Gemeenteblad van Rucphen
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rucphen | Gemeenteblad 2024, 432292 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rucphen | Gemeenteblad 2024, 432292 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Huisvestingsverordening 2024-2028
Artikel 1.1 begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
Artikel 1.2 Reikwijdte verordening
De huisvestingsverordening Rucphen 2024-2028 is uitsluitend van toepassing op:
Hoofdstuk 2. Inschrijving woningzoekende
Artikel 2.1. De woningzoekende komt in aanmerking voor een sociale huurwoning
Artikel 2.2 Register van woningzoekenden
Indien een jongere als bedoeld in artikel 7:274c, tweede lid, van het Burgerlijk Wetboek een huurovereenkomst op grond van dat artikel is aangegaan, vervalt de inschrijving van die jongere om in aanmerking te komen voor een woonruimte niet. 7. Indien een huurder een huurovereenkomst voor bepaalde tijd als bedoeld in artikel 7:271, eerste lid, tweede volzin, van het Burgerlijk Wetboek is aangegaan, vervalt de inschrijving van die huurder om in aanmerking te komen voor een woonruimte niet.
Indien een huurder een huurovereenkomst is aangegaan voor een zelfstandige woning als bedoeld in artikel 7:234 van het Burgerlijk Wetboek in een gebouw waarvoor een tijdelijke omgevingsvergunning is verleend, vervalt de inschrijving van die huurder om in aanmerking te komen voor een woonruimte niet als gevolg van het aangaan van de huurovereenkomst.
Hoofdstuk 3. Voorrangsregelingen
Artikel 3.1 Urgentiecategorieën
Een urgentieverklaring kan alleen worden afgegeven aan woningzoekenden die vallen in één van onderstaande categorieën. Woningzoekende kan voor indeling in urgentiecategorieën A en B een aanvraag tot urgentieverklaring indienen bij welzijnsorganisatie Surplus. Voor indeling in urgentiecategorieën C en D kan woningzoekende een aanvraag tot urgentieverklaring indienen bij de woningcorporatie.
A. Tijdelijke opvang huiselijk geweld
Woningzoekenden die in verband met problemen van relationele aard in combinatie met geweld hun woonruimte hebben moeten verlaten, en die nu verblijven in een voorziening voor tijdelijke opvang of daarvoor in aanmerking komen. De woningcorporatie biedt één keer een passende woning aan.
Woningzoekenden die vanwege een calamiteit gedwongen hun woonruimte moeten verlaten. Voorwaarde is dat er sprake is van een onverwachte gebeurtenis, zoals brand, waardoor de woningzoekende acuut dakloos is en de woonruimte niet binnen 4 maanden te herstellen is. De woningcorporatie biedt één keer een passende woning aan.
in zijn of haar thuissituatie verpleging ontvangt, niet gepaard gaande met verblijf of geen kraamzorg zijnde, verstrekt op grond van de Zorgverzekeringswet, waarvan de noodzaak is vastgesteld door de wijkverpleegkundige, zoals verpleging of verzorging bij opstaan, wassen, aankleden, douchen, wondverzorging, het geven van injecties.
de mantelzorg – niet zijnde gebruikelijke zorg zoals bedoeld in de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) of het verrichten van niet zorgtaken zoals huishoudelijke werkzaamheden en het doen van boodschappen – voor minimaal acht uur per week, verdeeld over minimaal vier dagen per week - wordt verricht en de zorgontvanger naar verwachting duurzaam afhankelijk is van de mantelzorgverlener;
Woningzoekenden met een medische problematiek die verband houdt met woonruimte. De urgentie wordt zonder verdere beoordeling verleend indien aan de woningzoekende in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 een verhuiskostenvergoeding wegens ontoereikende huisvesting is toegekend. In alle andere gevallen beoordeelt een onafhankelijke medische instantie de medische situatie. De woningcorporatie biedt één keer een passende woning aan.
