(Deel)subsidieplafond EFRO Programma West Nederland 2021-2027

 

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam, handelend in hoedanigheid van Beheerautoriteit van het Programma EFRO West-Nederland 2021-2027,

 

Gelet op de artikelen 4:25 en 4:26 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en artikel 4.2.2 van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 (REES 2021), maakt binnen de totaal voor de uitvoering van het Programma EFRO West-Nederland 2021– 2027 voor projecten beschikbare EFRO-bijdrage van € 200.333.745,00 de volgende (deel)subsidieplafonds bekend:

 

[(Deel)plafonds Kansen voor West III per 17 april 2023[1; voetnoot einde document]:

 

Prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie:

 

 

  • 1.

    Voor prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie een bedrag van € 5.165.711 (totaalplafond inclusief Rijkscofinanciering 7.294.652; Rijkscofinanciering behoort bij actielijn 1) bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 1.1 Versterking van de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en invoering van geavanceerde technologieën actielijn 1 Het vergroten van het aandeel innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten (valorisatie) en actielijn 3 Het versnellen van de implementatie van innovaties van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Amsterdam.

     

  • 2.

    Voor prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie een bedrag van € 3.000.000 bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 1.1 Versterking van de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en invoering van geavanceerde technologieën actielijn 1 Het vergroten van het aandeel innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten (valorisatie) en actielijn 3 Het versnellen van de implementatie van innovaties van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Amsterdam.

     

  • 3.

    Voor prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie een bedrag van € 1.000.000 (totaalplafond inclusief Rijkscofinanciering € 1.750.000; Rijkscofinanciering behoort bij actielijn 1) bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 1.1 Versterking van de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en invoering van geavanceerde technologieën actielijn 1 Het vergroten van het aandeel innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten (valorisatie), actielijn 2 Het vergroten van het investeringsvermogen voor innovatie in het Mkb en actielijn 3 Het versnellen van de implementatie van innovaties van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Rotterdam.

     

  • 4.

    Voor prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie een bedrag van € 2.400.000 (Totaalplafond inclusief Rijkscofinanciering is € 3.000.000) bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 1.1 Versterking van de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en invoering van geavanceerde technologieën actielijn 1 Het vergroten van het aandeel innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten (valorisatie) van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de provincie Zuid-Holland.

     

  • 5.

    Voor prioritaire as 1 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een slimmer Europa door de bevordering van een innovatieve en slimme economische transformatie een bedrag van € 2.850.000, bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 1.1 Versterking van de onderzoeks- en innovatiecapaciteit en invoering van geavanceerde technologieën actielijn 1 Het vergroten van het aandeel innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten (valorisatie) van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de provincie Utrecht en de stad Utrecht.

     

     

    Prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer:

     

  • 6.

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 1.000.000 (totaalplafond inclusief Rijkscofinanciering € 1.750.000) bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.4 Bevorderen van de transitie naar een circulaire economie actielijn 1. Ontwikkelen en opschalen van reeds in pilot en testopstellingen bewezen circulaire toepassingen en actielijn 2. Investeringen in materiaal of productieprocesaanpassingen die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Rotterdam.

     

  • 7.

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 1.250.000 (totaalplafond inclusief Rijkscofinanciering is € 2.250.000) bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.2 Bevorderen van hernieuwbare energie, actielijn 1 Stimuleren hernieuwbare energieconcepten van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Amsterdam.

     

  • 8.

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 1.800.000 bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.4 Bevorderen van de transitie naar een circulaire economie (textiel) actielijn 1. Ontwikkelen en opschalen van reeds in pilot en testopstellingen bewezen circulaire toepassingen en actielijn 2. Investeringen in materiaal of productieprocesaanpassingen die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Amsterdam.

     

  • 9.

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 1.000.000 bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.4 Bevorderen van de transitie naar een circulaire economie, actielijn 3 Investeren in oplossingen en mechanismen ter bevordering van draagvlak voor circulaire economie van het GTI-programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Amsterdam.

     

  • 10.

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 1.250.000 (met Rijkscofinanciering een bedrag van € 2.250.000) bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.3 Ontwikkelen van slimme energiesystemen, grids en opslag, actielijn 1. Het investeren in slimme energiesystemen en opslag (netcongestie voor bedrijventerreinen) van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de Provincie Noord-Holland. Het subsidieplafond van de bestaande openstelling 2.3PNH.2 wordt hiermee vanuit het Amsterdams budget opgehoogd naar € 5.250.000.

