Wijziging Financiële Verordening 2023

De raad van de gemeente Ermelo;

 

gelezen het voorstel van het college van 21 mei 2024, nr.e240023058;

 

b e s l u i t :

  • 1.

    De Financiële Verordening 2023 te wijzigen conform de ‘was-wordt lijst’

Vastgesteld in de openbare vergadering van 5 juni 2024,

J.L. Vissers,

griffier,

P.J.T. van Daalen,

voorzitter,

Bijlage: ‘was–wordt lijst’ wijziging Financiële Verordening 2023 gemeente Ermelo

 

Onderstaande tabel laat de wijzigingen zien ten opzichte van de teksten uit de Financiële verordening 2023 (vastgesteld op 6 december 2023). Links staat de oorspronkelijke tekst, rode tekstdoorhalingen geeft aan dat deze tekst in de nieuwe verordening is verwijderd. Rode tekst geeft wijziging of toevoeging van tekst aan.

Artikel 5. Autorisatie begroting

 

  • 1.

    Er wordt reëel begroot: er wordt alleen begroot wat uitgevoerd kan worden.

  • 2.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per sub-programma (inclusief het overzicht algemene dekkingsmiddelen en het overzicht onvoorzien).

  • 3.

    Voor nieuw beleid en nieuwe investeringen, niet zijnde vervangingsinvesteringen, ontvangt de raad op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet/exploitatiebudget voor nieuw beleid. De raad kan bij de begrotingsbehandeling aangeven voor welke van voornoemde nieuwe investeringen/exploitatiebudgetten voor nieuw beleid, hij geen apart voorstel wenst te ontvangen. Deze investeringen/exploitatiebudgetten voor nieuw beleid worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.

  • 4.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de vervangingsinvesteringen.

  • 5.

    Voorstellen voor nieuw beleid worden voorzien van een financieel plan waarin de kosten en het sub-programma opgenomen zijn. Dekking voor nieuw beleid vindt binnen het betreffende subprogramma plaats en is budgetneutraal tenzij de raad op voorstel van het college anders beslist.

  • 6.

    De raad kan er voor kiezen om bepaalde taken als prioriteit aan te wijzen en daarvoor de baten en lasten apart en op een lager niveau te autoriseren. In de begrotingsstukken wordt jaarlijks aangegeven om welke taken het gaat.

  • 7.

    Het college informeert de raad als ze verwacht, dat de lasten van een sub-programma of een prioriteit dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het investeringskrediet dreigen te overschrijden, of de baten van een sub-programma of een prioriteit de baten dreigen te onderschrijden. De raad geeft aan of hij een voorstel wil, of het college stelt dit voor, voor het wijzigen van de lasten en/of baten van het sub-programma of prioriteit, voor het wijzigen van het investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid.

  • 8.

    Bij de behandeling van de tussentijdse bestuursrapportages in de raad bedoeld in artikel 6, lid 1, doet het college voorstellen voor het wijzigen van de baten en lasten, het wijzigen van de investeringskredieten en het bijstellen van het beleid.

  • 9.

    Voor een investering vanaf € 100.000,00 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is vrijgegeven, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een raadsvoorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor dat begrotingstechnisch wordt verwerkt in de eerstvolgende bestuursrapportage aan de raad.

  • 10.

    Voor een investering kleiner dan € 100.000,00 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is vrijgegeven, mag het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel via een bestuursrapportage aanbieden aan de raad.

  • 11.

    Aanvullende kredietvoorstellen moeten aan de raad worden voorgelegd bij overschrijdingen van 10% of meer, met een minimum van € 25.000,00. Kleinere overschrijdingen worden bij de bestuursrapportage gemeld.

  • 12.

    De raad autoriseert de reserves en de voorzieningen.

Artikel 5. Autorisatie begroting

 

  • 1.

    Er wordt reëel begroot: er wordt alleen begroot wat uitgevoerd kan worden.

  • 2.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per sub-programma (inclusief het overzicht algemene dekkingsmiddelen en het overzicht onvoorzien).

  • 3.

    Voor nieuw beleid en nieuwe investeringen, niet zijnde vervangingsinvesteringen, ontvangt de raad op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet/exploitatiebudget voor nieuw beleid. De raad kan bij de begrotingsbehandeling aangeven voor welke van voornoemde nieuwe investeringen/exploitatiebudgetten voor nieuw beleid, hij geen apart voorstel wenst te ontvangen. Deze investeringen/exploitatiebudgetten voor nieuw beleid worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.

  • 4.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de vervangingsinvesteringen.

  • 5.

    Voorstellen voor nieuw beleid worden voorzien van een financieel plan waarin de kosten en het sub-programma opgenomen zijn. Dekking voor nieuw beleid vindt binnen het betreffende subprogramma plaats en is budgetneutraal tenzij de raad op voorstel van het college anders beslist.

