Aanwijzingsbesluit voor het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van detailhandel in het pand Javastraat 50H, gemeente Amsterdam

De burgemeester van Amsterdam

 

Gelet op:

 

  • -

    artikel 2.16A van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV);

  • -

    regionaal Veiligheidsplan 2023-2026;

  • -

    programma ondermijning De Weerbare Stad, d.d. 3 april 2019

  • -

    Ondermijningsbeeld 2020 over Stadsdeel Centrum;

  • -

    bestuurlijke rapportage Aanwijzingsbesluit Hoogstraten, opgesteld door Coördinatieteam Wallen, team Veiligheid stadsdeel Centrum, d.d. 11 januari 2021;

  • -

    het Aanwijzingsbesluit Hoogstraten d.d. 1 december 2021;

  • -

    het weigeringsbesluit d.d. 3 april 2023

  • -

    het constateringsrapport d.d. 15 februari 2024

Overweegt dat:

 

  • -

    de burgemeester op grond van artikel 2.16A van de APV een gebied, straat of gebouw kan aanwijzen waarin het verboden is zonder vergunning als bedoeld in artikel 3.64 van de APV bepaalde categorieën bedrijfsmatige activiteiten uit te oefenen die naar zijn oordeel de openbare orde verstoren, het woon- en leefklimaat aantasten of anderszins ondermijning veroorzaken;

     

  • -

    als een van de ambities van de Amsterdamse driehoek in het Regionaal Veiligheidsplan 2023-2026 is benoemd: het duurzaam verstoren en beëindigen van georganiseerde ondermijnende (drugs)criminaliteit, het voorkomen van jonge aanwas en doorbreken van criminele carrières, het tegengaan van de verwevenheid van de onder- en bovenwereld en het voorkomen van verdere innesteling van ondermijnende criminaliteit in wijken en buurten;

     

  • -

    uit de pilot Hoogstraten, onderdeel van het programma De Weerbare Stad, gebleken is dat aanvullende bestuurlijke maatregelen nodig zijn om de aanpak te versterken.

     

  • -

    uit de pilot Hoogstraten signalen zijn voortgekomen over hoge huren als gevolg van verkoop van panden boven de marktwaarde waardoor deze panden slechts door specifieke branches geëxploiteerd kunnen worden;

     

  • -

    gebleken is dat de aanwezige ondernemingen in de Oude Hoogstraat, Nieuwe Hoogstraat, Damstraat en Oude Doelenstraat (hierna: Hoogstraten) voor een groot deel bestaan uit branches die gevoelig zijn voor ondermijnende criminaliteit, zoals beschreven in het Ondermijningsbeeld 2020 van stadsdeel Centrum;

     

  • -

    stadsdeel Centrum de afgelopen jaren signalen heeft ontvangen over betrokkenheid van ondernemingen binnen deze branches bij verschillende vormen van ondermijnende criminaliteit, zoals ondergronds bankieren, witwassen, arbeidsuitbuiting, illegale arbeid en belastingfraude;

     

  • -

    in de bestuurlijke rapportage d.d. 11 januari 2021 wordt beschreven dat in de straten binnen pilot Hoogstraten ernstige signalen zijn dat in deze straten mogelijk malafide ondernemingen zijn gevestigd waardoor sprake is van ondermijning;

     

  • -

    gezien vorenstaande in de Hoogstraten een vergunningplicht is ingesteld voor het exploiteren van bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van detailhandel zoals omschreven in het aanwijzingsbesluit d.d. 1 december 2021;

     

  • -

    een uiteindelijk belanghebbende van een onderneming binnen een aangewezen gebied, straat of pand mogelijk ook elders in de stad een vestiging met dezelfde bedrijfsvoering exploiteert;

     

  • -

    de onderneming in het pand Javastraat 50H dezelfde uiteindelijk belanghebbende heeft als de onderneming die gevestigd is in het gebied Hoogstraten en derhalve vergunningplichtig is voor het exploiteren van bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van detailhandel op grond van het aanwijzingsbesluit Hoogstraten;

     

  • -

    voor deze onderneming in gebied Hoogstraten geen exploitatievergunning is afgegeven, vanwege een nadelig effect van de bedrijfsvoering op het woon- en leefklimaat en/of de openbare orde of de veiligheid in de omgeving van de onderneming en/of vanwege het vermoeden dat de vergunningen gebruikt zouden worden om strafbare feiten te plegen;

     

  • -

    bij de onderneming in pand Javastraat 50H en bij de onderneming in gebied Hoogstraten sprake is van eenzelfde ondernemingsconcept en geëxploiteerd worden door dezelfde uiteindelijk belanghebbende, en het derhalve aannemelijk is dat dezelfde risico’s zich voordoen ten aanzien van de bedrijfsvoering;

     

