Gemeenteblad van Schiedam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Schiedam | Gemeenteblad 2024, 475815 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Schiedam | Gemeenteblad 2024, 475815 | beleidsregel |
Welstandsparagraaf Nieuw-Mathenesse Glasbuurt-West
1.1 Nieuw-Mathenesse Glasbuurt-West
Het gebied Glasbuurt-West is deel de van de gebiedsontwikkeling Nieuw-Mathenesse. De gemeenteraad van Schiedam heeft in september 2021 het Ruimtelijk Raamwerk Nieuw-Mathenesse fase 1 vastgesteld. Hiermee is het beleidskader vastgelegd op basis waarvan de gebiedsontwikkeling verder wordt uitgewerkt.
Het Ruimtelijk Raamwerk vormt enerzijds het kader voor de doorontwikkeling van het bedrijventerrein, en anderzijds voor het noordelijk deel van Nieuw-Mathenesse het kader voor de transformatie naar een gemengd woon-werkgebied. Nieuw-Mathenesse Noord wordt inmiddels aangeduid als de Glasbuurt, en is onderdeel van de Schiedamse wijk Oost.
De transformatie van bedrijventerrein naar gemengd woon-werkgebied is op te delen in twee deelgebieden. Het deel tussen de Nieuw-Mathenesserstraat en de Buitenhaven is aangeduid als Glasbuurt-West. Het gebied bestaat grotendeels uit het terrein van de voormalige glasfabriek, met enkele aangrenzende percelen. De gronden zijn voor het merendeel in privaat eigendom.
De voorliggende welstandsparagraaf ziet op de te transformeren gebiedsdelen, ongeveer 6,5 hectare (voormalig) bedrijventerrein. Op bijgaande afbeelding is het werkingsgebied van deze welstandsparagraaf aangeduid.
1.2 Relatie met Welstandsnota Schiedam 2019
De locatie Nieuw-Mathenesse Glasbuurt is in de Welstandsnota Schiedam 2019 aangeduid als ‘bedrijventerrein’. Dit omdat ten tijde van de vaststelling van de welstandsnota de locatie nog regulier in gebruik was als werklocatie (bedrijventerrein). De transformatie zoals nu wordt voorgestaan was indertijd nog niet voorzien.
Nadien is met de vaststelling van het Ruimtelijk Raamwerk Nieuw-Mathenesse fase 1 in september 2021, de beoogde ontwikkelrichting voor Nieuw-Mathenesse Noord gewijzigd. Glasbuurt-West is één van de gebieden waar een transformatie van bedrijventerrein naar gemengd woon-werkgebied wordt beoogd. Mede gelet op de omvang van deze ontwikkeling, zowel qua ruimtelijk-stedenbouwkundige impact als qua fysiek oppervlak, vereist dat de van toepassing zijnde welstandsregels worden herzien en worden afgestemd op de nieuwe woon-werkfunctie van het gebied.
Welstand vraagt bij nieuwbouwplannen en herontwikkelingsprojecten bijzondere aandacht en inzet. De Welstandsnota Schiedam 2019 bevat geen welstandscriteria voor grotere ontwikkelingsprojecten die de bestaande ruimtelijke structuur en karakteristiek doorbreken, zoals Nieuw-Mathenesse Glasbuurt. Van een dergelijke doorbreking is sprake bij een functiewijziging ten opzichte van de gebiedenkaart, waarbij de gebiedsgerichte welstandscriteria voor het betreffende gebied niet toereikend zijn voor een goede beoordeling. Het opstellen van nieuwe, specifieke welstandscriteria voor ontwikkelingsprojecten kan onderdeel zijn van de stedenbouwkundige planvoorbereiding.
In de voorbereiding van de planuitwerking voor Nieuw-Mathenesse Glasbuurt is door de gemeente en de betrokken ontwikkelaars een beeldkwaliteitsplan opgesteld voor de herontwikkeling van het terrein van de voormalige glasfabriek en enkele aangrenzende percelen. Dit beeldkwaliteitsplan dient als kader voor de beoogde herontwikkeling van het gebied. De voorliggende welstandsparagraaf is gebaseerd op dit beeldkwaliteitsplan, en dient als basistoetsingskader voor aanvragen omgevingsvergunning. Het beeldkwaliteitsplan fungeert daarbij als inspiratiedocument voor hoe de gevraagde kwaliteit op basis van deze welstandsparagraaf concreter kan worden uitgewerkt.
