Tijdelijke verkeersmaatregelen en tijdelijke plaatsing verkeerstekens in verband met bouwproject ‘Van Vianenpad ongenummerd’

Kenmerk: 7788966

BESLUIT

Het college van burgemeester en wethouders van Eindhoven (hierna: het college) neemt een verkeersbesluit voor de volgende straten:

· Van Vianenpad

· Pieter de Swartstraat

· Hellenraadstraat

· Willem van Kesselstraat

· Jan van der Wegestraat

· Van Bodeghemstraat

Voor de volgende tijdelijke inrichtingselementen in het plan is een verkeersbesluit vereist:

  • 1.

    het fysiek afsluiten van weggedeelten met hekwerken;

  • 2.

    het instellen van een geslotenverklaring in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee (uitgezonderd werkverkeer);

  • 3.

    het instellen van parkeerverboden;

  • 4.

    het instellen van parkeerverboden ten aanzien van bestaande parkeervakken;

  • 5.

    het opheffen van een voetpad;

  • 6.

    het verplaatsen van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken.

Wettelijk kader

De basis voor het nemen van dit verkeersbesluit is het bepaalde in:

· de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994);

· het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990);

· het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW);

· de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).

Op grond van artikel 15, eerste lid, van de WVW 1994 moet een verkeersbesluit genomen worden voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het BABW genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.

Op grond van artikel 15, tweede lid, van de WVW 1994 moet een verkeersbesluit genomen worden bij maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.

Het gemeentebestuur is bevoegd tot het nemen van dit besluit. De basis hiervoor is artikel 18, lid 1, sub d van de WVW 1994.

De bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten als bedoeld in artikel 15 van de WVW 1994 is krachtens het ‘Mandaatregister gemeente Eindhoven’ gemandateerd aan het hoofd van de afdeling Mobiliteitstransitie en Bereikbaarheid.

Op grond van het bepaalde in artikelen 34, 35 en 37 van het BABW kan het bevoegd gezag ingeval van de uitvoering van werken tijdelijke verkeerstekens plaatsen of tijdelijke verkeersmaatregelen uitvoeren. In bepaalde situaties behoeft geen verkeersbesluit te worden genomen. Onder de gegeven omstandigheden wordt dit thans wél nodig geacht, omdat de hierboven beschreven tijdelijke inrichtingselementen langer gaan duren dan vier maanden.

De onderstaande belangen zijn de basis voor het verkeersbesluit. Zij staan in artikel 2 van de WVW 1994:

· het verzekeren van de veiligheid op de weg;

· het beschermen van weggebruikers en passagiers;

· het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

· het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade.

Overeenkomstig artikel 24 van het BABW is overleg gepleegd met de politie Oost-Brabant, district Eindhoven, basisteam Noord. De politie is van oordeel dat de voorgenomen maatregelen op juridische en praktische gronden handhaafbaar zijn en geen afbreuk doen aan de veiligheid. Gelet op bovenstaande kan de politie positief adviseren op het voorgenomen verkeersbesluit.

Aanleiding

Het Van Vianenpad, de Pieter de Swartstraat, de Hellenraadstraat, de Willem van Kesselstraat en de Jan van der Wegestraat zijn bij de gemeente in beheer.

Op 2 mei 2024 heeft het college een omgevingsvergunning verleend voor het bouwen van 42 appartementen aan het Van Vianenpad (ongenummerd).

Voor de nieuwbouw zal een bouwterrein worden ingericht. In verband met de in acht te nemen bouwveiligheidszone en het faciliteren van een veilige route voor het werkverkeer, dient een aantal tijdelijke verkeersmaatregelen te worden getroffen in bovenvermelde straten.

Verkeersmaatregelen (algemeen)

De bouw van de woningen vinden binnen bouwhekken plaats.

De bouwplaats is deels gesitueerd op bovengenoemde wegen. De wegen dienen gedeeltelijk te worden vrijgehouden voor het af- en aanvoeren en het opstellen van het materieel, dan wel het creëren van de benodigde bouwveiligheidszone. Tevens dient ruimte te worden gecreëerd ten behoeve van het werkverkeer, waarbij voertuigen voldoende ruimte hebben om elkaar veilig te kunnen passeren binnen de bouwhekken, dan wel om te parkeren.

De bouwhekken dienen tevens ter afsluiting van het werkterrein, zodat onbevoegden zich geen toegang tot het terrein kunnen verschaffen en de voortgang van de werkzaamheden kunnen verstoren.

De tijdelijke inrichtingselementen staan weergegeven op tekening COP.00629.01.46/001, versie A1.9 d.d. 23 september 2024.

