Hoogbouwbeleid Amsterdam 2024

De raad van de gemeente Amsterdam,

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 juni 2024,

 

gelet op:

  • a.

    artikel 3.1 van de Omgevingswet;

  • b.

    hoofdstuk 17 van de Omgevingsvisie Amsterdam 2050;

  • c.

    hoofdstuk 4 van de Omgevingsvisie Weesp 2050;

  • d.

    de inspraakreacties en de adviezen van de dagelijks besturen van de stadsdelen en het stadsgebied die zijn ingediend aanleiding van de terinzagelegging van het concepthoogbouwbeleid;

besluit:

Artikel I

Vast te stellen het Hoogbouwbeleid Amsterdam 2024 zoals opgenomen in Bijlage A.

Artikel II

De Hoogbouwvisie Amsterdam 2011 in te trekken.

Artikel III

Dat dit besluit in werking treedt op de dag na bekendmaking.

Artikel IV

Dat dit besluit wordt aangehaald als Hoogbouwbeleid Amsterdam 2024.

Aldus vastgesteld door de raad van de Gemeente Amsterdam 18 juli 2024

De plaatsvervangend voorzitter

Kune Burgers

De raadsgriffier

Jolien Houtman

Bijlage A: Hoogbouwbeleid Amsterdam 2024

 

Aparte Pdf bijlage

 

Toelichting

 

In 2011 is de hoogbouwvisie Amsterdam 2011 vastgesteld, als onderdeel van de Structuurvisie 2040 (vastgesteld door de gemeenteraad op 17 februari 2011).

 

In de opvolger van de Structuurvisie 2040: de Omgevingsvisie Amsterdam 2050, vastgesteld door de raad op 8 juli 2021, staat dat Amsterdam groeit binnen haar grenzen. In de Omgevingsvisie Amsterdam 2050 (hierna: Omgevingsvisie) bieden we ruimte aan 150.000 woningen, 200.000 arbeidsplaatsen en bijbehorende maatschappelijke voorzieningen. Verdichting is een duurzame vorm van verstedelijking.

Verdichting kan op verschillende manieren vorm krijgen. In elke vorm stelt Amsterdam eisen aan betaalbaarheid, schoonheid, klimaatneutraal, goede woningen, een goede plint, enzovoorts. Hoogbouw is op bepaalde plekken een stedenbouwkundige vorm die antwoord geeft op die vragen.

 

In de Omgevingsvisie zijn de belangrijkste uitgangspunten voor het hoogbouwbeleid, in lijn met de principes uit de hoogbouwvisie uit 2011, vastgelegd:

 

  • We spreken van hoogbouw bij gebouwen hoger dan 3o meter, binnen de bufferzone van het UNESCO gebied boven de 20 meter en in stadsgebied Weesp boven de 12 meter.

  • We werken aan gebouwen die bijdragen aan de kwaliteit van de openbare ruimte, van het wonen en werken in het gebouw en aan gebouwen die lang mee gaan.

  • We willen flink verdichten op plekken met hoge dynamiek en ontwikkeldruk. Dit zijn locaties direct grenzend aan het centrum en rondom de grote ov-stations. Hoogbouw kan een geschikte gebouwvorm zijn om te verdichten.

  • Rondom het IJ, een centrale open plek in de stad, wordt hoogbouw ingezet om het stadslandschap leesbaar te maken en het stadsbeeld vorm te geven.

  • We beschermen gebieden en landschappen van bijzondere waarde, in het bijzonder het UNESCO-erfgoed.

  • Elke stedenbouwkundige opzet en uitwerking vraagt om een specifieke inpassing van hoogbouw.

Om richting te geven aan het schaalniveau van het gebouw en de buurt wordt in de Omgevingsvisie een aantal principes genoemd die houvast kunnen bieden:

  • Hoogbouw maakt op een mooie manier deel uit van het stadssilhouet.

  • Hoogbouw levert een bijdrage aan de kwaliteit van de openbare ruimte.

  • Er is een aangenaam verblijfsklimaat op het maaiveld rondom hoogbouw.

  • Het is fijn wonen en werken in hoogbouw.

  • Hoogbouw gaat lang mee.

Bovenstaande uitgangspunten en principes uit de Omgevingsvisie zijn uitgewerkt in dit nieuwe hoogbouwbeleid. Hierbij wordt tevens aangesloten op de praktijk waarin de stad harder groeit, en op andere plekken, dan voorzien in de Hoogbouwvisie Amsterdam 2011. De Hoogbouwvisie Amsterdam 2011 wordt daarom ook ingetrokken.

 

In de Omgevingsvisie Weesp 2050 (vastgesteld op 14 oktober 2021) staat dat in en rondom de historische binnenstad geen hoogbouw is toegestaan en geldt in eerste instantie een maximum van vijf bouwlagen, ‘al geven we binnen het beschermde stadsgezicht de voorkeur aan lagere compacte bebouwing aansluitend bij het historische karakter’. De bouwhoogte wordt hier daarom situationeel bepaald. In de Omgevingsvisie Weesp staat dat er voor zowel het stationsgebied als de subcentra kansen liggen om hoger te bouwen dan de maximum bouwhoogte van vijf bouwlagen, zolang de ruimtelijke ontwikkelingen zijn voorzien van een zorgvuldig ingepast stedenbouwkundig plan dat past binnen de bestaande beeldkwaliteit van Weesp. Ook staat er beschreven dat aan de stadsboulevard eventueel in hogere dichtheid kan worden gebouwd, met hogere bouwhoogten die afwijken van de rest van Weesp.

Naar boven