Gehandicaptenparkeerplaats op kenteken in de Heusdenhoutsestraat ter hoogte van huisnummer 340 te Breda.

 

Z2022-003473 d.d. 19 juli 2022

 

Burgemeester en wethouders van Breda

 

Gelet op:

De bepalingen in de Wegenverkeerswet 1994, het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990, het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW) en de Algemene wet bestuursrecht;

 

Het Algemeen Mandaatbesluit Breda 2019, vastgesteld door burgemeester en wethouders op 15 januari 2019, van kracht geworden op 24 januari 2019, inzake de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten.

 

Overwegende:

Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit genomen worden voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.

 

Uit het oogpunt van:

• Het verzekeren van de veiligheid op de wegen

• Het beschermen van de weggebruikers en passagiers

 

Is het gewenst om

Een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken aan te leggen in de Heusdenhoutsestraat te Breda ter hoogte van huisnummer 340. Een en ander zoals weergegeven op de bijgevoegde tekening ‘GPP Heusdenhoutsestraat’.

 

Motivering

Er is verzocht om een individuele gehandicaptenparkeerplaats op kenteken aan te leggen in de Heusdenhoutsestraat te Breda. De aanvrager voldoet aan de eisen zoals opgenomen in artikel 2 van de ‘Beleidsregels gehandicaptenparkeerplaats op kenteken Breda 2019’, om in aanmerking te komen voor een gehandicaptenparkeerplaats. Daarbij is met name van belang dat de aanvrager niet beschikt over een eigen parkeervoorziening. Daarom is het gewenst om een gehandicaptenparkeerplaats aan te leggen in openbaar gebied.

Uitgangspunt voor een gehandicaptenparkeerplaats is dat deze zo dicht mogelijk bij de woning van de aanvrager wordt aangelegd. De dichtstbij gelegen plaats die in aanmerking komt is de plaats zoals aangegeven op de bijgevoegde situatietekening. Het aanleggen van de gehandicaptenparkeerplaats op de voorgestelde locatie heeft geen effect op de doelmatigheid, doorstroming en verkeersveiligheid van de weg. Het betreft formeel een voetpad, aangegeven met bord G07, waar het is toegestaan om met voertuigen te laden/lossen, aangegeven met onderbord ‘laden en lossen toegestaan’. Uitsluitend bewoners parkeren hier (waarvoor een ontheffing is vereist op grond van artikel 87 RVV), zo ook op de voorgestelde locatie. De aanvrager is in het bezit van een jaarontheffing voor het rijden en parkeren op het voetpad, deze dient elk volgend jaar opnieuw te worden aangevraagd en verkregen. Het aanleggen van de gehandicaptenparkeerplaats brengt geen verandering in het bestaande gebruik, behalve dat er één plaats uitsluitend door één specifieke gebruiker mag worden gebruikt.

De betreffende plaats biedt voldoende ruimte voor het gebruiken als gehandicaptenparkeerplaats. Andere plaatsen in de straat of reguliere parkeerplaatsen liggen op grotere loopafstand vanaf de woning van de aanvrager en bovendien direct voor andere woningen. De aanleg op een andere plaats dan de nu gekozen plaats zal dan ook niet kunnen leiden tot eenzelfde of beter resultaat.

Door het reserveren van deze parkeerplaats mag hier enkel het voertuig met het kenteken dat op het onderbord vermeld staat op deze parkeerplaats geparkeerd worden. Het bord E6 ‘gehandicaptenparkeerplaats’ met een onderbord met daarop het kenteken van de auto van de rechthebbende van de parkeerplaats wordt bij de betreffende parkeerplaats geplaatst. Een en ander zoals weergegeven op de bij dit besluit behorende situatietekening.

