Ouder-Amstel, kenmerk 2022-032789
Burgemeester en Wethouders van Ouder-Amstel;
Formeel kader
Op grond van artikel 18, eerste lid, onderdeel d van de Wegenverkeerswet 1994 is het college van burgemeester en wethouders bevoegd tot het nemen van verkeersbesluiten op alle gemeentelijke wegen.
Op grond van artikel 15, eerste lid, van de Wegenverkeerswet 1994 moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen over het wegverkeer genoemde verkeerstekens, en ook voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd.
Advisering
Overeenkomstig artikel 24 van het Besluit administratieve bepalingen over het wegverkeer is overleg gepleegd met de, namens de politiechef politieregio Amsterdam, gemandateerde specialist van het team Verkeersadvisering over dit verkeersbesluit.
Overwegingen ten aanzien van het besluit
Motivering
Het verkeersbesluit, genomen onder kenmerk 2022-025261 bevatte onjuiste informatie. Het gaat namelijk om de uitvoering van een proef voor het afsluiten van de Kerkbrug in een richting. Daarom wordt dit besluit ingetrokken. Het nieuwe verkeersbesluit wordt op een later moment genomen.
Besluit
en
Het verkeersbesluit onder kenmerk 2022-025261 wordt ingetrokken. Dit betekent dat de eerder voorgestelde verplichte rijrichting niet wordt ingesteld door het niet plaatsen van de borden C02/C03 met onderbord OB054 "uitgezonderd (brom)fietsers" (van bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990).
Bovendien wordt het verbod voor bestuurders door te gaan bij nadering van verkeer uit tegengestelde richting en gebod om bestuurders uit tegengestelde richting verkeer dat van deze richting nadert voor te laten gaan ingetrokken.
Ouderkerk aan de Amstel, 23 maart 2022
Namens deze,
ing. P.M. Louwerse
Teamleider Inrichting en beheer
Afdeling Buurt
Uitvoeringsorganisatie Duo+
MEDEDELINGEN
Beroep- en bezwaarclausule
Een bezwaarschrift tegen dit besluit kan door belanghebbenden worden ingediend bij het college van burgemeester en wethouders (Postbus 35, 1190 AA Ouderkerk aan de Amstel) binnen zes weken na bekendmaking van het besluit. Het bezwaarschrift moet worden ondertekend en moet ten minste bevatten:
- 1.
- 2.
- 3.
omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt,
- 4.
de reden(en) waarom u bezwaar maakt,
- 5.
schrijft u het bezwaarschrift in een vreemde taal, dan zorgt u voor een vertaling,
- 6.
(bij voorkeur) een kopie van het besluit waartegen u bezwaar wilt maken.
Het indienen van een bezwaarschrift schort de werking van het besluit niet op. De mogelijkheid bestaat om – zodra het bezwaarschrift is ingediend – ook een verzoek om een voorlopige voorziening in te dienen. Er moet sprake zijn van een spoedeisend belang. Dit verzoek dient te worden gericht aan de Voorzieningenrechter van de Rechtbank Amsterdam, Postbus 75850, 1070 AW Amsterdam. Aan het verzoek zijn kosten verbonden.