     

  • 11

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 621.857, bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.3 Ontwikkelen van slimme energiesystemen, grids en opslag, actielijn 1. Het investeren in slimme energiesystemen en opslag van het GTI-programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Den Haag. Het subsidieplafond van de bestaande openstelling wordt hiermee opgehoogd naar € 1.621.857

     

  • 12

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 87.077, bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.4 Bevorderen van de transitie naar een circulaire economie actielijn 1. Ontwikkelen en opschalen van reeds in pilot en testopstellingen bewezen circulaire toepassingen en actielijn 2. Investeringen in materiaal of productieprocesaanpassingen die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen en actielijn 3. Investeren in oplossingen en mechanismen ter bevordering van draagvlak voor circulaire economie van het GTI- programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de gemeente Den Haag. Het subsidieplafond van de bestaande openstelling wordt hiermee opgehoogd naar € 1.587.077.

     

  • 13

    Voor prioritaire as 2 van het programma Kansen voor West III 2021-2027: Een groener, koolstofarm Europa door de bevordering van een schone en eerlijke energietransitie, groene en blauwe investeringen, de circulaire economie, aanpassing aan de klimaatverandering, risicopreventie en risicobeheer een bedrag van € 1.000.000 bedoeld voor projecten passend binnen specifieke doelstelling 2.4 Bevorderen van de transitie naar een circulaire economie (circulair textiel) actielijn 1. Ontwikkelen en opschalen van reeds in pilot en testopstellingen bewezen circulaire toepassingen en actielijn 2. Investeringen in materiaal of productieprocesaanpassingen die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen van het regionale programmadeel die passen binnen het vigerende regionale beleid van de provincie Noord-Holland.

     

    Aanvragen kunnen worden ingediend met ingang van 17 april 2023 om 9:00 uur.

     

    Subsidies voor alle plafonds worden verdeeld op volgorde van ontvangst van complete aanvragen, met inachtneming van de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021, de Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West Nederland (versie 1, zie voetnoot 1), en – in afwijking, dan wel aanvulling op de Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West Nederland – de navolgende bepalingen omtrent de wijze van verdeling:

     

    Verdeling op volgorde van ontvangst

    In gevallen waarin het beschikbare subsidiebudget wordt verdeeld op basis van volgorde van ontvangst, wordt eerst beoordeeld of de binnengekomen aanvragen compleet zijn. Indien de aanvraag niet compleet is, dan wordt de aanvrager daarvan in kennis gesteld en wordt hem een termijn geboden om dit gebrek te herstellen. Met betrekking tot de verdeling geldt als datum van ontvangst van de aanvraag, de datum waarop de complete aanvraag binnenkomt. De onderlinge volgorde van complete aanvragen die op één dag door de Beheerautoriteit zijn ontvangen, wordt vastgesteld door middel van notariële loting.

     

    Op volgorde van deze aldus vastgestelde loting worden de aanvragen vervolgens beoordeeld op de wijze voorzien in de EFRO-verordeningen[2; voetnoot einde document] de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en de Hoofdstukken 1 en 2 van de Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West-Nederland (versie 1, zie voetnoot 1). Indien deze verdere beoordeling van een aanvraag leidt tot een subsidieweigering, wordt de naastvolgende subsidieaanvraag in behandeling genomen.

     

  • De subsidieaanvraag waarvoor geldt dat integrale inwilliging daarvan zou leiden tot overschrijding van het desbetreffende plafond, kan gedeeltelijk worden ingewilligd en wel tot het bedrag dat onder het desbetreffende subsidieplafond nog maximaal beschikbaar is, tenzij van de Beheerautoriteit (zie voetnoot 1) in redelijkheid niet gevergd kan worden dat daartoe wordt overgegaan. Dat kan bijvoorbeeld aan de orde zijn als het resterende bedrag zo beperkt is dan niet verwacht kan worden dat de aanvrager zijn project met die middelen kan uitvoeren. De Beheerautoriteit treedt daarover in overleg met de subsidieaanvrager. Indien de subsidieaanvraag wordt ingewilligd, wordt de subsidie verleend onder de opschortende voorwaarde dat de desbetreffende subsidieaanvrager genoegzaam aantoont dat de activiteit ook met de lager verleende subsidie kan worden verricht. Daartoe zal de Beheerautoriteit pas overgaan op het moment dat in redelijkheid kan worden verwacht dat de subsidieaanvrager daartoe in staat zal zijn. In dat geval kan de Beheerautoriteit op basis van de uitkomsten van een uitgevoerde beoordeling als bedoeld in de EFRO-verordeningen (zie voetnoot 3), de Regeling Europese EZK- en LNV-subsidies 2021 en de Hoofdstukken 1 en 2 van de Beleidsregel Programma EFRO 2021-2027 West-Nederland (versie 1) (zie voetnoot 1), ook beslissen de, als gevolg van het bereiken van subsidieplafond, ontbrekende middelen te putten uit een ander deelplafond. Het moet daarbij gaan om een alternatief deelplafond, waarvoor ten tijde van de beoordeling van de aanvraag nog middelen beschikbaar zijn. Bovendien moet uit de uitgevoerde beoordeling blijken dat de desbetreffende activiteit waarvoor subsidie is aangevraagd, ook voldoet aan alle voor het alternatieve subsidieplafond geldende vereisten. Is dat het geval, dan kan de desbetreffende aanvraag worden toegevoegd in de rangordening van het alternatieve subsidieplafond, met als datum van indiening, de datum waarop de Beheerautoriteit heeft besloten tot gedeeltelijk afwijzing van de aanvraag vanwege het bereiken van het plafond.

