Gemeenteblad van Epe
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Epe | Gemeenteblad 2024, 401602 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Epe | Gemeenteblad 2024, 401602 | beleidsregel |
HandhavingsuitvoeringsprogrammaGemeente Epe HUP 2024-2025
In een ideale wereld is er geen handhaving nodig. Het is duidelijk wat de regels zijn en iedereen houdt zich daaraan. Daarnaast kunnen er afspraken worden gemaakt, worden er vergunningen verleend en, spelregels worden toegevoegd of verbeterd. Deze ideale wereld streven we na maar we zijn er nog niet.
Daarom heeft ook de gemeente Epe ambtenaren nodig die zich inzetten voor het handhaven van de regels en het afgesproken beleid. Handhaving functioneert het beste als alle voorliggende schakels in de keten zo zijn aangesloten, dat er geen onduidelijkheid is over de verwachtingen van de overheid ten opzichte van de inwoner. Handhaven is een werkwoord voor ons allemaal. Handhaving is het sluitstuk maar tegelijkertijd ook het begin van de keten, zie onderstaande afbeelding.
Als handhaving toch moet worden ingezet is er onderweg in de keten iets niet goed gegaan. Er is een situatie ontstaan die niet rechtmatig is en waarvoor, vanuit de overheid, een correctie op zijn plaats is. Ook kan het zijn dat er in de keten ergens onduidelijkheid is ontstaan, er sprake is geweest van een misverstand, miscommunicatie of zijn afspraken niet nagekomen. Of zijn er maatschappelijke ontwikkelingen waar de overheid nog niet op voorbereid is met beleid en regelgeving. In sommige gevallen is er sprake van het opzettelijk nemen van het risico en worden regels dus bewust genegeerd.
Van groot belang in het voorkomen van overtredingen is dat onze inwoners weten wat er van hen wordt verwacht, zeker met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Door helder en duidelijk te communiceren over verwachtingen en verplichtingen kunnen inwoners en bedrijven zelf verantwoordelijkheid nemen voor de naleving. Deze communicatie hoort bij iedere medewerker met inwonerscontacten, niet alleen bij de boa, toezichthouder of jurist handhaving. Voorlichting en preventie is dus een stap die we steeds meer gaan toevoegen als onderdeel van ons dagelijks werk. Voorkomen is immers beter dan genezen.
In alle gevallen geldt, handhaven doen we zorgvuldig, objectief en met de menselijke maat. Als de preventieve inspanningen geen baat hebben gehad, dan is handhaving het laatste middel om de rechtmatigheid te herstellen. Handhaving in de ruime zin bestaat uit preventie, toezicht en als het echt niet anders kan, het daadwerkelijk handhaven.
In het Handhaving uitvoeringsprogramma 2024-2025 leest u de resultaten over 2022 en 2023. Daarnaast vindt u in het Handhavingsuitvoeringsprogramma 2024-2025 de planning en prognose voor 2024 en 2025, deze zijn opgenomen in bijlage 1 en 2.
Annemiek van Loon, wethouder en portefeuillehouder handhaving
Op 11 januari 2022 is het Handhavingsbeleid 2022-2025 vastgesteld door het college van B&W, als kader voor de uitvoering van het toezicht op de naleving van regels in de gemeente Epe en voor het bepalen van de bestuurlijke inzet van handhavingsinstrumenten voor het college van B&W.
Het meerjaarlijkse handhavingsbeleid 2022-2025 wordt jaarlijks uitgewerkt in een handhaving uitvoeringsprogramma (hierna: HUP). Dit jaar hebben we, bij uitzondering, gekozen voor een tweejaarlijkse uitwerking.
In het HUP geeft het college van B&W concreet aan welke beleidsthema’s in 2024 en 2025 de prioriteit krijgen en welke handhavingsactiviteiten en toezichtscapaciteit daarvoor wordt ingezet.
Deze werkwijze, een meerjarig beleid en een jaarlijks HUP is wettelijk voorgeschreven in afdeling 13.2 van het Omgevingsbesluit en hoofdstuk 18 van de Omgevingswet.
Scope van het handhavingsbeleid
Het handhavingsbeleid heeft betrekking op de fysieke leefomgeving. Dit gaat over het bouwen, de ruimtelijke ordening, de openbare orde en veiligheid.
Buiten de scope van het handhavingsbeleid 2022-2025
Het college van burgemeester en wethouders is bij wet opgedragen om te zorgen voor de bestuurlijke handhaving van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), de Verordening fysieke leefomgeving (Vfl) en van de gemeentelijke taken die zijn geregeld in het Omgevingsbesluit en de Omgevingswet. Dit gaat met name over het bouwen, de ruimtelijke ordening (bestemmingen) en het milieu. Dit heeft ook betrekking op de gemeentelijke taken in alle wetten die in artikel 18.1 van de Omgevingswet zijn genoemd.
- Hoofdstuk 5 Algemene wet bestuursrecht
Ter uitvoering van deze zorg beschikt het college van B&W over diverse handhavingsinstrumenten. De toepassing daarvan is afhankelijk van de handhavingsstrategie uit het handhavingsbeleid van de gemeente. De aanleiding voor bestuurlijk optreden met een handhavingsinstrument ontstaat wanneer een overtreding wordt geconstateerd tijdens een controle die de gemeente uitvoert ter uitvoering van dit beleid of die plaatsvindt naar aanleiding van een verzoek tot handhaving door een belanghebbende.
In de periode waarin dit handhaving uitvoeringsprogramma geldt, is sprake van het inwerking treden van landelijke wetgeving. Dat heeft ook invloed op de taken van alle gemeenten in Nederland. Het gaat met name om de Omgevingswet en om de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb).
1.3 Doel en uitgangspunten handhavingsprogramma Epe
Voordat toezicht en handhaving in de praktijk wordt uitgevoerd worden beleidsmatige doelen en uitgangspunten geformuleerd die richting geven aan de uitvoering. Deze doelen en uitgangspunten verklaren en waarborgen de keuzes die het college van B&W maakt in de handhavingspraktijk. Voor verder verdieping op deze onderwerpen, zie hoofdstuk 2 en 3 van het Handhavingsbeleid 2022-2025.
1.3.1 Uitgangspunten: risicogericht beleid, probleemoplossend handhaven
De wettelijke zorg voor handhaving vereist dat het college de juiste afweging en keuzes maakt bij de toepassing van handhavingsinstrumenten en bij de organisatie van het toezicht. Ter onderbouwing van deze afweging en keuzes maakt het college gebruik van vijf uitgangspunten voor dit handhavingsbeleid:
Dit HUP stuurt op de juiste naleving van wet- en regelgeving. Hier gaat het dan bijvoorbeeld om het niet naleven van regels zoals die zijn opgenomen in de verleende (omgevings-)vergunning. In die gevallen biedt dit HUP kaders voor de concrete uitvoering van het toezicht op de naleving. Wordt er geconstateerd dat er inderdaad sprake is van een overtreding dan kan er gekozen worden voor herstellend en, indien nodig, bestraffend optreden door de inzet van handhavingsinstrumenten.
