overwegende,
dat de Terletweg en de Overschiese Kleiweg gelegen zijn in de wijk Zestienhoven van het gebied Overschie te Rotterdam;
dat de Terletweg en de Overschiese Kleiweg erftoegangswegen betreffen met een maximumsnelheid van 30 km/u;
dat aan de westzijde van de Terletweg in de richting van de Overschiese Kleiweg een vrij liggend (brom-)fietspad gelegen is;
dat het (brom-)fietspad op de Terletweg onderdeel uitmaakt van een doorgaande fietsverbinding tussen de wijken Blijdorp, Overschie en Zestienhoven;
dat dit (brom-)fietspad kruist met de Overschiese Kleiweg ter hoogte van de Terletweg;
dat deze kruising is ingericht als een gelijkwaardige kruising;
dat de rijbaan van de Terletweg tevens onderdeel is van deze gelijkwaardige kruising;
dat de zichtlijnen vanaf het (brom-)fietspad richting de gelijkwaardige kruising beperkt zijn vanwege struikgewas en de reling van de brug;
dat daardoor deze gelijkwaardige kruising voor verkeersonveilige situaties zorgt;
dat de verkeersstromen over de Overschiese Kleiweg en de Terletweg relatief beperkt zijn;
dat (brom-)fietsers beperkte hinder zouden ondervinden bij het verlenen van voorrang aan bestuurders op de Overschiese Kleiweg;
dat het daarom gewenst is om een voorrangsregeling in te stellen, waarbij (brom-)fietsers op het (brom-)fietspad voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de Overschiese Kleiweg;
dat deze verkeersmaatregel de verkeersveiligheid op de kruising ten goede komt;
dat de maatregel, gelet op artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994 (Wvw, besluit van 21 april 1994, Staatsblad (Stb.) 1994, 475, zoals nadien gewijzigd), strekt tot:
- •
het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
- •
het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;
- •
het verzekeren van de veiligheid op de weg;
- •
het beschermen van weggebruikers en passagiers;
dat de weg onder beheer is van de gemeente Rotterdam;
dat in het kader van artikel 24 sub a. van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW, besluit van 26 juli 1990, 460, of zoals nadien gewijzigd) wel overleg heeft plaatsgevonden met de Politie, eenheid Rotterdam, waarbij de Politie positief heeft geadviseerd.
Gelet op artikel 18 aanhef en onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (Staatsblad 1994, nr. 475, zoals nadien gewijzigd), het bepaalde in het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 en het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer en daartoe bevoegd krachtens door het college van Burgemeester en Wethouders verleend mandaat in het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2022 (gemeenteblad 2022-187, zoals nadien gewijzigd);
Besluit:
namens het college van Burgemeester en Wethouders van Rotterdam,
Tot het instellen van een voorrangsregeling op de kruising Terletweg en de Overschiese Kleiweg, waarbij
(brom-)fietsers op het (brom-)fietspad voorrang moeten verlenen aan bestuurders op de Overschiese Kleiweg, middels
- •
het plaatsen van twee borden B06 als bedoeld in bijlage I van het RVV 1990 en haaientandenmarkering als bedoeld in artikel 80 van het RVV 1990 op het (brom-)fietspad aan beide zijden van de kruising Terletweg en de Overschiese Kleiweg;
De directeur van Cluster Stadsbeheer wordt belast met de uitvoering van dit besluit.
Dit besluit wordt zowel in het Gemeenteblad als op de voor de gemeente gebruikelijke wijze gepubliceerd.