Gemeenteblad van Utrecht
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Gemeenteblad 2024, 475860 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrecht | Gemeenteblad 2024, 475860 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025
De raad van de gemeente Utrecht;
Het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 2 juli 2024
Artikel 108, tweede lid, Gemeentewet;
Artikelen 2.9, 2.12, 8.1.1 van de Jeugdwet;
- de Jeugdwet de verantwoordelijkheid voor het organiseren van goede en toegankelijke jeugdhulp bij de gemeente neerlegt;
- het uitgangspunt is dat ouders en jeugdigen allereerst zelf verantwoordelijk zijn voor het gezond en veilig opgroeien van jeugdigen;
- het noodzakelijk is om regels vast te stellen over de door het college te verlenen individuele voorzieningen en algemene voorzieningen over de volgende onderwerpen:
a) de voorwaarden voor toekenning, de wijze van beoordeling van en de afwegingsfactoren bij een individuele voorziening;
b) afstemming over de toegang tot en toekenning van individuele voorzieningen met andere voorzieningen;
c) de manier van vaststellen van de hoogte van een persoonsgebonden budget;
d) het voorkomen en bestrijden van onterecht gebruik van een individuele voorziening of een persoonsgebonden budget en misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet;
e) het zorgen voor een goede verhouding tussen de prijs en de kwaliteit voor de levering van jeugdhulp of de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of jeugdreclassering;
- het verder wenselijk is voorwaarden te bepalen voor het toekennen van een persoonsgebonden budget voor jeugdhulp vanuit het sociale netwerk;
Besluit vast te stellen de Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
In deze verordening staan de regels die de gemeenteraad heeft vastgesteld en die de wettelijke regels van de Jeugdwet aanvullen.
In deze verordening staan veel begrippen. Die leggen we hier uit op alfabetische volgorde. Een aantal begrippen staan al in de wet. Die herhalen we hier niet.
Clientondersteuning: onafhankelijke ondersteuning met informatie, advies en algemene ondersteuning die bijdraagt aan het versterken van de zelfredzaamheid en participatie en het verkrijgen van een zo integraal mogelijke dienstverlening op het gebied van maatschappelijke ondersteuning, preventieve zorg, zorg, jeugdhulp, onderwijs, welzijn, wonen, werk en inkomen;
Gezinsplan: een schriftelijk plan dat de Medewerker samen met de jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger maakt. In het plan staan de hulpvraag/hulpvragen van de jeugdige en/of ouders, de afgesproken doelen en begeleiding, hoe daaraan gewerkt wordt, hoe de hulp bijdraagt aan het bereiken van de doelen en de aanvraag voor (een) voorziening(en) in het kader van de Jeugdwet;
Hulpvraag: behoefte van een jeugdige en/of ouders aan (jeugd)hulp. Dit kan zijn in verband met opgroei- en opvoedingsproblemen, psychische problemen, verstandelijke, lichamelijke of zintuigelijke beperkingen en stoornissen, als bedoeld in artikel 2.3, eerste lid, van de wet. Daarnaast kan het bijvoorbeeld gaan over hulp bij weer meedoen, geldzaken of wonen;
Artikel 2 Vormen van jeugdhulp
De volgende individuele voorzieningen zijn beschikbaar:
ambulante specialistische jeugdhulp; dit is begeleiding en behandeling van jeugdigen en/of hun ouders, aanvullend op algemene voorzieningen als voor de hulpvraag specifieke kennis/expertise noodzakelijk is. Vaktherapie kan hier een onderdeel van zijn en is de overkoepelende naam voor de vaktherapeutische disciplines, zoals beeldende therapie, danstherapie, dramatherapie, muziektherapie, psychomotorische therapie, psychomotorische kindertherapie en speltherapie. Ook vervoer van en naar de locatie waar de ambulant specialistische jeugdhulp geboden wordt, valt hieronder.