Artikel 3.2 Voorrang bij doorstromen
De woningcorporatie is verantwoordelijk voor het selecteren en adverteren van doorstroomwoningen. Hiervoor komen primair huishoudens in aanmerking die:
Huishoudens met een langere woonduur komen eerder in aanmerking dan huishoudens met een kortere woonduur.
Hiervoor komen huishoudens in aanmerking die:
De woningcorporatie doet binnen één jaar twee keer een aanbieding. De huidige woonduur en inschrijfduur zijn daarbij niet relevant.
Artikel 3.3 Voorrang bij maatschappelijke binding
De woningcorporatie of verkoper biedt woonruimte voor woningzoekenden of kopers met maatschappelijke binding aan door publicatie op een openbaar toegankelijk (digitaal) medium met de mededeling dat een huishouden de woonruimte alleen voor bewoning in gebruik mag nemen indien er sprake is van maatschappelijke binding met de gemeente Rucphen.
Woningzoekenden met maatschappelijke binding worden gedurende een periode van drie dagen in de gelegenheid gesteld om op de aangeboden woonruime te reageren. Indien toewijzing op basis van maatschappelijke binding in deze periode niet kon plaatsvinden, komen na het verstrijken van deze periode ook regulier woningzoekenden in aanmerking voor de woonruimte.
Kopers met maatschappelijke binding worden gedurende een periode van acht weken in de gelegenheid gesteld om op de aangeboden woonruime te reageren. Indien toewijzing op basis van maatschappelijke binding in deze periode niet kon plaatsvinden, komen na het verstrijken van deze periode ook reguliere kopers in aanmerking voor de woonruimte.
Hoofdstuk 4. Bijzondere doelgroepen
Artikel 4.1 Passend huisvesten
De woningcorporatie mag jaarlijks een gedeelte – zoals bepaald in prestatieafspraken die dat jaar geldend zijn - van de leeggekomen woonruimten vrij toewijzen aan woningzoekenden die niet via het reguliere toewijzingssysteem dan wel via de bestaande urgentiecriteria in aanmerking komen voor woonruimte.
Artikel 4.2 Huisvesting vergunninghouders
Vergunninghouders die op grond van de gemeentelijke taakstelling moeten worden gehuisvest, zoals genoemd in artikel 28 van de Huisvestingswet 2014, worden eenmalig bemiddeld naar een woning. De huisvesting van vergunninghouders wordt gecoördineerd door de projectgroep huisvesting vergunninghouders, bestaande uit de gemeente Rucphen, de woningcorporatie en stichting VluchtelingenWerk. De projectgroep draagt zorg voor kwantitatieve voortgang in de taakstelling en kwalitatieve huisvesting van vergunninghouders, waarbij veiligheid, gezinsgrootte en spreiding over de gemeente criteria zijn voor het selecteren van een geschikte woonruimte. De gemeente monitort de voortgang in de taakstelling en onderhoudt hierover contact met regio en provincie, de woningcorporatie biedt een woonruimte aan en Stichting VluchtelingenWerk begeleidt de verhuizing.
Hoofdstuk 5. Verantwoording toegewezen woonruimte
Verhuurders en verkopers verantwoorden hun toewijzingen aan het college indien zij hiertoe van het college een verzoek ontvangen.
Het college kan voor een bepaalde tijd experimenten toestaan waarin afgeweken wordt van de bepalingen van deze verordening. Belanghebbende partijen kunnen hiertoe een onderbouwd verzoek bij het college indienen. Experimenten moeten passen binnen de Huisvestingswet 2014.
Het college kan afwijken van de verordening voor zover toepassing gelet op het belang van een evenwichtige en rechtvaardige verdeling van woonruimte of vanwege een groot maatschappelijk belang leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard. Toepassing van dit artikel moet passen binnen de Huisvestingswet 2014.
Artikel 6.3 Intrekking oude verordening
De Huisvestingsverordening Rucphen 2020 wordt ingetrokken.
Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie en is geldig voor een periode van vier
Deze verordening wordt aangehaald als "Huisvestingsverordening 2024-2028”.
de raad van de gemeente Rucphen
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-432292.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.