1.4.1 Probleem- en risicoanalyse voor dit handhavingsjaar
Gemeente Epe richt de uitvoering adequaat in. Zij doen dit op basis van een jaarlijkse concretisering van het Handhavingsbeleid 2022-2025. Naast prioritering van de risico’s zijn daarbij ook andere criteria belangrijk voor de inzet van de toezichtcapaciteit en de handhavingsinstrumenten. Daarbij gaat het onder andere om een beoordeling van de aard, omvang en gevolgen van een probleem dat ontstaat door een overtreding die plaatsvindt of in potentie kan plaatsvinden. Deze probleemanalyse vindt plaats per casus en is bepalend voor de wijze waarop een bestuurlijke interventie wordt gepleegd bij een overtreding.
- Indien blijkt dat er sprake is van hardnekkige casuïstiek die niet past in de gestelde prioriteiten wordt zo min mogelijk capaciteit ingezet van het toezicht of de handhaving;
- De betrokkenen bij de hardnekkige casuïstiek kunnen wel rekenen op ondersteuning van de gemeente bij het oplossen van de problemen. In die zin dat de gemeente een nadere toelichting kan geven op de geldende regels en/of een aanbod kan doen tot buurtbemiddeling.
1.5 Instrumenten van handhaving
De inzet van een handhavingsinstrument (opleggen van een last) is gericht op het bereiken van naleving van de regels. Dat kan gewenst zijn vanuit een oogpunt van rechtshandhaving of mede vanuit een oogpunt van versterking van de eigen verantwoordelijkheid van de betrokkenen. Ook kan er sprake zijn van het inzetten van een instrument met een bestraffend karakter, zoals een boete.
1.5.1 Strategie met focus op preventie en naleving
Onder het motto “voorkomen is beter dan genezen” is het beter om problemen te voorkomen en risico’s te beheersen, dan overtredingen te moeten constateren en corrigeren. Bij deze visie op handhaving speelt mee dat het niet vanzelfsprekend is dat de overheid tot in detail het gedrag van een bedrijf of burger controleert. Wanneer de gemeente actief moet handhaven wordt de meest effectieve toezicht- of sanctiestrategie gekozen met als doel de overtreding te beëindigen en in de toekomst te voorkomen. Lees meer over verschillende strategieën in hoofdstuk 5 van het Handhavingsbeleid 2022-2025.
Preventie is bedoeld om te voorkomen dat er overtredingen ontstaan. Preventie zit onder andere in het toegankelijk maken van de benodigde informatie zoals via de website van de gemeente Epe. Ook zit preventie in het via mail, telefonisch of mondeling geven van concrete informatie als inwoners plannen hebben voor veranderingen in, aan of rond hun woning of bedrijf. Of als er plannen zijn voor het organiseren van evenementen. Ook zit preventie in het verstrekken van informatie aan inwoners die overlast ervaren. Bij het verstrekken van deze informatie spelen onze klantregisseurs een grote en belangrijke rol.
Toezicht is bedoeld om te monitoren of de regels worden nageleefd. Het kan daarbij ook gaan om controle van afspraken die zijn gemaakt met de overtreder of met een groep van betrokkenen in een bepaald gebied. In het kader van toezicht worden de volgende activiteiten georganiseerd en geborgd:
Met een bestuurlijke sanctie treedt het bestuur op tegen een overtreder die onvoldoende verantwoordelijkheid toont en tegen een overtreding, waarvan de gevolgen dusdanig zijn dat zij noodzaken tot een verdergaande interventie dan een bestuurlijke waarschuwing.
Voor een interventie met een sanctie heeft het college de volgende instrumenten tot zijn beschikking, waarbij de keuze voor één van de sancties afhangt van de situatie.
Onder bijzondere omstandigheden kan worden afgezien van de inzet van een handhavingsinstrument, ondanks dat dit wel zou moeten plaatsvinden op basis van de beginselplicht tot handhaving. In die zeer uitzonderlijke gevallen is sprake van gedogen (lees: § 5.5 in het Handhavingsbeleid 2022-2025). En zie ook bijlage 3.
1.5.6 Prioritering is aanleiding voor afwijzen handhavingsverzoek
Als in het HUP 2024-2025 de prioritering voor het komende jaar is aangegeven dan kan een handhavingsverzoek wat niet valt onder de prioritering worden afgewezen. Een afwijzing kan echter niet volstaan met een enkele verwijzing naar de prioritering in het HUP 2024-2025. Het college moet, na een verzoek om handhaving, toch altijd een afweging maken in het individuele geval, waarbij de belangen van de verzoeker om handhaving worden betrokken. Hierbij moet het college beoordelen of het, ondanks de prioritering, toch handhavend moet optreden.
1.5.7 Beginselplicht tot handhaving
In artikel 18.1 Omgevingswet is de beginselplicht tot handhaving vastgelegd. Eerder volgde dit uit vaste jurisprudentie, maar er is voor gekozen om dit wettelijk vast te leggen. Dit betekent niet dat de gemeente altijd moet handhaven, maar er moet wel sprake zijn van een bijzondere situatie om niet op te treden. Dit is bijvoorbeeld het geval als in de toekomst sprake kan zijn van legalisatie of wanneer handhaving onredelijk zou zijn (evenredigheidsbeginsel) of als er sprake zou zijn van ongelijkheid ten opzichte van andere vergelijkbare gevallen (gelijkheidsbeginsel) of als er een toezegging is gedaan aan de overtreder (vertrouwensbeginsel).
Op grond van artikel 18.6 van de Omgevingswet is de mogelijkheid tot het aanwijzen van toezichthouders verruimd. In deze nieuwe situatie mogen dit ook niet-ambtenaren zijn.
1.5.9 Wet goed verhuurderschap en Wet betaalbare huur
Op 21 maart 2023 is de Wet goed verhuurderschap vastgesteld. De wet is op 1 juli 2023 in werking getreden.
Deze wet introduceert een landelijke norm voor goed verhuurderschap en geeft gemeenten bevoegdheden om ongewenste vormen van verhuurderschap te voorkomen en tegen te gaan.
Gemeenten zijn verplicht tot het instellen van een laagdrempelig meldpunt waar anoniem en kosteloos meldingen kunnen worden gedaan van ongewenst verhuurgedrag. De gemeente Epe heeft voorzien in een dergelijk meldpunt. De gemeente kan naar aanleiding van een melding vervolgens zelf tot handhaving overgaan, dan wel, indien handhaving niet mogelijk is de melder hulp bieden bij het vinden van de juiste instantie waar hij verder geholpen kan worden. Deze nieuwe taak is eveneens toegevoegd aan de werkzaamheden van toezicht en handhaving.
Op 1 juli 2024 is de Wet betaalbare huur in werking getreden en van kracht geworden. Huurders kunnen op deze wet een beroep doen als zij van mening zijn dat zij een te hoge huur betalen voor hun huurwoning. Vanaf 1 januari 2025 kunnen gemeente een boete opleggen als verhuurders een te hoge huur vragen en niet bereid zijn deze aan te passen aan de eisen zoals gesteld in de wet.
1.6.0 Prioriteiten gemeente Epe
Bij het vaststellen van het Handhavingsbeleid 2022-2025 zijn de prioriteiten voor de komende jaren gedefinieerd. In het HUP wordt jaarlijks gekeken hoe deze prioriteiten worden ingevuld of deze prioriteiten compleet zijn voor het komende jaar. Ook voor 2024 en 2025 zijn de volgende prioriteiten leidend:
1.6.1 Bouwen en ruimtelijke ordening
De gemeente geeft prioriteit aan de borging van constructieve veiligheid en brandveiligheid. Dit is voornamelijk gericht op nieuwbouw, aannemers en gebruikers van panden. Gestreefd wordt om spontane naleving bij de inwoners te bevorderen dit gecombineerd met verplichte controles. Deze prioriteit blijft bestaan tot het moment van rolverandering van de gemeente als gevolg van de Omgevingswet en met name de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. Nu de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen per 1 januari 2024 van kracht zijn geworden vervalt deze prioriteit voor de bouwwerken die vallen in de gevolgklasse 1. Dit zijn relatief eenvoudige bouwwerken waar de gevolgen beperkt zijn als er iets misgaat.
