Voorgenomen verkeersbesluit afsluiten Reesweg
Inleiding
De gemeente Elburg heeft van de Gemeente Oldebroek een verzoek gekregen om mee te werken aan de afsluiting van de Reesweg voor doorgaand verkeer uitgezonderd (brom)fietsers. De reden hiervoor is dat de Reesweg veelvuldig wordt gebruikt door sluipverkeer dat geen bestemming heeft aan of rond deze weg.
Dit is voor ons een reden om de Reesweg af te sluiten voor al het verkeer uitgezonderd verkeer met bestemming percelen Reesweg en (brom)fietsers. Het sluipverkeer zal hierdoor waarschijnlijk gaan rijden via de N308. De weg zal niet fysiek worden afgesloten omdat de hulpdiensten dan hun aanrijtijden niet meer halen. Daarom wordt er gekozen voor een afsluiting door middel van verkeersbord C12 met onderbord “uitgezonderd verkeer met bestemming percelen Reesweg en (brom)fietsers” aan beide zijden van de weg.
Met deze te nemen maatregelen wordt artikel 2, lid 2a (het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieu) van de Wegenverkeerswet 1994 gewaarborgd. Het verkeer wat er wel een bestemming heeft kan gebruik blijven maken van de weg.
De genoemde weg ligt buiten de bebouwde kom van Elburg, is eigendom van en in beheer bij de gemeente Elburg en op grond van artikel 18, lid 1d is zij bevoegd tot het nemen van dit verkeersbesluit.
Advies en inspraak
Het ontwerpbesluit is in het kader van artikel 24 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer voorgelegd aan de politie en brandweer. De brandweer en ambulance hebben in oktober 2022 aan de gemeente Oldebroek laten weten tegen dit voorgenomen besluit geen bezwaar te hebben. Op 17 mei 2023 heeft de politie mondeling aan de gemeente Oldebroek laten weten dat met plaatsing van dit bord en onderbord de handhaving niet gewaarborgd is omdat het volgens hen niet mogelijk is om te handhaven uitgezonderd bestemmingsverkeer. Dit is voor zowel de gemeente Oldebroek als de gemeente Elburg geen reden om de voorgenomen afsluiting niet door te laten gaan.
Het ontwerpbesluit heeft van ………….t/m ……………….. voor een ieder ter inzage gelegen. In dezelfde periode zijn belanghebbenden in de gelegenheid gesteld hierover zienswijzen in te dienen. Van deze mogelijkheid is wel/geen gebruik gemaakt.