Gemeenteblad van Wormerland
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Wormerland | Gemeenteblad 2024, 340143 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Wormerland | Gemeenteblad 2024, 340143 | beleidsregel |
Afspraken over handhaving van integriteit gemeente Wormerland
In 2024 heeft de gemeenteraad van Wormerland de Gedragscode voor Raadsleden en Burgerraadsleden en de Gedragscode voor Burgemeester en Wethouders vastgesteld. In deze gedragscodes staan de afspraken weergegeven die wij met elkaar hebben gemaakt om de integriteit te borgen. Deze gedragscodes bestaan daarmee naast de wettelijke integriteitsnormen.
Het is belangrijk dat twijfels en vermoedens over een mogelijke integriteitsschending zorgvuldig worden behandeld met behulp van een goed ingericht proces. De afspraken in dit protocol bieden hiervoor houvast.
Bij de handhaving van integriteitsnormen staan drie afspraken voorop.
Het beginsel van onpartijdige handhaving betekent dat integriteit niet ingezet wordt als politiek instrument om een andere politieke ambtsdrager mee te beschadigen. De integriteit van onze gemeente is daarvoor te kostbaar. Vermoedens van integriteitsschendingen moeten objectief worden beoordeeld en mogen niet afhangen van de partijpolitieke kleur van de betrokken politieke ambtsdragers. Het beginsel van ‘onpartijdige handhaving’ betekent dat alle politieke ambtsdragers bij de beoordeling van integriteitskwesties het algemeen belang van een integer openbaar bestuur voorop moeten stellen.
Terughoudendheid met publiciteit
In Nederland wordt de politiek kritisch gevolgd door de media. Dat is belangrijk. Het nadeel daarvan is dat het risico bestaat dat vermoedens van integriteitsschendingen openbaar worden gemaakt, zonder dat de feiten vaststaan. Dat kan de betrokken politieke ambtsdragers beschadigen, maar is ook schadelijk voor onze gemeente en het vertrouwen van onze inwoners daarin. Om dit te voorkomen is het belangrijk om bij een vermoeden van een integriteitsschending zorgvuldig te handelen en niet meteen publiekelijk naar buiten te treden met beschuldigingen. Dit vraagt van betrokkenen dat zij de kwestie niet te snel in de publiciteit brengen. Ook de kring van personen die bij de behandeling van de kwestie betrokken is, moet daarom niet groter zijn dan nodig.
Als blijkt dat een integriteitsschending daadwerkelijk heeft plaatsgevonden en er een oordeel is gevormd over de ernst daarvan, wordt afgewogen of en hoe de kwestie naar buiten gebracht wordt. Als de kwestie al in de publiciteit is gekomen, geldt als afspraak dat de burgemeester de communicatie voor zijn rekening neemt. Dit geldt tot het moment dat de feiten helder zijn en er publiekelijk over kan worden gesproken.
Zorgvuldigheid tegenover de melder en de betrokken politieke ambtsdrager
In Wormerland kijken we om naar elkaar. Politieke ambtsdragers worden aangemoedigd om twijfels over hun eigen handelen of voornemens te bespreken. Twijfels over het handelen van een andere politieke ambtsdrager worden waar mogelijk eerst met diegene zelf besproken.
Iedereen die op goede gronden en met de juiste intenties een vermoeden van een integriteitsschending meldt of mogelijk een schending heeft begaan heeft er recht op dat de afhandeling van de kwestie in alle fasen zeer zorgvuldig plaatsvindt. Zorgvuldigheid betekent ook dat de positie van degene die wordt beschuldigd wordt beschermd: een aantijging mag niet te lichtzinnig worden gedaan of worden overgenomen in de politieke arena. Bij valse of niet te bewijzen beschuldigingen wordt hier met elkaar afstand genomen, zo nodig publiekelijk.
ARTIKEL 1.2 LEIDENDE BEGINSELEN
Politieke ambtsdragers worden aangemoedigd om integriteitsdilemma's en twijfels over hun eigen (voorgenomen) handelen allereerst te bespreken, zodat samen de beste handelwijze kan worden bepaald en afwegingen transparant en controleerbaar zijn. Collegeleden bespreken dilemma’s en twijfels binnen het college. Raadsleden bespreken dilemma’s en twijfels in de fractie en nadien zo nodig met de burgemeester.
Politieke ambtsdragers worden aangemoedigd om integriteitsdilemma's en twijfels over het (voorgenomen) handelen van een ander te bespreken met de betreffende persoon zelf. Is dit redelijkerwijs geen optie of bestaat er verschil van inzicht, dan kunnen de betrokken politieke ambtsdragers advies inwinnen bij de burgemeester en/of de secretaris respectievelijk de griffier. Is sprake van een vermoeden van een integriteitsschending dan kunnen de politieke ambtsdragers melding doen bij de burgemeester.
Bij de omgang met twijfels of vermoedens van vermeend niet-integer handelen zijn drie beginselen leidend:
Onpartijdige handhaving: handhaving van integriteitsnormen geschiedt op een objectieve, navolgbare wijze, om recht te doen aan personen en om bij te dragen aan het collectieve belang van de gemeente Wormerland als geheel. Vermeden wordt dat de omgang met twijfels of vermoedens van vermeend niet-integer handelen wordt gekleurd door partijpolitieke belangen of andere vormen van vooringenomenheid.