Waar nodig zijn andere punten uit het beeldkwaliteitsplan kaderstellend opgenomen in het bestemmingsplan (planologische borging), of worden deze via het Handboek openbare ruimte in de planuitwerking meegenomen.
Voor het beeldkwaliteitsplan zijn kernwaarden opgesteld, verdeeld over vier schaalniveaus. Deze kernwaarden zijn in het beeldkwaliteitsplan uitgeschreven, waarbij ambities zijn geduid en een toelichting wordt gegeven op het beoogde doel. In het beeldkwaliteitsplan zijn ook reeds de kaders beschreven waaraan concrete bouwplannen worden getoetst. Deze toetsingskaders zijn geformuleerd als de welstandscriteria, soms met een lichte tekstuele aanpassing.
Opgemerkt wordt dat beschermde monumenten in het gebied niet expliciet zijn beschreven in de welstandscriteria. Wanneer een bouwplan betrekking heeft op een beschermd monument dan is een nadere afweging noodzakelijk, waarbij de criteria om tot aanwijzing als monument over te gaan, richtinggevend zijn.
2.1 Aansluiten bij de Schiedamse stedelijkheid
De wijk is een integraal onderdeel van de stad
Nieuwe tijdlaag met behoud van historische waarden
De bestaande silo’s met hun optopping vormen een herkenbaar icoon met grote cultuurhistorische waarde voor Nieuw-Mathenesse en Schiedam. Ook na herontwikkeling behouden de silo’s deze waarde. Sloop van de bestaande optopping en toevoeging van een nieuwe (hogere) optopping draagt programmatisch en in beeld bij aan de icoonwerking en werkt waardevermeerderend. De transformatie en architectonische uitwerking is van exceptionele kwaliteit: de toevoeging van nieuw volume draagt bij aan de iconische uitstraling maar is ook in balans met de monumentale verschijning van de silo’s zelf en passend bij de context van het gebied. Het bestemmingsplan staat een maximale bouwhoogte toe, maar mede door de dubbelbestemming voor de cultuurhistorische waarde moet de nadere uitwerking van het ontwerp nadrukkelijk vorm worden gegeven in overleg met het kwaliteitsteam.
Er is variatie aan korrelgrootte
Het Glaspark is openbaar en onderscheidend voor een breed publiek
Kwaliteit en beheerbaarheid openbare ruimte
Naadloze inpassing van natuurinclusieve gebouwen
Het collectieve deel van het binnenhof wordt met intensief groen ingericht. Men spreekt van een intensief groendak bij een minimale substraatdikte van 40cm en mix van kruiden, grassen en bloemen. Bij voorkeur ook met heesters en bomen. Substraatlagen van 70cm kunnen ook heesters en bomen bevatten. Minimaal 20% van het intensieve groendak heeft een substraatlaag van 70cm.
2.3 Voortbouwen op het voormalige fabriekscomplex
Samenhangend en gevarieerde uitstraling
Gevarieerd. Er moet variatie zichtbaar zijn tussen verschillende gebouwen. Het stedenbouwkundig plan definieert gebouwen met een zware uitstraling (solide gevels) en gebouwen met een lichte uitstraling (open gevels / lichte structuren). Dit onderwerp wordt verder toegelicht in hoofdstuk IV van het beeldkwaliteitsplan.
Verbijzonderingen zijn gewenst. De gebouwen vinden inspiratie in het bestaande fabriekscomplex waardoor het nieuwe plan een specifiek karakter krijgt, maar zijn eigentijds in hun toepassing. In de ontwerpen wordt er op een nieuwe en innovatieve manier gekeken naar de herinterpretatie van glas, is ruimte voor de integratie van kunst en van groen. Zie ook de toelichting en tekening op bladzijde 66 van het beeldkwaliteitsplan.
Heldere hoofdvormen en tactiele gevels
Tactiel. Door te spelen met variatie in de maat van negge, openingen, reliëf en textuur in de materialisatie ontstaat er diversiteit, dieptewerking en tactiliteit in de gevels. Voor het waarborgen van een gevarieerd straatbeeld is het toepassen van een sterk monotone en repetitieve gevel indeling niet toegestaan.
