Gemeenteblad van Maasgouw
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Maasgouw | Gemeenteblad 2023, 112451 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
---|---|---|---|
Maasgouw | Gemeenteblad 2023, 112451 | beleidsregel |
Handboek Inrichting Maasgouw 2023-2026 (HIM) van de gemeente Maasgouw
Het college van de gemeente Maasgouw;
gelezen het voorstel van 7 maart 2023;
gelet op de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht;
b e s l u i t vast te stellen de volgende beleidsregel:
Handboek Inrichting Maasgouw 2023-2026 (HIM) van de gemeente Maasgouw
De ‘HIM‘ vormt een overzichtelijke bundeling van minimum eisen die de gemeente Maasgouw stelt aan haar openbare ruimte tijdens onderhoudswerk, herinrichting of uitbreiding van de openbare ruimte.
De HIM bevat de minimale kwaliteitseisen aan de inrichting van de openbare ruimte van de gemeente Maasgouw en is bedoeld voor de eigen dienst en externe ontwikkelaars.
De HIM bevat de basisinrichting waar aan voldaan moet worden tijdens een herinrichting of uitbreiding van de openbare ruimte. Ook eigendommen die door derden gemaakt en later aan de gemeente in beheer en/of eigendom overgedragen worden, dienen te voldoen aan de HIM.
De HIM is niet in beton gegoten, er mag worden afgeweken. Echter afwijken mag alleen na overleg met de betreffende beheerder en met toestemming van de afdelingsmanager van de betreffende beheerder.
Mobiliteit is niet een geïsoleerd beleidsterrein, maar speelt zich af binnen een dynamische maatschappij. Mobiliteit moet bijdragen aan een goede, maatschappelijk aanvaardbare balans tussen alle functies en activiteiten die in de maatschappij plaats vinden. Deze houding laat zich leiden vanuit de kernwaarden; Verkeersveiligheid, Bereikbaarheid, Verkeersleefbaarheid en Duurzaamheid.
Het Maasgouwse verkeerssysteem is opgebouwd en ingericht vanuit vijf centrale principes van Duurzaam Veilig:
De kern van de visie Duurzaam Veilig is:
Duurzaam Veilig is de integrale benadering van het verkeerssysteem: mens, voertuig en weg. Weg en voertuig moeten aansluiten bij wat de mens kan, en moeten bescherming bieden. De mens moet door educatie goed zijn voorbereid op de verkeerstaak en uiteindelijk moet worden gecontroleerd of hij wel veilig aan het verkeer deelneemt. Duurzaam Veilig is dus zeker niet alleen ‘infrastructuur’. Uit de vijf principes voor een duurzaam veilig wegennet komen twaalf functionele eisen voort. De twaalf functionele eisen voor een duurzaam veilig wegennet zijn:
Van deze twaalf functionele eisen voor een duurzaam veilig wegennet hebben vijf eisen betrekking op de invulling van het wegontwerp. Deze vijf functionele eisen geven aan waaraan een herkenbaar en verkeersveilig wegontwerp moet voldoen. Deze worden de basiseisen genoemd. Aan deze vijf basiseisen is de ‘omgevingsinvloed’ toegevoegd vanwege het nieuwe element, de zes basiseisen zijn aldus:
De basiseisen zijn de functionele eisen die betrekking hebben op het ontwerp en de inrichting van de weginfrastructuur. De basiseisen worden via basiskenmerken omgezet naar elementen die per wegcategorie in het wegontwerp moeten worden opgenomen of juist moeten ontbreken. Als niet aan een basiseis wordt voldaan, dan wordt sterk ingeleverd op de mate van verkeersveiligheid van de weg. Het risico op ongevallen/slachtoffers is dan hoger.
Voor elke basiseis zijn basiskenmerken van toepassing om de basiseis op straat zichtbaar te maken. Er zijn negentien basiskenmerken, maar die komen niet allemaal in elk wegprofiel voor. Per wegcategorie worden verschillende basiskenmerken toegepast zodat de onderlinge verschillen tussen de wegcategorieën duidelijk herkenbaar zijn. Een basiskenmerk wegontwerp is een
ontwerpelement dat altijd of juist nooit in het wegontwerp aanwezig moet zijn zodat de herkenbaarheid van de weg wordt bevorderd en de weg veilig functioneert. Als een basiskenmerk wordt weggelaten of wordt toegevoegd in afwijking van de richtlijnen, dan wordt ingeleverd op een van de zes basiseisen en daarmee op de mate van verkeersveiligheid.