Voor de bouwwerken in de gevolgklasse 2 en 3 en voor alle omgevingsvergunningen die verleend zijn voor 1 januari 2024 geldt dit nog niet. Daarvoor zijn onze toezichthouders nog verantwoordelijk.
Toezicht op de uitvoering van verleende omgevingsvergunningen is één van de basistaken van VTH. Per jaar worden er ongeveer 500 omgevingsvergunningen verleend voor diverse activiteiten zoals: bouwen, strijdigheid bestemmingsplan, aanleggen, wijzingen monument, kappen. Daarnaast houden we uiteraard het toezicht op het bouwen zonder omgevingsvergunning.
Tijdens het toezicht op omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen wordt aan de brandveiligheid, constructieve veiligheid en duurzaamheid extra aandacht besteed. Als uitgangspunt geldt dat iedere verleende omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen (circa 45% van het totaal) volgens een vaste controlefrequentie wordt gecontroleerd. De controlefrequentie is afhankelijk van de indeling in een categorie.
Er wordt onderscheid gemaakt in vier categorieën:
Categorie (bouwprojecten < € 25.000 bouwkosten)
Hieronder vallen ondergeschikte bouwwerken zoals: tuinhuisjes, schuttingen, dakkapellen enz. Controle vindt plaats op basis van vertrouwen. De vergunninghouder wordt gevraagd om foto’s van het gerealiseerde object toe te sturen. Het toezicht wordt vervolgens zonder fysieke controle afgehandeld. Uitzondering zijn vergunningen met bijzondere constructieve of brandveiligheidsvoorzieningen.
Lichte categorie (€25.000 - €100.000,- bouwkosten)
Hieronder vallen aan- en uitbouwen bij woningen, bijgebouwen, recreatieverblijven, nokverhoging enz. Er worden circa 1,5 controle(s) uitgevoerd. Een eindcontrole vindt altijd plaats. Wapening van betonconstructies zoals funderingen van aan- en uitbouwen en duurzaamheidsoplossingen worden ook gecontroleerd.
Middelzware categorie (€100.000 – €1.000.000 bouwkosten)
Hieronder vallen nieuwbouwwoningen, grote verbouwingen van woon- en bedrijfsgebouwen, bedrijfsgebouwen, kinderdagverblijven enz. Er worden gemiddeld 5 controles uitgevoerd, afhankelijk van de aard en omvang van het project. Het uitzetten van een gebouw, de wapening van betonconstructies, brandveiligheidsvoorzieningen en duurzaamheidsoplossingen worden altijd gecontroleerd. Een eindcontrole vindt altijd plaats. Tijdens de controle van complexe brandveiligheidsvoorzieningen gaat een medewerker van de brandweer mee ter advisering.
Zwaarste categorie (> €1.000.000 bouwkosten)
Hieronder vallen de grote woningbouwprojecten (seriematige bouw) en woon- woon/zorg- en bedrijfsgebouwen met complexe brandveiligheidsmaatregelen. Er worden gemiddeld 8 controles uitgevoerd, afhankelijk van de aard- en omvang van het bouwwerk. Het uitzetten van een gebouw, de wapening van betonconstructies en de brandveiligheidsvoorzieningen en duurzaamheidsoplossingen worden altijd gecontroleerd. Een eindcontrole vindt altijd plaats. Controles worden zoveel mogelijk integraal (brandweer/omgevingsdienst/provincie enz.) uitgevoerd.
Na 1 januari 2024 zijn onze toezichthouders verplicht om de door de kwaliteitsborger aangeleverde bouwmeldingen te beoordelen. Op het moment dat alle gevolgklasse (1, 2 en 3) vallen onder de kwaliteitsborger zal dat gaan om 80% van het totaal aan verleende omgevingsvergunningen. Kortom, het toezicht op de bouw zelf vervalt maar daarvoor komt de toetsing van de bouwmeldingen in de plaats en daarnaast blijft uiteraard het toezicht op bouwen zonder een omgevingsvergunning. De invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen betekent dus niet dat er minder werk is voor de toezichthouders, in tegendeel.
Binnen gemeente Epe is er brede waardering voor de omgeving. We laten ons inspireren door de rijkdom van de natuur, de kenmerken van het landschap en de eigenheid van het gebied. We letten er op dat nieuwe ontwikkelingen passen bij de identiteit van het gebied en dat deze bijdragen aan de ruimtelijke kwaliteit en de doelstellingen zoals ook genoemd in de omgevingsvisie.
Wij streven ernaar dat je in de gemeente Epe gezond, prettig en veilig kunt wonen en recreëren. De rijkdom van de natuur en het landschap wordt bij de inrichting van onze omgeving telkens centraal gesteld. Daarbij is er aandacht voor voldoende water en groen in de omgeving, goede en veilige wandel- en fietspaden en verbinden we de dorpen met de natuur. Er ontstaat echter druk op deze kwaliteiten, o.a. door de afname van biodiversiteit en de klimaatverandering. En juist in de door ons zo gewaardeerde gebieden zorgt dit voor grote uitdagingen in de wijze waarop wij omgaan met toekomstige ontwikkelingen.
Hoe ziet dat er uit in de dagelijkse praktijk voor het toezicht en de handhaving binnen de gemeente Epe?
In ons omgevingsplan hebben we gebiedsbestemmingen (zoals Agrarisch) en aanduidingen om onze natuurlijke, cultuurhistorische en landschappelijke waarden te duiden. Hierin liggen ook onze kwaliteiten verscholen en dus ook wat we belangrijk vinden om te beschermen. Dat beschermen doen we door toe te zien op de instandhouding van deze kwaliteiten en daar is toezicht en handhaving voor nodig.
Landschappelijke kenmerken zoals bijvoorbeeld een houtwal moeten niet ongezien danwel ongestraft gekapt kunnen worden. Net zoals een weiland niet zomaar bij een tuin getrokken moet kunnen worden (behoud landschappelijke waarden) of moet niet zonder vergunning een schuur of hekwerk geplaatst kunnen worden (dit om verrommeling tegen te gaan).
En als iemand een vergunning vraagt voor het realiseren van bepaalde (bouw)werken en werkzaamheden moeten we kunnen beoordelen of dat passend is bij onze kwaliteiten. Als dat een passend plan is dan moeten we er ook op toezien dat voldaan wordt aan de voorwaarden die we opnemen in de omgevingsvergunning.
Als iemand een ruimtelijke ontwikkeling wil die alleen mogelijk gemaakt kan worden met een afwijking van het omgevingsplan dan beoordelen we of dit past bij onze kwaliteiten en maken we afspraken (bijvoorbeeld via een overeenkomst of voorwaardelijke bepaling m.b.t. een inrichtings- en/of beplantingsplan) die ook uitgevoerd moeten worden. Iemand moet die afspraken monitoren en kunnen beoordelen of het ook uitgevoerd wordt zoals afgesproken.
