Gemeenteblad van Harderwijk
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Harderwijk | Gemeenteblad 2022, 577511 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Harderwijk | Gemeenteblad 2022, 577511 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Verordening op de heffing en invordering van begraafplaatsrechten
De raad van de gemeente Harderwijk;
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van .. november 2022
gelet op artikel 216, 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;
vast te stellen de volgende verordening:
Verordening op de heffing en invordering van begraafplaatsrechten
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
De in deze verordening genoemde rechten en van gemeentewege te verrichten diensten worden geacht te zijn verleend respectievelijk uitgevoerd op grond van de Beheersverordening begraafplaatsen Harderwijk 1997 en opvolgende verordeningen.
Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaatsen en voor het door de gemeente verlenen van rechten of diensten in verband met de begraafplaatsen.
De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.
Artikel 4 Maatstaf van heffing
De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
In afwijking in zoverre van onderdeel a van dit lid geldt in geval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen begraafplaatsrechten of andere heffingen meer is dan € 100,00 en het totaalbedrag van dat aanslagbiljet door middel van automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige kan worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.
Met betrekking tot een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c van de Invorderingswet 1990, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete is het derde lid, onderdeel a en vijfde lid van overeenkomstige toepassing, voor zover deze gelijktijdig wordt opgelegd met de vaststelling van de aanslag of nota.
Artikel 8 Verlenen van kwijtschelding
Van de in artikel 2 genoemde rechten wordt geen kwijtschelding, als bedoeld in artikel 26 van de Invorderingswet 1990 (Stb. 221), verleend.
Artikel 9 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de begraafplaatsrechten.
Harderwijk in zijn openbare vergadering van
22 december 2022, onder nummer .
de heer H.J. van Schaik
voorzitter
de heer H.R. Lanning
raadsgriffier
Bijlage 1 Tarieventabel behorende bij de Verordening begraafplaatsrechten 2023, vastgesteld door de gemeenteraad op .. december 2022, raadsbesluitnummer ….
_____________________________________________________________________________________________
Hoofdstuk 1 Verlenen van rechten
1.1 Voor het verlenen van een particulier graf, niet zijnde een urnengraf, indien de rechthebbende niet meer dan 2 stoffelijke overschotten in de grafruimte wil begraven wordt geheven:
1.1.1 voor een periode van 10 jaar € 589,00
1.1.2 voor een periode van 15 jaar € 883,00
1.1.3 voor een periode van 20 jaar € 1.181,00
1.1.4 voor een periode van 25 jaar € 1.480,00
1.1.5 voor een periode van 30 jaar € 1.773,00
1.1.6 voor onbepaalde tijd € 5.280,00
1.2 Voor het verlenen van een particulier graf, niet zijnde een urnengraf, indien de rechthebbende niet meer dan 3 stoffelijke overschotten in de grafruimte wil begraven wordt geheven:
1.2.1 voor een periode van 10 jaar € 703,00
1.2.2 voor een periode van 15 jaar € 1.060,00
1.2.3 voor een periode van 20 jaar € 1.414,00
1.2.4 voor een periode van 25 jaar € 1.770,00
1.2.5 voor een periode van 30 jaar € 2.125,00
1.2.6 voor onbepaalde tijd € 6.406,00
1.3 Voor het verlenen van een particulier urnengraf wordt geheven:
1.3.1 voor een periode van 10 jaar € 234,00
1.3.2 voor een periode van 15 jaar € 362,00
1.3.3 voor een periode van 20 jaar € 486,00
1.3.4 voor een periode van 25 jaar € 605,00
1.3.5 voor een periode van 30 jaar € 726,00
1.3.6 voor onbepaalde tijd € 2.190,00
1.4 Bij elke verlenging voor een tijdvak van 5 jaar of een veelvoud daarvan van de rechten als bedoeld in 1.1, 1.2 en 1.3 wordt een recht geheven gelijk aan de helft van het bedrag dat wordt geheven voor het verlenen van het uitsluitend recht voor de periode of het tijdvak van 10 jaar.
