Gemeenteblad van Utrecht
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Utrecht | Gemeenteblad 2023, 296746 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Utrecht | Gemeenteblad 2023, 296746 | beleidsregel |
Beleidsregel Huisvestingsverordening gemeente Utrecht
De omzettingsvergunning bij een ouder-kind-situatie is vijf jaar geldig en kan eenmalig met maximaal vijf jaar verlengd worden, wanneer de aanvrager kan aantonen dat het kind waarvoor de vergunning was aangevraagd, nog meer studietijd nodig heeft (bijvoorbeeld in verband met een langere opleidingsduur). De geldigheidstermijn wordt opgenomen in de vergunning.
Artikel 3 Bijzondere-zorgdoelgroepensituatie
Een vergunning voor omzetting of woningvormen voor bijzondere zorgdoelgroepen is geldig voor de duur dat het gebouw als zodanig in gebruik is, met een maximum van tien jaar. Na deze periode kan maximaal één keer voor een periode van vijf jaar worden verlengd. De geldigheidstermijn wordt opgenomen in de vergunning. Het sociaal beheerplan wordt aan de vergunning gehecht.
Artikel 4 Opkoopbescherming: zwaarder belang verhuur
In onder meer de situatie dat de te verhuren woonruimte in bezit of beheer is van een zorginstelling die:
wordt het belang dat gediend wordt met het verhuren van de woonruimte geacht zwaarder te wegen dan het belang van het behouden van de beschermde woonruimte voor de kopersmarkt en wordt een verhuurvergunning opkoopbescherming verleend.
Artikel 5 Opkoopbescherming: verhuurde staat
Als een zelfstandige woonruimte rechtsgeldig is omgezet in meerdere onzelfstandige woonruimten, en minimaal één van die onzelfstandige woonruimten was op de datum van inschrijving in de openbare registers van de akte van levering minimaal zes maanden aantoonbaar in verhuurde staat, dan worden alle omgezette woonruimten in de voormalige zelfstandige woonruimte aangemerkt als in verhuurde staat.
Artikel 6 Opkoopbescherming: in gebruik geven
Onder een woning in gebruik geven als bedoeld in artikel 41 Huisvestingswet wordt niet verstaan:
Artikel 7 Opkoopbescherming: prijsgrens
Artikel 9 Overleg wijziging samenstelling van de woonruimtevoorraad
Dit overleg bestaat uit in ieder geval de volgende deskundigen: een medewerker vanuit het organisatiedeel Vergunningen Toezicht en Handhaving (VTH) die de aanvraag in behandeling heeft en een medewerker die de rol van voorzitter op zich neemt; een medewerker vanuit organisatieonderdeel Wonen en voor zover nodig een medewerker van het organisatieonderdeel Economische Zaken.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 4 juli 2023.
De burgemeester
Sharon A.M. Dijksma
De secretaris,
Gabrielle G.H.M. Haanen
Toelichting bij Beleidsregels Huisvestingsverordening gemeente Utrecht
Omzetten en woningvormen (splitsen) heeft effect op de leefbaarheid en daarmee op een goede ruimtelijke ordening. Om deze reden is in het ‘Bestemmingsplan Crisis en Herstelwet Algemene Regels voor bouwen en gebruik’, bestemmingsplannen en beheersverordeningen een verwijzing opgenomen naar de beleidsregels. Hiermee wordt de planologische doorwerking van het beleid voor omzetten en splitsen juridisch geregeld. In de handhavingstrategie Huisvesting zijn de doelstellingen, inzet, instrumentarium en sanctionering voor toezicht en handhaving op de Huisvestingsregelgeving beschreven.
In deze artikelsgewijze toelichting worden alleen de bepalingen die nadere toelichting nodig hebben, behandeld.
Artikel 2 O uder - kind -situatie
Dit is een uitwerking van artikel 51, eerste lid van de Huisvestingsverordening. Indien de leefbaarheidstoets positief uitvalt, weegt het belang van de aanvrager zwaarder dan het behoud of samenstelling van de voorraad. Om die reden wordt ook geen financiële compensatie gevraagd, conform artikel 54, vierde lid van de Huisvestingsverordening. Motivatie is dat het om een tijdelijke omzetting gaat waarbij ook meerdere studenten worden geholpen.
Artikel 3 B ijzondere - zorgdoelgroepen situatie
Dit is een uitwerking van artikel 51, eerste lid van de Huisvestingsverordening. Indien de leefbaarheidstoets positief uitvalt, weegt het belang van de aanvrager zwaarder dan het behoud of samenstelling van de voorraad. Om die reden wordt ook geen financiële compensatie gevraagd, conform artikel 54, vierde lid van de Huisvestingsverordening. De woonbehoefte van de bijzondere zorgdoelgroepen bestaat met name uit compacte woningen, die bestaan uit één of maximaal twee kamers. De woning heeft eigen voorzieningen zoals een keuken en badkamer/wc. Aan de behoefte aan compacte woningen liggen de volgende redenen ten grondslag:
Daarom is voor de bijzondere-zorgdoelgroepensituatie de minimale gebruiksoppervlakte uit de fysieke leefbaarheidstoets niet van toepassing.