Zorgvuldigheid tegenover melder en betrokken politiek ambtsdrager: de melder die te goeder trouw een melding doet en de politiek ambtsdrager tegen wie de melding is gericht, verdienen een zorgvuldige behandeling. Vermeden wordt dat de melder die te goeder trouw meldt benadeling ondervindt en dat de politiek ambtsdrager tegen wie de melding is gericht onnodig beschadigd raakt buiten eigen toedoen.
Voor de interne en externe communicatie door de burgemeester worden de verschillende belangen, voornamelijk het belang van het (zorgvuldig verrichten van) onderzoek, het belang van het beschermen van de persoonlijke levenssfeer van de in het onderzoek betrokken personen en het belang van transparant bestuur, nauwkeurig afgewogen.
ARTIKEL 1.4 AANGIFTE BIJ VERMOEDENS VAN EEN STRAFBAAR FEIT
Als er in enige fase van de behandeling van de melding een vermoeden is van een strafbaar feit kan de burgemeester hiervan aangifte doen bij de politie of het openbaar ministerie. De burgemeester weegt af of de klankbordgroep van fractievoorzitters voorafgaand wordt geraadpleegd. De klankbordgroep van fractievoorzitters geldt uitsluitend als klankbord voor de burgemeester.
2. Processtappen rondom meldingen
ARTIKEL 2.1 INDIENEN VAN EEN MELDING
De melder ontvangt binnen tien werkdagen na zijn melding een schriftelijke ontvangstbevestiging waarin de melder ook wordt aangespoord om niet de publiciteit te zoeken of zich anderszins naar derden uit te laten over de melding en de opvolging daarvan, om de persoonlijke levenssfeer van de betrokken politiek ambtsdrager te beschermen en ruimte te bieden voor een zorgvuldig onderzoeksproces.
De identiteit van de melder wordt niet bekend gemaakt bij degene die de melding betreft of anderen anders dan de personen die de eerste screening uitvoeren, zonder daartoe overleg te hebben gevoerd met de melder. Nagegaan wordt of het niet-prijsgeven van de identiteit een materiële beperking oplevert voor het onderzoek. Van een materiële beperking kan onder andere sprake zijn wanneer de melder de eigen identiteit niet bekend wil maken terwijl de melding over vermeende ongewenste omgangsvormen gaat of wanneer het om eigen waarnemingen van de melder gaat, waardoor het kennen van de identiteit van de melder nodig is voor het adequaat kunnen toepassen van hoor en wederhoor.
Meldingen over de burgemeester worden via de griffier schriftelijk gedaan bij de voorzitter van de vertrouwenscommissie. De voorzitter van de vertrouwenscommissie treedt in de plaats van de burgemeester, zoals beschreven in dit protocol, als de melding de burgemeester zelf betreft. De voorzitter van de vertrouwenscommissie kan indien de eerste screening hiertoe aanleiding geeft (het kabinet van) de Commissaris van de Koning informeren over de opdracht voor een onafhankelijk feitenonderzoek en zo nodig betrekken voor hulp of advies. De vertrouwenscommissie neemt in dat geval de rol van de klankbordgroep over zoals beschreven in dit protocol en beslist over het opleggen van geheimhouding op de momenten zoals beschreven in dit protocol.
De burgemeester kan vanuit zijn wettelijke taak als bevorderaar van bestuurlijke integriteit ook door eigen waarneming of door berichtgeving van buitenaf kennis nemen van een vermeende integriteitsschending. In die gevallen maakt de burgemeester een schriftelijke vastlegging, waarin de burgemeester beschrijft wat de aanleiding is om een eerste screening uit te voeren. De uitvoering van de eerste screening vindt plaats conform de in dit protocol opgenomen stappen.
ARTIKEL 2.2 ONTVANKELIJKHEIDSTOETS
Wordt niet voldaan aan de eisen a, b, of c in het vorige lid, dan besluit de burgemeester de behandeling van de melding niet voort te zetten of de melder gelegenheid te bieden tot nadere onderbouwing. Van deze beslissing worden de melder en de politiek ambtsdrager over wie de melding is gedaan schriftelijk en gemotiveerd in kennis gesteld. Dateren de vermeende feiten van langer dan vier jaar geleden dan kan de burgemeester alleen in zwaarwegende gevallen, gemotiveerd afwijken van de in lid 1 gestelde eis.
3. Uitvoering van een eerste screening
ARTIKEL 3.1 INTEGRITEITSCOMMISSIE
De integriteitscommissie wordt samengesteld door de burgemeester en bestaat uit de gemeentesecretaris en de griffier en – desgewenst – (een) externe adviseur(s). Bij het inschakelen van (een) externe adviseur(s) houdt de burgemeester rekening met deskundigheid en ervaring, gelet op de aard van de melding.
