Overwegende:
dat de wegen in het buurtschap Duinen zijn gelegen binnen de bebouwde kom van Zwolle;
dat de wegen in het buurtschap Duinen de functie van erftoegangsweg binnen de bebouwde kom hebben en onderdeel uitmaken van een verblijfsgebied;
dat conform de wegencategorisering van Duurzaam Veilig de maximum toegestane snelheid op erftoegangswegen binnen de bebouwde kom 30 km/uur is;
dat diverse paden zijn gerealiseerd in buurtschap Duinen; dat de fietspaden Kalandermolen, Laan der Molens en Milligerlaan onderdeel zijn van het hoofdfietsroutenetwerk;
dat het aanwijzen van deze paden als fietspad bijdraagt aan de verkeersveiligheid en leefbaarheid en dat dit aansluit bij de beleidsprincipes van de gemeente Zwolle om het fietsgebruik te stimuleren;
dat bromfietsverkeer in dit buurtschap gebruik moet maken van de overige wegen, wat aansluit bij de positie van de bromfiets op de rijbaan binnen de bebouwde kom;
dat daarom de Kalandermolen, Laan der Molens en Milligerlaan worden aangewezen als verplicht fietspad;
dat de Kalandermolen kruist met de Breezichtlaan;
dat de Breezichtlaan deels een erftoegangsweg binnen de bebouwde kom is en het betreffende kruispunt met de Kalandermolen gelegen is in de hiervoor beschreven 30 km/uur-zone;
dat in 30 km/uur-zones in principe geen voorrangsregeling worden ingesteld en bestuurders op die locaties andere bestuurders die van rechts komen voor moeten laten gaan;
dat de uitvoeringsvoorschriften van het BABW hierop een uitzondering bieden, namelijk bij een kruispunt met een fietspad dat onderdeel is van het hoofdfietsroutenetwerk en die duidelijk als zodanig herkenbaar is en waarbij op de kruisende weg slechts een ondergeschikte hoeveelheid gemotoriseerd verkeer voorkomt;
dat het kruispunt van de Kalandermolen en de Breezichtlaan voldoet aan deze eisen en daarom een voorrangssituatie wordt waarbij bestuurders op de Breezichtlaan de bestuurders op de Kalandermolen voorrang moeten verlenen;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de in dit besluit vermelde verkeersmaatregelen strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg, het beschermen van weggebruikers en passagiers en het in standhouden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
dat volgens artikel 24 BABW overleg met de politie Oost-Nederland heeft plaatsgevonden waarbij de politie positief adviseert op de voorgenomen verkeersmaatregelen;
dat de wegen en paden in het voorliggende besluit in beheer en onderhoud zijn bij de gemeente Zwolle;
gelet op:
- de bepalingen van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW);
- de bepalingen van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990);
- de bepalingen van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW);