Verkeersmaatregel Sint Lambertuslaan

Ruimte / Mobiliteit / 2023-544326

Burgemeester en Wethouders van Maastricht

 

Gelet op:

  • artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de provincie of een waterschap dat deze bevoegdheid op grond van “Mandaatregeling Gemeente Maastricht 2010” is gemandateerd aan het afdelingshoofd Mobiliteit;

  • artikel 15, lid 1, van de WVW 1994 dient er een verkeersbesluit te worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer opgenomen verkeerstekens, evenals voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;

  • artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge het plaatsen en verwijderen van de in dit artikel genoemde verkeerstekens moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 14 van het BABW, wordt de plaatsing van onderborden, zoals bedoeld in artikel 8, lid 2 en lid 3 van het BABW, in het betrokken verkeersbesluit tot uitdrukking gebracht;

  • artikel 24 van het BABW ingevolge verkeerbesluiten worden genomen na overleg met de gemandateerde van de korpschef van het nationale politiekorps;

 

Overwegende :

dat de Sint Lambertuslaan een erftoegangsweg is in de gemeente Maastricht;

 

dat ter hoogte van de Sint Lambertuslaan 19 twee parkeerplaatsen zijn gereserveerd voor het opladen van elektrische voertuigen;

 

dat er bezwaar is gekomen tegen deze locatie en een alternatieve locatie op de Aylvalaan is gevonden;

 

dat daarmee de gereserveerde parkeerplaatsen ter hoogte van de Sint Lambertuslaan weer vrij komen voor algemeen gebruik;

 

dat deze maatregel wordt genomen om de vrijheid van het verkeer zoveel mogelijk te waarborgen;

 

dat de locatie is weergegeven op de bijgevoegde tekening als behorend bij dit verkeersbesluit;

 

dat betreffende straat in beheer en onderhoud is bij de gemeente Maastricht;

 

dat overeenkomstig artikel 24 van het BABW de te nemen verkeersmaatregelen besproken zijn met de Districtchef van politiedistrict Maastricht;

 

BESLUITEN:

  • 1.

    in te trekken het bepaalde ten aanzien van de Sint Lambertuslaan in hun besluit van 23 mei 2023, Ruimte / Mobiliteit / 2023-281002;

  • 2.

    door het verwijderen van bord E8c van Bijlage I van het RVV 1990 en OB504 de gereserveerde parkeerplaatsen voor het opladen van elektrische voertuigen ter hoogte van de Sint Lambertuslaan 19 op te heffen;

  • 3.

    door het in stand houden van de borden B1 en B6 van Bijlage I van het RVV 1990 en de haaientanden het gedeelte van de Sint Lambertuslaan vanaf de Papenweg alsmede vanaf de Blekerij tot aan de Maasboulevard aan te wijzen als voorrangsweg;

  • 4.

    door het in stand houden van bord C2 van Bijlage I van het RVV 1990 bij de parallelweg van de Prins Bisschopsingel, de Sint Lambertuslaan komende vanaf de hoofdrijbaan van de Prins Bisschopsingel aan te wijzen als eenrichtingsweg, gesloten in de richting van de Prins Bisschopsingel;

  • 5.

    door het in stand houden van de borden D1 en B6 van Bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden de kruising Glacisweg/Sint Lambertuslaan/Papenweg aan te wijzen als rotonde met dien verstande dat bestuurders op de rotonde voorrang hebben op bestuurders die de rotonde op willen rijden;

  • 6.

    door het in stand houden van bord E4 van Bijlage I van het RVV 1990, onderbord met de tekst “opladen elektrische voertuigen” en OB504, in de zuidelijke haaksparkeervakrij ter hoogte van perceel Sint Lambertuslaan 50, aan te wijzen als parkeerplaatsen voor het opladen van elektrische voertuigen, als bedoeld in artikel 24 van het RVV 1990;

  • 7.

    door het in stand houden van het bord E6 van Bijlage I van het RVV 1990 en onderbord de parkeerplaats ter hoogte van de Sint Lambertuslaan 60 aan te wijzen als individuele gehandicaptenparkeerplaats, als bedoeld in artikel 26 van het RVV 1990;

  • 8.

    door het in stand houden van bord E8c van Bijlage I van het RVV 1990 en OB504, in de noordelijke haaksparkeervakrij ter hoogte van perceel Sint Lambertuslaan 48 (ter hoogte van de zijgevel van Sint Pieterskade 26), aan te wijzen als parkeerplaatsen voor het opladen van elektrische voertuigen, als bedoeld in artikel 24 van het RVV 1990;

  • 9.

    door het in stand houden van het bord G12a van Bijlage I van het RVV 1990 het vrijliggende pad bij de parallelweg van de Prins Bisschopsingel aan te wijzen als verplicht fiets/bromfietspad;

  • 10.

    door het in stand houden van het bord L3 van Bijlage I van het RVV de halte aan de Sint Lambertuslaan, ten oosten van de rotonde Glacisweg/Sint Lambertuslaan/Papenweg aan te wijzen als bushalte.

 

Namens het college van burgemeester en wethouders van Maastricht,

Wethouder Aarts,

voor deze,

 

E. Westbroek

Teammanager Mobiliteit

 

(Deze brief is digitaal goedgekeurd en daarom niet met de hand ondertekend)

 

Maastricht, 1 december 2023

 

Bezwaar en voorlopige voorziening

Op grond van het bepaalde in de artikelen 8:1 juncto artikel 7:1 juncto artikel 6:4 van de Awb kan, door degenen wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, binnen een termijn van zes weken, ingaande op de dag na de dag waarop dit besluit is bekendgemaakt c.q. is verzonden of uitgereikt, bij ons college een bezwaarschrift worden ingediend.

 

U kunt het bezwaarschrift digitaal of schriftelijk indienen.

 

Als u het bezwaarschrift digitaal wilt indienen, kunt u dit doen via https://www.gemeentemaastricht.nl/bezwaarschrift-indienen. U vindt hier een formulier waarmee u bezwaar kunt maken.

 

U kunt het bezwaarschrift ook per post indienen.

 

Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:

. de naam en het adres van de indiener;

. de dagtekening;

. een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

. de gronden van het bezwaar.

Wij verzoeken u in het bezwaarschrift ook uw telefoonnummer en (zo mogelijk) uw

e-mailadres te vermelden.

 

Het bezwaarschrift moet worden gericht aan het college van Burgemeester en wethouders van Maastricht, Postbus 1992, 6201 BZ Maastricht.

 

Het indienen van bezwaar heeft geen schorsende werking. Om de inwerkingtreding van het besluit en de gevolgen daarvan op te schorten kan om een voorlopige voorziening worden verzocht. Het verzoek om een voorlopige voorziening moet worden gericht aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Limburg, bestuursrecht, postbus 950 te 6040 AZ te Roermond.

Van de verzoeker van een voorlopige voorziening wordt een griffierecht geheven. U wordt door de griffie van de rechtbank geïnformeerd over de hoogte van het griffierecht en de wijze van betaling.

 

U kunt ook digitaal een voorlopige voorziening indienen bij genoemde rechtbank via http://loket.rechtspraak.nl/bestuursrecht. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.

 

Bijlage

Naar boven