Verordening tot heffing en invordering van marktgelden Zundert 2023

De raad van de gemeente Zundert;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders 01-11-2022;

 

gehoord het advies van de Ronde d.d. 22-11-2022;

 

gelet op de betreffende bepalingen in de Gemeentewet;

 

besluit:

Vast te stellen de:

 

Verordening tot heffing en invordering van marktgelden Zundert 2023

Artikel 1 Definities

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    markt: de door het college ingestelde weekmarkt;

  • b.

    standplaats: een aan de belastingplichtige ter beschikking gestelde plaats op de markt;

  • c.

    vaste standplaats: de standplaats die met een vaste standplaatsvergunning ter beschikking is gesteld aan een vergunninghouder;

  • d.

    dagplaats: de standplaats die per marktdag ter beschikking wordt gesteld aan een vergunninghouder, omdat deze niet als vaste standplaats is toegewezen dan wel ingenomen;

  • e.

    vergunninghouder: degene aan wie door het college vergunning is verleend voor het innemen van een standplaats.

Artikel 2 Aard van de heffing /belastbaar feit

Onder de naam ‘marktgeld’ wordt een recht geheven voor:

  • a.

    het innemen van een vaste standplaats of dagplaats op de weekmarkt;

  • b.

    het gebruik maken van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten ten behoeve van reclame- en promotieactiviteiten.

Artikel 3 Belastingplicht

Het marktgeld wordt geheven van de vergunninghouder.

Artikel 4 Maatstaf van heffing en tarief

Het recht wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

Artikel 5 Belastingtijdvak

Het belastingtijdvak voor het innemen van een:

  • 1.

    dagplaats is gelijk aan een dag;

  • 2.

    vaste standplaats is gelijk aan een kalenderkwartaal.

Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdgelang

  • 1.

    Het marktgeld voor een vaste standplaats is verschuldigd bij het begin van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    Indien de belastingplicht ter zake van een vaste standplaats in de loop van het belastingtijdvak aanvangt, is het marktgeld verschuldigd voor zoveel kalendermaanden van dat belastingtijdvak verschuldigde marktgeld als er in dat belastingtijdvak, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

  • 3.

    Indien de belastingplicht ter zake van een vaste standplaats in de loop van het belastingtijdvak eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel kalendermaanden van het voor dat belastingtijdvak verschuldigde marktgeld, als er in dat belastingtijdvak, na het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan € 5,00.

  • 4.

    Het marktgeld voor een dagplaats is verschuldigd bij de aanvang van het innemen van een standplaats.

  • 5.

    Wanneer de belastingplichtige die gebruik maakt van een vaste standplaats gedurende meer dan vijf weken aantoonbaar buiten zijn/haar wil niet in staat geweest is de weekmarkt te bezoeken en evenmin gebruik heeft gemaakt van de mogelijkheid zich te laten vervangen, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel kalendermaanden van het voor dat belastingtijdvak verschuldigde marktgeld als er volle kalendermaanden zijn, gedurende welke van de standplaats geen gebruik is gemaakt.

Artikel 7 Wijze van heffing

  • 1.

    Het marktgeld voor een vaste standplaats wordt bij wege van aanslag geheven.

  • 2.

    Het marktgeld voor een dagplaats wordt geheven door middel van een mondelinge of schriftelijke gedagtekende kennisgeving waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 8 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet het marktgeld worden betaald:

    • a.

      binnen 14 dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet;

    • b.

      ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 7, tweede lid:

      • mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

      • schriftelijk wordt gedaan, op het moment van het uitreiken van de kennisgeving, dan wel ingeval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 9 Kwijtschelding

Bij de invordering van marktgeld wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 10 Overgangsrecht

De “Verordening marktgelden Zundert 2022” vastgesteld bij raadsbesluit van 14 december 2021, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid genoemde datum van ingang van heffing met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 11 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2023.

Artikel 12 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening marktgelden Zundert 2023”.

Aldus besloten in zijn openbare vergadering

van 06-12-2022,

de raad voornoemd,

de griffier,

M.C.J.P. van Oosterwijk

de voorzitter,

J.G.P. Vermue

Bijlage 1: Tarieventabel marktgeld Zundert 2023

(behoort bij de ‘Verordening marktgeld Zundert 2023’)

 

1.

Het marktgeld bedraagt per dag of een gedeelte daarvan voor het innemen van een dagplaats, op de:

  • a.

    Weekmarkt Zundert, per strekkende meter, gemeten langs de zijde waaraan als regel wordt verkocht

    met een minimum van 4 strekkende meter,

€ 0,74

  • b.

    Weekmarkt overige kernen van de gemeente Zundert, per strekkende meter, gemeten langs de zijde waaraan als regel wordt verkocht

    met een minimum van 4 strekkende meter

€ 0,64

2.

Het marktgeld bedraagt per kwartaal voor het innemen van een vaste standplaats op de:

 

  • a.

    Weekmarkt Zundert, per strekkende meter, gemeten langs de zijde waaraan als regel wordt verkocht

    met een minimum van 4 strekkende meter

€ 8,88

  • b.

    Weekmarkt Rijsbergen, per strekkende meter, gemeten langs de zijde waaraan als regel wordt verkocht

    met een minimum van 4 strekkende meter

€ 7,68

3.

Het marktgeld onder 1, sub a, van deze tarieventabel wordt voor reclame- en promotieactiviteiten, per dagplaats, per marktdag verhoogd met

€ 2,10

4

Het marktgeld onder 2, sub a, van deze tarieventabel wordt voor reclame- en promotieactiviteiten, per vaste standplaats, per kwartaal verhoogd met

€ 25,20

5

Voor de berekening van het marktgeld wordt een gedeelte van een strekkende meter naar boven afgrond tot een gehele strekkende meter.

 

 

Behoort bij besluit van de raad van de gemeente Zundert van

 

De griffier,

M. van Oosterwijk

Naar boven