Minimaverordening Meedoen gemeente Someren 2023

De raad van de gemeente Someren;

 

gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 december 2022;

 

overwegende dat:

de gemeenteraad op 23 juni 2022 een motie heeft aangenomen;

 

gelet op:

de Participatiewet

 

b e s l u i t :

 

vast te stellen de Minimaverordening Meedoen gemeente Someren 2023

 

 

 

Artikel 1. Begripsomschrijving

  • 1.

    Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

  • 2.

    In deze verordening wordt verstaan onder:

    • a.

      norminkomen: het inkomen dat op jaarbasis niet meer bedraagt dan 120% van de voor aanvrager geldende bijstandsnorm, als bedoeld in artikel 5 onderdeel c van de participatiewet op jaarbasis. Bij de vaststelling van zowel het jaarinkomen als de bijstandsnorm op jaarbasis wordt uitgegaan van inkomen en de van toepassing zijnde bijstandsnorm op het moment van de aanvraag.

    • b.

      vermogen: het vermogen, zoals bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet, met als peildatum het moment van de aanvraag.

    • c.

      De geldende bijstandsnorm bedraagt voor toepassing van lid 2 onder a:

      • i.

        voor gehuwden de norm genoemd in artikel 21 onder b van de participatiewet (exclusief vakantietoeslag);

      • ii.

        voor alleenstaande ouder 90% van de norm genoemd in artikel 21 onder b van de participatiewet (exclusief vakantietoeslag);

      • iii.

        voor alleenstaande 70% van de norm genoemd in artikel 21 onder b van de participatiewet (exclusief vakantietoeslag).

 

Artikel 2. Doelstelling

Deze verordening heeft tot doel de inwoners uit de gemeente Someren met een inkomen dat niet meer bedraagt dan het norminkomen (artikel 1, tweede lid, onderdeel a) en laag vermogen (artikel 1, tweede lid, onderdeel b) de mogelijkheid te bieden om voor activiteiten van sportieve, culturele, maatschappelijke en/of educatieve aard een bijdrage te verstrekken die de participatie aan de samenleving bevordert.

 

Artikel 3 Deelname welzijnsactiviteiten

  • 1.

    Het college verstrekt een bijdrage in de kosten van deelname aan welzijnsactiviteiten, indien wordt voldaan aan de volgende criteria:

    • a.

      de aanvrager is een inwoner van de gemeente Someren, dat wil zeggen staat ingeschreven in de gemeentelijke basisadministratie van de gemeente Someren, en

    • b.

      de aanvrager is 18 jaar of ouder, niet zijnde een student, en

    • c.

      de aanvrager heeft een inkomen op of onder het norminkomen (artikel 1, tweede lid), en

    • d.

      het vermogen van de aanvrager ligt beneden het toegestane bescheiden vermogen (artikel 34 Participatiewet).

  • 2.

    De bijdrage in de kosten van deelname aan een of meerdere welzijnsactiviteiten wordt vastgesteld en bepaald op het bedrag van de werkelijk gemaakte kosten tot een maximum van € 200,- per persoon per kalenderjaar.

  • 3.

    Indien er sprake is van een gezin komen zowel beide ouders als de afzonderlijke kinderen tot 18 jaar in aanmerking voor de maximale bijdrage van € 200,-.

  • 4.

    Het college bepaalt welke welzijnsactiviteiten in aanmerking komen voor deze regeling.

 

Artikel 4 Aanvraag

  • 1.

    Een aanvraag voor een regeling wordt schriftelijk aangevraagd bij het college.

  • 2.

    Binnen 8 weken na indiening van de aanvraag wordt door het college het recht op de regeling zoals genoemd in artikel 3, vastgesteld.

  • 3.

    Een aanvraag voor de regeling zoals genoemd in artikel 3 (welzijnsactiviteiten) heeft betrekking op de gemaakte dan wel te maken kosten in een kalenderjaar. De aanvraag kan tot uiterlijk 1 april van het kalenderjaar volgend op het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft worden ingediend.

  • 4.

    Een aanvraag voor de regeling zoals genoemd in artikel 3 (welzijnsactiviteiten) wordt toegekend voor onbepaalde tijd. De uitvoering van deze toekenning voor onbepaalde tijd wordt, conform artikel 7 van deze verordening, nader uitgewerkt in uitvoeringsregels.

 

Artikel 5 Toekenning en vaststelling van de hoogte van de bijdragen

  • 1.

    De voorzieningen zoals genoemd in de artikel 3 worden toegekend aan personen die voldoen aan de voorwaarden zoals bedoeld in dit artikel.

  • 2.

    Als het inkomen van aanvrager wordt aangemerkt het netto-inkomen exclusief vakantietoeslag. De middelen zoals genoemd in artikel 31, tweede lid Participatiewet en de individuele inkomenstoeslag en de individuele studietoeslag blijven buiten beschouwing.

  • 3.

    Indien het vermogen van aanvrager meer bedraagt dan het vrij te laten vermogen zoals dat geldt voor de toepassing van de Participatiewet wordt geen bijdrage verleen. Het vermogen in een eigen woning wordt buiten beschouwing gelaten. Bij de berekening van het vermogen bij deze regeling worden alleen de bank- en spaartegoeden en eventuele aangetoonde schulden meegenomen.

 

Artikel 6 Uitvoerend orgaan

Het college is belast met de uitvoering van deze regeling.

 

Artikel 7 Uitvoeringsregels

Het college kan ter nadere uitvoering van deze verordening uitvoeringsregels vaststellen.

 

Artikel 8 Hardheidsclausule

In gevallen van zeer bijzondere aard, voor zover toepassing leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard, kan het college afwijken van de bepalingen in deze verordening.

 

Artikel 9 Terugvordering

De bijdrage die is verstrekt op grond van onjuiste of onvolledig verstrekte inlichtingen wordt teruggevorderd.

 

Artikel 10 Onvoorziene situaties

In gevallen waarin deze verordening niet voorzien, neemt het college een beslissing.

 

Artikel 11. Citeertitel en inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening kan worden aangehaald als: Minimaverordening Meedoen gemeente Someren 2023;

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die waarop zij is bekendgemaakt.

  • 3.

    Op hetzelfde moment komt de Minimaverordening Meedoen gemeente Someren zoals vastgesteld bij besluit van 9 december 2021 te vervallen.

  •  

Aldus besloten in de vergadering van de raad van de gemeente Someren,

de raadsgriffier,

J. Oostdijk

de voorzitter,

D. Blok

Naar boven