Besluit vaststelling hogere geluidsgrenswaarde Hoofdstraat 35 te Zenderen

Vaststelling hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting ingevolge artikel 83 lid 1 Wet geluidhinder

Aanleiding

Het bestemmingsplan ‘Algemene herziening Borne, Hertme, Zenderen’ maakt het realiseren van meerdere appartementen op de locatie Hoofdstraat 35 in Zenderen niet mogelijk. Hiervoor is een aanvraag omgevingsvergunning voor ingediend op 1 februari 2022 met kenmerk HZ-WABO-2022-0030. De locatie ligt binnen de wettelijke zone van de Hoofdstraat. Het betreft hier het wijzigen van een bestaand pand. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidbelasting op een aantal gevels als gevolg van het verkeer hoger is dan de wettelijke voorkeursgrenswaarde. Om de realisering van de appartementen mogelijk te maken, is het nodig dat hogere grenswaarden worden vastgesteld.

Akoestisch onderzoek

Op grond van artikel 77 Wet geluidhinder is door BJZ.nu een akoestisch onderzoek opgesteld: Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai Hoofdstraat 35, Zenderen, d.d. juli 2021, rapportnr. 2021-310. In het onderzoek is in beeld gebracht wat de toekomstige geluidsbelasting is in het maatgevende jaar 2031. De geluidbelasting is bepaald op de gevels van de nieuw te realiseren appartementen op 1,5 en 4,5 meter hoogte.

Toetsingskader

Wet Geluidhinder

Als binnen de zone van de weg geluidsgevoelige objecten liggen, moet een onderzoek uitgevoerd worden naar de te verwachten geluidsbelasting op de gevels van het geluidsgevoelige object. Indien uit het onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde wordt overschreden moet onderzocht worden of er geluidbeperkende maatregelen getroffen kunnen worden. De geluidbeperkende maatregelen zijn erop gericht de geluidsbelasting zo veel mogelijk terug te brengen tot de voorkeursgrenswaarde van Lden = 48 dB.

Als de geluidbelasting de voorkeursgrenswaarde te boven gaat, kunnen burgemeester en wethouders op grond van de Wet geluidhinder een hogere waarde vaststellen. In nieuwe situaties in stedelijk gebied, kan een hogere waarde tot maximaal 63 dB voor wegverkeer en 55 dB railverkeer worden vastgesteld.

Een hogere waarde kan alleen worden verleend in die gevallen waarin maatregelen, gericht op het terugbrengen van de te verwachten geluidsbelasting onvoldoende doeltreffend zijn, dan wel op overwegende bezwaren stuit van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard. Voorwaarde voor het verlenen van een hogere waarde is dat de geluidsbelasting binnen de geluidsgevoelige ruimten de maximaal toelaatbare waarden niet overschrijdt.

Bij het bepalen van geluidsbeperkende maatregelen geldt de volgorde van voorkeur:

  • bronmaatregelen;

  • overdrachtsmaatregelen;

  • gevelmaatregelen.

Gemeentelijk geluidbeleid

Daarnaast is in Borne geluidbeleid vastgesteld. Het opgestelde gemeentelijke geluidbeleid bestaat uit twee afzonderlijke nota’s:

  • 1.

    nota Gebiedsgericht Geluidbeleid;

  • 2.

    nota Hogere Grenswaarden.

In de nota Hogere Grenswaarden heeft de gemeente uitgewerkt hoe het hiervoor genoemde criterium uit artikel 110a lid 5 Wgh in Borne wordt toegepast. Bovendien is vastgelegd welke (extra) criteria en voorwaarden de gemeente hanteert. In de nota is het gebied getypeerd als “rustige woonwijk”. De geluidsambitie is redelijk rustig (maximaal 48 dB); de bovengrens is lawaaiig (maximaal 63 dB).

Bij een hogere waarde tot de geluidklasse lawaaiig (63 dB) gelden op grond van het gemeentelijk geluidbeleid de volgende voorwaarden:

  • 1.

    zwaarwegend maatschappelijk en/of stedenbouwkundig belang, nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen gebouwd. Bijvoorbeeld indien er sprake is van vervangende nieuwbouw of een aantoonbare stedenbouwkundige verbetering van de bestaande situatie.