Essentiele functies: hoogspecialistische jeugdhulp voor jeugdigen met zeer complexe hulpvragen waarbij de veiligheid van de jeugdige en/of de ontwikkeling van de jeugdige door de aard van de problematiek zeer ernstig in het geding is. Essentiele functies zijn zowel ambulante als residentiële jeugdhulp. Ook de gesloten jeugdhulp valt hieronder. Deze bieden we op bovenregionaal niveau samen met de jeugdregio’s Lekstroom, Utrecht West en Zuidoost Utrecht.
Landelijk transitiearrangement (LTA): Voor zeer weinig voorkomende zorgvragen die zeer specialistische inzet vragen is landelijk via het LTA beschikbaarheid van zorg georganiseerd. Het gaat hierbij om zeer diverse vormen van specialisme die de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) inkoopt namens de gemeenten.
Artikel 3 Toegang tot jeugdhulp
Tijdens het gesprek met een Medewerker of de Lokale toegang wordt samen met de jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger de behoefte aan jeugdhulp verduidelijkt. Daarnaast wijst de Medewerker of de Lokale toegang de jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger erop dat zij een familiegroepsplan kunnen maken en dat zij zich kunnen laten ondersteunen door een onafhankelijke clientondersteuner of een onafhankelijke vertrouwenspersoon.
In afwijking van het vierde lid kan het college aan een jeugdige van 7 tot 13 jaar met feitelijk woonadres gemeente Utrecht een individuele voorziening voor dyslexiezorg toekennen na advies van de poortwachter en een gecontracteerde aanbieder en op verzoek van jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger in overleg met de school.
Artikel 4 Onderzoek en verslag
In een gesprek (zoals in artikel 3 lid 4 bedoeld) wordt in ieder geval besproken:
welke rol psychische problemen en stoornissen, psychosociale problemen, gedragsproblemen of een verstandelijke beperking van de jeugdige, opvoedingsproblemen van de ouders of adoptiegerelateerde problemen spelen bij het bereiken van de gewenste situatie, en:
of en in hoeverre de eigen mogelijkheden en het probleemoplossend vermogen van de ouders en de personen die tot hun sociale omgeving behoren voldoende zijn om zelf de nodige ondersteuning, hulp en zorg te kunnen bieden. De Medewerker of Lokale toegang stimuleert de jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger om een familiegroepsplan te maken; en
bij toekenning van een individuele voorziening hoe deze wordt verzilverd; via een gecontracteerde jeugdhulpaanbieder van de gemeente (in natura) of via pgb. De jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger worden geïnformeerd over de gevolgen van die keuze waaronder de mogelijke gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van de wet; en
Artikel 5 Criteria voor individuele voorzieningen
Hoofdstuk 3 Een persoonsgebonden budget (pgb)
Artikel 7 Individuele voorzieningen inkopen met een pgb
Artikel 8 Hoogte van een pgb-tarief
Van een zzp-tarief is sprake als de hulp verleend wordt door personen, met uitzondering van bloed- of aanverwanten in de 1e graad van de client:
die aangemerkt zijn als zelfstandige zonder personeel (ook in collectief verband) en ten aanzien van de voor het pgb uit te voeren taken/werkzaamheden ingeschreven staan in het Handelsregister (conform artikel 5 Handelsregisterwet 2007) en een kopie van de inschrijving in het Handelsregister kunnen overhandigen; en
Artikel 9 Opschorting betaling uit het pgb
Het college kan de Sociale Verzekeringsbank (SVB) vragen om een geheel of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor ten hoogste dertien weken. Dit kan alleen gemotiveerd als er bij een jeugdige en/of ouder een gegrond vermoeden is dat er sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1.4, eerste lid onder a, d of e van de wet.
Hoofdstuk 4 Overige bepalingen
Artikel 10 Voorkoming en bestrijding ten onrechte ontvangen individuele voorzieningen en pgb’s en misbruik of oneigenlijk gebruik van de Jeugdwet
Artikel 12 Balans tussen prijs en kwaliteit van aanbieders van preventie, jeugdhulp, uitvoerders van kinderbeschermingsmaatregelen en jeugdreclassering
Artikel 13 Inspraak en medezeggenschap
Jeugdigen die jeugdhulp krijgen, hun ouders en vertegenwoordigers van cliëntgroepen mogen voorstellen voor het jeugdhulpbeleid doen en advies uitbrengen bij de besluitvorming over verordeningen en beleidsvoorstellen over jeugdhulp. Het college zorgt ervoor dat zij ondersteund worden om hun rol effectief te vervullen.
Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26 september 2024.
De burgemeester
Sharon A.M. Dijksma
De plv. griffier,
Gijs Corten
Het pgb wordt bepaald op basis van de begroting die de jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger en Medewerker hebben gemaakt. Onderstaande tarieven zijn daarbij de maximale tarieven waarmee een pgb wordt berekend en die binnen het pgb gedeclareerd mogen worden bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Als de werkelijke kosten van de voorziening lager liggen dan de in deze bijlage genoemde maximale bedragen, worden de werkelijke kosten in de vorm van een pgb toegekend. Ondersteuning inkopen die duurder is dan de onderstaande tarieven is toegestaan: in dit geval moet de jeugdige en/of ouders zelf het verschil tussen het ingekochte tarief en het maximumtarief bijbetalen aan de SVB.
Ambulante begeleiding individueel, ambulante begeleiding groep, persoonlijke verzorging, basis Jeugd GGz, gespecialiseerde Jeugd GGz, vervoer individueel en vervoer groep vallen onder ambulante specialistische jeugdhulp. Kortdurend verblijf valt onder niet-gezinsgericht logeren en wonen.
De instellings- en zelfstandige zonder personeel (zzp)- tarieven zijn vastgesteld op basis van normatieve berekeningen: dat zijn toepasbare cao, plus opslagen, zoals bedoeld in de Algemene maatregelen van Bestuur (AmvB) reële prijzen. De afslag voor het ZZP-tarief in verband met lagere overhead is vastgesteld op 17%.
Het informele tarief is gebaseerd op het tarief bij de Wet langdurige zorg voor niet-professionals. Het tarief voor kortdurend verblijf in het sociale netwerk is gebaseerd op het historisch tarief uit de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten. Het wettelijke minimumloon is de ondergrens.
De in deze verordening genoemde bedragen zijn, voor zover van toepassing, inclusief btw.
De in deze verordening opgenomen tarieven zijn bruto. Dat betekent dat hierin alle kosten besloten zijn, waaronder eventuele werkgeverslasten op het moment dat jeugdige en/of ouder een overeenkomst in loondienst aangaat met de hulpverlener(s) in het kader van werkgever voor personeel aan huis.
Bijlage Toelichting bij Verordening Jeugdwet gemeente Utrecht 2025
In deze toelichting staan sommige artikelen uit de Verordening uitgebreider beschreven. Deze toelichting is aanvullend op de Verordening en het is expliciet de bedoeling om deze toelichting samen met de Verordening te lezen.
Toegang tot een individuele voorziening is via een verwijzing.
Waar ‘Medewerker’ in de Verordening staat, heeft het college die bevoegdheden ook. In de praktijk zal met name de Medewerker de handelingen en besluitvorming uitvoeren.
Een vertegenwoordiger kan zijn:
Gemachtigde: persoon of rechtspersoon aan wie jeugdige en/of ouder een machtiging heeft gegeven om hem/haar te vertegenwoordigen. Uit de machtiging moet blijken waar de machtiging over gaat, dus bijvoorbeeld alle communicatie of alleen communicatie tijdens de onderzoeksfase en besluitvorming of alleen voor de bezwaarprocedure of beheer van de pgb- gelden.
- ouder of voogd van een kind jonger dan 18 jaar.
- een andere persoon of rechtspersoon die door de rechter is aangewezen om de zaken te regelen. Dit kan een curator, mentor of bewindvoerder zijn.
De selectiefunctionaris, inrichtingsarts en directeur zijn werkzaam bij een Justitiële Jeugdinrichting.
