Besluit cameratoezicht Hoofddorppleinbuurt

De burgemeester van Amsterdam

 

Overwegende:

 

dat de burgemeester van Amsterdam op grond van artikel 2.24 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), juncto artikel 151c Gemeentewet, de bevoegdheid heeft om te kunnen besluiten tot plaatsing van camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats als dat naar haar oordeel noodzakelijk is in het belang van de handhaving van de openbare orde;

 

Proportionaliteit

Uit informatie van het stadsdeel en de politie blijkt dat sinds 1 januari 2021 de overlast op het Hoofddorpplein en de nabijgelegen omgeving toeneemt. De overlast wordt vooral veroorzaakt door mensen met onbegrepen gedrag, dak- of thuisloze mensen, mensen met een verslaving en mensen die bedelen.

 

In 2023 zijn in totaal 225 meldingen geregistreerd over overlastgevende personen of groepen. In 2024 zijn dat 157 meldingen tot en met 31 augustus. Overlast door mensen die bedelen of mensen die dak of thuisloos zijn, is vanaf 2021 toegenomen. Ook de politieregistraties met betrekking tot criminaliteit nemen sinds 2023 toe. Zo is het aantal diefstallen uit voertuigen en drugshandel toegenomen.

 

Op vrijdag 9 augustus 2024 is er een 23-jarige man op het Hoofddorpplein neergestoken en als gevolg daarvan overleden. Dit incident heeft veel impact op de buurt gehad. Om deze reden is op 13 augustus 2023 voor een periode van één maand kortdurend cameratoezicht ingesteld. Op 23 september 2023 is er ook een persoon op het Hoofddorpplein neergestoken. Sinds het steekincident van 9 augustus 2024 is het veiligheidsgevoel van bewoners en ondernemers sterk afgenomen.

 

Subsidiariteit / andere maatregelen

Ter handhaving van de openbare orde op bovengenoemde locatie zijn de volgende maatregelen getroffen:

 

  • -

    Extra handhaving en toezicht door politie, handhaving en straatcoaches;

  • -

    Het geven van weerbaarheidstrainingen aan ondernemers;

  • -

    Het voeren van periodieke gesprekken met HVO-Querido;

  • -

    Bezoekers en ondernemers door middel van flyers erop attenderen hoe om te gaan met de aanwezige (soms agressieve) bedelaars en informeren over het doen van meldingen.

Belangenafweging

Het instellen van cameratoezicht is in aanvulling op de bestaande maatregelen noodzakelijk ter handhaving van de openbare orde, het verhogen van het veiligheidsgevoel van de omwonenden en ondernemers en ter voorkoming van strafbare feiten die invloed hebben op de orde en rust in dit gebied. Het aantal incidenten en de ernst van de overlast is ondanks de bovengenoemde maatregelen onaanvaardbaar hoog.

 

De burgemeester heeft het belang van een effectieve handhaving van de openbare orde enerzijds en de daarmee gepaard gaande mogelijke inperking van het recht op privacy anderzijds tegen elkaar afgewogen. In die afweging moet aan het algemene belang om de verstoring van de openbare orde te herstellen meer gewicht worden toegekend dan aan het belang om geen inmenging te dulden in de privacy.

 

De burgemeester volgt de (verstoringen van de) openbare orde in de Hoofddorppleinbuurt permanent en het besluit tot het instellen van cameratoezicht zal onmiddellijk worden ingetrokken indien het cameratoezicht niet meer noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde.

 

Besluit

Gelet op artikel 151c Gemeentewet juncto artikel 2.24 APV;

 

Brengt ter algemene kennis dat zij op 12 september 2024 heeft besloten:

  • 1.

    Cameratoezicht in te stellen in de Hoofddorppleinbuurt. De begrenzing van het gebied waar de camera’s worden geplaatst, is aangegeven in bijgevoegde plattegrond;

  • 2.

    Te bepalen dat dit besluit geldt voor de periode van 13 september 2024 tot en met 31 december 2025;

  • 3.

    Te bepalen dat dit besluit wordt bekend gemaakt in het Gemeenteblad en direct in werking treedt.

Femke Halsema

Burgemeester van Amsterdam

 

Op grond van de Algemene Wet Bestuursrecht kan binnen zes weken na publicatie van dit besluit een bezwaarschrift worden ingediend bij de Burgemeester. Het indienen van een bezwaarschrift schorst de werking van dit besluit niet. U kunt een verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening (schorsing) indienen bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam, Sector Bestuursrecht, Postbus 75850, 1070 AW Amsterdam.

 

Naar boven