Volgens de basisgedachte van Duurzaam Veilig hebben wegen een duidelijk te onderscheiden functie binnen het wegennet: een stroomfunctie of een uitwisselfunctie.
In de praktijk blijkt dat de verkeersveiligheid op wegen met een van deze functies het grootst is omdat dit de wegen zijn met een duidelijke functieafbakening waarop de vormgeving (weginrichting) en het gebruik (voertuigcategorieën, snelheid, verkeersintensiteit) goed aansluiten. De drie wegcategorieën zijn:
Op stroomwegen rijdt het verkeer relatief snel omdat het (meestal) een grotere afstand aflegt. Het ‘stromen’ is op wegvakken en op knooppunten het belangrijkste. Op stroomwegen komen conflicten met tegemoetkomend verkeer niet voor: er is geen conflict met langzaam verkeer en het verkeer rijdt in een overzichtelijke omgeving met weinig verstorende invloeden De gemeente Maasgouw heeft geen stroomwegen in beheer en onderhoud.
Bij gebiedsontsluitingswegen is op wegvakken de doorstroming het belangrijkste, op de kruispunten wisselt het verkeer uit. Er is een scheiding tussen langzame en snelle vervoerwijzen, dus tussen voetgangers en fietsers versus motor, auto, bus, bestel- en vrachtauto. Bromfietsers rijden binnen de bebouwde kom op de rijbaan en buiten de bebouwde kom op het fiets/bromfietspad of op de parallelweg. Landbouwvoertuigen rijden buiten de kom bij voorkeur op erftoegangswegen en niet op gebiedsontsluitingswegen.
Op erftoegangswegen is juist sprake van menging van alle verkeerssoorten. Het ‘uitwisselen’ gebeurt zowel op wegvakken als op kruispunten. De snelheid van het gemotoriseerd verkeer ligt laag en er kunnen overal oversteekbewegingen worden gemaakt, zowel op wegvakken als op kruispunten. Tussen de verschillende verkeerssoorten bestaan conflictmogelijkheden. Er zijn veel omgevingsinvloeden. Noemenswaardige problemen worden voorkomen door de lage rijsnelheden en doordat de bestuurders door de korte afstand die ze afleggen alert zijn.
Alle wegen binnen de gemeente Maasgouw zijn ingedeeld in een wegcategorie volgens de landelijke richtlijn van het CROW en door de gemeente vastgestelde wegcategorisering:
1.3 Ontsluiting en weginrichting (erftoegangswegen)
Bij ruimtelijke ontwikkelingen als een woonwijk of industrieterrein minimaal twee externe ontsluitingen t.b.v. het plangebied. Slechts één ontsluitingsmogelijkheid is niet robuust genoeg, denk hierbij bijvoorbeeld aan een mogelijke calamiteit waardoor een hele wijk onbereikbaar kan worden bij slechts één ontsluitingsmogelijkheid.
1.4.1 Verkeerscirculatie en ontsluiting
Verkeersmanagementplan realisatie
Er wordt voorafgaand aan realisatie van een plan een verkeersmanagementplan verwacht waar in wordt beschreven hoe de verkeerscirculatie en ontsluiting tijdens realisatie van het plan zal verlopen. Denk hierbij aan een faseringsplan, een omleidingsplan etc. E.e.a. conform ‘Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990’ en CROW-publicaties 96 en 96b.
Groenvisie Maasgouw 2030 is van toepassing, belangrijkste uitgangspunten:
Tijdens de ontwerpfase van een project wordt in overleg bepaald of de groenvoorzieningen in eigen beheer door de gemeente worden aangelegd en onderhouden of dat dit wordt uitbesteed.
Vaste rasters toepassen (schapengaas van 1 meter hoog, draaddikte 2,5 mm. accacia h.o.h. 3 meter met eiken klap- en onderhoudspoorten) of inrichting afstemmen op gebruik flexinetten (gazon realiseren om flexinetten te kunnen plaatsen). Keuze voor vaste rasters of flexinetten In overleg met gemeente.
