Verkeersbesluit voor het uitbreiden van een 30 km/zone aan Oosthavenkade en instellen van een voorrangsregeling aan Pr. Julianabrug en 1e Van Leyden Gaelstraat te Vlaardingen

1906791

vastgesteld hebbend, dat de bestuurlijke bevoegdheid hiertoe op grond van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 bij het College van Burgemeester en Wethouders ligt, omdat dit verkeersbesluit betrekking heeft op een weg of gedeelte daarvan, zoals genoemd in artikel 1, eerste lid, onder b, van die wet, die onder het beheer van noch het Rijk, noch de provincie, noch het waterschap valt en is gelegen in de gemeente Vlaardingen;

gezien het Mandaatbesluit Ambtenaren 2021 en het Ondermandaatbesluit Ambtenaren 2021;

gelezen het advies van de politie d.d. 24 - 4 - 2024, die met dit besluit instemt met uitzondering van het instellen van voorrangsregeling middels bord B6 Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 bijlage 1 Op de Oosthavenkader ter hoogte van de 1e Van Leyden Gaelstraat en waarmee tevens is voldaan aan de verplichting als bedoeld in artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer;

overwegende dat op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;

overwegende dat op grond van artikel 15, tweede lid, van de Wegenverkeerswet 1994 een verkeersbesluit moet worden genomen voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken;

gelet op artikel 37 van het BABW in verband met de tijdelijkheid van de maatregel welke naar verwachting langer gaat duren dan 4 maanden;

gelet op hetgeen ten aanzien hiervan overigens in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 en het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is bepaald, alsmede op de bepalingen ter zake van de Algemene wet bestuursrecht;

 

Het college van Burgemeester en Wethouders besluit:

 

  • 1.

    tot het opheffen van aanduiding herhaling 30 km/uur zone op de Oosthavenkade, Bleekstraat, Willem Beukelszoonstraat, Oosterstraat, Maasstraat en 1e Van Leyden Gaelstraat door het verwijderen van 9 borden A01-030ZBH volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van de kruispuntvlakken;

  • 2.

    tot het opheffen van de voorrangsregeling op de Oosthavenkade-Bleekstraat, waarbij verkeer op de Bleekstraat voorrang verleent aan verkeer op de Oosthavenkade, door het verwijderen van bord B05 en B06 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruising Oosthavenkade-Bleekstraat;

  • 3.

    tot het opheffen van twee geboden voor alle bestuurders het bord te passeren aan de zijden die de pijl aangeeft op de Oosthavenkade door het verwijderen van 2 borden D02 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt met de Bleekstraat;

  • 4.

    tot het opheffen van de voorrangsregeling op de Oosthavenkade-Willem Beukelszoonstraat, waarbij verkeer op de Willem Beukelszoonstraat voorrang verleent aan verkeer op de Oosthavenkade, door het verwijderen van bord B04, B05 en B06 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Willem Beukelszoonstraat;

  • 5.

    tot het opheffen van de voorrangsregeling op de Oosthavenkade-Oosterstraat, waarbij verkeer op de Oosterstraat voorrang verleent aan verkeer op de Oosthavenkade, door het verwijderen van bord B05 en B06 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Oosterstraat;

  • 6.

    tot het opheffen van de voorrangsregeling op de Oosthavenkade-Maasstraat, waarbij verkeer op de Maasstraat voorrang verleent aan verkeer op de Oosthavenkade, door het verwijderen van bord B05 en B06 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Oosterstraat;

  • 7.

    tot het opheffen van de voorrangsregeling op de Oosthavenkade-Pr. Julianabrug - 1e Van Leyden Gaelstraat, waarbij (langzaam)verkeer op de Pr. Julianabrug en 1e Van Leyden Gaelstraat voorrang verlenen aan verkeer op de Oosthavenkade, door het verwijderen van 2 borden B03 en 2 borden B06 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Pr. Julianabrug - 1e Van Leyden Gaelstraat;

