Gemeenteblad van Rotterdam

Datum publicatieOrganisatieJaargang en nummerRubriek
RotterdamGemeenteblad 2021, 68224Overige besluiten van algemene strekking



Besluit van de burgemeester van de gemeente Rotterdam houdende regels omtrent het Handelingskader Tijdelijke wet maatregelen covid-19

De burgemeester van de gemeente Rotterdam,

 

gelezen het voorstel van de directeur Veiligheid en gehoord de beraadslaging van de driehoek van 2 maart 2021;

 

gelet op hoofdstuk Va van de Wet publieke gezondheid;

 

overwegende dat:

  • -

    op 1 december 2020 de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 in werking is getreden;

  • -

    hiermee een nieuw hoofdstuk Va is toegevoegd aan de Wet publieke gezondheid;

  • -

    in dit hoofdstuk aanvullende maatregelen ter bestrijding van het covid-19 virus zijn opgenomen;

  • -

    deze aanvullende maatregelen verder zijn uitgewerkt in de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19;

  • -

    er een aantal wijzigingen heeft plaatsgevonden van de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19;

  • -

    de handhaving van de in hoofdstuk Va van de Wet publieke gezondheid en de bijbehorende ministeriële regelingen genoemde maatregelen voor een groot deel is belegd bij de burgemeester;

  • -

    de burgemeester op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht bevoegd is om beleidsregels vast te stellen met betrekking tot de handhaving van de maatregelen genoemd in de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 en de daarbij horende ministeriële regelingen;

  • -

    het wenselijk is dat de burgemeester het Handelingskader Tijdelijke wet maatregelen covid-19 vaststelt;

besluit:

Artikel 1  

De burgemeester stelt het Handelingskader Tijdelijke wet maatregelen covid-19 zoals opgenomen in de bijlage vast.

Artikel 2  

Het Handelingskader Tijdelijke wet maatregelen covid-19 van 10 februari 2021 (Gemeenteblad 2021, 44930) wordt ingetrokken.

Artikel 3  

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van het gemeenteblad waarin het wordt geplaatst.

Aldus vastgesteld op 2 maart 2021.

De burgemeester,

Drs. B. Wijbenga–van Nieuwenhuizen

Locoburgemeester

Dit gemeenteblad is uitgegeven op 3 maart 2021 en ligt op dins-, woens- en donderdagen van 9.00 tot 13.00 uur ter inzage bij het Bestuurlijk Informatiecentrum Rotterdam (BIR), locatie Wachtruimte Timmerhuis, Halvemaanpassage 1 (trap op, melden bij Informatiebalie)

(Zie ook: www.bis.rotterdam.nl – Regelgeving of Gemeentebladen chronologisch)

Handelingskader Tijdelijke wet maatregelen COVID-19, Rotterdam

(Versie 2 maart 2021)

 

1. Inleiding

In Nederland, maar ook wereldwijd, is er een uitbraak van het coronavirus. Ter bescherming van de veiligheid en de gezondheid worden er maatregelen genomen om verdere verspreiding van het virus tegen te gaan.

 

De maatregelen ter bestrijding van de covid-19 epidemie waren tot 1 december 2020 voor een belangrijk deel gebaseerd op aanwijzingen van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. De voorzitters van de veiligheidsregio’s vertaalden deze aanwijzingen in noodverordeningen. Met de inwerkingtreding van de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (hierna: TWM) per 1 december 2020 is een einde gekomen aan deze structuur van aanwijzingen en noodverordeningen.

 

Met de TWM is een nieuw hoofdstuk toegevoegd aan de Wet publieke gezondheid (hierna: Wpg). Dit hoofdstuk bevat de wettelijke grondslag voor aanvullende maatregelen die nodig zijn ter bestrijding van het covid-19 virus. Deze aanvullende maatregelen zijn verder uitgewerkt in de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19. De handhaving van de in hoofdstuk Va van de Wpg en de bijbehorende ministeriele regeling genoemde maatregelen is voor een groot deel belegd bij de burgemeester.