Wegbeheerders zoals de gemeente Maasgouw hebben vanuit de Wegenwet de zorgplicht over de gemeentelijke wegverhardingen. Dit betekent dat de gemeente als wegbeheerder, te allen tijde, verantwoordelijk is voor de kwaliteit (onderhoudstoestand) van de verhardingen die de gemeente in beheer heeft en de wegen die hiervoor zijn aangewezen in de wegenlegger. Deze zorgplicht moet er aan bijdragen dat het gebruik van de wegen veilig plaats kan vinden en schades/ongevallen ten gevolge van gebreken aan de weg zoveel mogelijk worden voorkomen.
Voor wegen met overwegend een verblijfsfunctie (30 km/u wegen) is meer keuzevrijheid mogelijk in bijvoorbeeld materiaalkeuze en wegbreedte dan bij wegen met overwegend een ontsluitingsfunctie (50, 60, 70 en 80 km/u wegen). Bij 30 km wegen wil de gemeente elementenverharding, alleen bij doorgaande wegen (busroutes )asfalt.
Alle nieuw toe te passen duurzame bouwstoffen dienen gekeurd te zijn volgens de van toepassing verklaarde normen en keuringseisen (NEN, CE, KOMO). Een afschrift van deze certificaten c.q. attesten c.q. keuringsresultaten dient naar de afdeling BOR van de gemeente Maasgouw te worden toegezonden alvorens deze bouwstoffen worden toegepast.
Bij natuursteenverharding in trottoirs en plekken waar geen verkeer kan komen, dient gebruik te worden gemaakt van een gebonden voegvulling e.e.a. in overleg met Gemeente Maasgouw.
Bij natuursteenverharding in de rijwegen dient gebruikt te worden gemaakt van flexibele voegvulling e.e.a. in overleg met Gemeente Maasgouw.
Wegfunderingen van rijbanen, parkeervoorzieningen en fietspaden gelegen in gebieden met een kans op een voorkomende grondwaterstand hoger dan 30 cm –mv of water op maaiveld gedurende periode van 1 dag of meer in het jaar, dienen te worden voorzien van een fundering bestaande uit hydraulisch gebonden menggranulaat (e.e.a. om pompwerking te voorkomen).
Bij toepassing van rode fietsstroken (rechtstand) uitvoering in rode coating. Betreft coating van Possehl, thermoflex.. Op kruisingsvlakken en rotondes toepassen Thermoflex-RWB. Vergelijkbare producten mogen vrijblijvend worden aangeboden, mits deze voldoen aan de juiste certificering.
Afstrooimateriaal: Rode JFF Porfier 2-3 mm. (zie besteksposten thermoflex)
In aanvulling op het bepaalde in lid 06 van artikel 81.22.06 van de Standaard dient bij steenmastiekasfalt, indien volgens bestek moet worden afgestrooid met steenslag of brekerzand, het afstrooimateriaal in ten minste twee strooigangen mechanisch gelijkmatig over het gehele oppervlak aangebracht te worden en moet dit vervolgens per werkgang worden vastgedrukt. In afwijking van lid 06 van artikel 81.22.06 van de Standaard moet het vastdrukken per werkgang gebeuren bij een temperatuur van het oppervlak van ten minste 110 °C.
3.3.4 Ophogingen en aanvullingen
Het bepalen van de indringingsweerstand dient door de aannemer te worden uitgevoerd met behulp van een door hem beschikbaar te stellen en door de directie goed te keuren handsondeerapparaat. Het kalibratierapport van het sondeerapparaat mag niet ouder zijn dan 1 jaar.
4 Civieltechnische kunstwerken
Civieltechnische kunstwerken zijn vaak beeldbepalende elementen in de buitenruimte. De gemeente Maasgouw hecht er dan ook veel waarde aan dat deze voorzieningen op een fraaie wijze onderdeel uitmaken van het omliggende landschap.
De volgende typen kunstwerken zijn gedefinieerd in dit handboek:
De gemeente Maasgouw vindt het belangrijk bewust om te gaan met water. Wij maken dan ook zichtbaar hoe we met ons hemelwater omgaan door daar waar mogelijk het hemelwater ter plaatse op te vangen en te laten infiltreren in de bodem.
De complete waterhuishouding binnen de gemeente Maasgouw is er op gericht verdroging en hittestress tegen te gaan en de RWZI’s (rioolwaterzuiveringsinstallaties) verder te ontlasten.