Samen met de VNOG werken wij eraan om het risico op natuurbranden te verkleinen. We realiseren voorzieningen om bij een eventuele natuurbrand inwoners en recreanten zo veilig mogelijk natuurgebieden en recreatieterreinen te laten ontvluchten en de schade voor de leefomgeving te beperken.
Het toezicht op en handhaving van illegale permanente bewoning op vakantieparken behoort tot de reguliere werkvoorraad. Gebleken is dat de huidige eigenaren van de vakantieparken graag een open en transparant contact willen met de gemeente waarbij zij zelf misstanden melden en meegenomen willen worden in overlegmomenten om situaties te bespreken en gezamenlijk tot oplossingen te komen voordat handhavend wordt opgetreden. Hierdoor is het opstarten van een juridische handhavingsprocedure om dergelijke overtredingen te beëindigen steeds minder vaak nodig. We zitten nu in de beheerfase en dat onderhouden we.
De recreatieparken zonder eigenaar (geheel uitgeponde parken met of zonder een vereniging van eigenaren) vragen extra aandacht en daardoor extra toezicht. Deze parken worden gedurende het jaar allemaal bezocht door onze toezichthouders. Ieder jaar is er één recreatiepark waar we meer tijd en aandacht in steken.
Sinds 2019 loopt het project “Handhaving recreatiewoningen in het bos”. Dit project is opgedeeld in drie fases, fase I en fase II zijn opgestart en (grotendeels) doorlopen, met fase III is een start gemaakt. Om uiteenlopende redenen, waaronder corona, is de uitvoering van dit project stil komen te liggen en is het vervolgens stil blijven liggen door de te grote werkvoorraad. Het project is heroverwogen en geconstateerd is dat als er sprake is van een overtreding dat in het overgrote deel van de gevallen vrij kleine overtredingen zijn (kleine bijbehorende bouwwerken zoals een klein afdakje voor het opslaan van hout). We constateren ook dat er in de samenleving vrij weinig draagvlak is voor dit project, nut en noodzaak daarvan wordt niet breed ervaren. Ook zien we dat er sprake is van zeer verschillende juridische situaties op de betreffende percelen. Met andere woorden, er is geen sprake van precedentwerking als we bij de één wel handhavend optreden en bij een ander daarvan (voorlopig) afzien. Het voorstel is dan ook om dit project voorlopig een lagere prioriteit te geven, wat er concreet op neerkomt dat we hier in 2024 en 2025 niets mee gaan doen. Uiteraard behouden wij ons in uitzonderlijke gevallen het recht voor om alsnog handhavend op te treden.
Ten behoeve van het project Vitale Vakantieparken zijn diverse acties uitgevoerd in 2022 (Aantal controles 69, aantal opgelegde sancties 5). Daarbij is minder focus gelegd op het opsporen en sanctioneren van niet-recreatieve bewoning, maar meer op andere aspecten, zoals:
- Relatiebeheer/-verbetering parkeigenaren, dit blijft ook in 2024 en 2025 van belang.
- Project brandveiligheid (natuurbranden, ontruimingsplannen bij calamiteiten) op vakantieparken, dit project loopt door, dit in samenwerking met de VNOG.
- Project “Verbeteren kapbeleid vakantieparken”, dit project loopt door. De toezichthouders bezoeken alle vakantieparken om met de eigenaren, beheerders danwel een VVE bestuur te overleggen over dit onderwerp.
- n kaart brengen probleemparken, dit project is afgrond. Alle vakantieparken zijn in beeld gebracht.
- Project “Vastleggen van standplaatsen/kavels in Bag”, dit project is bijna klaar. Er is nog één vakantiepark waar nog een paar kleine aanpassingen nodig zijn, binnenkort wordt dit afgerond.
1.6.5 Strijdig gebruik omgevingsplan
De meeste meldingen van niet naleven van de regels in de gemeente Epe gaan over het gebruik van panden en gronden in strijd met bestemmingsplan. Hier maken bewoners, eigenaren van particuliere percelen en agrarische ondernemers verkeerd gebruik van de ruimtelijke functie, dit is in strijd met de regels van het omgevingsplan. De gemeentelijke prioriteit richt zich op de ruimtelijke uitstraling.
De gemeente hoopt klachten en meldingen te kunnen verminderen door enerzijds in te zetten op preventie en communicatie (door o.a. onze klantregisseurs) en anderzijds zo snel mogelijk het gesprek aan te gaan met indieners van een handhavingsverzoek en/of bezwaarschrift tegen een verleende vergunning.
Duurzaamheid/energie is gericht op de doelstellingen voor 2030. De gemeente blijft zich focussen op duurzaam bouwen bij de controles van de verleende omgevingsvergunningen en informeert de ontwikkelaar of particulier door middel van brochures en energiecoaches. De inzet vanuit het team VTH-V zal worden gecombineerd met de controles op de constructieve veiligheid en brandveiligheid.
De mogelijke keuze van het college om, in verband met een beperkte handhavingscapaciteit, aan een bepaalde overtreding een lage prioriteit toe te kennen, geldt niet als een bijzondere omstandigheid om van handhavend optreden af te zien.
Dit betekent dat het college bij ieder verzoek om handhaving een afweging zal moeten maken in het individuele geval, waarbij de belangen van de verzoeker om handhaving worden betrokken. Bij deze afweging moeten het college bezien of het, ondanks de prioritering, in dat concrete geval toch handhavend moet optreden.
Het resultaat van die afweging kan zijn dat van handhaving wordt afgezien. Factoren die daarbij een rol kunnen spelen zijn bijvoorbeeld het karakter van het overtreden voorschrift, het daarbij betrokken algemene belang en de concrete belangen van de verzoeker om handhaving en de overtreder in het betreffende geval. Dat neemt niet weg dat er keuzes dienen te worden gemaakt waar onze toezicht en handhavingscapaciteit wordt ingezet.
Als er, naar aanleiding van een verzoek tot handhaving, besloten wordt een handhavingsbesluit te nemen, dan levert dat op zichzelf geen strijd op met het gelijkheidsbeginsel. In andere gelijke gevallen waarin niet is verzocht om handhaving is namelijk geen sprake van een gelijk geval. Hier is immers niet om handhaving verzocht. Het enkele feit dat er een verzoek om handhaving is ingediend brengt niet mee dat de belangenafweging alleen daarom tot een andere uitkomst zou moeten leiden.
Als het college heeft besloten dat bij overtredingen waaraan zij een lage prioriteit hebben toegekend alleen wordt opgetreden na het indienen van een handhavingsverzoek, dan betekent dat overigens niet dat het college er vervolgens aan gehouden is in alle vergelijkbare gevallen vervolgens ook, uit eigen beweging, tot handhaving over te gaan.
1.7.2 Prioriteiten voor 2024 - 2025
1.7.3 Wensenlijst voor 2024 - 2025
Op het moment dat de beschikbare capaciteit het toelaat zijn er nog wensen voor 2024 en 2025 om op te pakken.
Op het moment dat een handhavingsverzoek, melding of klacht ziet op een ondergeschikte overtreding waarbij de aanleiding voor het melden aantoonbaar een geschil tussen buren is pakken wij de casus niet op.