  • 6.

    De raad kan er voor kiezen om bepaalde taken als prioriteit aan te wijzen en daarvoor de baten en lasten apart en op een lager niveau te autoriseren. In de begrotingsstukken wordt jaarlijks aangegeven om welke taken het gaat.

  • 7.

    Het college informeert de raad als ze verwacht, dat de lasten van een sub-programma of een prioriteit dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het investeringskrediet dreigen te overschrijden, of de baten van een sub-programma of een prioriteit de baten dreigen te onderschrijden. De raad geeft aan of hij een voorstel wil, of het college stelt dit voor, voor het wijzigen van de lasten en/of baten van het sub-programma of prioriteit, voor het wijzigen van het investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid.

  • 8.

    Bij de behandeling van de tussentijdse bestuursrapportages in de raad bedoeld in artikel 6, lid 1, doet het college voorstellen voor het wijzigen van de baten en lasten, het wijzigen van de investeringskredieten en het bijstellen van het beleid.

  • 9.

    Voor een investering vanaf € 100.000,00 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is vrijgegeven, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel met een raadsvoorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor dat begrotingstechnisch wordt verwerkt in de eerstvolgende bestuursrapportage aan de raad.

  • 10.

    Voor een investering kleiner dan € 100.000,00 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is vrijgegeven, mag het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel via een bestuursrapportage aanbieden aan de raad.

  • 11.

    Aanvullende kredietvoorstellen moeten aan de raad worden voorgelegd bij overschrijdingen van 10% of meer, met een minimum van € 25.000,00. Kleinere overschrijdingen worden bij de bestuursrapportage gemeld.

  • 12.

    De raad autoriseert de reserves en de voorzieningen.

  • 13.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de (herziene) grondexploitaties de geraamde kosten en opbrengsten per complex. Het college is gerechtigd om binnen het totaalbedrag van de diverse in de grondexploitatie opgenomen budgetten verschuivingen door te voeren in de fasering naar jaarschijven.

Artikel 10. Begrotingscriterium

  • 1.

    Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;

  • 2.

    De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5.

  • 3.

    Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal gevoteerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

  • 4.

    Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd. Afwijkingen worden als acceptabel aangemerkt in de volgende situaties:

    • a.

      Er is sprake van een overschrijding waarbij direct gerelateerde inkomsten de overschrijding compenseren.

    • b.

      Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling.

    • c.

      De overschrijding is geautoriseerd door middel van de vaststelling van een tussentijdse rapportage of een genomen raadsbesluit.

  • 5.

    Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Artikel 10. Begrotingscriterium

  • 1.

    Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;

  • 2.

    De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5.

  • 3.

    Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal geautoriseerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

  • 4.

    Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd indien deze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. Onder ‘tijdig melden’ wordt verstaan bij de voorjaars en najaar rapportage of andere tussentijdse rapportages of bij de jaarstukken.

    Lasten- en kredietoverschrijdingen zijn altijd onrechtmatig. Afwijkingen worden als acceptabel / passend binnen het bestaande beleid aangemerkt in de volgende situaties:

    • a.

      Budgetoverschrijdingen van lasten die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, bijvoorbeeld via subsidies of kostendekkende omzet.

    • b.

      Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling.

    • c.

      Er is sprake van een overschrijding van lasten welke past binnen het bestaande beleid maar wordt veroorzaakt door een feit/gebeurtenis dat zich voordoet op een moment dat er geen begrotingswijziging meer door de raad kan worden vastgesteld.

  • 5.

    Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

 

De Financiële Verordening 2023 – gewijzigde artikelen 5 lid 13 en 10 lid 3 en 4 - wordt daarmee als volgt:

 

Artikel 5. Autorisatie begroting

  • 1.

    Er wordt reëel begroot: er wordt alleen begroot wat uitgevoerd kan worden.

  • 2.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de baten en de lasten per sub-programma (inclusief het overzicht algemene dekkingsmiddelen en het overzicht onvoorzien).

  • 3.

    Voor nieuw beleid en nieuwe investeringen, niet zijnde vervangingsinvesteringen, ontvangt de raad op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie van het investeringskrediet/exploitatiebudget voor nieuw beleid. De raad kan bij de begrotingsbehandeling aangeven voor welke van voornoemde nieuwe investeringen/exploitatiebudgetten voor nieuw beleid, hij geen apart voorstel wenst te ontvangen. Deze investeringen/exploitatiebudgetten voor nieuw beleid worden bij de begrotingsbehandeling met het vaststellen van de financiële positie geautoriseerd.

  • 4.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting de vervangingsinvesteringen.

  • 5.