Sinds 1 januari 2022 is het nieuwe woonplaatsbeginsel Jeugd van kracht. Het woonplaatsbeginsel in de Jeugdwet regelt welke gemeente (financieel) verantwoordelijk is voor de jeugdhulp. Kort samengevat ligt als hoofdregel de verantwoordelijkheid bij de gemeente waar de jeugdige zijn woonadres heeft volgens de Basisregistratie Personen (de BRP). Deze definitie is van toepassing voor jeugdhulp zonder verblijf. Verblijft een jeugdige bij een jeugdhulpaanbieder, pleegouder, in een instelling voor opvang of beschermd wonen of in een justitiële jeugdinrichting dan geldt een uitzondering op de hoofdregel. Dan is voor alle jeugdhulp de woonplaats de gemeente verantwoordelijk waar de jeugdige onmiddellijk voorafgaande aan zijn verblijf zijn woonadres had in de zin van de BRPAls er sprake is van de uitzondering op de hoofdregel dan adviseert en informeert een lokale toegang uit een andere gemeente ons over aanvragen, herindicaties en wijzigingen in de situatie van de jeugdige.
De basisvoorzieningen opgroei-en opvoedondersteuning zijn er voor alle jeugdigen en ouders die ondersteuning nodig hebben bij de ontwikkeling, het opgroeien of de opvoeding. Dit kan gaan om preventieve en/of lichte ondersteuning op het gebied van (dit is geen uitputtende lijst): meedoen in de samenleving, gezond en veilig opgroeien, mentale gezondheid, passende kinderopvang, schulden, seksualiteit en relaties en opvoeden. Het uitgangspunt is dat de ondersteuning groepsgericht wordt aangeboden, tenzij op basis van professionele afweging geconcludeerd en gemotiveerd is dat individuele ondersteuning beter passend is. De ondersteuning kan worden geboden door vrijwilligers en professionals.
De buurtteams jeugd en gezin bieden in alle buurten generalistische basishulp. Dit is hulp en ondersteuning voor jeugdigen (kinderen, jongeren) en/of ouders dichtbij, meestal thuis op alle leefgebieden, bijvoorbeeld bij (dit is geen uitputtende lijst) opvoedingsvragen, schulden, hulp bij woonproblematiek of dakloosheid, verslaving en relaties. Jeugdigen en ouders kunnen bij de buurtteams terecht als zij op een of meerdere leefgebieden hulp nodig hebben of een probleem ervaren. De buurtteams bieden ambulante hulp/ ondersteuning en begeleiding en voeren geen behandeling uit. De buurtteams zetten zich in om een stabiele gezinssituatie te realiseren of daarin een duurzame verbetering te organiseren voor die jeugdigen en/of ouders die dat nodig hebben. Daarbinnen hebben zij specifiek aandacht voor de ontwikkeling van jeugdigen en het waarborgen van hun veiligheid. De basishulp kan ook gaan om spoedeisende situaties waarbij op korte termijn hulp of ondersteuning moet worden ingezet. Ook voor generalistische basishulp geldt het uitgangspunt dat de ondersteuning groepsgericht wordt aangeboden, tenzij op basis van professionele afweging geconcludeerd en gemotiveerd is dat individuele ondersteuning beter passend is.
Specialistische jeugdhulp is specialistische begeleiding en behandeling. Ook hier geldt het uitgangspunt dat dit groepsgericht wordt aangeboden, tenzij op basis van professionele afweging geconcludeerd en gemotiveerd is dat individuele begeleiding/behandeling beter passend is. Het is voor kwetsbare jeugdigen met een beperking, psychisch of psychosociaal probleem waarbij de inzet specialistische expertise noodzakelijk is, zoals (dit is geen uitputtende lijst) van een orthopedagoog, psycholoog, psychotherapeut of psychiater. Specialistische jeugdhulp wordt over het algemeen geboden door specialistische buurtgerichte teams die in alle wijken in Utrecht actief zijn.