De gemeentesecretaris dan wel griffier en de adviseur(s) is/zijn op geen enkele manier direct of indirect betrokken bij hetgeen waar de melding betrekking op heeft. Het oordeel daarover ligt bij de burgemeester. Zij worden zo nodig vervangen door medewerkers uit de ambtelijke organisatie of van de griffie met relevante expertise.
ARTIKEL 3.2 DOEL EN UITVOERING
Indien een melding ontvankelijk is als bedoeld in artikel 2.2 laat de burgemeester, gehoord hebbende het advies van de integriteitscommissie, zo spoedig mogelijk een eerste screening uitvoeren. Deze eerste screening is bedoeld als vooronderzoek waarbij een eerste beoordeling van de vraag of het geuite vermoeden van een integriteitsschending feitelijke grondslag lijkt te hebben, centraal staat. Het gaat daarbij om het beantwoorden van de vraag of een integriteitsschending aan de orde lijkt te zijn, op basis van een eerste verkenning van de achtergronden van de vermeende integriteitsschending en met gelegenheid voor de melder en de betrokken politieke ambtsdrager(s) om hun duiding te geven.
ARTIKEL 3.3 UITKOMST VAN EEN EERSTE SCREENING
De burgemeester concludeert op basis van de eerste screening en gehoord hebbend het advies van de integriteitscommissie of een feitenonderzoek nodig is. Feitenonderzoek blijft achterwege als uit de eerste screening blijkt dat het geuite vermoeden van een integriteitsschending onvoldoende feitelijke grondslag lijkt te hebben of als met de eerste screening alle relevante feiten al in beeld zijn gebracht, dan wel dat de integriteitsschending naar oordeel van de burgemeester is of wordt opgeheven.
De melder en de betrokken politiek ambtsdrager worden – indien de burgemeester van oordeel is dat een feitenonderzoek niet aan de orde is – daarover zo spoedig mogelijk geïnformeerd. In dat geval wordt ook het screeningsverslag overgelegd aan de melder en aan de betrokken politiek ambtsdrager. Indien de burgemeester het nodig acht, wordt het screeningsverslag ook ter kennisname aan de klankbordgroep van fractievoorzitters aangeboden. Daarbij wordt afgewogen of geheimhouding wordt opgelegd.
Als de burgemeester na de eerste screening concludeert dat een feitenonderzoek nodig is, adviseert de integriteitscommissie over een concept-onderzoeksopdracht. De concept-onderzoeksopdracht bevat de aanleiding, de doelstelling en de beoogde onderzoeksvragen. De klankbordgroep van fractievoorzitters wordt door de burgemeester in beslotenheid en onder oplegging van geheimhouding geïnformeerd over de uitkomsten van de eerste screening en het beoogde onderzoek. De klankbordgroep van fractievoorzitters geldt als klankbord voor de burgemeester ten aanzien van de opdrachtverstrekking voor een onafhankelijk feitenonderzoek.
4. Uitvoering van het feitenonderzoek
ARTIKEL 4.2 ONDERZOEKSOPDRACHT
De burgemeester stelt, gehoord hebbend de klankbordgroep van fractievoorzitters, een schriftelijke onderzoeksopdracht voor de onderzoekers vast. In de opdracht staan in ieder geval de aanleiding, de onderzoeksopdracht (doelstelling en onderzoeksvragen) en de verwachte duur en kosten van het onderzoek. De onderzoekers geven vervolgens inzicht in de te kiezen onderzoeksmethodiek, met inachtneming van de beginselen van proportionaliteit en subsidiariteit, en de wijze waarop hoor en wederhoor worden vormgegeven.
ARTIKEL 4.3 HOREN VAN BETROKKENEN
Van het gesprek wordt door de onderzoekers een conceptgespreksverslag opgemaakt en ter verificatie op juistheid en volledigheid voorgelegd aan degene die is gehoord. Degene die is gehoord krijgt de mogelijkheid om binnen een redelijke termijn te reageren op het desbetreffende conceptgespreksverslag. Degene die is gehoord ontvangt een afschrift van het definitieve verslag.
ARTIKEL 4.4 ONDERZOEKSRAPPORTAGE
De onderzoekers passen op de relevante bevindingen en ten aanzien van de perso(o)n(en) tegen wie een aantijging is gericht, wederhoor toe. De politieke ambtsdrager krijgt voldoende tijd en gelegenheid om zich voor te bereiden op dit wederhoor. De onderzoekers verantwoorden in de rapportage op welke wijze wederhoor is toegepast.
De conceptrapportage wordt vervolgens aan de burgemeester aangeboden. De integriteitscommissie adviseert de burgemeester en de klankbordgroep van fractievoorzitters of de rapportage voldoende begrijpelijk is en of voldaan is aan de opdracht. Hiervan wordt een schriftelijk verslag gemaakt. Hierna wordt de rapportage definitief gemaakt.
De burgemeester beslist, gehoord de klankbordgroep van fractievoorzitters, of geheimhouding wordt opgelegd ten aanzien van de onderzoeksrapportage en de in lid 7 genoemde brief, waarbij afgewogen wordt of het belang van openbaarheid zwaarder weegt dan het belang van eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer van de in het onderzoek betrokken personen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-340143.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.