VERKEERSBESLUIT

Onderwerp: Instellen fietspad in het Dolfijnpark ter hoogte van nummer 21

 

Zaaknummer: 638017

 

Burgemeester en wethouders van Ridderkerk,

 

 

Gelet op:

  • artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de Provincie of een waterschap;

  • artikel 15, lid 1 van de WVW 1994 ingevolge de plaatsing van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge de plaatsing en verwijdering van de verkeerstekens van Bijlage 1 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990) moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 15 van het BABW ingevolge in het verkeersbesluit dient te worden aangegeven op welke wijze wordt voldaan aan de krachtens artikel 14 van de Wvw 1994 gestelde voorschriften, zoals deze zijn opgenomen in Hoofdstuk II, paragraaf 4, lid 1 en lid 4 van de ‘Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens’;

  • artikel 24 BABW ingevolge verkeersbesluiten worden genomen na overleg met (een gemachtigde van) de korpschef van de politie;

 

Overwegende dat:

  • het Dolfijnpark in de bebouwde kom van Ridderkerk ligt;

  • het pad ter hoogte van het Dolfijnpark nummer 21 een (brom-)fietspad betreft;

  • het pad te smal is om fietsers en brommers gemengd te laten rijden;

  • er zodoende conflicten tussen fietsers en brommers kunnen ontstaan;

  • het daarom gewenst is om het pad om te vormen naar een fietspad;

  • met het instellen van een fietspad er geen conflicten meer kunnen ontstaan tussen fietsers en brommers;

  • het wijzigen van het pad naar een fietspad in het Dolfijnpark zorgt voor het verbeteren van de verkeersituatie en daarmee de verkeersveiligheid;

  • Overeenkomstig artikel 2, lid 1, sub a t/m d, van de WW 1994 en artikel 21 BABW op de bovengenoemde weg maatregelen dienen te worden genomen met als doel:

  • a. het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • b. het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • c. het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • d. het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.

 

  •  

  • Hoofdstuk 10, titel 1, afdeling 1 van de Algemene wet bestuursrecht wij de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten hebben gemandateerd aan de manager Ontwikkeling Leefomgeving en Regio.

  •  

  • het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van betrokkenen behoren te blijven;

 

  • op grond van artikel 24 BABW, overleg heeft plaats gevonden met de korpschef van het landelijk politiekorps, namens de korpschef met de vertegenwoordiger van de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond.

  •  

  • de onder ‘besluiten’ genoemde (delen van) wegen zijn in eigendom, beheer en onderhoud bij de gemeente Ridderkerk. De betreffende vertegenwoordiger heeft ingestemd met de voorgestelde maatregel;

  •  

  •  

nemen, gelet op het voorgaande, de volgende

 

B E S L U I T E N:

 

  • 1.

    het opheffen van het (brom-)fietspad op het pad tussen Dolfijnpark nummer 21 en 14 en de Kievitsweg, door het verwijderen van bord G12a zoals bedoeld in bijlage 1 van het RVV 1990 ter hoogte van de kruising met de Kievitsweg;

  • 2.

    het instellen van een fietspad op het pad tussen Dolfijnpark nummer 21 en 14 en de Kievitsweg, door het plaatsen van twee borden G11 zoals bedoeld in bijlage 1 van het RVV 1990 ter hoogte van de Dolfijnpark 21 en de kruising met de Kievitsweg;

  • 3.

    deze maatregel in te laten gaan vanaf het moment dat de bebording verwijderd en geplaatst is;

  • 4.

    dit besluit op de voor de gemeente gebruikelijke wijze bekend te maken.

 

 

Aldus besloten te Ridderkerk 15 november 2022

 

Burgemeester en wethouders van de gemeente Ridderkerk,

Namens deze,

 

 

 

De heer G. Veneberg

Manager Ontwikkeling Leefomgeving en Regio

 

 

 

 

 

 

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen binnen 6 weken na de publicatiedatum tegen dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Ridderkerk, Postbus 271, 2980 AG Ridderkerk.

 

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en bevat tenminste het volgende:

a. Naam en het adres van de indiener;

b. De dagtekening;

c. Vermelding van de datum en het kenmerk van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

d. Een opgave van de redenen waarom men zich met de beschikking niet kan vinden.

 

Als u op de uitspraak in bezwaar niet kunt wachten en snel een voorlopige maatregel nodig is, kunt u de rechter daar om verzoeken. Dat verzoek kunt u indienen bij de voorzieningenrechter van de Arrondissementsrechtbank Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam. Dit kan alleen als u het bezwaarschrift al bij het college van burgemeester en wethouders heeft ingediend. Met uw verzoek aan de rechtbank moet u een kopie van het bezwaarschrift meesturen. Als u van deze mogelijkheid gebruik maakt, wordt u griffierecht berekend.

 

 

Naar boven