Bij werkzaamheden nabij de beschermingszone van een waterkering dient contact opgenomen te worden met waterschap Limburg. (zie legger waterkeringen Externe link: www.waterschaplimburg.nl).
5.1.3 Handboeken, richtlijnen en normeringen
Kennisbank Stedelijk Water(voorheen Leidraad Riolering)– Stichting Rioned Externe link: https://www.riool.net/home
De ontwerpprocedure ten behoeve van een bouwplan dient te geschieden volgens de Watertoetsprocedure. De uitkomst hiervan zal het vertrekpunt van ontwerpen zijn. Van dit proces zal de gemeente structureel op de hoogte moeten worden gehouden. Dat geldt in alle fases van initiatief- tot en met beheerfase (voor meer informatie betreffende het watertoetsproces.
5.3 Ontwerpeisen rioleringssysteem
5.3.2 Hemelwater infiltratieriool (IT riool) en/of retentievoorziening
De infiltratievoorziening heeft een totale bergingscapaciteit van minimaal 50 mm (het aangesloten verharde oppervlak vermenigvuldigd met 50 mm geeft de benodigde bergingscapaciteit in m3). Indien de voorziening een overloop heeft richting waterschapswater, gelden de rekenwaardes van het waterschap. Zie in dit geval Externe link: www.waterschaplimburg.nl.
Het type infiltratie- en/of retentievoorziening dient in overleg met de gemeente te worden vastgesteld. De infiltratievoorziening moet reinigbaar en inspecteerbaar zijn. Voorzieningen die ondergronds worden aangebracht dienen aantoonbaar de belasting van een brandweer blusvoertuig te kunnen weerstaan.
Bij eventueel benodigde grondwaterspiegelverlagingen ten gunste van rioolaanleg moet de hoeveelheid onttrokken water worden geregistreerd. Het bemalingsdebiet en de hoeveelheid onttrokken grondwater moet dagelijks bijgehouden worden. Deze gegevens dienen in een ordelijk en overzichtelijk Excel bestand (.xlsx) digitaal te worden aangeleverd bij de gemeente.
Over de hoeveelheid onttrokken grondwater kan grondwaterbelasting en grondwaterheffing worden geheven, deze kosten komen voor rekening van de opdrachtgever.
Het aanmelden en het aanvragen c.q. verkrijgen van benodigde vergunningen voor dergelijke zaken horen tot de verantwoording van de exploitant.
Nadere informatie omtrent grondwaterbelasting kan worden verkregen bij de belastingdienst, zie; Externe link: www.belastingdienst.nl, nadere informatie omtrent grondwaterheffing kan verkregen worden bij de Provincie Limburg, zie; Externe link: www.limburg.nl.
Lozing van bronneringswater bij voorkeur middels retourbemaling of lozing op oppervlaktewater. Indien niet mogelijk (aantonen) kan, in overleg met de gemeente Maasgouw, worden bezien of lozing op het riool mogelijk is. Uitgangspunten hiervoor zijn het te lozen debiet, duur lozing, plaatsing adequate zandvanginrichting. Indien wordt voorzien in afvoer van bronneringswater via riolering dan dient een aanvraag te worden ingediend bij de gemeente voor een tijdelijke rioolaansluiting. Voortvloeiende kosten als gevolg van de hierboven omschreven zaken alsmede de kosten voor het lozen van water zijn voor rekening van de aanvrager. Aan het lozen van water op de riolering zijn conform de vigerende ‘Verordening rioolheffing Maasgouw’ kosten verbonden.
5.5.3 Controleren riolering op waterdichtheid
Controle op de waterdichtheid van de rioleringen dient direct na aanleg, volgens de voorschriften van de Standaard RAW bepalingen 2015 en de betreffende praktijkrichtlijnen van het Nederland Normalisatie Instituut, voor rekening van en door de exploitant plaats te vinden, waarna de controlerapporten binnen twee weken na uitvoering ter goedkeuring overlegd dienen te worden bij gemeente Maasgouw.
