Verkeersbesluit intrekken en instellen diverse verkeersmaatregelen Willemsbrug en Prins Hendrikkade te Rotterdam

Rotterda m , Feijenoord en Centrum , AS23/01387 - 2 3 / 0002882

 

De directeur van cluster Stadsontwikkeling,

 

overwegende,

 

dat de Willemsbrug gelegen is tussen de gebieden Centrum en Feijenoord van de gemeente Rotterdam;

dat is geconstateerd dat de maximale snelheidslimiet veelvuldig wordt overschreden;

dat tevens is geconstateerd dat verkeersdeelnemers veelvuldig de doelgroepenstrook misbruiken om rechts in te halen, files te ontwijken en om de verkeerslichten aan de Prins Hendrikkade over te slaan om vervolgens weer de route naar Kop van Zuid te vervolgen;

dat er veelvuldig tegen de rijrichting in wordt gefietst op het noordoostelijke pad gelegen tussen de aansluiting met het fietspad Maasboulevard-Verlengde Willemsbrug en het kruispunt met de Prins Hendrikkade;

dat om bovenstaande problematiek terug te dringen in het verleden een geslotenverklaring voor fietsers is ingesteld;

dat door bovenstaande problematiek de Willemsbrug in de top 3 staat met de meeste verkeersongevallen in Rotterdam;

dat het daarom gewenst en noodzakelijk is om de verkeersveiligheid op de Willembrug te verbeteren;

dat dit gerealiseerd kan worden door de rijstrookindeling aan te passen naar 1 rijstrook en 1 lijnbusstrook per rijrichting op de Willemsbrug;

dat bovenstaande aanpassing van de rijstrookindeling, met uitzondering van de lijnbusstrook, een feitelijke handeling betreft en zodoende geen onderdeel uitmaakt van onderhavige verkeersbesluit en derhalve niet open staat voor bezwaar/beroep;

dat het wenselijk is, gelet op de verkeersveiligheid, om een twee richtingen verplicht fietspad in te stellen op het noordoostelijke pad gelegen tussen de aansluiting met het fietspad Maasboulevard-Verlengde Willemsbrug en het kruispunt met de Prins Hendrikkade;

dat door bovenstaand twee richtingen fietspad de afstand voor het omrijden voor fietsers wordt verkort en zodoende wordt fietsen als modaliteit erdoor gestimuleerd;

dat bovenstaand fietspad mogelijk is door het gebruiken van de vrijgekomen rijstrook aan de oostkant van de brug;

dat hiervoor op twee locaties een gebod voor alle bestuurders het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft dient te worden ingesteld voor gebruikers van het fietspad;

dat het tevens wenselijk is, gelet op de verkeersveiligheid, om een 30 km/u adviessnelheid vanwege de bocht en verkeerssituatie op het Noordereiland in te stellen op het zuidelijke deel van de Willemsbrug en op een deel van de Prins Hendrikkade;

dat de adviessnelheid de risico’s ter plaatse benadrukt door de scherpe bocht en matigt de rijsnelheid van het gemotoriseerd verkeer;

dat bij de totstandkoming van de verkeersmaatregelen rekening is gehouden met het zoveel mogelijk behouden van de doorstroming van het gemotoriseerd verkeer en het openbaar vervoer;

dat bovenstaande bereikt wordt door opstelstroken en rijstroken voor de lijnbus zoveel mogelijk onaangetast te laten of zelfs uit te breiden;

dat bovenstaande verkeersmaatregelen ingaan vanaf 19 november 2023;

dat bovenstaande periode is gekozen gelet op de planning van werkzaamheden aan de Erasmusbrug en vervolgens aan de Maastunnel;

dat als een andere periode wordt gekozen om te starten met de werkzaamheden aan de Willemsbrug, deze niet uitgevoerd kunnen worden vanwege conflicterende werkzaamheden;

dat bovenstaande verkeersmaatregelen, gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw, besluit van 21 april 1994, Staatsblad (Stb.) 1994, 475, zoals nadien gewijzigd), strekt tot:

• het verzekeren van de veiligheid op de weg;

• het beschermen van weggebruikers en passagiers;

dat de weg onder beheer is van de gemeente Rotterdam;

dat het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van de betrokkenen behoren te blijven.

dat in het kader van artikel 24 sub a. van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW, besluit van 26 juli 1990, 460, of zoals nadien gewijzigd) wel overleg heeft plaatsgevonden met de Politie, eenheid Rotterdam, waarbij de Politie, eenheid Rotterdam, te kennen heeft gegeven akkoord te zijn met de voorgestelde verkeersmaatregelen.

