Als gevolg van het arrest van de Hoge Raad van 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778) bekend als het ‘Didam-arrest’, is de gemeente Eindhoven (hierna: “de Gemeente”) gehouden om, gelet op het gelijkheidsbeginsel, indien geen selectieprocedure wordt gehouden, kennis te geven van het voornemen tot het aangaan van een overeenkomst waarbij sprake is van de verkoop en levering van onroerende zaken.
De Gemeente maakt hierbij bekend dat zij voornemens is om over te gaan tot verkoop en levering van gronden, gelegen aan en nabij de Koning Arthurlaan 49 aan de eigenaar van het aangrenzende perceel, kadastraal bekend gemeente Woensel, sectie P, nummer 1157 (hierna: “(de) Initiatiefnemer”).
De gronden die de Gemeente voornemens is te verkopen en te leveren zijn aangeduid in de bij deze publicatie aangehechte tekening met kenmerk GBR-20230167 d.d. 28-11-2023 (voorlopig) met kavelnummer 10209. Deze grond betreft gedeelten van de percelen kadastraal bekend gemeente Woensel, sectie P, nummers 2461 (ged.), 2506 (ged.) en 2587 (ged.), met een gezamenlijke grootte van circa 1.094 m2, hierna: “het Verkochte”.
Initiatiefnemer is voornemens om op het Verkochte en haar aangrenzende eigendom een bouwplan te realiseren betreffende de realisatie van 90 woningen, waarvan 47 woningen in de categorie middendure huur en/of middeldure koop.
De Gemeente is van oordeel dat op grond van de navolgende objectieve, toetsbare en redelijke criteria enkel Initiatiefnemer (huidige gegadigde) in aanmerking komt voor de voorgenomen verkoop en levering van het Verkochte:
- -
De (voorgenomen) grondtransactie is noodzakelijk om tot de (ruimtelijke en stedenbouwkundig gewenste) ontwikkeling van het (bouw)plan te kunnen komen;
- -
Initiatiefnemer heeft reeds een dominante grondpositie in het (bouw)plan, zonder welke het (bouw)plan niet kan worden gerealiseerd;
- -
De gezamenlijke gronden, te weten de gronden van Initiatiefnemer en het Verkochte, zijn nodig om te voldoen aan de ambities en doelstellingen uit het stedenbouwkundig plan, waaronder de aantallen en de kwaliteit van woningen, de integraliteit van het bouwplan en de parkeeropgave, waardoor niet kan worden volstaan met een solitaire ontwikkeling op het Verkochte.
Door deze kennisgeving maakt de Gemeente haar voornemen tot verkoop en levering van het Verkochte tijdig voorafgaand aan de verkoop deugdelijk gemotiveerd bekend, zodat een ieder daarvan kennis kan nemen.
Heeft u bedenkingen tegen de voorgenomen verkoop en levering, dan dient u binnen 28 kalenderdagen na de datum van deze publicatie een kort geding aanhangig te maken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant. De 28 dagen termijn betreft een vervaltermijn. Indien binnen deze termijn geen kort geding aanhangig is gemaakt, vervalt het recht om tegen deze (voorgenomen) verkoop en levering van onroerende zaken op te komen.