 

Met de gewijzigde Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 per 3 maart 2021 heeft er grotendeels een verlenging plaatsgevonden van de afgekondigde maatregelen ter bestrijding van covid-19, inclusief de avondklok, tot en met 15 maart 2021. Daarnaast is er een beperkt aantal versoepelingen doorgevoerd op het gebied van sport, contactberoepen en detailhandel. Verder zijn het beroepsonderwijs en het voortgezet onderwijs onder voorwaarden opengesteld. Gepaste handhaving van de maatregelen ter bestrijding van de epidemie blijft essentieel. Die handhaving ziet zowel op meer toezicht en waarschuwen, maar – in voorkomende gevallen – ook op verbaliserend en handhavend optreden. Daar waar aanspreken en waarschuwen onvoldoende resultaat geeft om naleving van de regels te bevorderen en te waarborgen, wordt strenger opgetreden. Dit geldt bijvoorbeeld bij evidente gevallen van overtreding en gevallen waarbij na een waarschuwing of aanwijzing de overtreding niet wordt beëindigd.

 

We blijven een groot beroep doen op de burger en de ondernemers bij de naleving van de maatregelen. Er is daarom nog steeds een belangrijke rol en (eigen) verantwoordelijkheid weggelegd bij de exploitanten en/of verantwoordelijken en/of eigenaren van de verschillende voorzieningen die nog bezocht mogen worden en/of de samenkomsten die door hen worden georganiseerd. Deels door het opstellen en naleven van sectorspecifieke protocollen, zo nodig met behulp van de afwegingskaders van het RIVM (en de adviezen van de GGD), deels door bezoekers/burgers aan te spreken op de naleving daarvan. Met branches en bedrijven worden afspraken gemaakt over strikte naleving van de maatregelen en daar waar nodig worden protocollen aangescherpt.

 

Hoofdstuk Va van de Wpg en de bijbehorende ministeriele regeling vormen de juridische basis voor de in de sectoren en branches zelf opgestelde protocollen in het kader van de ‘anderhalve meter samenleving’ en voor de handhaving door de sector of brancheorganisaties zelf, indien zij daarin voorzien. Dergelijke protocollen vormen daarmee een nuttige invulling van de zorgplichten.

 

De bestuursrechtelijke handhaving van Hoofdstuk Va en de bijbehorende ministeriele regeling is in veel gevallen de verantwoordelijkheid van de burgemeester. Dat is het geval op openbare plaatsen en op publieke plaatsen. Op besloten plaatsen is zowel de burgemeester bevoegd als de minister van VWS. Indien het gaat om een besloten plaats waar een beroep of bedrijf wordt uitgeoefend (bijvoorbeeld: een kantoorpand) is de minister bevoegd om handhavend op te treden. Op overige besloten plaatsen is de burgemeester bevoegd.

 

De burgemeester heeft per locatie (besloten plaats 1 , publieke plaats2 , openbare plaats3 ) verschillende bestuursrechtelijke handhavingsmogelijkheden. Het kan, afhankelijk van het soort locatie, gaan om een aanwijzing aan degene die een zorgplicht heeft voor naleving van de coronamaatregelen, een spoedbevel aan degene die een zorgplicht heeft voor naleving van de coronamaatregelen, een last onder bestuursdwang of last onder dwangsom en een bevel. Welke bevoegdheid het meest geschikt is, hangt in grote mate af van de concrete omstandigheden van het geval.

 

Daarnaast kan ook strafrechtelijk worden gehandhaafd op de maatregelen. In het algemeen geldt dat afhankelijk van de aard van de bepaling (en de specifieke omstandigheden van het geval) wordt gekozen voor bestuursrechtelijke en/of strafrechtelijke handhaving. Sommige overtredingen lenen zich meer voor bestuursrechtelijke handhaving (herstel) en andere meer voor een strafrechtelijke aanpak. Zo ligt het bestuursrechtelijk optreden meer in de rede als er handhavend opgetreden moet worden richting bedrijven, exploitanten en organisatoren of degenen die verantwoordelijk zijn voor de naleving van genomen maatregelen. Nadruk ligt dan immers op de naleving en het herstel en in overeenstemming brengen van de situatie met de geldende wet- en regelgeving. Strafrechtelijk optreden ligt meer in de rede als bestuursrechtelijke handhaving richting organisatoren en/of verantwoordelijken geen effect heeft of als sprake is van een exces. Strafrechtelijke handhaving is ook aangewezen in gevallen dat de verbodsbepaling gericht is tot de individuele burger en snelle normhandhaving een onmiddellijk effect dient te realiseren. In dergelijke gevallen zijn bestuursrechtelijke maatregelen minder aangewezen en/of effectief.

