Gemeente Delft, verkeersbesluit instellen éénrichtingsverkeer fietsers op rotonde Delflandplein

Nr. 5194302

 

Burgemeester en Wethouders van Delft,

 

Gelet op:

  • artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de provincie of een waterschap en dat deze bevoegdheid op grond van het gewijzigde mandaatbesluit van 27 september 2011 is gemandateerd aan de gemeentedirecteur, waarbij ondermandaat is verleend aan de assetmanager Gebiedsbeheer bij afdeling Beheer Openbare Ruimte;

  • artikel 15 lid 1 van de WVW 1994 ingevolge de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge het plaatsen en verwijderen van de in dit artikel genoemde verkeerstekens moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;

  • krachtens artikel 14 van het BABW wordt de plaatsing van onderborden, zoals bedoeld in artikel 8, lid 2 en lid 3 van het BABW, in het betrokken verkeersbesluit tot uitdrukking gebracht;

  • artikel 24 BABW ingevolge verkeersbesluiten worden genomen na overleg met een gemachtigde van de korpschef van de politie;

 

Overwegende dat:

 

  • het besluit betrekking heeft op het fietsverkeer op het Delflandplein;

  • het Delflandplein gelegen is de wijk Voorhof;

  • op dit moment de fietsoversteken op de rotonde Delflandplein tweerichtingsoversteken voor fietsverkeer zijn;

  • in de periode 2016-2018 41 verkeersongevallen waarvan 9 met letsel hebben plaatsgevonden op het Delflandplein;

  • het merendeel van de slachtoffers de vervoerswijze fiets heeft;

  • de verkeerssituatie op het Delflandplein complex is, waarbij veel wordt gevraagd van de weggebruikers;

  • het fietsverkeer voorrang heeft op de rotonde en van beide richtingen komt;

  • fietsers de rotonde intensief gebruiken en ter hoogte van de fietsoversteken in twee richtingen rijden;

  • dit in combinatie van de complexe verkeerssituatie op het Delflandplein lijkt tot een hoge rijtaakbelasting voor alle modaliteiten op het Delflandplein is;

  • uit onderzoek blijkt dat de complexiteit van het Delflandplein een belangrijke risicofactor is verkeersongevallen;

  • op dit moment de complexiteit van de verkeersstromen ertoe leidt dat weggebruikers het Delflandplein als onprettig ervaren;

  • een minder complexe rijtaakbelasting positief bijdraagt aan de leefbaarheid op de Delflandplein;

  • het instellen van éénrichtingsverkeer voor fietsverkeer leidt tot een eenduidiger verkeersbeeld waardoor de rijtaakbelasting voor weggebruikers minder complex wordt;

  • het instellen van éénrichtingsverkeer voor fietsers op het Delflandplein voor een deel van de fietsers leidt tot een omrijafstand ten opzichte van het tweerichtingenverkeer;

  • hierdoor fietsers zonder aanvullende fysieke maatregelen op de fietspaden die uitkomen op het Delflandplein geneigd zullen zijn om tegen de richting te blijven fietsen;

  • daarom op de toeleidende fietspaden op de Martinus Nijhofflaan, Voorhofdreef, Papsouwselaan en Minervaweg aanvullende fysieke maatregelen worden voorgesteld om het tegen de richting in rijden zoveel mogelijk te ontmoedigen;

  • bij de aansluiting van het tweerichtingenfietspad Voorhofdreef west op het Delflandplein het moeilijk is om linksaf richting Martinus Nijhofflaan zuid te fietsen;

  • voor deze beweging een alternatieve route beschikbaar is richting Albert Heijn aan de Martinus Nijhofflaan via de fietsdoorsteek bij de Roland Holstlaan;

  • om het tegen de richting inrijden op de fietsoversteek Papsouwselaan zoveel mogelijk te voorkomen het huidige korte tweerichtingen fietspad aan de noordzijde van de Martinus Nijhofflaan wordt omgezet in een éénrichtingsfietspad;