 

Gelet op artikel 18 aanhef en onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (Staatsblad 1994, nr. 475, zoals nadien gewijzigd), het bepaalde in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van Burgemeester en Wethouders verleend mandaat in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2021 (gemeenteblad 2021-213, zoals nadien gewijzigd);

 

 

 

Besluit:

namens het college van Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,

 

Tot het intrekken van de geslotenverklaring voor fietsers op het noordoostelijke pad, gelegen tussen de aansluiting met het fietspad Maasboulevard-Verlengde Willemsbrug en het kruispunt met de Prins Hendrikkade, middels

  • het verwijderen van 1 bord C14 (geslotenverklaring voor fietsen en voor gehandicaptenvoertuigen zonder motor) als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, ter hoogte van de aansluiting met het fietspad Maasboulevard-Verlengde Willemsbrug;

  •  

Tot het instellen van een twee richtingen verplicht fietspad op het noordoostelijke pad, gelegen tussen de aansluiting met het fietspad Maasboulevard-Verlengde Willemsbrug en het kruispunt met de Prins Hendrikkade, middels

  • het plaatsen van 1 bord G11 (verplicht fietspad) als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, ter hoogte van de aansluiting met het fietspad Maasboulevard-Verlengde Willemsbrug;

  • het plaatsen van 1 bord G11 (verplicht fietspad) als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, ter hoogte van het kruispunt met de Prins Hendrikkade;

 

 

  •  

Tot het instellen van een adviessnelheid van 30km/u op het zuidelijke deel van de Willemsbrug, ca. 230 meter ten noorden van het kruispunt met de Prins Hendrikkade en op de Prins Hendrikkade, tussen de Koninginnebrug en de Willemsbrug, middels

  • het plaatsen van 2 borden A04-30 en 2 borden A05-30 als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, ter hoogte van het kruispunt Prins Hendrikkade-Koninginnebrug;

  • het plaatsen van 4 borden A04-30 als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, ter hoogte van het kruispunt Prins Hendrikkade-Koninginnebrug;

  • het plaatsen van 1 bord A04-30 en 1 bord A05-30 als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990, op de Willembrug ca. 230 meter ten noorden van het kruispunt Prins Hendrikkade-Willembrug;

  •  

Tot het instellen van twee geboden voor alle bestuurders het bord voorbij te gaan aan de zijde die de pijl aangeeft op het fietspad gelegen op de Willemsbrug, middels

  • het plaatsen van 1 bord D02ro (gebod voor bestuurders om het bord aan de rechterzijde te passeren) als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990 op het fietspad aan de noordoever;

  • het plaatsen van 1 borden D02ro (gebod voor bestuurders om het bord aan de rechterzijde te passeren) als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990 op het fietspad aan de zuidoever;

  •  

Tot het instellen van twee rijstroken bedoeld voor lijnbussen op de Willemsbrug, middels

  • het aanbrengen van het woord ‘lijnbus’ op de verharding zoals bedoeld in artikel 81 van het RVV 1990, op de meest oostelijke gelegen rijstrook op de Willemsbrug;

  • het aanbrengen van het woord ‘lijnbus’ op de verharding zoals bedoeld in artikel 81 van het RVV 1990, op de meest westelijke gelegen rijstrook op de Willemsbrug;

 

Te bepalen dat de verkeersmaatregelen worden uitgevoerd conform bijgevoegd bordenplan.

 

De directeur van Cluster Stadsbeheer wordt belast met de uitvoering van dit besluit.

Dit besluit wordt zowel in het Gemeenteblad als op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd.

 

Rotterdam, 17 januari 2024

Namens het college van Burgemeester en Wethouders

de directeur van het cluster Stadsontwikkeling,

voor deze, het hoofd Mobiliteit,

Remco de Goederen

Hoofd van afdeling mobiliteit

Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit binnen zes weken na datum van publicatie, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders.

 

Dit bezwaarschrift moet ondertekend zijn en moet ten minste bevatten:

- naam en adres van de indiener

- datum bezwaarschrift

- de gronden van het bezwaar

- een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar zich richt.

 

Het bezwaarschrift moet worden gezonden naar:

Het college van burgemeester en wethouders,

t.a.v. de Algemene Bezwaarschriftencommissie , postbus 1011, 3000 BA te ROTTERDAM.

Faxnummer Algemene Bezwaarschriftencommissie: (010) 2676300.

 

U kunt uw bezwaarschrift ook digitaal indienen op: www.rotterdam.nl/bezwaar

U kunt, indien u een bezwaarschrift bij het college heeft ingediend, een verzoek om voorlopige voorziening (o.a. schorsing) indienen bij:

Rechtbank Rotterdam, sector Bestuursrecht, postbus 50951, 3007 BM te ROTTERDAM.

Voor een dergelijk verzoek is griffiegeld verschuldigd.

Naar boven