     

    Overige bepalingen omtrent de verdeling

     

    - Voor aanvragen die worden ingediend onder elk van bovengenoemde plafonds:

    • Een vergoeding voor vrijwilligerswerk is subsidiabel tot een maximum van 156 euro per dag conform het besluit van de Europese Commissie van 10 april 2019 betreffende het gebruik van eenheidskosten voor het declareren van personele kosten uitgevoerd door vrijwilligers.

     

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 1:

      • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 1.500.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

      • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

      • Geldt dat deze openstelling is gericht op het MKB;

      • Geldt voor actielijn 1 als voorwaarde dat samenwerking met een kennisinstelling (deelname in consortium) verplicht is.

      •  

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 2:

      • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 1.000.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

      • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

      • Geldt dat deze openstelling is gericht op het MKB;

      • Geldt voor actielijn 1 als voorwaarde dat samenwerking met een kennisinstelling (deelname in consortium) verplicht is.

      •  

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 4:

      • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 1.000.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat.;

      • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

      • Bedraagt het maximale subsidiepercentage in afwijking van artikel 1.5 lid 1 van de Beleidsregel Programma EFRO West-Nederland 2021-2027 niet 40%, maar maximaal 50% (waarvan maximaal 40% EFRO) mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatsteun dit percentage toestaat;

      • Zijn de beschikbare middelen uitsluitend bedoeld voor Zuid-Hollandse campussen[3; voetnoot einde document] Subsidie kan verstrekt worden aan campusorganisaties (of organisaties die een campus vertegenwoordigen) en is bedoeld voor activiteiten die een bijdrage leveren aan de doorontwikkeling van de campus. 

         

      • Belangrijk eis is dat de gesubsidieerde activiteiten (direct of indirect) bijdragen aan het vergroten van de MKB-betrokkenheid bij de verschillende initiatieven en/of organisaties op een campus. Daarnaast vindt de provincie Zuid-Holland het van belang dat de activiteiten bijdragen aan de transitie naar een duurzaam, circulair en/of digitaal Zuid-Holland. Binnen de transitie naar een digitaal Zuid-Holland zijn we in het bijzonder op zoek naar activiteiten die eveneens bijdragen aan de ontwikkeling van de economische sectoren[4; voetnoot einde document]#_ftn2 in Zuid-Holland, zoals genoemd in het Programma Zuid-Hollandse Economie 2021-2025. 

      •  

      • Om in aanmerking te komen voor subsidie moet een campus in ieder voldoen aan de onderstaande vier kernelementen:

        • 1

          De aanwezigheid van een substantiële manifeste kennisdrager (zoals een universiteit, kennisinstelling of een academisch ziekenhuis);

        • 2

          Een focus op R&D en/of technologie-gedreven activiteiten;

        • 3

          Fysieke hoogwaardige vestigingsmogelijkheden en onderzoeksfaciliteiten;

        • 4

          Actieve open innovatie wordt gestimuleerd.

        •  

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 5:

      • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 1.500.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

      • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 250.000;

      • Wil de regio Utrecht met deze openstelling de (ontwikkeling van) ecosystemen stimuleren die bijdragen aan een economisch sterke regio en aan gezond stedelijk leven voor iedereen. De aandacht is daarbij specifiek gericht op ondersteuning van programma’s en projecten die leiden tot nieuwe innovatieve oplossingen voor de grote maatschappelijke opgaves uit de regio.