In het geval van een handhavingsverzoek delen we dat mee in een besluit. Daarin motiveren wij, onder verwijzing naar onze priortering, dat wij niet handhavend gaan optreden omdat dat niet past binnen onze prioritering, de overtreding is namelijk ondergeschikt en door ons niet geprioriteerd in 2024 en 2025. Daarnaast benadrukken we dat met het handhaven op de (veronderstelde) overtreding het onderliggende probleem niet wordt aangepakt. Daarvoor verwijzen wij naar buurtbemiddeling. Bij een melding of klacht doen wij dat ook maar dat hoeft niet met een besluit.
Anonieme klachten en meldingen pakken wij slechts in zeer uitzonderlijke gevallen op. Dan gaat het om gevallen waarin het heel duidelijk is waarom iemand anoniem wil blijven, bijvoorbeeld een casus waarin ondermijnende activiteiten een rol spelen. Of gevallen waarin minder duidelijk is waarom iemand anoniem wenst te blijven maar er wel sprake is van grote gevaarzetting (constructieve- en/of brandveiligheid). Dat betekent dat we in het overgrote deel van de gevallen anonieme klachten en meldingen niet oppakken. Daarvan kunnen we uiteraard, vanwege de anonimiteit, geen terugkoppeling geven aan de klager/melder.
We nemen altijd contact op met de verzoeker om handhaving, klager of melder naar aanleiding van het handhavingsverzoek, de klacht of melding. Zo kunnen we bepalen wat de aanleiding is. Het geeft ons meteen de mogelijkheid om een toelichting te kunnen geven, kunnen wij beter achterhalen welke overlast men ervaart en kunnen we ook met de verzoeker, klager of melder bespreken of deze overlast op te lossen is met het voeren van een handhavingsprocedure. Ook geeft het ons de mogelijkheid om een toelichting te geven op vergunningvrij bouwen.
1.7.6 Thema’s zoals opgenomen in het Handhavingsbeleidsplan 2022-2025.
Aan de thema’s, zoals opgenomen in het Handhavingsbeleidsplan 2022-2025, is een prioritering gegeven. De geprioriteerde thema’s (1) gaan voor op thema’s met minder prioriteit (2), die op hun beurt weer voorgaan op situaties met een lage prioriteit (3).
Toezicht en handhaving openbare ruimte en APV-feiten
Voor handhaving en toezicht in de openbare ruimte en voor het opsporen van een beperkt aantal strafbare feiten worden buitengewoon opsporingsambtenaren (boa’s) ingezet. Boa’s vervullen een steeds belangrijker wordende rol in de gemeente bij de toezicht en handhaving van de leefbaarheid en kleine ergernissen op lokaal niveau. Zo is het boa-bestel continu in ontwikkeling en wordt daarbij ook sterk beïnvloed door maatschappelijke ontwikkelingen en landelijke trends.
De afgelopen decennia heeft zich een verschuiving voorgedaan waarbij de handhavings-, toezichts- en veiligheidszorg in de openbare ruimte niet langer het exclusieve domein is van de politie. Voor een goede afbakening van de taak is het daarom van belang om een duidelijke visie en beleid te hebben ten aanzien van het toezicht en de handhaving binnen de openbare ruimte op gebied van leefbaarheid en veiligheid.
Dit hoofdstuk vindt zijn grondslag op basis van :
Boa’s zijn vaak het eerste aanspreekpunt voor inwoners, ondernemers en bezoekers. Zij zijn het gezicht en ook het visitekaartje van de gemeente Epe. Als “ogen en oren” verbinden zij ook regelmatig de buitenwereld met de interne ambtelijke organisatie. Dit alles met als doel om de leefbaarheid en veiligheid te vergroten. Naast de dienstverlenende kant is er ook een toezichthoudende – en handhavende kant.
Het contact met mensen en het gesprek aangaan staat altijd voorop. De uitvoering van de handhavingstaak focust zich dan ook op de volgende visie-elementen.
Boa’s hebben een handhavende en toezichthoudende functie en stellen zich dienstbaar op. In eerste instantie spreekt de handhaver of toezichthouder burgers aan om gedrag in bepaalde situatie te corrigeren. Maar tegelijkertijd moet duidelijk zijn dat sancties kunnen volgen als dat gedrag niet wordt bijgesteld. De handhaver of toezichthouder kiest daarmee uit een reeks van onderling samenhangende strategieën – informeren en bewustmaken (adviseren), waarschuwen, sanctioneren – die oplopen in de mate waarin zij een ingrijpend karakter hebben. Dit proces is samengevat in de volgende figuur:
Figuur 1: Handhavingsstrategie
2.1.1 Prioritering en aandachtsgebieden
Het Integraal Veiligheidsplan (hierna: IVP) 2024-2028 vormt de basis voor de prioritering van de handhaving binnen de openbare ruimte. Het IVP geeft namelijk richting aan het gemeenschappelijke veiligheidsbeleid voor de Driehoek Veluwe Noord. Tevens sluit het plan aan op het Meerjarenbeleidsplan van de politie Eenheid Oost Nederland. Hieruit komt de volgende prioritering:
De boa’s werken veelal informatie gestuurd en reageren vooral op meldingen van inwoners en ondernemers. Uit het registratiesysteem van de boa’s (BRS) en de meldingen uit het zaaksysteem over 2023 volgt een duidelijk overzicht van de aandachtsgebieden binnen de gemeente Epe ten aanzien van handhaving. Hierin kan onderscheid gemaakt worden tussen de aandachtsgebieden voor de handhaving op gebied van de openbare ruimte, domein I en Milieu, Welzijn en Infra, domein II. Zie hieronder:
Handhaving in de openbare ruimte, de boa’s domein I
Handhaving van Milieu, Welzijn en Infra, domein II
Binnen het boa domein I cluster zijn de afgelopen jaren meerdere personele mutaties geweest. Vanaf september 2023 is de formatie weer volledig ingevuld. Het team kent een nieuwe samenstelling en is in opbouw als het gaat over de uniforme werkwijze en bijvoorbeeld lokale kennis. Daarnaast wordt op het vlak van integrale samenwerking en opbouwen van het lokale netwerk goede stappen voorwaarts gezet.
De bezetting van de boa’s domein I bestaat uit 4 fulltime medewerkers, waarvan twee medewerkers al de nodige levens- en werkervaring hebben. Twee medewerkers zijn in 2023 afgestudeerd van de HTV opleiding en in de gemeente Epe gestart in het vak. Boa is echt een vak waarin je vooral veel ervaring moet opdoen. Het vraagt veel praktisch handelen in een verscheidenheid aan casuïstiek om tot volle wasdom te komen. Onze boa’s ontwikkelen zich goed en zullen nog verder gaan groeien in ervaring en gebruik van bevoegdheden.
Binnen het team is inmiddels één boa sinds begin 2024 opgeleid en bevoegd voor controles op de Alcoholwet. Alcoholcontroles worden uitgevoerd in koppels en daarom zal in 2025 een tweede boa hierin opgeleid gaan worden.
In het kader van de professionalisering van de APV en bijzondere wetten zullen de boa’s voor 2024 worden ingezet bij toezicht op evenementen en voor controles op de naleving van de Alcoholwet.