  • 8.

    tot het instellen van een voorrangsregeling op de Oosthavenkade-Pr. Julianabrug - 1e Van Leyden Gaelstraat, waarbij verkeer op de Oosthavenkade voorrang moet verlenen aan (langzaam) verkeer op de Pr. Julianaburg door het plaatsen van 3 borden B06 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Pr. Julianabrug - 1e Van Leyden Gaelstraat;

  • 9.

    tot het instellen van de voetgangersoversteekplaats op de Oosthavenkade door het verplaatsen van bord L02 van de zebramarkering naar het begin van het plateau;

  • 10.

    tot het instellen van een fietsstraat op de 1e Van Leyden Gaelstraat door het plaatsen van 2 borden L1002-A volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt met Oosterhavenkade;

  • 11

    tot het instellen van een voorrangsregeling op het kruispunt Oosthavenkade-Spoorsingel door het toevoegen van bord B04 bij de bestaande regeling volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 op de Oosthavenkade;

  • 12

    tot het instellen van een 30 km/uur zone op de Oosthavenkade en de Spoorsingel door het plaatsen van 3 borden A01-030zb volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Spoorsingel;

  • 13

    tot het instellen van twee geboden voor alle bestuurders het bord te passeren aan de zijden die de pijl aangeeft op de Oosthavenkade door het plaatsen van 2 borden D02 volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 ter hoogte van het kruispunt met de Schiedamseweg;

  • 14

    tot het instellen van een verplichte rijrichting rechtsaf op de Bleekstraat door het plaatsen van bord D05-R volgens bijlage I van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 met onderbord ‘vrachtwagen-icoon’ ter hoogte van het kruispunt met de Oosthavenkade;

  • 15

    de verkeersborden te plaatsen zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende tekening, d.d. 6 april 2022;

  • 16

    te bepalen dat dit verkeersbesluit in werking treedt op de dag van bekendmaking in het Gemeenteblad.

OVERWEGINGEN TEN AANZIEN VAN HET BESLUIT

Aanleiding en bestaande situatie:

 

  • dat de Oosthavenkade en 1e Van Leyden Gaelstraat erftoegangswegen zijn binnen de bebouwde kom van Vlaardingen;

  • de route 1e Van Leyden Gaelsraat – Prs. Julianabrug en het kruispunt met de Oosthavenkade onderdeel zijn van hoofdfietsroutenetwerk van Vlaardingen;

  • dat op het bovenstaande kruispunt een voorrangsregeling toegepast wordt met fietsers in de voorrang;

  • dat de Prs. Julianaburg enkel toegankelijk is voor fietsers en voetgangers;

  • dat op de Oosthavenkade een 30 km/uur zone regime geldt en op verschillende locaties herhalingsborden ingesteld zijn;

  • dat op het kruispunt Oosthavenkade - 1e Van Leyden Gaelstraat de Prs. Julianburg is aangesloten;

  • dat de bestaande 30 km/uur zone op de Oosterhavenkade wordt uitgebreid;

  • dat de voorrangsregelingen op de Oosterhavenkade daarmee komen te vervallen;

  • dat het kruispunt Oosthavenkade - Prs. Julianabrug en 1e Van Leyden Gaelstraat onderdeel wordt van de 30 km/uur zone;

  • dat op de bovenstaande kruising een voorrangsregeling toegepast wordt met fietsers in de voorrang;

  • dat de 1e Van Leyden Gaelstraat, tussen het kruispunt en de eerste bocht, ingericht wordt als fietsstraat;

     

Verkeerskundige aspecten zijn:

 

  • dat fietsers op de Prs. Julianabrug over het kruispunt met Oosthavenkade – 1e Van Leyden Gaelstraat veilig moeten kunnen oversteken;

  • dat het daarom wenselijk is om een voorrangsregeling in te stellen, waarbij fietsers voorrang hebben op verkeer komende van de Oosthavenkade ook gezien het feit dat er sprake is van een hoofdfietsroute;

