Overwegingen ten aanzien van het besluit
Gelet op
- Artikel 18 eerste lid, onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW1994) zijn burgemeester en wethouders bevoegd tot het nemen van verkeersbesluiten in de gemeente Westland.
- Artikel 15, eerste lid, van de WVW1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake wegverkeer (hierna: BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of dit wordt gewijzigd.
- Artikel 15, tweede lid, van de WVW1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor maatregelen op of aan de weg tot wijziging van de inrichting van de weg of het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken.
Grondslag
Overeenkomstig artikel 2, lid 1, sub a t/m d, van de WVW1994 en artikel 21 van het BABW op de bovengenoemde weg maatregelen dienen te worden genomen met als doel:
het verzekeren van de veiligheid op de weg;
het beschermen van weggebruikers en passagiers;
het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer.
Op basis van bovenstaande overweging en met inachtneming van:
de Wegenverkeerswet 1994;
het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer;
uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens;
het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990;
de Algemene wet bestuursrecht;
het verkeersbordenboek (VNVF);
de duurzaamheidsagenda 2012-2020 ‘Waardevol Westland’;
het mandaatbesluit van de gemeente Westland zijn wij bevoegd dit besluit te nemen. (Mandatenregeling 2018)
Overwegende dat
de in dit genoemde verkeersbesluit genoemde weg in eigendom, beheer en onderhoud van de gemeente Westland is;de in dit genoemde verkeersbesluit genoemde weg buiten de bebouwde kom ligt;- de Arckelweg een verplicht fietspad is;de Arckelweg door ruiters wordt gebruikt als recreatieve route;dit leidt tot verkeersonveilige situaties met fietsers;om de verkeersveiligheid en leefbaarheid van de Arckelweg te kunnen garanderen is het wenselijk om fietsers en ruiters van elkaar te scheiden;er voldoende ruimte naast de Arckelweg is om ruiters een apart pad te geven; Mede gelet opGelet op artikel 24 van het BABW is overleg gepleegd met de politie inzake de handhaafbaarheid.Gelet op artikel 26 van het BABW wordt dit besluit bekendgemaakt door op de in de artikelen 5 onderscheidenlijk 6 van de Bekendmakingswet bepaalde wijze.