Verkeersbesluit 1369849-2024

 

Stationsplein: het instellen van voorrangsregelingen voor langzaam verkeer

 

op het stationsplein worden voorrangsregelingen voor voetgangers en fietsers ingesteld door middel van het aanwijzen van drie voetgangersoversteekplaatsen, en het aanbrengen van haaientanden en bord B6.

 

 

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN G O U D A

 

Overwegende,

 

dat het Stationsplein onderdeel is van een verblijfsgebied en is aangewezen als een 30 km-zone;

 

dat het stationsplein in de afgelopen jaren is heringericht waarbij een nieuw busstation en fietsenstalling zijn gerealiseerd;

 

dat veel voetgangers oversteken van en naar de nieuwe fietsenstalling en het busstation;

 

dat op straat drie voetgangersoversteekplaatsen zijn aangebracht zoals op bijgaande tekening is aangewezen;

 

dat bij verkeersbesluiten 14888-1989 en 14889-1989 in het verleden twee voetgangersoversteekplaatsen zijn aangewezen, namelijk op de zuidelijke en op de zuidoostelijke rijbaan van het Stationsplein;

 

dat door de herinrichting van het stationsgebied het wegbeeld iets is veranderd en de oude verkeersbesluiten tot aanwijzing van voetgangersoversteekplaatsen niet meer (precies) overeenkomen met de huidige locaties;

 

dat daarom de huidige situatie geactualiseerd wordt met nieuwe verkeersbesluiten;

 

dat een verkeersbesluit ontbreekt voor de een voetgangersoversteekplaats die is aangelegd op de noordelijke rijbaan van het Stationsplein nabij de aansluiting met de oostelijke rijbaan en het Spoorviaduct/ de Noothoven van Goorstraat;

 

dat de drie in dit besluit bedoelde locaties plaatsen zijn waar veel voetgangers regelmatig en geconcentreerd oversteken;

 

dat deze oversteeklocaties zijn voorzien van een zebra en borden L2 waardoor een gewenste voorrangssituatie voor voetgangers wordt gecreëerd ten opzichte van het kruisende verkeer;

 

dat daarmee beoogd wordt een zo veilig mogelijke oversteek voor voetgangers te creëren;

 

 

 

 

dat bij verkeersbesluit 14885-1989 de noordoostelijke rijbaan van het Stationsplein door middel van bord C1 van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV) is gesloten verklaard voor alle voertuigen met uitzondering van lijndienstbussen;

 

dat lijndienstbussen met de klok mee, via de zuidelijke rijbaan van het Stationsplein de noordelijke rijbaan oprijden en vanaf de noordzijde uitrijden via de oostelijke rijbaan;

 

dat de bussen die uitrijden vanaf de noordelijke rijbaan van het Stationsplein de doorgaande fietsroute over de Noothoven van Goorstraat/Spoorviaduct/oostelijke rijbaan Stationsplein kruisen;

 

dat volgens het beleid van de gemeente Gouda het fietsverkeer op de hoofdfietsroutes op kruispunten zoveel mogelijk voorrang heeft op het overige verkeer;

 

dat fietsers op deze hoofdfietsroute thans voorrang moeten geven aan het busverkeer van rechts (vanaf de noordelijke rijbaan van het Stationsplein);

 

dat het wegbeeld voor fietsers, te weten de fietssuggestiestrook op de oostelijke rijbaan van het Stationsplein en de voetgangersoversteekplaats met zebra, de suggestie wekken van voorrang zodat fietsers verwachten voorrang te hebben op busverkeer van rechts;

 

dat de lijndienstbussen al voorrang moeten geven aan voetgangers op de zebra;

 

dat het in het kader van eenduidigheid wenselijk is om de voorrangsituatie voor fietsers en voetgangers zoveel mogelijk gelijk te maken;

 

dat daarom met behulp van haaientanden en bord B6 RVV een voorrangsregeling ingesteld wordt op het Stationsplein, te weten bij de aansluiting van de noordelijke rijbaan met de oostelijke rijbaan, naast het zebrapad, en wel zodanig dat het (fiets)verkeer) op de route Noothoven van Goorstraat –Spoorviaduct -Oostelijke rijbaan Stationsplein voorrang heeft;

 

dat het derhalve in verband met de in artikel 2 van de Wegenverkeerswet genoemde belangen, te weten het verzekeren van de veiligheid op de weg, het beschermen van weggebruikers en het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast of hinder, het wenselijk wordt geacht de in het dictum genoemde besluiten te nemen;

 

Overwegende voorts dat deze maatregelen mede zijn gericht op het beschermen van de leefbaarheid door het verminderen van hinder en overlast en het creëren van een prettige en geordende leefomgeving;