Pleegzorg is jeugdhulp waarbij een jeugdige (in deeltijd) verblijft in een pleeggezin. Het doel van pleegzorg is het bieden van een veilige, gestructureerde opvoedsituatie in een gewone gezinssituatie. Deze zorg kan voor een korte periode zijn, maar is ook bedoeld voor jeugdigen voor wie er geen uitzicht is op terugkeer naar de biologische ouder(s). En de plaatsing kan gepland en in acute situaties ook ongepland zijn. Pleegzorg kan ook ingezet worden ter ontlasting van het gezin en het gezinsgericht en niet-gezinsgericht logeren en wonen, bijvoorbeeld in de vorm van weekendpleegzorg. Conform landelijke richtlijn is in Utrecht de toewijzing voor pleegzorg standaard tot 21 jaar, waarbij verlenging tot 22 of tot 23 jaar mogelijk is.
Bij gezinsgericht logeren & wonen verblijft een jeugdige (in deeltijd) in een voorziening die zoveel mogelijk lijkt op een gezin: kleinschalig, met vaste opvoeders en waar mogelijk en passend in de buurt. De plaatsing kan zowel gepland als ongepland zijn. De vaste opvoeders bieden, in tegenstelling tot pleegouders, professionele ondersteuning aan jeugdigen. Zij zijn de vaste en vertrouwde gezichten voor de jeugdigen. Net als bij opvoedsituaties bij biologische ouders kunnen bij deze gezinsgerichte voorzieningen variaties bestaan zoals co-opvoederschap. Deze vorm van jeugdhulp kan verschillende doelen hebben zoals het in balans brengen van draagkracht en draaglast in het (pleeg)gezin of het voorkomen van escalaties doordat de jeugdige enkele dagen gaat logeren. Ook kunnen jeugdigen er, als dit voor hen het best passend is, voor langere tijd wonen.
Niet-gezinsgericht logeren & wonen zijn alle vormen van specialistische jeugdhulp waarbij een jeugdige niet in een pleeggezin of gezinsgerichte voorziening logeert of woont. De plaatsing kan zowel gepland als ongepland zijn. Dit kan bijvoorbeeld gaan om (deeltijd) residentieel verblijf maar ook om tijdelijk verblijf van een jeugdige in een als voor behandeling een tijdelijke opname essentieel is (jeugdige woont thuis). Ook bij deze vorm van jeugdhulp wordt gestreefd naar zoveel mogelijk kleinschaligheid en integraal en gezinsgericht werken.
De hoogspecialistische jeugdhulp bij de essentiële functies is voor kwetsbare jeugdigen met zeer complexe problemen waarbij de veiligheid van de jeugdige en/of de ontwikkeling van de jeugdige door de aard van de problematiek zeer ernstig in het geding is. Zeer complexe problemen zijn een samenloop van meerdere problematieken zoals (dit is geen uitputtende lijst) gedragsproblemen, een (licht) verstandelijke beperking, psychische problemen. De aard van problematiek betreft in ieder geval de jeugdige zelf (zoals ernstige psychische problemen) maar er zijn ook vaak problemen in combinatie met de omgeving/het netwerk waar de jeugdige opgroeit.
De essentiële functies kunnen gaan om 1. open behandelgroepen waar jeugdigen verblijven, vrije tijd besteden en naar school gaan, 2. zorg en behandeling in een gesloten jeugdhulpinstelling voor jeugdigen met ernstige gedragsproblemen waardoor zij een gevaar vormen voor zichzelf en/of hun omgeving of 3. specialistische klinische opname en behandeling voor jeugdigen met psychiatrische problematiek. Zorg vanuit essentiële functies kan ook thuis (ambulant) worden geboden in de vorm van bijvoorbeeld consultatie, gesprek en/of huisbezoek, als onderdeel van en ondersteunend aan specialistische jeugdhulp of generalistische basishulp.
De Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) maakt namens alle gemeenten afspraken met aanbieders die schaarse en een landelijke functie vervullen in het zorglandschap. Dit kan gaan om jeugdigen en ouders met zeer complexe problemen en een hoge mate van comorbiditeit (meerdere psychische en lichamelijke problemen die elkaar beïnvloeden) waardoor deze zorg niet op lokale of (boven) regionale schaal geboden kan worden. De complexiteit van de problematiek en de meervoudigheid van de hulpbehoefte van deze jeugdigen stellen hoge eisen aan de expertise en kennis van de professionals. Het gaat daarom om de landelijke beschikbaarheid van hoogspecialistische en/of weinig voorkomende jeugdhulp, specialistische verblijfsfuncties en hulp in het kader van urgente crisissituaties. Ook kan het gaan om zorg en ondersteuning voor jeugdigen en ouders met een weinig voorkomende aandoening. Deze zorg wordt geboden door een klein aantal gespecialiseerde instellingen voor cliënten uit het hele land. Denk hierbij aan de behandeling van jeugdigen met een zintuigelijke beperking.