Installaties en hemelwaterafvoeren zijn niet zichtbaar en integraal onderdeel van de gevelarchitectuur. Aandacht voor daken waar op wordt gekeken, hier zijn installaties (inclusief PV-panelen) minimaal en zorgvuldig ontworpen. De beëindiging van de hoogteaccenten is zo vorm gegeven dat de technische zaken aan het zicht zijn onttrokken of geïntegreerd zijn in de architectuur met een bewust ontworpen dag- en nachtbeeld.
Deze paragraaf bevat een aantal referentiebeelden bij de diverse ensembles. Het gaat nadrukkelijk om referenties, bedoeld om de uitgangspunten te illustreren. Ze zijn dus niet maatgevend als criteria uit te leggen. Voor een uitgebreidere toelichting wordt verwezen naar de relevante delen uit het beeldkwaliteitsplan.
De lineaire blokken vormen samen met de hofblokken een eenheid aan de Glaslaan. Ze zijn geplaatst aan de noordzijde van het plan en reageren op de bestaande lineaire blokken aan de Rotterdamsedijk. Op twee plaatsen is er een terugspringing van de blokken aan de Glaslaan. De blokken verspringen in hoogte wat een dynamisch beeld geeft. Er is samenhang tussen de blokken. Ieder blok vormt een leesbare architectonische eenheid. Binnen de blokken wordt gezocht naar een individuele expressie van de woning binnen het grotere geheel.
Specifieke uitgangspunten per blok:
Blokken rondom een hof. In schaal en maat verwijzen de blokken naar de grotere utilitaire hallen in de haven, maar in uitwerking zijn de blokken verfijnd opgebouwd. We onderscheiden in het plan twee type voor de hofblokken. Losstaand samengesteld of aaneengesloten samengesteld:
Specifieke uitgangspunten per blok:
Het entreeblok heeft een prominente positie in het plangebied. Het is het gezicht als je met de auto aankomt vanuit Rotterdam, en aan de Nieuw-Mathenesserstraat is de hoofdingang voor de auto’s geplaatst. Het is een losstaand blok aan de rand van het plangebied. Naast parkeergelegenheid (mobiliteitshub) zijn er ook woningen en publieke functies onderdeel van het blok. De publieke functies zijn gesitueerd aan de zijde van het Glaspark. Ook wordt het dak bovenop geactiveerd en is er hier ruimte voor sporten. Door middel van een trap is dit dak direct verbonden met het Glaspark. De hub wordt (deels) demontabel uitgevoerd zodat het materiaal mogelijk elders kan worden hergebruikt indien de parkeerbehoefte afneemt.
Specifieke uitgangspunten per blok:
De Bakens 2 (warme uitstraling)
De vrijstaande bakens staan informeel aan het park en meer formeel aan het waterfront. Door de informele en verdraaide plaatsing in het park ontstaat er een vloeiende openbare ruimte en verrassende doorkijkjes. De bakens worden door een onderscheidende materialisatie benadrukt. In tegenstelling tot de stoere blokken zijn de bakens elegant vormgegeven. In het plan zijn er twee ensembles opgenomen: de bakens met een warme en met een lichte uitstraling. Hierdoor ontstaat er samenhang en tegelijkertijd ook variatie.
Uitgangspunten bakens met een warme uitstraling:
Specifieke uitgangspunten per blok:
De vrijstaande bakens staan informeel aan het park en meer formeel aan het waterfront. Door de informele en verdraaide plaatsing in het park ontstaat er een vloeiende openbare ruimte en verrassende doorkijkjes. De bakens worden door een onderscheidende materialisatie benadrukt. In tegenstelling tot de stoere blokken zijn de bakens elegant vormgegeven. In het plan zijn er twee ensembles opgenomen: de bakens met een warme en met een lichte uitstraling. Hierdoor ontstaat er samenhang en tegelijkertijd ook variatie. Het ensemble met de lichte uitstraling ontleent de materialiteit aan de silo’s.
Uitgangspunten lichte objecten:
Specifieke uitgangspunten per blok:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-475815.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.