Verkeersmaatregelen (specifiek)

Hieronder volgt een specifieke uiteenzetting van de te treffen verkeersmaatregelen. Voor de exacte locaties wordt verwezen naar bovenstaande tekening, die tevens als bijlage 1 aan dit verkeersbesluit is toegevoegd.

Bouwterrein

Delen van de hierboven genoemde straten worden voor al het verkeer (uitgezonderd werkverkeer) afgesloten. Dit zal gebeuren door middel van het plaatsen en fysiek afsluiten van de weg met hekwerken en het plaatsen van bebording.

Binnen de afsluiting zijn diverse parkeerplaatsen, trottoirs en een voetpad gelegen. De parkeerplaatsen zullen vanwege het werkterrein niet toegankelijk zijn. Gedurende de bouwperiode zal derhalve een parkeerverbod gelden. Enige tijd voor aanvang van de werkzaamheden wordt dit parkeerverbod ter plaatse aangekondigd.

Voetgangers worden verwezen naar de trottoirs aan de overzijden van de betreffende wegen en het voetpad langs de Willem van Kesselstraat. Het Van Vianenpad (voetpad) is in het geheel afgesloten.

Het werkverkeer bereikt en verlaat de bouwplaats via in-/uitritten in de Willem van Kesselstraat.

Parkeerverboden

Ten behoeve van een ongehinderde en veilige verkeersafwikkeling in de Willem van Kesselstraat, Jan van der Wegestraat en Van Bodeghemstraat wordt gedurende de bouw direct langs het bouwhekken een parkeerverbod ingesteld.

De Pieter de Swartstraat en de Hellenraadstraat worden vanuit de Waghemakerstraat doodlopende wegen. Parkeerverboden worden ingesteld om het keren van auto’s in de twee straten mogelijk te maken. De aanwezige gehandicaptenparkeerplaats op kenteken in de Hellenraadstraat blijft gehandhaafd.

Verplaatsing gehandicaptenparkeerplaats op kenteken

De aanwezige gehandicaptenparkeerplaats op kenteken in de Pieter de Swartstraat (ter hoogte van huisnummer 4) wordt één plaats naar links opgeschoven. Dit om het keren van auto’s in de straat mogelijk te maken, zo dicht mogelijk bij de bouwhekken.

Planning

De startdatum van de bouwwerkzaamheden staat gepland in oktober 2024. Deze werkzaamheden zullen naar verwachting ongeveer 1 jaar en 3 maanden in beslag nemen. Dit betekent dat de werkzaamheden eind 2025 gereed zullen zijn.

De tijdelijke verkeersmaatregelen zullen van kracht blijven tot het bouwproject volledig is afgerond.

Communicatie en afstemming

De verkeersmaatregelen zijn afgestemd met de Veiligheidsregio Brabant-Zuidoost (VRBZO). Hierin zijn de hulpdiensten (ambulance, brandweer en politie) vertegenwoordigd. Daarnaast heeft afstemming plaatsgevonden met Cure Afvalbeheer.

De belanghebbende van de gehandicaptenparkeerplaats op kenteken in de Pieter de Swartstraat is geïnformeerd over de verplaatsing deze parkeerplaats. Belanghebbende heeft aangegeven daar geen bezwaar tegen te hebben.

Bewoners van de Van Bodeghemstraat, Pieter de Swartstraat, Hellenraadstraat en Jan van der Wegestraat zijn geïnformeerd tijdens een informatieavond op 4 maart 2024. Daarnaast hebben deze omwonenden in week 16 een nieuwsbrief ontvangen met informatie over het bouwproject. Zij zullen kort voor de start van de werkzaamheden opnieuw een nieuwsbrief ontvangen van de ontwikkelaar.

Belangenafweging

Met dit verkeersbesluit stelt het college tijdelijke verkeersregels vast in verband met het faciliteren van een bouwterrein voor bouwproject ‘Van Vianenpad (ongenummerd)’ en een route voor het werkverkeer.

Deze regels dienen de hierboven genoemde verkeersbelangen van artikel 2 van de WVW 1994.

Door het instellen van de tijdelijke verkeersmaatregelen kan:

  • 1.

    het werkverkeer op een goede en efficiënte wijze het werkterrein bereiken en verlaten;

  • 2.

    een werkterrein worden gerealiseerd, waarbij werkvoertuigen voldoende ruimte hebben om elkaar veilig te kunnen passeren binnen de bouwhekken en ter plaatse te kunnen parkeren;

  • 3.

    de noodzakelijke bouwveiligheidszone worden gerealiseerd;

  • 4.

    de bruikbaarheid van de weg zoveel mogelijk worden gewaarborgd.

Zonder deze tijdelijke verkeersmaatregelen kunnen er onveilige en/of overlastgevende situaties ontstaan.