Jeugdigen en ouders kunnen contact opnemen met het buurtteam jeugd en gezin, of met de Lokale toegang als zij buiten de gemeente Utrecht wonen. Zij hoeven nog geen geformuleerde hulpvraag te hebben voordat zij contact opnemen met het buurtteam jeugd of gezin of de Lokale toegang. Tijdens het gesprek of seriegesprekken met de Medewerker of de Lokale toegang wordt samen de behoefte en vervolgens de doelen geconcretiseerd. De behoefte kan ook bestaan uit hulp bij aanverwante vragen bij jeugdhulp bijvoorbeeld op het gebied van inkomen, schulden, onderwijs, wonen, scheiden, onveiligheid of (weer) meedoen (hieronder leefgebieden genoemd).
De Medewerker of de Lokale toegang wijst de jeugdige en/of ouders/vertegenwoordiger erop dat zij een familiegroepsplan kunnen maken. Dat is een hulpverleningsplan of plan van aanpak dat jeugdigen en/of ouders opstellen samen met bloedverwanten, aanverwanten of anderen die tot de sociale omgeving van de jeugdige en/of ouders behoren.
Ook wijst de Medewerker of de Lokale toegang de jeugdige en/of ouders erop dat zij zich kunnen laten bijstaan door een onafhankelijk clientondersteuner of onafhankelijk vertrouwenspersoon. JeugdStem voert in opdracht van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), het onafhankelijk vertrouwenswerk voor de Jeugdwet uit. Zowel cliëntondersteuners als vertrouwenspersonen kunnen informatie en advies geven aan jeugdigen en ouders die vragen hebben over de jeugdhulp. De cliëntondersteuner kan jeugdige en/of ouders al bijstaan op het moment dat er wordt gezocht naar hulp. Hij ondersteunt dan bij inhoudelijke/hulpverlenende gesprekken en kan ook de jeugdige en/of ouders helpen in het gesprek bij het zoeken naar passende hulp. De vertrouwenspersoon doet dat niet. De vertrouwenspersoon ondersteunt een cliënt bij het bespreekbaar maken van vragen, problemen of klachten en daarover helderheid te krijgen. Als dit is opgelost, dan stopt ook de ondersteuning van de vertrouwenspersoon. De vertrouwenspersoon ondersteunt niet bij inhoudelijke hulpverleningsgesprekken, maar enkel bij vraag/klachtgesprekken.
Wanneer een huisarts, medisch specialist of jeugdarts een verwijzing naar een individuele voorziening afgeeft, dan zorgt het college voor inzet van de jeugdhulp. Dit kan via jeugdhulp in natura waarbij de jeugdhulpaanbieder samen met de jeugdige en/of ouders beoordeelt hoe lang de jeugdhulp nodig is. Bij verwijzing door een huisarts, medisch specialist of jeugdarts kan de jeugdhulpaanbieder het buurtteam betrekken om te bespreken welke hulp het buurtteam kan bieden en welke hulp de jeugdhulpaanbieder zal bieden.
Daarnaast kunnen jeugdigen en/of ouders de individuele voorziening inkopen door middel van een pgb als wordt voldaan aan de voorwaarden die in Jeugdwet en deze verordening staan opgenomen. Dit kan alleen na beoordeling door het buurtteam.
In het gesprek met de Medewerker of de Lokale toegang komen, zoals beschreven in dit lid, een groot aantal onderwerpen aan de orde. Er wordt besproken hoe de huidige situatie op verschillende leefgebieden is, wat de gewenste situatie is en hoe die gewenste situatie kan worden bereikt. Deze verkenning vindt vaak plaats in meerdere opeenvolgende gesprekken met jeugdige en/of ouders en de Medewerker of Lokale toegang. De Medewerker of Lokale toegang kan vragen stellen over het gezag van de jeugdige.