    Voorstellen voor nieuw beleid worden voorzien van een financieel plan waarin de kosten en het sub-programma opgenomen zijn. Dekking voor nieuw beleid vindt binnen het betreffende subprogramma plaats en is budgetneutraal tenzij de raad op voorstel van het college anders beslist.

  • 6.

    De raad kan er voor kiezen om bepaalde taken als prioriteit aan te wijzen en daarvoor de baten en lasten apart en op een lager niveau te autoriseren. In de begrotingsstukken wordt jaarlijks aangegeven om welke taken het gaat.

  • 7.

    Het college informeert de raad als ze verwacht, dat de lasten van een sub-programma of een prioriteit dreigen te overschrijden, de investeringsuitgaven van een investeringskrediet het investeringskrediet dreigen te overschrijden, of de baten van een sub-programma of een prioriteit de baten dreigen te onderschrijden. De raad geeft aan of hij een voorstel wil, of het college stelt dit voor, voor het wijzigen van de lasten en/of baten van het sub-programma of prioriteit, voor het wijzigen van het investeringskrediet, of voor het bijstellen van het beleid.

  • 8.

    Bij de behandeling van de tussentijdse bestuursrapportages in de raad bedoeld in artikel 6, lid 1, doet het college voorstellen voor het wijzigen van de baten en lasten, het wijzigen van de investeringskredieten en het bijstellen van het beleid.

  • 9.

    Voor een investering vanaf € 100.000,00 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is vrijgegeven, legt het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een in-vesteringsvoorstel met een raadsvoorstel voor het vaststellen van een investeringskrediet aan de raad voor dat begrotingstechnisch wordt verwerkt in de eerstvolgende bestuursrapportage aan de raad.

  • 10.

    Voor een investering kleiner dan € 100.000,00 waarvan het investeringskrediet niet met het vaststellen van de begroting is vrijgegeven, mag het college voorafgaand aan het aangaan van verplichtingen een investeringsvoorstel via een bestuursrapportage aanbieden aan de raad.

  • 11.

    Aanvullende kredietvoorstellen moeten aan de raad worden voorgelegd bij overschrijdingen van 10% of meer, met een minimum van € 25.000,00. Kleinere overschrijdingen worden bij de bestuursrapportage gemeld.

  • 12.

    De raad autoriseert de reserves en de voorzieningen.

  • 13.

    De raad autoriseert met het vaststellen van de (herziene) grondexploitaties de geraamde kosten en opbrengsten per complex. Het college is gerechtigd om binnen het totaalbedrag van de diverse in de grondexploitatie opgenomen budgetten verschuivingen door te voeren in de fasering naar jaarschijven.

Artikel 10. Begrotingscriterium

  • 1.

    Het begrotingscriterium is een criterium van rechtmatigheid dat betrekking heeft op de grenzen van de baten en lasten in de door de raad geautoriseerde begroting van exploitatie en investeringskredieten en de hiermee samenhangende programma’s, waarbinnen de financiële beheershandelingen tot stand moeten zijn gekomen;

  • 2.

    De begrotingsrechtmatigheid wordt beoordeeld op het niveau waarop de begroting door de raad is geautoriseerd, zoals is opgenomen in artikel 5.

  • 3.

    Bij investeringsprojecten wordt de begrotingsrechtmatigheid beoordeeld op het niveau van het totaal geautoriseerde kredietbedrag. Een overschrijding van het jaarbudget, passend binnen het totaal bedrag van het krediet, wordt daarmee als rechtmatig beschouwd.

  • 4.

    Uitgangspunt is dat iedere afwijking van de begroting als onrechtmatig wordt beschouwd indien deze niet tijdig aan de raad zijn gemeld. Onder ‘tijdig melden’ wordt verstaan bij de voorjaars en najaar rapportage of andere tussentijdse rapportages of bij de jaarstukken.

  • Lasten- en kredietoverschrijdingen zijn altijd onrechtmatig. Afwijkingen worden als acceptabel / passend binnen het bestaande beleid aangemerkt in de volgende situaties:

    • a.

      Budgetoverschrijdingen van lasten die geheel of grotendeels worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten, bijvoorbeeld via subsidies of kostendekkende omzet.

    • b.

      Er is sprake van een overschrijding op een open-einde regeling.

    • c.

      Er is sprake van een overschrijding van lasten welke past binnen het bestaande beleid maar wordt veroorzaakt door een feit/gebeurtenis dat zich voordoet op een moment dat er geen begrotingswijziging meer door de raad kan worden vastgesteld.

  • 5.

    Begrotingsonrechtmatigheden die passen binnen het bestaande beleid van de raad, worden opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording (voor zover de verantwoordingsgrens voor afzonderlijke fouten of onduidelijkheden is overschreden), maar worden niet nader toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering.

Naar boven