2.3.0 Prioriteiten voor 2024 – 2025
Bij de praktische uitvoering op gebied van handhaving en toezicht kunnen de boa’s gebruik maken van twee soorten bevoegdheden:
Binnen de handhavingstaak van de boa’s wordt er gebruik gemaakt van beide bevoegdheden en wordt er zorgvuldig afgewogen wanneer welke bevoegdheid wordt ingezet. De uitvoering zal zich focussen op de in 2.5 genoemde prioriteiten en aandachtsgebieden. Tevens zijn er nog een aantal thema’s en projecten die eveneens inzet vereisen. Hieronder zal per onderwerp een weergave worden gegeven van de inzet. Daarnaast is er een prioritering gegeven aan de uitvoering. De geprioriteerde thema’s (1) gaan voor op thema’s met minder prioriteit (2), die op hun beurt weer voorgaan op situaties met een lage prioriteit (3).
Binnen de gemeente Epe kennen we veel jeugdigen. Door goed in contact te staan met de jeugd en in te zetten op zowel toezicht en handhaving als ook preventieve maatregelen, proberen we te voorkomen dat jeugdigen in een kwetsbare situatie terecht komen. Samen met betrokken partners, waaronder de teams Leefbaar en Participatie, wordt, waar mogelijk, gekeken naar maatwerk. Hierbij ligt de focus in de uitvoering op:
Ondermijning beïnvloed de leefbaarheid en veiligheid binnen de gemeente, door de inmenging van de onderwereld met de bovenwereld. Ondermijning is inmiddels uitgegroeid tot een breed begrip die vraagt om een integrale benadering. De boa’s spelen hier een belangrijke signalerende rol. Zo focust de uitvoerende taak van de boa’s zich op:
|
· signaleren verdachte situaties |
||||
|
In de afgelopen jaren is een grote stijging te zien in cyber-gerelateerde criminaliteit. Dit is dan ook de reden dat de inzet op dit thema, net als bij ondermijning, voortgezet dient te worden. Dit thema vraagt een landelijke en regionale aanpak. De taak voor de gemeente ligt hierbij met name op de preventieve kant. Dit vertaald zich met name in het bewust maken van de risico’s. Hierbij ligt de focus op:
Parkeeroverlast en weggebruik beslaat een groot onderdeel in het taakveld van de boa’s. Deze taak loopt het hele jaar door. Hierbij gaat het met name om het parkeren in het centrum en bij scholen. Hierbij focust de uitvoering zich met name op:
|
||||
|
Verminderen hinder van aanhangers en kampeer-voertuigen in de openbare ruimte. |
|
|||
|
||||
|
Valt binnen reguliere werkzaamheden |
|||
|
Tijdens de reguliere controlerondes wordt hier toezicht op gehouden. Tevens wordt hier op basis van hotspotlocaties 2x per jaar een vaste controle georganiseerd, waar de boa’s toezicht houden op loslopende honden, verontreiniging en het niet bij zich hebben van opruimmiddelen
|
||||
|
||||
|
2.9 Leefomgeving milieu en natuur
Binnen de gemeente is een boa domein II aangesteld die specifiek taken heeft voor de handhaving van de leefomgeving, milieu en natuur. De “groene boa” houdt in Epe veelal toezicht in de bosgebieden.
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
||||
|
2.11 Tijdelijke noodopvang door COA
De vestiging van tijdelijke noodopvang in een hotel in Epe vraagt van de boa’s inzet in het kader van het toezicht en de handhaving binnen de openbare ruimte op het gebied van leefbaarheid en veiligheid in de nabije omgeving van deze tijdelijke noodopvang. De boa’s zijn primair verantwoordelijk voor de leefbaarheid in de (woon)omgeving, buiten het opvangterrein. De inzet van de boa’s wordt onderschreven in het Veiligheidsplan voor de (beoogde) noodopvanglocatie. Deze locatie vraagt ook inzet van de politie, zij hebben hiervoor een eigen prioritering.
De bovengenoemde thema’s en prioritering worden hierbij zoveel mogelijk meegenomen, zoals het voorkomen van overlast en de ogen en oren functie. De aandachtsgebieden voor de handhaving op het gebied van de openbare ruimte (domein I) en Milieu, Welzijn en Infra (domein II) zullen hiermee niet verschuiven.
Wel wordt er extra aandacht gevraagd voor de handhaving rondom de tijdelijke noodopvang. Hierbij wordt gestuurd op de volgende punten:
Hierbij richt de inzet van handhaving op het gebied van de openbare ruimte (domein I) en Milieu, Welzijn en Infra (domein II) zich specifiek op de volgende gebieden:
De inzet van de boa’s zal zich met name focussen op het zichtbaar zijn in de omgeving, signaleren en zo nodig handhavend optreden. De boa’s zijn aanspreekbaar voor de omwonenden van de tijdelijke noodopvang. De boa’s zullen drie keer per dag rondom de locatie van de tijdelijke noodopvang aan de Dellenweg surveilleren. Mocht uit signalen blijken dat er meer inzet van de boa’s nodig is dan zal er opnieuw geprioriteerd moeten worden in de taken.
Bijlage 1 Evaluatie van de uitvoering van toezicht en handhaving
We zijn nu twee jaar onderweg met het Handhavingsbeleid 2022-2025. We kijken daarom in deze evaluatie terug naar de jaren 2022 en 2023.
Beschikbare capaciteit qua toezicht en handhaving 2022 – 2023 (full time is 1350 uur)
Toezichthouders (Bouwen, Recreatieparken, herplant, BRP)
Juristen Handhaving (Bouwen, gebruik, Recreatieparken, APV)
In 2023 hebben we bij de juristen Handhaving geruime tijd openstaande vacatures niet kunnen invullen. Gelukkig zijn we daar eind 2023 alsnog in geslaagd en zijn er junior medewerkers aangenomen.
Klantregisseurs (Omgevingswet)
We hebben twee klantregisseurs, zij zijn verantwoordelijk voor de frontoffice taken van het team VTH-V en het behandelen van aanvragen om omgevingsvergunning kappen.
Uitvoering van toezicht en handhaving 2022 en 2023
In deze afgelopen jaren zijn er (om uiteenlopende redenen, zoals bijvoorbeeld vertrek of intern doorschuiven van medewerkers en (langdurige) ziekte) veel wisselingen geweest in de personele bezetting binnen toezicht & handhaving. Dat heeft geresulteerd in achterstanden in het verwerken van de lopende handhavingsprocedures maar ook in het verwerken van de ingekomen bezwaren.
Aantal aanvragen om omgevingsvergunning
De lichte aanvragen zijn aanvragen met bouwkosten tussen de 0 en 50.000 euro. Middelzware aanvragen zijn aanvragen met bouwkosten tussen de 50.000 en 350.000 euro. Zware aanvragen zijn aanvragen met bouwkosten van meer dan 350.000 euro.
Er is een kleine afname te zien in het aantal verleende vergunningen terwijl de hoeveel aanvragen grotendeels gelijk is gebleven. Mogelijke oorzaak is dat er veel aanvragen aan het einde van het jaar zijn ingediend. Vermoedelijk vanwege de komst van de Omgevingswet op 1 januari 2024. Dit heeft invloed gehad op de doorlooptijden van aanvragen aan het einde van het jaar.
Toezicht verleende omgevingsvergunningen
In 2022 is brandveiligheid, constructieve veiligheid en duurzaamheid benoemd als prioriteit. Aan deze aspecten is tijdens het toezicht extra aandacht besteed. In 2022 zijn een aantal grotere projecten gestart zoals appartementencomplexen aan de Wildforstlaan en de Klaarbeek in Epe en de Kerkweg in Vaassen. Daarnaast de transitie van een bedrijfspand naar schoolgebouw aan de Rutgershof. In 2022 zijn projecten met een complexere brandveiligheidsaspecten geïnspecteerd in samenwerking met een medewerker van de Veiligheidsregio (brandweer). De Veiligheidsregio adviseert Toezicht over de getroffen maatregelen.