 

dat dit verkeersbesluit niet leidt tot een toename van de geluidsbelasting afkomstig van wegverkeerslawaai op de geluidsgevoelige gebouwen als gevolg van de wijziging;

 

dat deze maatregel betrekking heeft op bij de gemeente in beheer zijnde wegen;

 

dat gelet op artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer overleg met de politie heeft plaatsgevonden;

 

gelet op artikel 18 van de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer en de Algemene wet bestuursrecht;

 

gelet op het Gouds Mandatenbesluit;

 

BESLUITEN:

 

  • 1.

    door het aanbrengen van zebramarkeringen, zoals bedoeld in hoofdstuk IV, paragraaf 2 lid 9 van de Uitvoeringsvoorschriften BABW, en door het plaatsen van borden L2 van Bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, op de drie op de tekening aangegeven locaties op het Stationsplein een voetgangersoversteekplaats aan te wijzen als bedoeld in artikel 49 lid 2 van het Regelement Verkeersregels en Verkeerstekens;

  •  

  • 2.

    door het aanbrengen van haaientanden als bedoeld in artikel 80 van het Reglement verkeerstekens en verkeersregels 1990 en het plaatsen van bord B6 van bijlage 1 van het Reglement verkeerstekens en verkeersregels 1990, een voorrangsregeling in te stellen op de aansluiting van de noordelijke rijbaan van het Stationsplein met de Oostelijke rijbaan/de Noothoven van Goorstraat/het Spoorviaduct, waarbij het verkeer op de route Noothoven van Goorstraat→ Spoorviaduct→oostelijke rijbaan Stationsplein voorrang heeft op het busverkeer van rechts;

     

  • 3.

    in te trekken de oude besluiten 14888-1989 en 14889-1989;

  •  

  • een en ander zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening.

 

 

 

GOUDA, 10 september 2024

 

Burgemeester en wethouders van Gouda

namens dezen,

het (waarnemend) hoofd van de afdeling Beheer openbare ruimte,

 

 

 

 

 

 

ing. C.J.B. (Chris) van Velde (ad interim)

Bijlage: tekening

 

 

Publicatie

Dit verkeersbesluit is bekendgemaakt door publicatie in het elektronisch gemeenteblad 18 september 2024. Een vermelding van het besluit is tevens geplaatst op de gemeentepagina in de Goudse Post. Het besluit ligt na de publicatiedatum gedurende zes weken ter inzage in het Huis van de Stad.

 

Bezwaar maken

 

Bent u het niet eens met dit besluit?

Als u het niet eens bent met dit besluit, dan kunt u eerst bellen voor meer informatie of om vragen te stellen. Nadere inlichtingen over dit besluit kunt u verkrijgen via telefoonnummer 0182-588288.

Vaak wordt dan al veel duidelijker en opgelost.

 

Bezwaarschrift

Komen we er dan toch niet uit, dan kunt u een bezwaarschrift indienen. Dit mag overigens ook direct, zonder eerst te bellen. Een bezwaarschift kunt u indienen binnen zes weken na de dag waarop dit besluit is verzonden. Het besluit blijft ook bij het indienen van een bezwaarschrift gewoon geldig.

 

Hoe dien ik een bezwaar in?

U kunt uw bezwaar online indienen. Hier heeft u DigiD voor nodig (of e-Herkenning). Ga hiervoor naar de website www.gouda.nl.

 

Maakt u geen gebruik van het online bezwaarformulier?

Dan kunt u uw bezwaar sturen naar:

College van burgemeester en wethouders van Gouda

t.a.v. de bezwaarschriftencommissie Gouda

Postbus 1086

2800 BB Gouda

 

Wat moet er in een bezwaarschrift staan?

Zet in elk geval in uw bezwaarschrift: 

•             uw naam, adres en handtekening;

•             de datum waarop u het bezwaarschrift verstuurt;

•             een omschrijving van het besluit waar u bezwaar tegen maakt;

•             de redenen waarom u bezwaar maakt;

•             als dat mogelijk is, het telefoonnummer en e-mailadres waarop u bereikbaar bent.

Om u sneller te kunnen helpen is het handig als u een kopie meestuurt van het besluit waar u bezwaar tegen maakt.

 

Voorlopige voorziening

Indien u op korte termijn uitvoering van het besluit wilt voorkomen, dan kunt u de voorzieningenrechter van de Rechtbank, Postbus 20302, 2500 EH Den Haag, vragen een voorlopige voorziening te treffen. Een verzoek om een voorlopige voorziening kunt u alleen indienen als u ook bezwaar hebt gemaakt. Bovendien moet er sprake zijn van een spoedeisend belang. U kunt ook om een voorlopige voorziening vragen via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor heeft u een DigiD nodig.

 

Naar boven