Kennisgeving beschikking
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
Paragraaf 3 Uitgebreide voorbereidingsprocedure
Burgemeester en wethouders van Winterswijk maken bekend dat zij in het kader van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht voornemens zijn vergunning te verlenen:
Locatie: Jachthuisweg 14
Voor: herbouwen van een pluimveestal aan de Jachthuisweg 14 en in werking hebben van een agrarisch bedrijf, zaaknummer 2021-000393.
Milieueffectrapportage
Voor een locatie aan de Jachthuisweg 14 in Winterswijk-Woold is een aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling ingediend. De activiteit waarvoor vergunning wordt aangevraagd heeft betrekking op het wijzigen van een installatie voor het fokken, mesten of houden van dieren. Het project gaat over een installatie voor het houden van 11.800 stuk pluimvee.
Op grond van hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer moet worden beoordeeld of een milieueffectrapport moet worden gemaakt. Na beoordeling van de diverse milieuaspecten is ons gebleken dat er geen belangrijke nadelige effecten voor het milieu of bijzondere omstandigheden zijn die een milieueffectrapport noodzakelijk maken.
Ter inzage
De beschikking ligt met ingang van woensdag 2 november 2022 tot en met dinsdag 13 december 2022 ter inzage. De beschikking is digitaal raadpleegbaar via de landelijke website www.ruimtelijkeplannen.nl. Het identificatienummer is NL.IMRO.0294.OV2208BGJACHTHWG14-VA01.
Beroepstermijn
Tegen de verleende vergunning kan gedurende de beroepstermijn door een ieder beroep worden ingesteld. De beroepstermijn loopt van donderdag 3 november 2022 tot en met woensdag 14 december 2022. De omgevingsvergunning ligt ter inzage totdat de beroepstermijn is verstreken. Het beroepschrift moet in tweevoud worden ingediend bij de Rechtbank Gelderland, team Bestuursrecht, Postbus 90230, 6800 EM Arnhem. Het besluit treedt op donderdag 15 december 2022 in werking. Als binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt ingediend, treedt dit besluit niet in werking voordat op dat verzoek is beslist. Het verzoek om voorlopige voorziening moet worden gericht aan de voorzieningenrechter van de bovengenoemde rechtbank.