  • dat gezien deze hoofdfietsroute over de 1e Van Leyden Gaelstraat het wenselijk is om het eerste gedeelte van de weg om te vormen naar een fietsstraat;

  • dat fietsers hiermee veilig kunnen doorfietsen over de 1e Van Leyden Gaelstraat;

  • dat de Oosthavenkade zodanig wordt ingericht om te kunnen voldoen aan de inrichtingseisen voor een erftoegangsweg 30 km/zone met een enkele voorrangsregeling;

  • dat ter hoogte van het kruispunt Oosthavenkade-Spoorsingel de 30 km/uur zone wordt aangeduid met het toevoegen van bebording, wat niet ten koste gaat aan de leesbaarheid maar wel een druk beeld kan afgeven;

  • dat de Bleekstraat een krappe bocht in links afslaande richting heeft;

  • dat op de Bleekstraat vrachtverkeer rijdt en lastig moeten manoeuvreren in de bocht;

  • dat het daarom gewenst is om vrachtverkeer verplicht rechtsaf te laten rijden door middel van een gebod rechtsaf voor vrachtverkeer in te stellen;

     

Uit het oogpunt van:

 

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het beschermen van weggebruikers en passagiers in een verblijfsgebied zijnde een 30 km/u-gebied;

  • dat de maatregel (gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet) strekt tot het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.

     

Is het gewenst om:

 

  • ter verhoging van de verkeersveiligheid, ter bescherming van de weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan de verkeersborden te plaatsen, een en ander zoals aangegeven op de bijgevoegde tekening.

     

Belangenafweging

 

  • bij de afweging van belangen gaat het om de verkeerskundige aspecten, in dit geval de verkeersveiligheid, het beschermen van de weggebruikers en passagiers, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan, zoals geformuleerd in artikel 2, eerste lid sub a en b van de Wegenverkeerswet 1994;

  • er zijn geen individuele belangen in het geding die de positie van één of meer personen kunnen aantasten;

  • er zijn dan ook geen aanwijzingen dat er sprake is of kan zijn van belangen die strijdig zijn met de gewenste verkeersmaatregelen;

  • daarom kan bij het nemen van het besluit evenmin sprake zijn van onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

     

Zorgvuldigheid

 

  • dat bij de voorbereiding van dit besluit dan ook gehandeld is overeenkomstig de zorgvuldigheid die op grond van artikel 3:1 van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van besluiten als deze moet worden betracht;

  • dat met de vaststelling van dit besluit dan ook geen sprake is van een besluit met onevenredige nadelige gevolgen als bedoeld in artikel 3:4, lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht.

Vlaardingen,

Namens burgemeester en wethouders van Vlaardingen,

B. Huzen

Teammanager Beheer Openbare Ruimte

MEDEDELINGEN

 

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen ingevolge artikel 7:1 van de Algemene wet bestuursrecht tegen dit besluit binnen zes weken na bekendmaking daarvan, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Vlaardingen, onder vermelding van “bezwaarschrift verkeersbesluit”, Postbus 1002, 3130 EB Vlaardingen.

Het bezwaarschrift moet ondertekend zijn en tenminste bevatten:

naam en adres van belanghebbende;

de dagtekening;

een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift zich richt;

de gronden van het bezwaar;

een volmacht, indien het bezwaarschrift niet door de belanghebbende maar door een ander, namens hem, wordt ingediend.

Het maken van bezwaar schorst niet de werking van dit besluit (zie artikel 6:16 van de Algemene wet bestuursrecht).

De indiener van een bezwaarschrift kan ingevolge artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, als onverwijlde spoed dat – gelet op de betrokken belangen – vereist, eveneens een voorlopige voorziening (waaronder schorsing) vragen bij de voorzieningenrechter van de rechtbank te Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam.

 

Afschriften

Afschriften van dit verkeersbesluit zijn verzonden aan:

de politie.

Naar boven