 

De burgemeester blijft bovendien bevoegd om op basis van andere lokale handhavingsarrangementen (aanvullende) maatregelen te treffen indien noodzakelijk. Hierbij kan worden gedacht aan handhavingsarrangementen op het gebied van horeca, evenementen, standplaatsen, markten etc. Zo kunnen overtredingen ook gevolgen hebben voor vergunningen.

 

Het toezicht op hoofdstuk Va van de Wpg en de bijbehorende ministeriele regeling berust bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ), de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) en de door de bij besluit van de minister van VWS aangewezen ambtenaren. Toezichthouders beschikken hierbij altijd over een discretionaire bevoegdheid.

 

De gewijzigde Tijdelijke regeling per 3 maart 2021 bevat ten opzichte van de versie van de Tijdelijke regeling van 8 februari 2021 onder andere de volgende veranderingen:

  • -

    het middelbaar beroepsonderwijs en het voortgezet onderwijs mogen vanaf 1 maart 2021 weer gedeeltelijk geopend zijn;

  • -

    alle contactberoepen, met uitzondering van de sekswerkers, mogen met ingang van 3 maart 2021 weer hun beroep weer uitoefenen onder bepaalde voorwaarden;

  • -

    jongeren van 18 tot en met 26 jaar mogen in teamverband buiten sporten bij sportaccommodaties en onderling wedstrijden spelen met teams van eigen club;

  • -

    detailhandel mag worden geopend voor winkelen op afspraak;

  • -

    de heropening van beheerde speeltuinen en de heropening van locaties voor certificering en examinering voor beroep en bedrijf;

Bovendien is op 22 februari 2021 de Tijdelijke wet beperking vertoeven in de openlucht covid-19 vastgesteld en in werking getreden. Daarmee is in de Wpg voorzien in een (afzonderlijke) wettelijke grondslag voor het instellen van een avondklok ter bestrijding van de covid-19 epidemie. De avondklok geldt in ieder geval tot en met 15 maart 2021 04:30 uur.

 

Onderstaand volgt een handelingskader. Afhankelijk van de feiten en omstandigheden kan de burgemeester besluiten van een maatregel af te zien, over te gaan tot een verzwaring of ook besluiten een of meerdere stappen over te slaan (en bijvoorbeeld een maatregel te treffen waar normaliter eerst een waarschuwing zou volgen).

 

2. Handhaving verboden

 

2.1 Veiligeafstandsnorm

Op grond van artikel 58f Wpg jo. artikel 1 Tijdelijk besluit veilige afstand dient degene die zich buiten een woning ophoudt, een veilige afstand te houden tot andere personen. De veilige afstand bedraagt 1,5 meter.

 

Dit verbod geldt niet:

  • a.

    tussen personen die op hetzelfde adres woonachtig zijn;

  • b.

    voor een opsporingsambtenaar, toezichthouder, beveiligingsmede-werker, zorgverlener, mantelzorger of geestelijke bedienaar of persoon die werkzaam is bij een justitiële inrichting, bij de politie, de brandweer, de krijgsmacht of in de kinderopvang of die eerste hulp biedt bij een het leven of de gezondheid bedreigende situatie, voor zover deze zijn taak niet op gepaste wijze kan uitoefenen met inachtneming van de veilige afstand;

  • c.

    voor degene jegens wie een onder b genoemde persoon zijn taak uitoefent;

  • d.

    tussen een persoon met een handicap of persoon tot en met de leeftijd van twaalf jaar en diens begeleider, voor zover die persoon zich niet met inachtneming van de veilige afstand jegens zijn begeleider buiten een woning kan ophouden.

  • e.

    personen tot en met twaalf jaar en andere personen;

  • f.

    personen tot en met zeventien jaar onderling, tenzij zij zich bevinden in een instelling voor voortgezet onderwijs, een instelling voor beroepsonderwijs of een instelling voor hoger onderwijs of een andere ruimte die door een van deze instellingen voor onderwijsactiviteiten wordt gebruikt;

  • g.

    voor personen bij de uitoefening van hun beroep, voor zover werkzaamheden in het kader van de uitoefening van dat beroep noodzakelijk zijn en niet op gepaste wijze kunnen worden uitgeoefend met inachtneming van de veilige afstand, en degenen jegens wie zij hun werkzaamheden uitoefenen;

  • h.

    voor personen die podiumkunsten beoefenen of acteren, voor zover deze activiteiten niet op gepaste wijze kunnen worden uitgeoefend met inachtneming van de veilige afstand;