  • de vormgeving van de middeneilanden in de tweerichtingsfietspaden zodanig is dat zij fietsers op het Delflandplein in de goede rijrichting geleiden;

  • bij de aansluitingen met de fietspaden door middel van pijlmarkering de juiste rijrichting extra wordt benadrukt;

  • dat gedurende een periode van 6 maanden aanvullende bebording wordt geplaatst waarop staat aangegeven dat de verkeersituatie gewijzigd is;

  • dat gedurende de eerste weken na openstelling van de nieuwe rijrichtingen de gemeente er voor zorg draagt dat er gemeentelijke handhavers aanwezig zijn;

  • dat er duidelijk gecommuniceerd wordt dat de rotonde voor fietsverkeer veranderd is;

  • deze maatregel wordt genomen voor het verzekeren van de veiligheid op de weg, het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan als ook het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

  • de onder ‘besluiten’ genoemde aansluiting in eigendom, beheer en onderhoud is bij de gemeente Delft;

  • het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van betrokkenen behoren te blijven;

 

Overleg;

Onderhavige verkeersmaatregelen zijn besproken met de verkeersadviseur van Politie Eenheid Den Haag. Hiermee is voldaan aan het bepaalde in artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer.

 

nemen, gelet op het voorgaande, de volgende

 

BESLUITEN :

  • 1.

    het instellen van een verplichte rijrichting op de fietspaden rondom het Delflandplein door het plaatsen van verkeersborden D5 en D6 op fietspaden van bijlage 1 van het RVV 1990 ter hoogte van de éénrichtingsfietsoversteken;

  • 2.

    in aanvulling op de verplichte rijrichting op de fietspaden het éénrichtingsverkeer voor fietsers ondersteunend verkeersbord D1 van bijlage 1 van het RVV 1990 te plaatsen ter hoogte van de éénrichtingsfietsoversteken Delflandplein bij de aansluitingen met de Martinus Nijhofflaan en Papsouwselaan;

  • 3.

    door het verwijderen van de onderborden OB5030B02 onder de borden B06 op alle toeleidende wegen van de rotonde Delflandplein;

  • 4.

    door het verwijderen van bord B6 van bijlage 1 van het RVV 1990 ter hoogte van de aansluiting Martinus Nijhofflaan noord op het Delflandplein;

  • 5.

    dat het geldende verkeersbesluit met betrekking op het in onder 5 genoemde bord B6 ingetrokken wordt;

  • 6.

    de verkeertekens te plaatsen zoals aangegeven op de bij dit verkeersbesluit behorende situatietekening.

  • 7.

    plaatsen van tijdelijke bebording waarop verwezen wordt dat de verkeerssituatie gewijzigd is;

 

Het college van burgemeester en wethouders van Delft.

Namens het college,

 

 

De heer P.A.J. Coene

Assetbeheerder Gebiedsbeheer

Afdeling Beheer Openbare Ruimte

 

(Deze brief is digitaal goedgekeurd en daarom niet met de hand ondertekend)

 

 

Delft, 31 augustus 2022

 

Als u het met dit besluit niet eens bent, kunt u binnen 6 weken na dagtekening een bezwaarschrift indienen bij het bestuursorgaan dat dit besluit genomen heeft. Hoe u dat doet, kunt u lezen op www.delft.nl/bezwaarschrift.

 

Het indienen van een bezwaarschrift schort de werking van dit besluit niet. Degenen die een bezwaarschrift hebben ingediend kunnen, als er sprake is van spoedeisend belang, ook op grond van artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht, bij de president van de Arrondissementsrechtbank ’s-Gravenhage, sector bestuursrecht, Postbus 20302, 2500 EH ’s-Gravenhage vragen een voorlopige voorziening te treffen. Voor het behandelen van een dergelijk verzoek wordt griffierecht geheven.

 

Bijlage

 

Naar boven