      • Geldt dat deze gedaan kan worden door een consortium, bedrijvencluster of door ketenpartners. Hierbij is het bijdragen aan meerdere ecosystemen een voorkeur; ingeval het een aanvraag betreft gericht op een thema van Waardevolle digitalisering is het een pré dat het gekoppeld wordt met gezonde samenleving thema’s;

      • Is een voorwaarde dat minimaal één innovatief MKB-er gevestigd in de provincie Utrecht deelneemt. Samenwerking met meerdere MKB-ers is wel een pré;

      • Wordt samenwerking met een kennisinstelling of deelname van een kennisinstelling in het project gezien als een pré. Een zorginstelling wordt hierbij ook als een kennisinstelling gezien.

      •  

         

     

    • Doel:

       

    • 1.

      de (ontwikkeling van) ecosystemen stimuleren die bijdragen aan een economisch sterke regio en aan gezond stedelijk leven voor iedereen (nadruk op TRL3-TRL6), en

    • 2.

      de valorisatie en opschaling van innovatieve en vermarktbare producten, processen en diensten, die leiden tot concrete oplossingen voor een maatschappelijk opgave binnen Gezonde mensen (Life Sciences & Health) ,Gezonde Leefomgeving (Earth) en/of Waardevolle digitalisering (Media & Gaming) (nadruk TRL6-TRL9)

       

  •  

Toelichting ad 1. Ecosysteemvorming is niet een specifiek doel op zich, maar wel een belangrijke voorwaarde om te komen tot concrete oplossingen voor een maatschappelijke opgave.

Een aanvraag betreft dan ook een proeftuin/ fieldlab omgeving waar de volgende voorwaarden voor gelden:

  • er is sprake van een multiple helix samenwerking;

  • waarin ook het MKB vertegenwoordigd is;

  • gericht op duurzame verdienmodellen;

  • er worden daadwerkelijk concrete oplossingen getest en toegepast binnen de projectperiode.

     

Toelichting ad 2. De aanvragen dienen binnen de volgende thema’s van Gezonde mensen, Gezonde Leefomgeving en/of Waardevolle digitalisering te passen:

 

Thema’s Gezonde mensen (Life Sciences & Health)

  • Cel- en weefseltherapieën (Organoïden, Regeneratieve geneeskunde, Biofabricage), oncologie (Beeld gestuurde behandeling, Robotische chirurgie), One Health (Veterinaire geneeskunde, Westerdijk Instituut) en preventie.

  • Exposoom: innovatieve technologieën en toepassingsgebieden gericht op effecten van het exposoom op gezondheid, zoals sensoren, big data, AI, wearables en preventie.

  • Interactie tussen technologie en mens in extreme omstandigheden: innovatieve technologieën en toepassingsgebieden gericht op simulatoren, virtual reality, serious gaming, AI, exoskeletten, robotica, medische technologie, sensoren en preventie.

  • Bewegings- en sportanalyse: innovatieve technologieën en toepassingsgebieden gericht op sensoren, bewegingsanalyse, AI, wearables, virtual reality en preventie.

Thema’s Gezonde Leefomgeving (Earth)

  • Circulaire bouwconcepten: digitale (slimme) oplossingen, die bijdragen aan het versnellen van circulaire nieuwbouw/renovatie.

  • Slimme gebiedsontwikkeling: digitale (slimme) innovatieve oplossingen, in technologie en/of business concept, die bijdragen aan toekomstbestendige gebiedsontwikkeling en/of zorgen voor een versnelling van duurzame en energiezuinige nieuwbouw/renovatie.

  • Mobiliteitsconcepten: digitale (slimme) innovatieve mobiliteitsoplossingen, in technologie en/of business concept, die bijdragen aan toekomstbestendige gebiedsontwikkeling doordat ze een inzetbaar zijn bij een integrale aanpak bij nieuwbouw en renovatie van wijken.

Thema’s Waardevolle digitalisering (Media & Gaming)

  • Data: ontwikkelingen op het gebied van data in relatie tot web3, zoals decentralisatie van data en datakluizen. En data rond verrijking van content en verrijking en meten van engagement van gebruikers van media en games.

  • Content: ontwikkelingen rond de toepassing van generatieve AI bij het maken en localiseren van content. En creatie en aanbieden van immersieve media via immersive production technologieën, en het samenkomen van media en gaming technieken in immersie en interactie.

  • Nieuws: ontwikkelingen rond het vertrouwen dat verschillende publieksgroepen in nieuws hebben, en de manier waarop groepen die niet langer bereikt worden met nieuwe interactiestrategieën wel weer geïnformeerd kunnen worden.