5.5.4 Camera-inspectie riolering
Maken digitale video opname vanuit riool( geen panorama). Betreft diameters groter dan 200 mm. Betreft opname van de leiding m.b.v. een op afstand bediende t.v.-camera, waarbij de beelden bovengronds worden gevolgd op een monitor, worden herkend, geclassificeerd en volgens NEN-EN 13508-2 & NEN 3399 gecodeerd, en worden vastgelegd en aangeleverd op een externe harde schijf. Minimaal moeten de normatieve beeldcodes volgens NEN 3399 worden geregistreerd. Dit is de inspectie oude stijl (jaar 2018 en eerder). In geval van twijfel over de aard en omvang van een toestandsaspect dient dit altijd op de commentaarregel te worden gemeld en beargumenteerd.
Van alle toestandsaspecten klasse 4 en 5 moet een digitale foto-opname worden gemaakt, voor zover de klasse is gebaseerd op kwantificering, behalve bij hoekverdraaiing BAJC. Van de code BAC (breuk of instorting) moet van alle voorkomende klassen > 1 een foto- opname in lengterichting van het riool worden gemaakt. Van de code BAB geldt dit voor alle klassen 4 en 5.
De rapportage dient een duidelijke inhoudsopgave te bevatten waarmee geïnspecteerde leidingen snel en eenvoudig in de rapportage en op de inspectiebeelden zijn terug te vinden. In deze inhoudsopgave dienen per leiding minimaal de pagina nummers, DVD- nummers, tellerstanden en riool/strenggegevens en riool ID nummers vermeld te worden.
Voor een verdere toelichting van de waterparagraaf zie website Externe link: helpdeskwater.
Ontwerpfase/Voorbereidingsfase
Lengteprofielen van de aan te leggen riolering, schaal 1:500/1:50. Per streng dient het bodemverhang, onderlinge putafstanden c.q. strenglengte en dwarsdoorsnede c.q. afmeting van de buizen/voorzieningen te worden aangegeven. Duidelijk onderscheid dient gemaakt te worden tussen HWA, DWA en IT(infiltratie) leidingen/voorzieningen. Verder dient bij de putten de putdekselhoogte en de (ontwerp)druklijnhoogte te worden aangegeven in m+NAP.
Revisietekeningen van de aangelegde riolering
De revisietekeningen van de hoofdrioleringen en huisaansluitingen dienen de rioolsituatie weer te geven met een aanmeting in het horizontale en verticale vlak (N.A.P. maten) en dienen aangeleverd te worden op de gemeentelijke standaardformulieren; verkrijgbaar bij sectie beheer afdeling Openbare Ruimte gemeente Maasgouw.
Apart aanleveren inspectie gegevens volgens paragraaf 9.5.4.
De gemeente Maasgouw streeft naar een veilige, kwalitatieve en functionele openbare ruimte waarbij overlast en schade zoveel mogelijk wordt voorkomen.
De gemeente is geen eigenaar van de nuts- en telecomnetwerken. Zodra een voorstel voor een aanpassing en/of nieuwe aanleg van een netwerk is overeengekomen tussen initiatiefnemer en nuts- en/of telecompartij, wordt door nuts- en/of telecompartij een aanvraag ingediend bij de gemeente via het geautomatiseerde systeem MOOR. Met een instemmingsbesluit kan de gemeente vervolgens toestemming verlenen om op haar gronden deze voorzieningen te realiseren.
Uitvoeringseisen, procesafspraken en ontwerpuitgangspunten mbt nutsnetwerken (m.u.v. datanetwerken) zijn nu nog vastgelegd in de Overeenkomst Gemeenten en Nutsbedrijven in de provincie Limburg (OGN 2011): Externe link: https://synfra.nl/ogn/.
Gedurende de bouwfasering van een nieuwbouwproject zijn er twee momenten waarop het van cruciaal belang is de nuts- en telecombedrijven te betrekken bij het plan. Te weten:
Reconstructies bestaande infrastructuur
Bij reconstructies van bestaande infrastructuur zijn er ook twee momenten waarop het van cruciaal belang is de nuts- en telecombedrijven te betrekken bij het plan. Te weten:
6.1.2 Vigerende beleidsdocumenten
AVOI en handboek kabels & leidingen Externe link: https://synfra.nl/ogn/
Meer specifieke ontwerpeisen met betrekking tot kabels- en leidingentracés nutsnetwerken zijn opgenomen in OGN 2011 Externe link: https://synfra.nl/ogn/.
