artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de provincie of een waterschap dat deze bevoegdheid op grond van “Maandaatregeling Gemeente Maastricht 2010” is gemandateerd aan het afdelingshoofd Mobiliteit;
•
artikel 15, lid 1, van de WVW 1994 dient er een verkeersbesluit te worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer opgenomen verkeerstekens, evenals voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;
•
artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge het plaatsen en verwijderen van de in dit artikel genoemde verkeerstekens moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;
•
artikel 14 van het BABW, wordt de plaatsing van onderborden, zoals bedoeld in artikel 8, lid 2 en lid 3 van het BABW, in het betrokken verkeersbesluit tot uitdrukking gebracht;
•
artikel 24 van het BABW ingevolge verkeerbesluiten worden genomen na overleg met de gemandateerde van de korpschef van het nationale politiekorps;
Overwegende:
dat de Ireneweg een erftoegangsweg is binnen de bebouwde kom van Borgharen in de gemeente Maastricht;
dat het wegprofiel van de Ireneweg vrij smal is;
dat er regelmatig voertuigen staan geparkeerd aan de noordzijde van de Ireneweg, vanaf nummer 36 tot aan de Bosveldweg;
dat deze geparkeerde voertuigen het in en uitrijden van de inritten belemmert;
dat deze geparkeerde voertuigen ook het inrijden van de Ireneweg, komende van de Bosveldweg belemmeren. Ze ontnemen het zicht op tegemoetkomend verkeer;
dat dit leidt tot onveilige situaties en schade aan auto’s;
dat er reeds een verbod stil te staan is ingesteld voor de noordzijde van de Ireneweg, ter hoogte van pand Bosveldweg 26;
dat dit niet voldoende is en het gewenst is dit verbod stil te staan uit te breiden;
dat deze maatregel wordt genomen om de veiligheid op de weg te verzekeren en voor het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan en;
dat betreffende straat in beheer en onderhoud is bij de gemeente Maastricht;
dat overeenkomstig artikel 24 van het BABW de te nemen verkeersmaatregelen besproken zijn met de Districtchef van politiedistrict Maastricht;
BESLUITEN:
1.
in te trekken het bepaalde ten aanzien van de Ireneweg in hun besluit van 21 januari 2004;
2.
het verbod stil te staan aan de noordzijde van de Ireneweg uit te breiden door het aanbrengen van een gele doorgetrokken streep als bedoeld in artikel 23 van het RVV 1990 ter hoogte van de Ireneweg 36 tot aan de Bosveldweg waar het trottoir begint bij huisnummer 24.
Namens het college van burgemeester en wethouders van Maastricht,
Wethouder Aarts,
Voor deze,
E. Westbroek
Teammanager Mobiliteit
Maastricht, 21 februari 2023
Bezwaar en voorlopige voorziening
Op grond van het bepaalde in de artikelen 8:1 juncto artikel 7:1 juncto artikel 6:4 van de Awb kan, door degenen wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen een termijn van zes weken, ingaande op de dag na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt c.q. is verzonden of uitgereikt, bij ons college een bezwaarschrift worden ingediend.
U kunt het bezwaarschrift digitaal of schriftelijk indienen.
Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:
. de naam en het adres van de indiener;
. de dagtekening;
. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;
. de gronden van het bezwaar.
Wij verzoeken u in het bezwaarschrift ook uw telefoonnummer en (zo mogelijk) uw
e-mailadres te vermelden.
Het bezwaarschrift moet worden gericht aan het college van Burgemeester en wethouders van Maastricht, Postbus 1992, 6201 BZ Maastricht.
Het indienen van bezwaar heeft geen schorsende werking. Om de inwerkingtreding van het besluit en de gevolgen daarvan op te schorten kan om een voorlopige voorziening worden verzocht. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Limburg, bestuursrecht, postbus 950 te 6040 AZ te Roermond.
Van de verzoeker van een voorlopige voorziening wordt een griffierecht geheven. U wordt door de griffie van de rechtbank geïnformeerd over de hoogte van het griffierecht en de wijze van betaling.
handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.