Bekendmaking van voornemen tot verlenging en vestiging van opstalrechten op gemeentelijke onroerende zaken

 

De Hoge Raad der Nederlanden heeft op 26 november 2021 het Didam-arrest gewezen. Uit dit arrest vloeit onder andere voort dat een voornemen tot verkoop en of de vestiging van zakelijke rechten, openbaar dient te worden gemaakt, zodat iedere serieuze gegadigde kenbaar kan maken dat zij in aanmerking wenst te komen om een overeenkomst voor de betreffende onroerende zaak te sluiten met de gemeente.

 

Gemeente Weststellingwerf is voornemens om de navolgende opstalrechten te verlenen aan de vereniging Plaatslijk Belang Sonnega-Oldetrijne:

 

  • 1.

    een bestaand opstalrecht te verlengen op de onroerende zaak: perceel grond, gelegen nabij Sonnegaweg 56A te 8479 HG Oldetrijne, kadastraal bekend gemeente Oudetrijne, sectie G, nummer 573, groot 70 m2, en

  • 2.

    een nieuw opstalrecht te vestigen op de onroerende zaak: perceel grond, gelegen nabij Sonnegaweg 56A te 8479 HG Oldetrijne, kadastraal bekend gemeente Oudetrijne, sectie G, nummer 643 deels, groot ca 40 m2.

 

“Plaatslijk Belang Sonnega-Oldetrijne” is een vereniging die zich sterk maakt om de leefbaarheid in de dorpen Sonnega en Oldetrijne, alwaar de opstalrechten worden verleend, te vergoten.

 

Voor de verlening van de opstalrechten heeft de gemeente aangenomen dat er één serieuze gegadigde is die in aanmerking komt voor de verkrijging van de twee opstalrechten op grond van de navolgende criteria:

- Vanwege de sluiting van de centrale ontmoetingsplek vindt de gemeente het wenselijk dat voor de inwoners van Sonnega en Oldetrijne een nieuwe centrale ontmoetingsplek wordt ontwikkeld, om zo de leefbaarheid te vergroten;

- De nieuwe centrale ontmoetingsplek zal worden gebruikt voor het organiseren van sport- en spelactiviteiten en voor opslag van sport en spelmaterialen;

- Verlening van de opstalrechten voor het beoogde gebruik is ruimtelijk verantwoord en past binnen het door de gemeente gevoerde beleid op het gebied van leefbaarheid.

 

Bent u het oneens met de voorgenomen uitgifte, dan dient u binnen 20 kalenderdagen na publicatie van deze voorgenomen uitgifte, een kort geding aanhangig te maken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Nederland.

Bij gebreke van het tijdig aanhangig maken van een kort geding binnen voornoemde termijn, vervalt het recht om in rechte op te komen tegen de voorgenomen uitgifte en/of daarop enige vordering tot schadevergoeding of welke andere aanspraak dan ook te baseren, althans heeft u uw rechten daarop verwerkt.

 

 

Naar boven