Tijdens deze gesprekken kunnen de jeugdige en/of ouders ook aangeven dat ze een individuele voorziening willen of nodig hebben.
De jeugdige en/of ouders kunnen opmerkingen of aanvullingen maken op het gezinsplan. Als de jeugdige en/of ouders en de Medewerker geen overeenstemming kunnen bereiken over welke hulp passend is, dan kan een Medewerker van het buurtteam een ander buurtteam om een second opinion vragen. Daarna vindt besluitvorming plaats conform artikel 6 van deze Verordening.
Medewerkers van het buurtteam en de Lokale toegang zijn voldoende deskundig om aanvragen voor jeugdhulp te behandelen. Als er aanvullend specifieke expertise nodig is, dan kunnen zij deze specifieke expertise inschakelen voor oordeel of advies.
Met de transitie van de jeugdhulp in 2015 is alleen de zorg die onderdeel uitmaakte van het basispakket van de zorgverzekering overgeheveld naar de gemeente. Alleen vaktherapie als onderdeel van een multidisciplinaire behandeling van de Jeugd GGZ maakte onderdeel uit van dit basispakket. Zorg die onder het aanvullende pakket viel, waaronder op zichzelf staande vaktherapie, is niet overgeheveld. Vaktherapie is mogelijk in combinatie met specialistische ambulante hulp zodat de professional samen met de jeugdige/ouders en andere betrokkenen de juiste afwegingen kan maken hoe en wanneer vaktherapie in te zetten.
Als de vertegenwoordiger ook de uitvoerder van de jeugdhulp is of op een andere manier betrokken is bij de uitvoerende jeugdhulpaanbieder, dan kan de aanvraag voor een individuele voorziening worden afgewezen om de jeugdige en/of ouder te beschermen tegen misbruik. Bij deze afweging kunnen de volgende elementen een rol spelen:
Belangenbehartigers: bijvoorbeeld vertegenwoordigers en/of mensen die ondersteuning geven aan de jeugdige en/of de ouders waarbij niet de zorg wordt ingekocht.
Het college kan de aanvraag in de vorm van een pgb (deels of geheel) afwijzen als de aanvraag tot gevolg heeft dat één en dezelfde persoon meer dan 48 uur per week moet werken. Bij het vaststellen of deze 48 uur per week overschreden wordt, kunnen alle betaalde werkzaamheden worden meegewogen. Deze bepaling is bedoeld om overbelasting te voorkomen.
Het college kan een pgb (deels of geheel) weigeren als het pgb bestemd is voor besteding in het buitenland. Bij deze afweging kunnen de volgende elementen een rol spelen:
Instellingen dienen aan te tonen of en zo ja, welke (relevante) CAO zij volgen. Als zij de relevante CAO voor de betreffende beroepssector slechts gedeeltelijk volgen dienen zij aan te tonen welke onderdelen van de CAO zij toepassen en welke werkgeverslasten dit met zich meebrengt. De Medewerker weegt en motiveert vervolgens of het gedeeltelijk volgen van de CAO en de daarmee gemoeide werkgeverslasten zodanig zijn, dat dit het toekennen van het instellingstarief rechtvaardigt.
Personen die werkzaam zijn binnen een collectief van zelfstandig werkende professionals én zorginstellingen die de in de sector geldende CAO niet naleven ontvangen het zzp-tarief. In al deze situaties is sprake van het ontbreken van of minder werkgeverslasten waardoor, als gevolg van aannemelijke minderkosten, het maximale tarief wordt verlaagd met 17%.
Het college kan de Sociale Verzekeringsbank (SVB) gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb voor de duur van de opname als sprake is van een opname in een Wet langdurige zorg (Wlz)-of Zorgverzekeringwet (Zvw)-instelling die langer dan twee maanden duurt. Dit zal met name het geval zijn bij de inzet van persoonlijke verzorging.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-475860.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.