     

  • -

    Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 6:

    • Wordt het budget beschikbaar gesteld om MKB-ondernemers te ondersteunen bij de transitie naar een circulaire economie:

      a) Investeringen in materiaal- of productieprocesaanpassingen die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen

      b) Ontwikkelen en opschalen van reeds in pilot en testopstellingen bewezen circulaire toepassingen;

       

    • Specifiek voor specifiek doel 2.4 actielijn 2 (investeren in materiaal of productieproces aanpassingen, die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen) geldt dat de maatregel tot doel heeft om ten minste 50% van het behandelde, gescheiden ingezamelde ongevaarlijke afval (qua gewicht) te verwerken tot secundaire grondstoffen (output moet gerealiseerd zijn aan het einde van het project).

  • Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 7:

    • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 1.000.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

    • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

    • In deze openstelling ligt de focus op pilot- en implementatieprojecten gericht op de transitie naar duurzame brandstoffen en energiebronnen, in het bijzonder groene waterstof. Ook projecten gericht op slimme toepassingen van groene waterstof vallen binnen deze openstelling. De primaire doelgroep van deze openstelling zijn bedrijven (MKB en MidCap).

    •  

  • -

    Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 8:

    • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 1.250.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

    • Bedraagt het minimale subsidiebedrag € 500.000;

    • Geldt dat deze zijn uitgesloten indien die (kunnen) passen binnen de Noord-Hollandse openstelling “circulair textiel”;

    • Geldt dat voor de projecten een focus ligt op circulair textiel. Het thema “circulair textiel” is namelijk belangrijk voor Amsterdam en de regio. Zo is circulair textiel als onderdeel van de waardeketen Consumptiegoederen in de Strategie Amsterdam Circulair vermeld: We staan er doorgaans niet bij stil, maar kleding legt een enorme druk op het milieu. De katoenteelt en de textielproductie behoren tot de meest vervuilende bedrijfstakken en veruit het grootste deel van het ingezamelde textiel wordt laagwaardig gerecycled. Omdat de Metropoolregio Amsterdam als een magneet werkt op bedrijven en initiatieven uit de kledingindustrie, zijn we hard bezig om een circulaire textielregio te worden. Hierin wordt kennis over een meer duurzame en sociale kledingsector uitgewisseld met andere textielregio’s wereldwijd. Zo dragen we bij aan een mondiaal ecosysteem voor circulair textiel. Van recenter datum zijn de Green Deal Circulair Textiel (oktober 2021) en de Visie & Routekaart voor de MRA, Samen op weg naar een circulaire textielsector (april 2022). Concrete initiatieven zijn bijvoorbeeld de deelname van de gemeente en een aantal private initiatiefnemers aan het Europese project Reflow dat in de afgelopen jaren een subsidie ontving vanuit Horizon2020;

    • Specifiek voor specifiek doel 2.4 actielijn 2 (investeren in materiaal of productieproces aanpassingen, die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen) geldt dat de maatregel tot doel heeft om ten minste 50% van het behandelde, gescheiden ingezamelde ongevaarlijke afval (qua gewicht) te verwerken tot secundaire grondstoffen (output moet gerealiseerd zijn aan het einde van het project).

       

       

  • -

    Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 9:

    • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

    • Deze openstelling is gericht op geïntegreerde duurzame stedelijke ontwikkeling in het stedelijk luik (GTI) en daarmee uitsluitend van toepassing op de aangewezen programmagebieden in Amsterdam, de stadsdelen Zuidoost, Nieuw-West en Noord. 

    •  

  • -

    Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 10:

    • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 600.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

    • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 375.000;

    • Samenwerkingsverbanden van meerdere bedrijven en organisaties in één regio of op één locatie, terrein of gebied; MKB en of Midcap bedrijven; energiemaatschappijen; consortia; stichtingen; verenigingen en overheden;

    • Deze openstelling is bedoeld voor collectieve en regionale smart grids gericht op bedrijventerreinen en/of werklocaties. De focus ligt primair op uitvoeringsprojecten van nieuwe, efficiënte en collectieve energiesystemen die bestaande en/of nieuwe gebouwen, activiteiten en bedrijfsprocessen van duurzame energie kunnen voorzien in de gebieden waar nu sprake is van netcongestie of waar op korte termijn netcongestie te verwachten is (zie de capaciteitskaart van Netbeheer Nederland). Ook kosten ten behoeve van de organisatie van dit soort uitvoeringsprojecten zijn subsidiabel zolang deze ten dienste zijn van een uitvoeringsproject.