2.1.1 het begraven of herbegraven van een stoffelijk overschot van een persoon van 12 jaar of ouder € 987,00
2.1.2 het begraven van een overleden kind beneden het jaar en van een levenloos geborene een vierde gedeelte en voor het begraven en herbegraven van een overleden kind van 1 tot 12 jaar de helft van het in 2.1.1 genoemde bedrag;
2.1.3 voor het begraven van levenloos geboren of kort na de geboorte overleden zuigelingen van een meervoudige geboorte wordt het recht eenmaal geheven terwijl geen recht wordt geheven voor het begraven van stoffelijke overschotten van kinderen die, kort na de geboorte overleden, in één kist met hun overleden moeder worden begraven.
2.2.1 het bijzetten van een asbus in een graf/-kelder € 322,00
2.2.2 het bijzetten van een urn in een urnnis € 401,00
2.2.3 het uitstrooien van as € 322,00
2.2.4 het bijzetten van een asbus of een urn, bevattende het stoffelijk overschot van overleden kinderen beneden het jaar en van levenloos geborenen een vierde gedeelte en van overleden kinderen van 1 tot 12 jaar de helft van het in 2.2.1 en 2.2.2 genoemde bedrag.
2.3 De in de onderdelen 2.1 en 2.2 genoemde rechten worden verhoogd met : € 401,00
indien het begraven of herbegraven plaatsvindt tijdens de buitengewone uren, zoals deze zijn vastgesteld in de beheersverordening, tenzij zulks geschiedt op last van de burgemeester in het belang van de openbare orde of volksgezondheid, dan wel wanneer door omstandigheden buiten de wil van de nabestaanden, het begraven of herbegraven niet op een ander tijdstip kan plaatsvinden.
Hoofdstuk 3 Overboeken van eigen graven of urngraven
3.1 Het recht bedraagt voor het overboeken van een particulier graf of een urngraf in het daartoe bestemde register € 29,00
3.2 Het recht wordt niet geheven wanneer bij overlijden het recht wordt overgeschreven op naam van de overgebleven echtgenoot of echtgenote.
Hoofdstuk 4 Plaatsen, ver- en herplaatsen van gedenktekenen en stichten van grafkelders
4.1.1 het recht tot het stichten van een grafkelder boven het ingevolge hoofdstuk 1 van de tarieventabel geregelde recht:
4.1.2 wanneer de kelder of het graf ruimte biedt voor het begraven van niet meer dan twee stoffelijke overschotten € 784,00
4.1.3 wanneer de kelder of het graf ruimte biedt voor het begraven van meer dan twee stoffelijke overschotten het tarief als vermeld in 4.1.2, vermeerderd met voor elk stoffelijk overschot boven dit getal een tarief van € 502,00
4.2 Het recht tot het plaatsen van een of meer voorwerpen als gedenktekens, zerken, kruizen, hekken, omheiningen of dergelijke op een graf, al dan niet met een graftuin:
4.2.1 indien het recht tot begraven of plaatsen van een urn is verleend voor een periode van 10 jaar € 101,00
4.2.2 indien het recht tot begraven is verleend voor een tijdvak van 15 jaar € 152,00
4.2.3 indien het recht tot begraven of plaatsen urn is verleend voor een tijdvak van 20 jaar € 205,00
4.2.4 indien het recht tot begraven is verleend voor een tijdvak van 25 jaar € 224,00
4.2.5 indien het recht tot begraven is verleend voor een tijdvak van 30 jaar € 246,00