Ook in 2023 is extra aandacht besteed aan brandveiligheid, constructieve veiligheid en duurzaamheid. In 2023 zijn minder controles uitgevoerd. Dit is in lijn met het aantal verleende vergunningen dat in 2023 ook een kleine afname laat zien.
Aantal handhavingszaken en aanleidingen
In 2022 is het aantal handhavingszaken dat wordt gestart naar aanleiding van een melding of handhavingsverzoek groot. Dit heeft tot gevolg dat er minder ruimte is voor om zaken op te pakken vanuit actieve opsporing (eigen initiatief) of een programmatische aanpak, gebaseerd op de prioriteiten.
In 2022 is het aantal handhavingszaken met betrekking tot permanente bewoning van recreatiewoningen relatief laag. Oorzaak hiervoor was de beperkte juridische capaciteit maar ook door een gewijzigde aanpak waarbij de toezichtscapaciteit op andere vlakken is ingezet.
In 2022 is het aantal handhavingsverzoeken waarbij sprake is van hardnekkige casuïstiek of uit de hand gelopen burenruzies afgenomen. In 2022 ging het om twee verzoeken.
Ook in 2023 is een toename zichtbaar in het aantal meldingen en handhavingsverzoeken die in een handhavingsprocedure resulteren. Het aantal zaken waarbij sprake is van hardnekkige casuïstiek of uit de hand gelopen burenruzies is grotendeels gelijk gebleven.
In 2022 is het vergunningenbestand opgeschoond en zijn omgevingsvergunningen ingetrokken voor projecten die al lange tijd niet van de grond komen of waar de vergunninghouder zelf om intrekking heeft verzocht.
Vanwege de opschoonactie in 2022 zijn er in 2023 minder vergunningen ingetrokken. In 2023 is vaker een last onder bestuursdwang opgelegd voor gevallen waar een last onder dwangsom niet de geschikte sanctie is. In 2023 is geen bestuursdwang van gemeentewege uitgevoerd.
Aantal gestarte bezwaar- en beroepszaken i.r.t. handhaving
In 2022 is het aantal nieuwe zaken in bezwaar en beroep in 2022 relatief hoog in verhouding tot de opgelegde sancties. In 2022 zijn er nog veel zaken uit voorgaande jaren in procedure bij de rechtbank en de Raad van State (gerechtelijke procedures), dat zijn er 25. In 2022 houdt een groot deel van de lopende procedures verband met eerder genoemde hardnekkige casuïstiek, het gaat om 16 procedures. Een voorbeeld daarvan is de kwestie rondom het Landgoed Tongeren. Door de complexiteit en verwevenheid van deze procedures vragen deze extra inzet.
Er zijn in 2023 meer gerechtelijke procedures en minder bezwarenprocedures gestart. Een groot deel komt voort uit de behandeling van een bezwaar in 2022. Dit verklaart in grote mate ook de toename van het aantal procedures bij de rechtbank. De doorlooptijd van deze procedure is erg lang door de achterstanden bij de rechtbank en Raad van State.
Aantal bezwaren m.b.t. omgevingsvergunningen, handhaving en evenementen
In dit overzicht is te zien dat de bezwaren in zijn algemeenheid vanaf 2021 afnemen voor het team VTH V, daaruit zou je kunnen concluderen dat we dat kunnen verwerken als team. Toch is er op dit moment een achterstand in het behandelen van bezwaren. Dat komt omdat er binnen het cluster Vergunningen door ziekte uitval is, dit wordt opgevangen door het cluster Handhaving. Ook daar is afgelopen jaar door ziekte uitval geweest. Daarnaast is er binnen dit cluster het afgelopen jaar ook geen stabiel aantal collega’s geweest, waardoor de uitval door ziekte niet afdoende opgevangen kon worden. We zetten daarom in 2024 binnen het cluster Handhaving extra juridische fte (inhuur) in om de achterstanden weer in te lopen. Waarbij we nu alweer door de werkelijkheid worden ingehaald. Twee collega’s hebben aangegeven intern (binnen de gemeente Epe) door te stromen naar een andere functie, dat maakt dat de extra inhuur nu ook voor een deel moet worden ingezet om de structurele bezetting op te vangen.
Gezien de aantallen van de afgelopen jaren is de prognose dat we het komende jaar m.b.t. omgevingsvergunningen ongeveer 78 bezwaren zullen ontvangen. Met betrekking tot handhaving naar verwachting 18 bezwaren. Gezien de aantallen van de afgelopen jaren was de verwachting dat we 3 bezwaren tegen verleende vergunningen voor evenementen tegemoet kunnen zien, we zitten daar echter nu al op. Dat maakt dat we de verwachting bij moeten stellen naar 10 bezwaren. Met name voor wat betreft de omgevingsvergunningen is de prognose dat het aantal bezwaren zal toenemen. Een prognose gaat er uiteraard vanuit dat tegen een bepaald percentage van alle besluiten die genomen wordt bezwaar wordt ingediend. En eind vorig jaar is er een behoorlijk percentage meer aanvragen om omgevingsvergunningen ingediend. Dat hangt samen met de overgang naar de Omgevingswet. We zullen uiteraard doen wat we kunnen om dit aantal desondanks terug te brengen, dit doen we onder andere door nog meer aandacht te hebben voor een betere motivering van onze besluiten.
Handhaving niet recreatieve bewoning
In 2022 zijn te behoeve van het project Vitale Vakantieparken diverse acties uitgevoerd. Daarbij is minder focus gelegd op het opsporen en sanctioneren van niet recreatieve bewoning, maar meer op andere aspecten zoals:
Hoewel het aantal handhavingsprocedures tegen niet-recreatieve bewoning van recreatiewoningen is toegenomen, zijn er in 2023 minder sanctie opgelegd dan in 2022. In 2023 heeft er op één van de parken een handhavingsactie plaatsgevonden, waarbij meerdere overtredingen zijn vastgesteld. In het voorstadium is geïnvesteerd in informatieverstrekking en voorlichting. Daarom zijn de meeste overtredingen zonder handhavingsbesluit beëindigd.
Beschikbare capaciteit qua toezicht en handhaving 2023 - 2024 (full time is 1350 uur)
Toezichthouders (Bouwen, Recreatieparken, herplant, BRP)
Er is nog vacatureruimte voor 0,5 fte toezichthouder. Deze vacature hebben we tot op heden nog niet vast in kunnen vullen, er is gebruik gemaakt van inhuur.
Juristen Handhaving (Bouwen, gebruik, Recreatieparken, APV)
Op 1 januari 2024 is een senior binnen het cluster gestart, dit is een nieuwe functie. Daardoor startte we 2024 op volle sterkte. Begin 2024 hebben twee medewerkers aangegeven intern (binnen de gemeente Epe) door te schuiven naar een andere functie. De ontstane ruimte kunnen we, noodgedwongen, tijdelijk opvangen met inhuur medewerkers, die al geworven waren om achterstanden weg te werken. Inmiddels zijn de ontstane vacature weer ingevuld en zijn we met ingang van 1 juli 2024 weer op volle sterkte. Samen met de inhuur medewerkers zijn we bezig om de nieuwe collega’s in te werken en de achterstanden in te lopen.