  • -

    geconstateerd is dat in het pand Javastraat 50H namaakartikelen te koop zijn aangeboden (constateringsrapport d.d. 15 februari 2024). Het te koop aanbieden van namaakartikelen wordt gezien als merkfraude en dat is een strafbaar feit is. Het verkopen van namaakgoederen vormt oneerlijke concurrentie voor ondernemers die zich wel aan de regels houden. Bovendien worden namaakartikelen illegaal geproduceerd, worden de artikelen veelal gemaakt in verborgen productiefaciliteiten en heeft er geen traceerbare kwaliteitscontrole op plaatsgevonden. Dit kan leiden tot onveilige situaties. Derhalve maakt het aanbieden van namaakartikelen onderdeel uit van de georganiseerde, ondermijnende criminaliteit;

     

  • -

    bestuurlijke maatregelen zoals sluiting of last onder dwangsom repressieve middelen zijn om de openbare orde te herstellen en derhalve niet toereikend zijn in kader van een (preventieve) aanpak van ondermijning;

     

  • -

    een vergunningplicht geldt voor gevestigde en toekomstige ondernemingen die in een branche, gebied of pand actief zijn en derhalve ook een preventief middel is tegen vestiging van mogelijk malafide ondernemers;

     

  • -

    strafrechtelijk vervolgen eveneens niet toereikend is om ondermijnende activiteiten in een onderneming te weren, onder meer wegens kans op stromanconstructies (het inzetten van personen uit het mogelijk criminele netwerk waarvan geen justitiële of politiële antecedenten bekend zijn om zo de ondermijnende activiteiten te kunnen voortzetten);

     

  • -

    gezien het vorenstaande en de beperkte bestuurlijke instrumenten in kader van de ondermijningsaanpak, het instellen van een vergunningplicht, die een voorafgaande integrale toets van de bedrijfsvoering inclusief financiering mogelijk maakt, derhalve noodzakelijk en doelmatig is;

     

  • -

    door invoering van een vergunningplicht een instrument voorhanden is om in geval van een negatieve beoordeling van een aanvraag in kader van een aanwijzingsbesluit te kunnen doorpakken op het weren van ondermijnende activiteiten in een vestiging elders in de stad;

     

  • -

    de invoering van een pandgerichte vergunningplicht niet discriminatoir is, omdat voor alle negatief beoordeelde ondernemingen geldt dat vestigingen elders in de stad aangewezen zullen worden. Derhalve wordt alleen onderscheid gemaakt tussen bonafide en (vermoedelijk) malafide ondernemingen en niet naar (de herkomst van de) ondernemer en worden bonafide ondernemingen niet benadeeld door invoering van een branche – of gebiedsgerichte vergunningplicht;

     

  • -

    door het instellen van een vergunningplicht op het pand Javastraat 50H toezicht en handhaving op de bedrijfsmatige activiteiten mogelijk wordt;

     

  • -

    het instrument gerechtvaardigd is gezien de ondermijnende activiteiten die zich vermoedelijk in het pand voordoen en de noodzaak om geen criminele activiteiten te faciliteren.

Brengt ter algemene kennis dat zij op 9 oktober 2024 heeft besloten:

  • A)

    Het pand Javastraat 50H, kadastraal bekend als ASD15 S 09603 A 0001, aan te wijzen als pand waarin het exploiteren van de aldaar planologisch toegestane bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van detailhandel niet is toegestaan zonder te beschikken over een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.64 van de APV.

  • B)

    De Wet Bibob van toepassing is op de vergunningsaanvraag.

  • C)

    De termijn als bedoeld in artikel 3.69 van de APV, waarop de vergunningplicht in werking treedt voor bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van detailhandel die op het tijdstip van de aanwijzing reeds worden uitgeoefend, vast te stellen op direct, met dien verstande dat indien een aanvraag om vergunning is ingediend de bedrijfsmatige activiteiten in principe kunnen worden voortgezet totdat op de aanvraag een besluit is genomen.

  • D)

    Gelet op bovenstaande de termijn op direct is vastgesteld vanwege het risico op doorverkoop en stromanconstructies.

  • E)

    De termijn waarbinnen de vergunning aangevraagd moet worden en waarna handhavend opgetreden kan worden vast te stellen op vier weken na inwerkingtreding van dit besluit.

  • F)

    Dit besluit in werking te laten treden op de dag na die van bekendmaking in het Gemeenteblad. Het besluit kan worden aangehaald als “Aanwijzingsbesluit Javastraat 50H”.

Burgemeester van Amsterdam voornoemd,

Femke Halsema

Niet eens met dit besluit?

Bent u het niet eens met dit besluit? Dan kunt u binnen zes weken na de datum op deze brief bezwaar maken. In uw bezwaarschrift moet staan: uw naam, adres, woonplaats, telefoonnummer, de datum waarop u het bezwaarschrift schrijft en uw handtekening, het kenmerknummer van dit besluit en de reden waarom u bezwaar maakt. Stuur ook een kopie van deze brief mee. Stuur uw bezwaarschrift naar: De burgemeester van Amsterdam, Directie Juridische Zaken, Postbus 202, 1000 AE Amsterdam.

Naar boven