  • De nadruk ligt op bedrijven(terreinen) en organisaties die geen nieuwe of grotere aansluiting op het elektriciteitsnet kunnen krijgen voor de afname van elektriciteit vanwege netcongestieproblematiek. Collectiviteit is een belangrijk onderdeel van de openstelling; deze is niet gericht op individuele bedrijven, organisaties of panden. De projecten dragen bij aan kansrijke innovaties en passen (technische) concepten toe die op te schalen zijn naar andere cases. Denk hierbij aan smart grids, energyHUBS, virtuele energienetwerken etc. De projecten bieden lange termijn oplossingen.

    De openstelling is niet bedoeld voor projecten, waarbij het project of de (batterij)oplossing primair wordt ingezet ten behoeve van congestiemanagement of netbalancering (zie onderstaande energiediensten: 2, 3, 5 en 6) van de energienetten van de netbeheerders vanuit een oogpunt van financieel gewin. Indien congestiemanagement/netbalancering wél een onderdeel is van het project, vragen we aanvragers om dit toe te lichten in hun subsidieaanvraag langs de volgende classificering:

    • -

      Energiedienst 1: Zelfredzaamheid – een zelfstandig systeem dat niet is gekoppeld aan het net, maar opslag heeft in een buurtbatterij of een centrale batterij.

    • -

      Energiedienst 2: Day-ahead markt – tekorten en overschotten aggregeren en kopen/verkopen op de markt.

    • -

      Energiedienst 3: Intraday markt – tekorten overschotten aggregeren en kopen/verkopen op de markt

    • -

      Energiedienst 4: Peak shaving – een systeem met een zo klein mogelijke aansluiting om zodoende de aansluiting te verkleinen bij ‘netbeperkingen’

    • -

      Energiedienst 5: Onbalansmarkt – een systeem waarbij capaciteit en opgeslagen elektriciteit tegen een vergoeding beschikbaar wordt gesteld aan een energieleverancier zodat deze hiermee zijn onbalans kan compenseren.

    • -

      Energiedienst 6: Balanceringsreserves

      Hierbij worden aanvragers gevraagd om aan te geven in welk deel van de classificering de projectactiviteiten plaatsvinden (dit kunnen meerdere zijn, geef dan ook de relatieve verhoudingen aan) en, indien mogelijk, te kwantificeren hoe dit zich vertaalt naar tijd en energie-eenheden;

    • Specifieke doelstelling 2.3: In het geval van hoog-efficiënte warmtekrachtkoppeling, als de maatregel tot doel heeft de emissies tijdens de levenscyclus lager te houden dan 100gCO2e/kWh of warmte/koude te produceren op basis van restwarmte. In het geval van stadsverwarming/-koeling, als de desbetreffende infrastructuur in overeenstemming is met Richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van Richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de Richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG (PB L 315 van 14.11.2012, blz. 1) inzake energie-efficiëntie, of als de bestaande infrastructuur dusdanig wordt vernieuwd dat zij aan de definitie van doeltreffende stadsverwarming/-koeling voldoet, als het project een geavanceerd proefsysteem is (systemen voor controle en energiebeheer, internet der dingen) of als de temperatuur van de stadsverwarming/-koeling blijvend naar beneden kan worden bijgesteld.

       

       

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 11:

    • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

    • Minder en slimmer gebruik van energie is een integraal onderdeel van het energiebeleid dat noodzakelijk is om de transitiedoelen te halen. Een manier om dit te bereiken is de ontwikkeling van micro-grid oplossingen; het ontwikkelen van regelsystemen om data slimmer te koppelen en te gebruiken. Met deze openstelling stimuleert Kansen voor West verdere ontwikkelingen die bijdragen aan het slimmer gebruiken van energie in de Haagse GTI-gebieden;

    • Specifieke doelstelling 2.3: In het geval van hoog-efficiënte warmtekrachtkoppeling, als de maatregel tot doel heeft de emissies tijdens de levenscyclus lager te houden dan 100gCO2e/kWh of warmte/koude te produceren op basis van restwarmte. In het geval van stadsverwarming/-koeling, als de desbetreffende infrastructuur in overeenstemming is met Richtlijn 2012/27/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2012 betreffende energie-efficiëntie, tot wijziging van Richtlijnen 2009/125/EG en 2010/30/EU en houdende intrekking van de Richtlijnen 2004/8/EG en 2006/32/EG (PB L 315 van 14.11.2012, blz. 1) inzake energie-efficiëntie, of als de bestaande infrastructuur dusdanig wordt vernieuwd dat zij aan de definitie van doeltreffende stadsverwarming/-koeling voldoet, als het project een geavanceerd proefsysteem is (systemen voor controle en energiebeheer, internet der dingen) of als de temperatuur van de stadsverwarming/-koeling blijvend naar beneden kan worden bijgesteld.

