Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Hilversum;
Gelet op: artikel 3 Algemene subsidieverordening 2021;
BESLUIT: Vast te stellen de volgende:
Nadere regel reserves en voorzieningen gesubsidieerde organisaties gemeente Hilversum 2022
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
In deze nadere regel wordt verstaan onder:
- Algemene reserve: deel van het eigen vermogen waaraan geen bepaalde bestemming is gegeven. Het is een vrij besteedbare reserve.
- Bestemmingsreserve: deel van het eigen vermogen waaraan een bepaalde bestemming is gegeven. Deze bestemming is in principe aanpaspaar.
- Voorziening: deel van het vreemd vermogen dat bestemd is voor toekomstige financiële verplichtingen. Deze verplichting is voorzienbaar en onvermijdelijk.
- Structurele subsidie: een subsidie die jaarlijks wordt verstrekt voor dezelfde of in hoofdzaak dezelfde voortdurende activiteiten.
- Subsidie: aanspraak op financiële middelen, door een bestuursorgaan verstrekt met het oog op bepaalde activiteiten van de aanvrager, anders dan als betaling voor aan het bestuursorgaan geleverde goederen of diensten.
Artikel 2. Reikwijdte
Deze nadere regel is van toepassing op de verstrekking van structurele subsidies door het college van B&W op grond van de Algemene Subsidieverordening Hilversum 2021 (ASV).
Deze regel dient tevens ter uitwerking van de norm ‘voldoende middelen’ die wordt genoemd in art. 8 lid 3b van de ASV.
Artikel 3. Doelstelling
Met deze nadere regel geeft het college richting aan de maximaal toegestane reserves van gesubsidieerde organisaties.
Artikel 4. Algemene reserve
1. Organisaties die structureel subsidie ontvangen mogen een algemene reserve hebben of vormen. De maximaal toegestane omvang van de algemene reserve is 15% van de totale jaarlasten.
2. Indien de hoogte van de algemene reserve meer dan 15% van de totale jaarlasten bedraagt, kan het college besluiten het meerdere in mindering te brengen op het besluit tot subsidieverstrekking van het volgende jaar, door dat deel van de aanvraag te weigeren. Daarbij gelden de volgende uitgangspunten:
a. Als de gemeente Hilversum niet de enige subsidieverstrekker is, wordt de omvang van de (gedeeltelijke) weigering van de subsidie bepaald door het aandeel van de subsidie van de Gemeente Hilversum in relatie tot het totaal aan inkomsten uit subsidies.
b. Bij het besluit tot het (gedeeltelijk) weigeren van de subsidieaanvraag weegt het te verwachten exploitatieresultaat over het lopende boekjaar mee in het bepalen van de omvang van de (gedeeltelijke) weigering.
Artikel 5. Bestemmingsreserve
1. Organisaties die structureel subsidie ontvangen mogen bestemmingsreserves hebben of vormen.
2. De hoogte van een bestemmingsreserve moet in een redelijke verhouding staan tot het specifieke doel waarvoor de reserve is ingesteld.
3. Bij het aanvragen van een subsidie, dient de organisatie inzicht te geven in het doel van de bestemmingsreserve, de gewenste maximale omvang per bestemmingsreserve en het tijdstip waarop besteding van de reserve wordt verwacht.
4. Het college kan de hoogte van de bestemmingsreserves betrekken bij het besluit tot subsidieverstrekking. De beoordeling van de omvang en het doel van de bestemmingsreserves wordt betrokken bij de afweging of een organisatie over voldoende middelen beschikt of kan beschikken om zelf in de kosten van de activiteiten te voorzien.
Artikel 6. Voorzieningen
1. Organisaties die structureel subsidie ontvangen mogen voorzieningen hebben of vormen.
2. Een voorziening wordt gevormd voor toekomstige financiële verplichtingen.
3. Voorzieningen zijn te voorzien, onvermijdelijk en kunnen niet binnen de jaarlijkse exploitatie opgevangen worden.
4. Voorzieningen voldoen aan de geldende verslaggevingsregels uit titel 9 BW2.
5. Voorzieningen die aan de voorwaarden zoals in dit artikel vermeld voldoen, worden buiten beschouwing gelaten bij het beoordelen van de vraag of een organisatie over voldoende middelen beschikt of kan beschikken om zelf in de kosten van de activiteiten te voorzien.
Artikel 7. Specifieke voorwaarden
1. Het vormen en voeden van een reserve met gemeentelijke subsidiegelden is uitsluitend toegestaan wanneer er bij de gesubsidieerde organisatie sprake is van een positief jaarresultaat.
2. Het positief jaarresultaat als bedoeld in het eerste lid van dit artikel mag niet veroorzaakt zijn door het niet of slechts ten dele uitvoeren van activiteiten waarvoor een subsidie is verstrekt.
3. Uit de jaarrekening van de gesubsidieerde organisatie moet blijken welke reserves en voorzieningen er zijn.
4. Overschrijding van de bij of krachtens deze nadere regel vastgestelde maximale hoogte van reserves kan leiden tot een lagere vaststelling van de verleende subsidie mits dit als voorwaarde is gesteld in de verleningsbeschikking.
Artikel 8. Informatie opvragen
Het college kan aanvullende gegevens opvragen die nodig zijn om de omvang van de reserves en de prognose van het lopende jaar van een structureel gesubsidieerde organisatie vast te kunnen stellen.
Artikel 9. Inwerkingtreding
Deze nadere regel treedt in werking op de dag van publicatie. Tegelijk daarmee vervalt de Beleidsregel reserves en voorzieningen gesubsidieerde instellingen 2011.
Artikel 10. Citeertitel
Deze nadere regel wordt aangehaald als Nadere regel reserves en voorzieningen Hilversum 2022.