De verkeersmaatregelen kunnen echter ook nadelige gevolgen met zich meebrengen. Door het fysiek afsluiten van wegen met hekwerken zal de verkeerscirculatie voor het (gemotoriseerde) verkeer wijzigen. Weggebruikers dienen in sommige situaties een aangepaste – wellicht langere – route te nemen. De Waghemakerstraat zal iets meer belast worden aangezien het bewonersverkeer nu niet via de Willem van Kesselstraat de straten kan bereiken. Naar verwachting zal dit geen noemenswaardige effecten heeft voor het autoverkeer opleveren.

De opheffing c.q. het niet beschikbaar zijn van een aantal parkeerplaatsen binnen het af te zetten werkterrein en de ingestelde parkeerverboden kunnen nadelige gevolgen met zich meebrengen, doordat er tijdelijk minder parkeergelegenheid is in de straten. Op momenten waarop de parkeerdruk hoger is, kan het voorkomen dat men iets verder van de bestemming af een parkeerplaats moet vinden.

Daarbij kan worden opgemerkt dat de parkeervraag reeds is afgenomen, doordat de voormalige woningen binnen het projectgebied niet meer bewoond zijn en gesloopt zijn.

Het college is van mening dat de mogelijke ongemakken voor weggebruikers beperkt zijn, mede doordat de maatregelen van tijdelijke duur zijn en er alternatieve routes en alternatieve parkeergelegenheden in de buurt beschikbaar zijn.

Het belang van de bruikbaarheid van de weg ten behoeve van het werkverkeer, het belang van het creëren van een bouwveiligheidszone en het belang van het verzekeren van de veiligheid op de weg prevaleren boven het belang van het waarborgen van de vrijheid van het verkeer en het parkeerbelang.

Volgens vaste jurisprudentie moeten tijdelijke verkeersmaatregelen worden beschouwd als een normale maatschappelijke ontwikkeling waarmee iedereen kan worden geconfronteerd. De nadelige gevolgen van dergelijke maatregelen mogen echter niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. De tijdelijke verkeersmaatregelen leiden volgens het college niet tot onevenredige hinder of overlast voor betrokkenen (artikel 3:4, lid 2, van de Awb).

Besluit

Het college besluit tot:

  • 1.

    het instellen van een geslotenverklaring in beide richtingen voor voertuigen, ruiters en geleiders van rij- of trekdieren of vee (uitgezonderd werkverkeer);

  • 2.

    het instellen van parkeerverboden;

  • 3.

    het instellen van parkeerverboden ten aanzien van bestaande parkeervakken;

  • 4.

    het opheffen van een voetpad;

  • 5.

    het verplaatsen van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken;

  • 6.

    het fysiek afsluiten van weggedeelten met hekwerken.

De tijdelijke maatregelen worden uitgevoerd door middel van:

  • 1.

    het plaatsen van borden model C1 en onderborden met de tekst ‘uitgezonderd werkverkeer’;

  • 2.

    het plaatsen van borden model E1;

  • 3.

    het plaatsen van borden model E4 en onderborden met de tekst ‘parkeren verboden vanaf <nader te bepalen datum>’;

  • 4.

    het verwijderen (afplakken) van borden model G7;

  • 5.

    het verplaatsen van een bord model E6 en onderbord met kenteken;

  • 6.

    het plaatsen van hekwerken.

De hierboven genoemde verkeersborden zijn conform de modellen van bijlage 1 van het RVV 1990.

De tijdelijke maatregelen zijn weergegeven op tekening COP.00629.01.46/001, versie A1.9 d.d. 23 september 2024.

Eindhoven, 1 oktober 2024

Hoogachtend,

namens burgemeester en wethouders van Eindhoven,

I.J.C. Brouwer

hoofd afdeling Mobiliteitstransitie en Bereikbaarheid

Bijlage 1: tekening COP.00629.01.46/001, versie A1.9 d.d. 23 september 2024.

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen, tot uiterlijk 6 weken na publicatie van het besluit, schriftelijk bezwaar indienen bij burgemeester en wethouders, Postbus 90150, 5600 RB Eindhoven.

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en bevat ten minste:

· de naam en het adres van de indiener

· de dagtekening

· een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht

· de gronden van het bezwaar.

Het bezwaar schorst niet de werking van het besluit.

Wel kan een belanghebbende, met een spoedeisend belang, binnen dezelfde termijn een voorlopige voorziening vragen bij de voorzieningenrechter van Rechtbank Oost-Brabant, Postbus 90125, 5200 MA ’s-Hertogenbosch.

Het verzoek om een voorlopige voorziening moet voldoen aan dezelfde eisen als een bezwaarschrift.

Naar boven