  • 2.

    de lucht- en contactgeluidsisolatie tussen woningen/appartementen wordt met één geluidsklasse (= 5 dB) aangescherpt;

  • 3.

    naast de akoestische compensatie wordt bij grotere bouwplannen ook niet- akoestische compensatie toegepast (bijvoorbeeld veel groen, een kinderspeelplaats of de nabijheid van openbaar vervoer).

Daarnaast moet aan de voorwaarden voor een hogere waarde tot de geluidklasse 'onrustig’ en 'zeer onrustig’ uit het gemeentelijk geluidbeleid worden voldaan:

  • 1.

    indien mogelijk bronmaatregelen (bijvoorbeeld stillere asfalttypen) treffen;

  • 2.

    indien mogelijk de afstand tussen de geluidsbron en de nieuwe woning(en) vergroten;

  • 3.

    in ieder geval dient bij woningen/appartementen de buitenruimte (tuin/balkon) te voldoen aan de ambitiewaarde van het betreffende gebied;

  • 4.

    getracht wordt het stedenbouwkundig ontwerp zodanig vorm te geven om zoveel mogelijk afscherming voor het achterliggende gebied te creëren;

  • 5.

    er dient rekening te worden gehouden met de indeling van de woning: bij appartementen en seniorenwoningen dient minimaal één verblijfsruimte in de woning aan de geluidsluwe zijde te worden gesitueerd; bij eengezinswoningen dienen minimaal drie verblijfsruimten in de woning aan de geluidsluwe zijde;

  • 6.

    wanneer de woning een balkon heeft dan moet deze bij voorkeur afsluitbaar zijn, zodat men zelf kan kiezen of men zich wil afzonderen van de hoge geluidsbelasting of niet;

  • 7.

    bij een aanvraag behorend bij een bouwvergunning voor een woning en andere geluidgevoelige bestemmingen dient een bouwakoestisch onderzoek te worden gevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde van het Bouwbesluit;

  • 8.

    de buitenruimtes (tuin of balkon) worden bij voorkeur aan de geluidsluwe zijde gesitueerd.

Uit het onderzoek blijkt dat de geluidbelasting als gevolg van het verkeer over de Hoofdstraat ten hoogste 63 dB bedraagt (inclusief 5 dB aftrek art. 110g Wgh). Hiermee wordt niet voldaan aan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wet geluidhinder en de ambitiewaarde uit het gemeentelijk geluidbeleid. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB uit het gemeentelijke geluidbeleid en de Wet geluidhinder wordt niet overschreden.

Overweging

Wet Geluidhinder

De volgende maatregelen om de geluidsbelasting te reduceren zijn overwogen:

  • Bronmaatregelen: het treffen van bronmaatregelen als het beperken van het aantal voertuigen is niet mogelijk. De initiatiefnemer heeft geen invloed op het motor- en bandengeluid van de voertuigen. Daarnaast kan het type wegdek niet worden aangepast door de initiatiefnemer en zal de wegbeheerder niet instemmen met de toepassing van stilasfalt over een kort wegvak. Wel is op dit moment de aanleg van een rondweg rond Zenderen in ontwerpfase, waardoor de geluidsbelasting in de toekomst zal afnemen. Deze maatregel zal echter niet kunnen leiden tot het voldoen aan de voorkeurswaarde;

  • Overdrachtsmaatregelen: het treffen van maatregelen in de overdracht, zoals het realiseren van een scherm of een wal is niet gewenst. Het treffen van overdrachtsmaatregelen stuit op financiële en stedenbouwkundige bezwaren.

  • Ontvangermaatregelen: het treffen van maatregelen bij de ontvanger zijn wel goed toepasbaar.

Geconcludeerd wordt dat redelijkerwijs geen maatregelen aan de bron en/of de overdracht mogelijk of onvoldoende doelmatig zijn om de geluidsbelasting te reduceren of dat maatregelen daartoe op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke, verkeerskundige, vervoerskundige of financiële aard stuiten.

