17, eerste lid, van de ASV dient de subsidieontvanger de aanvraag tot vaststelling in uiterlijk twaalf weken na afloop van de activiteiten.
Artikel 5:2 Wijze van verantwoorden
Het inhoudelijk verslag bestaat uit minimaal 1.200 en maximaal 2.000 woorden, wordt ondersteund met beeldmateriaal en bevat:
a. een verslag van de gesubsidieerde activiteiten en de gerealiseerde activiteiten;
b. een reflectie op de samenwerking met de culturele organisatie; en
c. een reflectie op de leerdoelen en in hoeverre die zijn bereikt.
Hoofdstuk 6 Overige bepalingen
Het college evalueert deze subsidieregeling uiterlijk 31 december 2028.
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2025 en vervalt met ingang van 1 januari 2029.
Artikel 6:3 Intrekking en overgangsrecht
De Subsidieregeling makers Den Haag wordt ingetrokken.
De bepalingen van de Subsidieregeling makers Den Haag blijven van toepassing op aanvragen die zijn ontvangen voor 1 januari 2025.
Deze subsidieregeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling ontwikkeling voor makers Den Haag 2024.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-500405.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.