Stedenbouwkundig ontwerp/Schets Ontwerp met geplande aantallen en typen bebouwing, zodanig dat de globale energie- / telecombehoeften bepaald kunnen worden.
Voorlopig Ontwerp van de openbare ruimte op een bruikbare schaal (max 1:500) met daar op tenminste weergegeven:
Voor een formele aanvraag bij de verschillende nuts- en telecompartijen, zie bijlage A; ”Aan te leveren gegevens nuts- en telecombedrijven”. Met deze gegevens kunnen nuts- en telecombedrijven vervolgens een aanvraag indienen bij de gemeente in MOOR.
Bedrijven en instellingen zijn zelf verantwoordelijk voor het afvoeren van het bedrijfsafval. Hiervoor maken zij individueel afspraken met een afvalinzamelaar en afvalverwerker.
Er dient in de ontwerpfase te worden gestreefd naar een “schone” openbare ruimte. Dat betekent naast een esthetisch fraaie openbare ruimte ook een openbare ruimte die fraai blijft en dus tot zo min mogelijk ophoping van vuil leidt en bovendien goed “schoon” te houden is met regulier onderhoudsmaterieel.
De Gemeente Maasgouw vindt het belangrijk dat de Maasgouwse jeugd voldoende mogelijkheden heeft om te kunnen bewegen, spelen en sporten in de openbare ruimte.
Alle woonwijken dienen daarom kindvriendelijk te worden ingericht en daarnaast wordt elk dorp voorzien in een aantal formele speelplekken. Een speelplek is een locatie met voldoende speel-, beweeg- en ontmoetingswaarden, aansluitend bij de diverse leeftijdscategorieën. Daarnaast is er aandacht voor het natuurlijk spelen in een natuurlijke en groene omgeving zonder specifieke speel- of beweegtoestellen.
Onderstaand de algemene uitgangspunten, te hanteren bij speelvoorzieningen:
Een speelplek heeft als belangrijkste functie “spelen/bewegen”, maar hoeft niet (alleen) uit speeltoestellen te bestaan. Principes als “natuurlijk spelen” kunnen afhankelijk van de locatie ook worden toegepast binnen een speelplek, eventueel gecombineerd met bijvoorbeeld het (tijdelijk) bergen van hemelwater.
Op speel- en sporttoestellen is een 10 jaar durende niet aflopende garantie van toepassing. Deze garantie is van toepassing op de gehele constructie en heeft betrekking op de leverantie van materialen, voorrijkosten, kosten arbeid en alle andere bijkomende kosten welke nodig zijn voor het verhelpen van het mankement. Uitgezonderd van garantie zijn:
Op rubberen gietvloeren en/of kunstgras valdempende ondergronden wordt een 10 jaar durende niet aflopende garantie verleend. Deze garantie is van toepassing op de gehele constructie en heeft betrekking op de leverantie van materialen, voorrijkosten, kosten arbeid en alle andere bijkomende kosten welke nodig zijn voor het verhelpen van een mankement. Uitgezonderd van garantie zijn:
Toegepast hout is afkomstig uit duurzaam beheerde bossen en is gecertificeerd volgens een door TPAC als duurzaam beoordeelde bosbeheersysteem: Externe link: http://www.tpac.smk.nl/.
Hekwerken niet toepassen in de openbare ruimte met uitzondering van schoolpleinen of speelterreinen van bijvoorbeeld een kinderdagverblijf met een openbare functie. Deze dienen dan aan het “Eisenpakket Kind veilige Omheiningen voor Openbare Ruimtes” van Het Keurmerkinstituut te voldoen. Verder i.v.m. beheerbaarheid minimaal 0,10m ruimte vrijhouden tussen onderkant hekwerk en maaiveld.
Openbare verlichting (OVL) heeft tot doel om het leven in de openbare ruimte bij duisternis zo goed mogelijk te laten functioneren. Daarnaast speelt de openbare verlichting een belangrijke rol bij het ondersteunen in verkeersveiligheid, sociale veiligheid en leefbaarheid (of een combinatie hiervan) binnen de gemeente Maasgouw. Elke situatie is anders en vraagt om specifieke oplossingen. In dit hoofdstuk wordt beschreven welke eisen wij stellen als het gaat om het ontwerpen en plaatsen van openbare verlichting in gemeente Maasgouw.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2023-112451.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.