       

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 12:

    • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

    • Door in te zetten op hergebruik en het circulair maken van de economie, wordt gewerkt aan de doelstelling om Nederland in 2050 volledig circulair te maken. De gemeente Den Haag geeft via het Grondstoffenplan (RIS310285) invulling aan de grondstoffentransitie en aan een circulaire economie. De projecten in deze openstellingen vinden plaats in één van de Haagse GTI-gebieden en sluiten aan op het Grondstoffenplan Den Haag.

    • Specifiek voor specifiek doel 2.4 actielijn 2 (investeren in materiaal of productieproces aanpassingen, die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen) geldt dat de maatregel tot doel heeft om ten minste 50% van het behandelde, gescheiden ingezamelde ongevaarlijke afval (qua gewicht) te verwerken tot secundaire grondstoffen (output moet gerealiseerd zijn aan het einde van het project).

       

       

    • -

      Voor aanvragen die worden ingediend onder het plafond, als bedoeld onder 13:

      • Bedraagt het maximale subsidiebedrag € 500.000 mits de vigerende Europese regelgeving met betrekking tot staatssteun dit bedrag toestaat;

      • Bedraagt het minimale bedrag aan subsidiabele kosten € 200.000;

      • Sluitingsdatum van de openstelling is 17 oktober 2023 om 00:01 uur, zolang het budget toereikend is;

      • Specifiek voor specifiek doel 2.4 actielijn 2 (investeren in materiaal of productieproces aanpassingen, die leiden tot een hogere mate van recycling, inclusief de herwinning van kostbare grondstoffen) geldt dat de maatregel tot doel heeft om ten minste 50% van het behandelde, gescheiden ingezamelde ongevaarlijke afval (qua gewicht) te verwerken tot secundaire grondstoffen (output moet gerealiseerd zijn aan het einde van het project).

      • Geldt dat het doel van de openstelling is om het grondstoffengebruik binnen de textielindustrie te verminderen door:

      • 1. het verminderen van de consumptie van textiel, en/of;

        2. het verminderen van de productie van textiel

         

Met deze openstelling willen we initiatieven ondersteunen die gericht zijn op het verminderen van de consumptie en productie van textiel. Het kunnen innovatieve projecten zijn, maar ook opschaling van bestaande initiatieven. De focus van de openstelling is gericht op de hele keten van de textielindustrie. Denk hierbij aan de productie, verkoop, distributie en consumptie van textiel. Met deze openstelling richten we ons op projecten die inzetten op een zo groot mogelijke maatschappelijke impact. We zien in de aanvraag graag een toelichting op welke manier het initiatief bij succes wordt opgeschaald en hoe gecommuniceerd wordt over het initiatief richting inwoners, bedrijven en/of andere relevante organisaties.

 

De aanvraag moet passen binnen één of meerdere van onderstaande categorieën van de R-ladder:

1. Refuse - Afzien van producten. Denk hierbij aan consuminderen door gedragsverandering bij consumenten (minder kopen). We bedoelen hier niet het stimuleren van hergebruik door het (verder) ontwikkelen van een platform voor tweedehands kleding.

2. Rethink - Producten intensiever gebruiken. Denk hierbij aan het delen van textiel in plaats van het bezitten.

3. Reduce - Verminderen van het aantal producten (in volume en in hoeveelheid verschillende items) dat op de markt komt en in de winkels hangt. Denk hierbij aan on demand productie en bedrijven die werken met minder wisselende en uitgebreide collecties. We bedoelen hier niet het reduceren van snijafval tijdens productie;

 

VOETNOTEN:

[1] Voor alle hier opgenomen (deel)plafonds geldt dat aanvragen getoetst worden aan het van toepassing verklaarde deel van het Programma EFRO West-Nederland 2021 – 2027. Indien er sprake is van extra vigerend beleid voor een (deel)plafond dan wordt dit voor het betreffende (deel)plafond kenbaar gemaakt op de website www.kansenvoorwest.nl.