Gemeentelijk geluidbeleid

Uit de toetsing aan het gemeentelijk geluibeleid blijkt het volgende:

  • Bron- en overdrachtsmaatregelen zijn overwogen maar niet mogelijk.

    De woningen beschikken over een geluidsluwe buitenruimte en over een verblijfsruimte aan de geluidsluwe zijde.

  • De binnenwaarde, waaraan bij het realiseren van de woningen in dit reeds bestaande pand zal moeten worden voldaan, bedraagt 38 dB. Bij een aanvraag om bouwvergunning voor de woningen moet worden getoetst of wordt voldaan aan deze binnenwaarde, die 5 dB hoger ligt dan de nieuwbouweis uit het Bouwbesluit 2012.

  • In de geluidsklasse 'lawaaiig' worden slecht in het geval van zwaarwegend maatschappelijk en/of stedenbouwkundig belang, nieuwe geluidsgevoelige bestemmingen gebouwd. In dit geval is geen sprake van nieuwbouw, maar sprake van een extra woonbestemming in een bestaande stedenbouwkundige situatie

Conclusie

De voorwaarden voor het toekennen van een hogere waarde op grond van het beoordelingskader van het gemeentelijk geluidbeleid geldt als uitgangspunt voor nieuwe woningbouwontwikkelingen waarbij door situering, afscherming en bouwkundige maatregelen naar de stand der techniek en wijziging van indeling het vereiste goede woon- en leefklimaat kan worden gerealiseerd. Bij bestaande panden waarin een functiewijziging wordt doorgevoerd geldt vanuit het Bouwbesluit dat de oude voorwaarden die golden ten tijde van de bouw van het pand in stand blijven (rechtens verkregen situatie).

Gelet op het voorgaande blijkt dat niet op alle punten kan worden voldaan aan de “Voorwaarden voor het toekennen van hogere waarde tot en met de geluidsklasse lawaaiig” zoals vastgelegd in de nota Hogere Grenswaarden.

Het is in deze bestaande situatie niet redelijk te laten voldoen aan de binnenwaarde die in geval van nieuwbouw geldt. In plaats daarvan dient de geluidsbelasting aantoonbaar te worden beperkt tot ten hoogste 38 dB door het treffen van gevelmaatregelen. Deze waarde is gekozen vanuit de Wet geluidhinder die deze waarde hanteert als toetswaarde bij geluidsaneringsprojecten, zodat geen nieuw saneringsgeval wordt gerealiseerd door de functiewijziging. Deze waarde is verbonden aan een nog aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

Aangezien wordt verbouwd uitgaande van een bestaande bouwconstructie is het evenmin redelijk een 5 dB hogere eis te stellen aan de lucht- en contactgeluidisolatie boven op de bestaande eis uit het Bouwbesluit 2012 die waarschijnlijk reeds aanvullende maatregelen vereisen in de bestaande constructie.

Procedure

De reguliere besluitvormingsprocedure overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.7 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht juncto artikel 110c van de Wet geluidhinder is van toepassing op dit besluit.

Op grond van artikel 83 lid 1 van de Wet geluidhinder en gelet op de voornoemde gronden en afwegingen, stelt het college van burgemeester en wethouders een hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidsbelasting ten behoeve van de op te richten woningen gelegen binnen de zone van de Hoofdstraat (N743).

Beroep

Belanghebbenden kunnen beroep instellen tegen dit besluit. U kunt van 6 mei 2022 tot en met 17 juni beroep instellen door een brief te sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA ’s-Gravenhage. Het beroepschrift moet ondertekend zijn en in ieder geval de naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het beroep is gericht en de gronden van het beroep bevatten. Ook dient een kopie van het bestreden besluit te worden meegestuurd. Hiervoor is griffierecht verschuldigd.

U kunt ook digitaal beroep instellen via https://digitaalloket.raadvanstate.nl. Daarvoor moet u wel beschikken over een elektronische handtekening (DigiD). Kijk op de genoemde site voor de precieze voorwaarden.

Borne,

Namens het college van burgemeester en wethouders,

dę teamcoördinator ruimtelijke en economische ontwikkeling,

J.J. Zander

Naar boven