Indien een van de redenen zich voordoet zoals opgenomen in artikel 4 en 5 van de ‘Beleidsregels gehandicaptenparkeerplaats op kenteken Breda 2019’ wordt de parkeerplaats op kenteken opgeheven. Indien de gebruiker van de parkeerplaats op kenteken niet meer beschikt over een geldige RVV-ontheffing voor het rijden en parkeren op het voetpad, zal de parkeerplaats op kenteken eveneens worden opgeheven.

 

Belangenafweging

Overige weggebruikers mogen geen gebruik maken van de betreffende parkeerplaats omdat deze voor een specifieke gebruiker wordt gereserveerd. Het college geeft hiermee uitvoering aan vastgesteld beleid met betrekking tot gehandicaptenparkeerplaatsen op kenteken. Er zijn geen redenen gebleken die aanleiding geven om van dit beleid af te wijken. Het college heeft het speciale belang van de aanvrager, om dichtbij de eigen woning te kunnen parkeren, laten prevaleren boven de belangen van anderen om (met ontheffing) op de betreffende plaats te parkeren. Het bestaande gebruik voor overige bewoners wijzigt verder niet, zodat er voor hen geen onevenredig nadelige gevolgen zijn. Bij de positie van de gehandicaptenparkeerplaats is rekening gehouden met de ligging ten opzichte van de woning van aanvrager, zodanig dat dit geen of nauwelijks hinder geeft voor de overige bewoners.

 

Gehoord

Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer is overleg gepleegd met de politie Zeeland-West-Brabant.

 

Besluiten

  • I.

    Een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken aan te wijzen in de Heusdenhoutsestraat ter hoogte van huisnummer 340 te Breda en in verband hiermee het bord E6 ‘gehandicaptenparkeerplaats’ met het onderbord OB309 ‘kenteken’ van de auto van de rechthebbende van de parkeerplaats, bij de betreffende parkeerplaats te plaatsen.

 

  • II.

    Een en ander overeenkomstig tekening ‘GPP Heusdenhoutsestraat’, welke onderdeel uitmaakt van dit besluit.

 

  • III.

    De datum van openbaarmaking van dit verkeersbesluit te bepalen op 19 juli 2022.

 

 

Breda, 19 juli 2022,

 

 

Hoogachtend,

burgemeester en wethouders van Breda,

namens dezen,

 

J.C. van Westenbrugge,

Hoofd afdeling Veiligheid en Leefomgeving

 

 

Ter inzage

Het verkeersbesluit is voor een ieder in te zien via www.officielebekendmakingen.nl en www.overheid.nl. Nadere informatie kan worden ingewonnen via telefoonnummer 14 076.

 

Bezwaar

Op grond van de Algemene wet bestuursrecht kan iedereen wiens belang rechtstreeks bij dit besluit is betrokken, hiertegen binnen zes weken na de dag waarop dit besluit bekend is gemaakt, een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet worden gericht aan het college van Burgemeester en Wethouders van Breda, Postbus 90156, 4800 RH Breda. Het maken van bezwaar schorst niet de werking van dit besluit.

 

Het bezwaarschrift moet ten minste bevatten:

a. naam en adres;

b. de dagtekening;

c. omschrijving van het besluit waartegen het bezwaarschrift gericht is: Verkeersbesluit ‘Gehandicaptenparkeerplaats op kenteken in de Heusdenhoutsestraat ter hoogte van huisnummer 340 te Breda’;

d. de gronden van het bezwaar.

U wordt verzocht, indien mogelijk, een kopie van het besluit waartegen het bezwaar is gericht, mee te zenden.

Indien een bezwaarschrift is ingediend kan bij de voorzieningenrechter van de rechtbank binnen het rechtsgebied waar de indiener van het bezwaarschrift zijn woonplaats heeft, een verzoek worden gedaan tot het treffen van een voorlopige voorziening (waaronder schorsing) indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Voor de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening wordt een bedrag aan griffierecht geheven.

 

Bijlage onderdeel uitmakend van di t besluit

Tekening ‘GPP Heusdenhoutsestraat’

 

 

Naar boven