Klantregisseurs (Omgevingswet)
We hebben twee klantregisseurs, zij zijn verantwoordelijk voor de frontoffice taken van het team VTH-V en het behandelen van aanvragen om omgevingsvergunning kappen.
In deze afgelopen jaren zijn er (om uiteenlopende redenen, zoals bijvoorbeeld vertrek of intern doorschuiven van medewerkers en (langdurige) ziekte) veel wisselingen geweest in de personele bezetting binnen toezicht & handhaving. Dat heeft geresulteerd in achterstanden in het verwerken van de lopende handhavingsprocedures maar ook in het verwerken van de ingekomen bezwaren. Sinds begin 2024 zijn wij voortvarend begonnen met het wegwerken van deze achterstanden. Begin dit jaar lagen er 10 tot 20 handhavingscasussen al een tijdje stil. Deze moesten weer verder in procedure gebracht worden. Ook lagen er zo’n 40 á 50 bezwaren die nog behandeld moesten worden door de onafhankelijke bezwarencommissie. Het streven is om deze achterstanden in de loop van dit jaar helemaal weggewerkt te hebben en geen nieuwe achterstanden te laten ontstaan. Dat laatste doen we o.a. door de werkvoorraad beter in beeld te brengen en te houden.
Aantal aanvragen om omgevingsvergunning
Er bestaat een risico dat de private bouwplantoetsing in 2024-2025 tot extra handhavingszaken zal leiden. Vooralsnog is dit niet merkbaar. We zullen met dit risico wel rekening houden.
Bijlage 2 Evaluatie van de uitvoering van toezicht en handhaving openbare ruimte en APV-feiten
Voor de handhaving en het toezicht op de leefbaarheid en veiligheid in de gemeente Epe wordt er gebruik gemaakt van boa’s uit een tweetal domeinen. Zo beschikt de gemeente Epe over boa’s uit domein I, Openbare Ruimte en domein II, Milieu, Welzijn en Infra.
Beschikbare capaciteit qua toezicht en handhaving openbare ruimte en APV-feiten 2022 – 2023 (full time is 1350 uur)
Boa’s domein I, Openbare ruime
*In het jaar 2023 zijn er meerdere personele wisselingen geweest waardoor niet exact de ureninzet is benoemd. Sinds 1 september 2023 is dit cluster weer op sterkte.
Boa’s domein II, Milieu, Welzijn en Infra
Uitvoering van toezicht en handhaving openbare ruimte en APV-feiten 2022 en 2023
In 2023 zijn er veel personele wisselingen geweest binnen het cluster van de boa’s (domein I). Dit heeft geleid tot een onderbezetting in dit cluster in 2023. Hierdoor moest er geprioriteerd worden in taken en konden logischerwijs niet alle taken worden opgepakt. Zo heeft in 2023 met name de focus gelegen op het afhandelen van de meldingen openbare ruimte en de jeugdoverlast.
Ook was het door de voornoemde onderbezetting lastig om vaste contacten te onderhouden binnen en buiten het gemeentehuis. De samenwerking met interne- en externe partners zoals de jongerenwerker(s), gebiedsregisseurs, politie en de Omgevingsdienst Veluwe zijn dan ook herstellende sinds de invulling van de formatie. Tevens is het wekelijkse boa-overleg met de politie opnieuw vormgegeven en wordt er een passende vorm gezocht voor de samenwerking en informatiedeling met de jongerenwerker(s) en gebiedsregisseurs.
Gezien het vorenstaande geeft 2023 daarom ook geen representatief beeld van de mogelijke inzet door de boa’s. Desondanks zijn er wel resultaten te melden. Zo zijn er in 2023 in totaal 559 constateringen gedaan van strafbare of overlast gevende gedragingen in de gemeente Epe. Dit resulteerde in 147 officiële waarschuwingen en 241 processen verbaal. Tevens heeft er 4x een inbeslagname plaatsgevonden.
Hieronder ziet u de verdeling van deze constateringen over de afgelopen drie jaar per maand.
Prognose 2024 – 2025 voor toezicht en handhaving openbare ruimte en APV-feiten
Boa’s domein I, Openbare ruime
*In het jaar 2023 zijn er meerdere personele wisselingen geweest waardoor niet exact de ureninzet is benoemd. Sinds 1 september 2023 is dit cluster weer op sterkte.
UITWERKING GEDOOGSTRATEGIE (zoals genoemd in punt 5.5. van het Handhavingsbeleid Epe)
Gedogen is de bevoegdheid van een bestuursorgaan om willens en wetens al dan niet onder voorwaarden tijdelijk af te zien van optreden tegen een overtreding (handhaven). Gedogen is een discretionaire bevoegdheid. Dit betekent dat een bestuursorgaan gebruik kan en mag maken van deze bevoegdheid, maar hier niet toe verplicht is.
In de jurisprudentie wordt een aantal eisen aan gedogen gesteld:
- Uitdrukkelijk schriftelijk gedogen;
- Tijdelijke karakter (bij voorkeur vooruitlopend op vergunningverlening);
- Betrokkenheid van belanghebbenden (hoorplicht van artikel 4:7 en 4:8 Awb)
Actief gedogen wordt gezien als het resultaat van een weloverwogen (gedoog)besluit van het bevoegd gezag. Dit besluit komt op een zorgvuldige wijze tot stand en geeft nauwkeurig aan onder welke voorwaarden en voor welke duur de overtreding wordt toegestaan, onder afzien van het gebruik van handhavingsbevoegdheden. Bij passief gedogen gaat het om het feitelijk niet optreden tegen bij het bevoegd gezag bekende overtredingen van de regels.
In welke situaties gedogen wij?
Tot gedogen wordt slechts overgegaan, indien aan alle volgende inhoudelijke vereisten is voldaan:
Indien aan de in het eerste lid gestelde eisen is voldaan, wordt niettemin niet tot gedogen overgegaan:
Indien blijkt dat de te gedogen activiteit strijdig is met een ander wettelijk voorschrift of regel en het bevoegd gezag heeft aangegeven dat deze op grond daarvan handhavend optreedt of gaat optreden. Uitgangspunt is wel dat belanghebbende zelf alle redelijkerwijs mogelijke stappen heeft ondernomen om de overtreding te voorkomen dan wel te beperken.
Daarnaast stellen we de volgende procedurele eisen aan een gedoogbeschikking:
We controleren regelmatig of de voorwaarden die aan de gedoogbeschikking zijn verbonden, worden nageleefd. Wanneer we constateren dat dit niet het geval is volgt allereerst een waarschuwing en bij een tweede constatering trekken we de gedoogbeschikking in en gaan we alsnog tot handhaving over. We evalueren jaarlijks de gedoogbeschikking en onderzoeken of de argumenten die tot het gedogen hebben geleid veranderd zijn en tot een heroverweging noodzaken. De risico’s die voortvloeien uit de illegale situatie c.q. de overtreding van het voorschrift/regel komen te allen tijde voor rekening en risico van degene die deze handeling verricht of in wiens opdracht deze worden verricht.
In beginsel wordt er overeenkomstig de bovenstaande beleidsregels besloten. Het college van burgemeester en wethouders kan op basis van feiten en omstandigheden in bijzondere gevallen hiervan gemotiveerd afwijken.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-401602.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.