Artikel 4 Opkoopbescherming : zwaarder belang verhuur
Dit artikel is een uitwerking van artikel 67, tweede lid onder c, van de Huisvestingsverordening, en noemt de bijzondere zorgdoelgroepen-situatie als voorbeeld van een geval waarin een verhuurvergunning opkoopbescherming zal worden verleend omdat het belang dat gediend wordt met het verhuren van de woonruimte naar het oordeel van burgemeester en wethouders zwaarder weegt dan het belang van het behouden van de beschermde woonruimte voor de kopersmarkt.
De ouder-kind-situatie is hier niet als voorbeeld opgenomen. Als het gaat om verhuur aan bloedverwanten is vergunningverlening immers dwingend voorgeschreven in artikel 41 van de Huisvestingswet en artikel 67 van de Huisvestingsverordening. Er is hier dus geen sprake van bovenbedoelde belangenafweging. Aangezien onzelfstandige bewoning tot en met drie personen omzettingsvergunningvrij is, kan de bloedverwant hier dan op basis van de verhuurvergunning opkoopbescherming gaan wonen met twee anderen. Als de bloedverwant de woning niet langer bewoont, vervalt de verhuurvergunning opkoopbescherming en eindigt dus ook de bevoegdheid tot verhuur aan de andere twee huurders.
Als de bloedverwant hier met drie of meer medehuurders wil gaan wonen, moet naast de verhuurvergunning opkoopbescherming een omzettingsvergunning op grond van de ouder-kind-situatie worden aangevraagd. Ook hospitaverhuur is niet als voorbeeld opgenomen. Hospitaverhuur is namelijk geregeld in artikel 67, tweede lid onder b van de Huisvestingsvergunning. Als voldaan wordt aan de vereisten voor hospitaverhuur, zoals genoemd in artikel 1, onder definities, van de Huisvestingsverordening, wordt zonder meer een verhuurvergunning opkoopbescherming verleend. Bij hospitaverhuur blijft immers de eigenaar in de woning wonen en wordt door deze verhuring het aantal koopwoningen dus niet lager.
Artikel 5: O pkoopbescherming: verhuurde staat
Op grond van artikel 41, tweede lid Huisvestingswet valt een woonruimte niet onder de opkoopbescherming als de woonruimte voor een periode van minder dan zes maanden in verhuurde staat was. Artikel 5, eerste lid, geeft aan hoe deze verhuurde staat over het algemeen kan worden aangetoond.
In het tweede lid wordt beoogd te voorkomen dat een woning die helemaal is opgedeeld in kamers en al langere tijd kamergewijs wordt verhuurd, door een tijdelijke leegstand van één van die kamers ineens onder de opkoopbescherming valt.
Artikel 7 : Opkoopbescherming : p rijsgrens
Tweede lid: De nieuwe WOZ-waardes zijn niet direct aan het begin van het jaar bekend. Die WOZ-waarde geldt echter wel voor het hele jaar, dus met terugwerkende kracht tot 1 januari. Dit levert een onduidelijke situatie op voor kopers van een woning die geleverd is op het moment dat de nieuwe WOZ-waarde nog niet bekend is. Zij weten dan nog niet wat de nieuwe-WOZ waarde is van hun woning en daarmee weten ze ook nog niet of hun woning onder de opkoopbescherming valt. Deze situatie kan zich voordoen in het geval dat een woning volgens de WOZ-waarde van het voorafgaande jaar niet onder de opkoopbescherming valt, maar met de nieuwe WOZ-waarde (met terugwerkende kracht) wél onder de opkoopbescherming blijkt te vallen. We willen deze onduidelijkheid voor kopers wegnemen, zodat men bij levering van de woning direct weet of de woning onder de opkoopbescherming valt. Voor januari 2023 tot juli 2023 wordt daarom zowel naar de “oude” als “nieuwe” WOZ-waarde gekeken en wordt de WOZ-waarde gehanteerd die gunstig uitpakt voor de koper. We geven hiermee eigenaren voor deze periode het voordeel van de twijfel, omdat er onduidelijkheid is ontstaan waar vooraf niet duidelijk over gecommuniceerd is. Dit wordt voor 2024 aangepast in de Huisvestingsverordening, zodat eigenaren al ruim van tevoren weten of ze onder de Opkoopbescherming vallen.
Artikel 8: Goed verhuurderschap
Op grond van artikel 53 onder e. van de Huisvestingsverordening mogen burgemeester en wethouders bij elke vergunning tot wijziging van de woonruimtevoorraad als voorwaarde stellen dat er sprake is van goed verhuurderschap. Daarmee wordt beoogd de leefbaarheid ook na de vergunningverlening te bevorderen.
De voorwaarden voor goed verhuurderschap regelen andere onderwerpen dan de Wet goed verhuurderschap, die uiteraard eveneens van toepassing blijft.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2023-296746.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.