[2] Verordening (EU) Nr. 2021/1060 en Nr. 2021/1058

[3] Zie voor de definitie en meer informatie over campussen de ‘Handreiking openstelling

Doorontwikkeling Campussen Zuid-Holland’

[4] Het betreft de volgende sectoren: Haven, Maritiem, Greenports, Aerospace, LSH, Smart Industry,

Logistiek, Biobased, Breed MKB

 

 

 

Rotterdam, 24 maart 2023

 

Burgemeester en Wethouders van de gemeente Rotterdam, in de hoedanigheid van Beheerautoriteit van het Programma Kansen voor West III,

Namens deze,

 

R.A.C.J. Simons

Wethouder Haven, Economie, Horeca en Bestuur (wijken en kleine kernen)

 

 

Toelichting:

Op 18 juli is het Programma EFRO West-Nederland 2021-2027 door de Europese Commissie goedgekeurd. Reeds op 5 juni heeft de Minister van Economische Zaken en Klimaat op het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Rotterdam aangewezen als Beheerautoriteit Kansen voor West III bij Besluit WJZ/22233414.

 

Op 20 april 2022 is het totale EFRO-subsidieplafond voor de uitvoering van projecten in het kader van het Programma EFRO West-Nederland 2021-2027 ad. € 200.333.745 (zie voetnoot 1) bekend gemaakt. Daarbij is aangegeven dat deelplafonds gefaseerd, vastgesteld, opengesteld en bekend gemaakt worden. Het onderhavige besluit heeft betrekking op dergelijke deelplafonds.

 

Het totaalplafond valt uiteen in vijf onderdelen: vier GTI-programmadelen en het regionale programmadeel. De vier GTI-programmadelen maken onderdeel uit van Programma EFRO West-Nederland 2021-2027 en zijn ondergebracht bij de Beheerautoriteit gemeente Rotterdam en de aangewezen intermediaire instanties, de steden: Den Haag, Amsterdam en Utrecht. Deze vier steden worden ook wel aangeduid als de G4.

 

De Beheerautoriteit draagt ervoor zorg dat het beschikbare budget voor het regionale programmadeel wordt ingezet ten behoeve van het Programma. Het budget wordt zo ingezet dat de beschikbare middelen evenwichtig worden verdeeld over de regio West en passen binnen het, bij de openstelling van toepassing verklaarde vigerende regionale en lokale beleid van, zowel de G4 als de P4, te weten de provincies Noord-Holland, Zuid-Holland, Flevoland en Utrecht.

 

Zolang een deelplafond niet is uitgeput, kan (een deel van) het beschikbare, maximale subsidiebedrag van dat deelplafond worden aangewend voor subsidiëring van projecten die (ook en in voldoende mate) van belang zijn voor dat desbetreffende programmadeel. Dat geldt ook, in beperkte mate, voor projecten waarvoor subsidie is aangevraagd onder een ander deelplafond, maar waar het bereiken van het deelplafond aan subsidieverlening in de weg staat. Niet valt uit te sluiten dat er projecten zijn die van belang zijn voor meerdere provincies of steden, of projecten die alleen van belang zijn voor de desbetreffende provincie of stad, maar waarvan de uitvoering zich niet primair binnen die provincie of stad afspeelt. Dergelijke projecten, waarvan is vastgesteld dat sprake is van een voldoende ‘match’ met een ander deelprogramma waarvan het budget nog niet is uitgeput, kunnen dan in uitzonderlijke gevallen toch worden gesubsidieerd ten laste van het deelplafond van de provincie of de stad voor wie het project (ook) relevant is. Dergelijke projecten, die voor financiering uit een alternatief (nog niet uitgeput deelbudget) in aanmerking komen, sluiten achteraan in de rij. Dit met het oog op de belangen van de andere aanvragers die onder het desbetreffende deelbudget hebben aangevraagd.

 

Of een project past in het programmadeel van de desbetreffende provincie of stad, wordt beoordeeld aan de hand van het, bij de openstelling van toepassing verklaarde, vigerende regionale en lokale beleid. Indien het project niet past binnen dit beleid, wordt de subsidieaanvraag afgewezen. Het vigerende regionale en het lokale beleid van bovengenoemde provincies en steden is (onder meer) te raadplegen via de website van Kansen voor West (www.kansenvoorwest.nl).

 

Bijzondere eisen per subsidieplafond

In Beleidsregel Programma EFRO West-Nederland 2021-2027 (versie 1) is bepaald dat de Beheerautoriteit gelijktijdig met het vaststellen en bekend maken van een subsidieplafond kan bepalen dat, van hetgeen in de Beleidsregel is opgenomen, wordt afgeweken en/of dat er voor aanvragen die worden ingediend onder het desbetreffende subsidieplafond aanvullende eisen gelden. Dat is in het onderhavige besluit gebeurd.

 

Naar boven