Reg.nummer.: 02430000094682 / 02430000313690
Overwegingen ten aanzien van het besluit
De binnenstad van Harderwijk kenmerkt zich door smalle straten en krappe bochten. In de praktijk blijkt dat grote en/of lange voertuigen, zoals vrachtwagens, moeite hebben om door deze binnenstadstraten te rijden. Regelmatig rijdt een voertuig zich klem of ontstaat er schade aan straatmeubilair of geparkeerde auto’s omdat een voertuig eigenlijk te groot is om door de straat te rijden. Bijgevolg moet achteruit gereden worden of moeten andere manoeuvres uitgevoerd worden welke niet bevorderlijk zijn voor de verkeersveiligheid. Tevens ontvingen we de achterliggende tijd meerdere meldingen van verontruste bewoners en verzoeken om maatregelen te nemen.
Gelet op bovenstaande is het wenselijk maatregelen te nemen. In een gedeelte van de binnenstad geldt al een lengtebeperking (zonale geslotenverklaring voor voertuigen langer dan 10 meter). Dit betreft de Smeepoortstraat en omgeving. In dit verkeersbesluit wordt een soortgelijke lengtebeperking ingesteld in het noordoostelijke deel van de binnenstad.
De lengtebeperking houdt in: een geslotenverklaring voor voertuigen en samenstellen van voertuigen die, met inbegrip van de lading, langer zijn dan 10 meter. De lengte van 10 meter wordt gehanteerd zodat deze lengte overeenkomt met de al bestaande lengtebeperking elders in de binnenstad. Vuilniswagens en kleine vrachtwagens (zogenaamde bakwagens) kunnen het gebied nog wel inrijden.
In feite is het berijden van de binnenstadstraten met een groter voertuig in de huidige situatie al niet mogelijk, maar niet verboden. Dat leidt ertoe dat chauffeurs soms alsnog in de binnenstad terecht komen en zich klemrijden. Om klemrijden te voorkomen en de verkeersveiligheid te borgen, is een lengtebeperking noodzakelijk.
Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW 1994) moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.
In artikel 12 van het BABW is limitatief opgenomen voor welke verkeerstekens een verkeersbesluit vereist is. In Bijlage 1 van het Reglement en Verkeerstekens 1990 (RVV 1990) staan de verkeersborden genoemd. In dit besluit gaat het om C17 (Gesloten voor voertuigen en samenstellen van voertuigen die, met inbegrip van de lading, langer zijn dan op het bord is aangegeven) van Bijlage 1, Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990).
Uit het oogpunt van:
het beschermen van de weggebruikers en passagiers;het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade alsmede de gevolgen voor het milieuis het noodzakelijk om de voorgestelde maatregel(en) te nemen. Artikel 24 van het BABW vereist dat er voor het nemen van het verkeersbesluit overleg wordt gepleegd met de gemandateerde verkeersadviseur van politie Oost-Nederland, district Noord en Oost-Gelderland.