Verkeersbesluit Parkeerverbod evenzijde Prins Bernhardstraat

 

Het college van burgemeester en wethouders;

Op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna WvW1994) is het college van burgemeester en wethouders bevoegd verkeersbesluiten te nemen voor wegen in beheer van de gemeente Uitgeest. Bij collegebesluit d.d. 1 januari 2017 is deze bevoegdheid gemandateerd aan het hoofd van het Domein Beheer Openbare Ruimte, onder gemandateerd aan de Teammanager Openbare Ruimte en onder gemandateerd aan de beleids-/medewerker verkeer.

Overwegingen ten aanzien van het besluit

Overwegende:

Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer genoemde verkeertekens, alsmede voor het onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd. Voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken, moet een verkeersbesluit worden genomen op grond van het bepaalde in artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994.

Motivering

De Prins Bernhardstraat is een smalle straat van ongeveer 5.00 meter breed. Als er op de Prins Bernhardstraat aan beide zijden van de straat auto’s staan geparkeerd, is het niet mogelijk om deze straat met een auto te passeren. Ook het gebruik van de aanwezige uitritten wordt bemoeilijkt indien er aan beide zijden van de straat wordt geparkeerd. Langs de westzijde van de straat zijn langs de weg opstelstroken aangebracht voor vuilcontainers. Op vuilophaaldagen moeten deze stroken bereikbaar zijn voor de vuilophaaldienst zodat de containers kunnen worden geleegd.

Daarom wordt aan de westzijde van de straat een parkeerverbod ingesteld.

Door het parkeerverbod is er minder parkeergelegenheid voor bewoners en andere automobilisten. Dat betekent dat, indien noodzakelijk, uit geweken moet worden naar omliggende straten.

Belangenafweging:

Van de in artikel 2, eerste en tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 genoemde belangen, liggen de volgende belangen ten grondslag aan dit besluit:

1. In eerste instantie:

- Het beschermen van de weggebruikers en passagiers (verkeersveiligheid);

- Het in standhouden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

- Het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

- Het voorkomen en/of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade.

2. In tweede instantie ook voor:

- Het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor et milieu, bedoeld in de Wet milieubeheer;

- Het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden.

Het instellen van een parkeerverbod op de Prins Bernhardstraat is noodzakelijk vanwege de bruikbaarheid van de weg, de doorstroming van het verkeer en het beperken van de door verkeer veroorzaakte hinder door geparkeerde voertuigen. Door de maatregelen wordt de vrijheid van het verkeer beperkt, in het bijzonder betreft dit de parkeerders.

De doorstroming van het verkeer, de bruikbaarheid van de weg en het beperken van de hinder weegt hier zwaarder dan de beperking van de vrijheid van het verkeer.

De maatregelen zijn daarmee in het algemeen belang.

Gehoord:

Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer overleg heeft plaatsgevonden met de door de korpschef van de Nationale Politie daartoe gemandateerde medewerker van de politie. De gemandateerde medewerker heeft positief geadviseerd over de verkeersmaatregelen.

BESLUIT

Op grond van vorenstaande overwegingen besluiten burgemeester en wethouders:

  • 1.

    Door het plaatsen van borden conform model E1 RVV1990 een parkeerbod in te stellen aan de westzijde van de Prins Bernardstraat overeenkomstig de bij dit besluit gevoegde tekening;

  • 2.

    Dat dit besluit in werking treedt na publicatie in de Staatscourant;

Uitgeest, 03 Juni 2024

Het college van burgemeester en wethouders,

Namens deze,

Jos Bekkers

Medewerker verkeer

Mededelingen

Bezwaar- of beroepsclausule

Bezwaarclausule

Op grond van artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht kan een belanghebbende tegen dit besluit binnen zes weken na de dag van bekendmaking een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Uitgeest, Postbus 7,1900 AA Uitgeest. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en bevat tenminste de naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de gronden van het bezwaar. Wij wijzen erop dat een bezwaarschrift de werking van het besluit niet schorst.

Voorlopige voorziening

U kunt de voorzieningenrechter bij de rechtbank Noord-Holland, locatie Haarlem, sector bestuursrecht, Postbus 1621, 2003 BR Haarlem, verzoeken om een voorlopige voorziening, als u van mening bent, dat, gelet op alle belangen, onmiddellijke spoed dit noodzakelijk maakt. Hiervoor zijn griffierechten verschuldigd. Voorwaarde is wel dat u ook bezwaar heeft aangetekend.

Een verzoekschrift tot voorlopige voorziening kunt u ook digitaal indienen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op genoemde site voor de precieze voorwaarden

Naar boven