4.2.6 indien het recht tot begraven is verleend voor onbepaalde tijd € 262,00
4.3 Het alleen aanbrengen van een graftuin (zonder monument) bedraagt de helft van de tarieven als vermeld in 4.2.
4.4 Het openen en sluiten van gemeentewege van een grafkelder als bedoeld in 4.1.2 € 504,00
4.4.1 voor het openen en sluiten van gemeentewege van een grafkelder als bedoeld in 4.1.3. € 933,00
4.5 Het verwijderen en herplaatsen van de in 4.2 genoemde voorwerpen ten behoeve van het openen van een graf. € 205,00
4.6 Voor het verplaatsen van de in 4.2 genoemde voorwerpen in verband met lichten en overbrengen van een stoffelijk overschot naar een ander graf. € 402,00
4.7 Voor het van gemeentewege aanbrengen van een opschrift op een urn per letter, cijfer en teken. € 25,66
Hoofdstuk 5 Schoonhouden van voorwerpen
5.1 Voor het door of vanwege de gemeente schoonhouden wordt geheven per jaar:
5.1.1 voor de voorwerpen, zoals bedoeld in 4.1 en 4.2 € 80,15
5.1.2 voor een grafkelder, welke ruimte biedt aan minder dan 4 stoffelijke overschotten per jaar € 80,15
5.1.3 voor een grafkelder, welke ruimte biedt voor meer dan 3 stoffelijke overschotten per jaar € 119,00
5.1.4 voor het alleen aangebracht hebben van een graftuin, de helft van het in 5.1.1 genoemde tarief
5.1.5 het schoonhouden en onderhouden van een urn € 80,15
5.2 De rechten als bedoeld in onderdeel 5.1 kunnen worden afgekocht:
5.2.1 voor graven en urngraven ten aanzien waarvan voor bepaalde tijd het uitsluitend recht is verkregen om daarin te doen begraven wordt het verschuldigde recht naar het aantal jaren waarvoor het uitsluitend recht (nog) van kracht is vermenigvuldigd met het op het tijdstip van afkoop geldende tarief;
5.2.2 voor graven en urngraven ten aanzien waarvan voor onbepaalde tijd het uitsluitend recht is verkregen om daarin te doen begraven door een betaling ineens van het 50-voud van het op het tijdstip van afkoop geldende tarief;
5.2.3 voor de toepassing van de onderdelen 5.2.1 en 5.2.2 worden gedeelten van een jaar voor een vol jaar gerekend.
Hoofdstuk 6 Ruimen van eigen graven en het lichten en overbrengen van stoffelijke overschotten
6.1.1 het op aanvraag van rechthebbende ruimen van een graf € 862,00
6.1.2 het lichten en overbrengen van een stoffelijk overschot uit het ene naar het andere graf op de algemene begraafplaats, boven en behalve het in hoofdstuk 2 geregelde recht € 862,00
6.1.3 het op aanvraag van rechthebbende ruimen van een urngraf € 186,00
6.1.4 het lichten en overbrengen van een urn van het ene urngraf naar een ander binnen de gemeentelijke begraafplaats boven en behalve het in hoofdstuk 2 geregelde recht voor bijzetting € 186,00
6.2 Het bepaalde in onderdeel 6.1.1 is eveneens van toepassing op het verzamelen van stoffelijke overschotten in eenzelfde grafruimte en weer begraven van meer stoffelijke overschotten in één kist.
6.3 De in de onderdelen 6.1.2 en 6.1.4 genoemde rechten met uitzondering van de in hoofdstuk 2 genoemde rechten worden eveneens geheven voor het lichten van een stoffelijk overschot, bestemd tot overbrenging naar een andere begraafplaats.
6.4 Geen rechten worden geheven voor het op rechterlijk gezag lichten en weer in dezelfde grafruimte begraven van een stoffelijk overschot.
7.1 Voor het gebruik van de aula op de “Elzenhof”” bedraagt het tarief per uur of een gedeelte daarvan € 309,84
7.2 Voor het gebruik van de aula op de “Oostergaarde” bedraagt het tarief per uur of een gedeelte daarvan € 226,01
7.3 Voor het gebruik van de aula op de “Elzenhof” voor condoleances per uur of gedeelte daarvan € 162,34
7.4 Voor het gebruik van de aula op de “Oostergaarde” voor condoleances per uur of gedeelte daarvan € 130,51
7.5 Voor het gebruik van een geluidsinstallatie bij het graf` € 26,53
7.6 Voor het gebruik van een geluidsopname op USB € 26,53
7.7 Voor het gebruik van livestream € 47,75
Deze tabel behoort bij de verordening op de heffing en de invordering van begraafplaatsrechten van de gemeente Harderwijk, vastgesteld bij raadsbesluit van .. december 2022 onder nummer -.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2022-577511.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.