  • i.

    tussen zorgvrijwilligers, voor zover zij hun werkzaamheden niet op gepaste wijze kunnen uitoefenen met inachtneming van de veilige afstand, en degenen jegens wie zij hun werkzaamheden uitoefenen;

  • j.

    leerlingen onderling die zich bevinden op een locatie van een instelling voor voortgezet onderwijs, voor zover zij een vast koppel vormen;

  • k.

    leerlingen onderling die zich bevinden op een locatie van een school of instelling voor voortgezet speciaal onderwijs of praktijkonderwijs en tussen deze leerlingen en personen die daar een onderwijsactiviteit verzorgen;

  • l.

    leerlingen onderling die zich verplaatsen in de gangen op een locatie van een instelling voor voortgezet onderwijs, voor zover het niet mogelijk is de veiligeafstandsnorm in acht te nemen;

  • m.

    leerlingen onderling die deelnemen aan een onderwijsactiviteit in lichamelijk opvoeding in het voortgezet onderwijs;

  • n.

    personen die een praktijkgerichte onderwijsactiviteit in het voorbereidend beroepsonderwijs verzorgen dan wel daaraan deelnemen, voor zover deze onderwijsactiviteit niet op gepaste wijze kan worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand;

  • o.

    personen die een onderwijsactiviteit in een instelling voor beroepsonderwijs of een instelling voor hoger onderwijs verzorgen dan wel daaraan deelnemen, voor zover voor de beroepsmatige werkzaamheden waartoe de betreffende studenten worden opgeleid, een uitzondering op de veiligeafstandsnorm geldt en deze onderwijsactiviteit niet op gepaste wijze kan worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand;

  • p.

    tijdens de beoefening van sport, voor zover de sport niet op gepaste wijze kan worden beoefend met inachtneming van de veilige afstand, voor:

    • topsporters die uitkomen in de Dutch Basketball League mannen;

    • topsporters die uitkomen in de Vrouwen Basketball League;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Rolstoelbasketbal;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Volleybal vrouwen;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Volleybal mannen;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Waterpolo vrouwen;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Waterpolo mannen;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Handbal vrouwen;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Handbal mannen;

    • topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Hockey vrouwen;

    • topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Hockey mannen;

    • topsporters die uitkomen in de Korfbal League;

    • topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Honkbal;

    • topsporters die uitkomen in de Hoofdklasse Softbal;

    • topsporters die uitkomen in de Eredivisie Beachvolleybal;

    • topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van rugby;

    • topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van ijshockey;

    • topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van zaalvoetbal;

    • topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van badminton;

    • topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van squash;

    • topsporters die uitkomen in het hoogste niveau van tafeltennis;

    • voetballers behorende tot de A-selectie van clubs die uitkomen in de Eredivisie,

    • Vrouwen Eredivisie en Eerste divisie;

    • voetballers die uitkomen in internationale voetbaltoernooien die worden georganiseerd door de UEFA of de FIFA;

    • voetballers van vertegenwoordigende elftallen van de KNVB;

    • andere topsporters die zijn gelieerd aan een instelling voor topsport

  • q.

    voor zover de sport op gepaste wijze kan worden beoefend met inachtneming van de veilige afstand, tijdens de beoefening van de sport niet voor jongeren van achttien tot en met zesentwintig jaar die sport beoefenen in een sportaccommodatie buiten;

  • r.

    personen in het openbaar vervoer, ander bedrijfsmatig personenvervoer en personen in vervoer voor privédoeleinden, mits:

    • -

      het vervoer primair de verplaatsing van de ene naar de andere locatie behelst; en

    • -

      het vervoer geen recreatieve activiteit is.

  • s.

    personen tijdens en op de locatie van het inchecken, de beveiligings- en grensprocessen en het boarden op een luchthaven, voor zover deze activiteiten niet op gepaste wijze kunnen worden uitgevoerd met inachtneming van de veilige afstand.

Ten aanzien van dit verbod geldt dat de veiligeafstandsnorm wordt gehandhaafd vanaf drie personen.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Men leeft het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt een mondelinge waarschuwing aan de overtreders gegeven om een afstand van ten minste 1,5 meter te bewaren ten opzichte van elkaar;

  • -

    Indien nog steeds geen gehoor wordt gegeven, dan wordt overgegaan tot het geven van een verwijderingsbevel. Ook wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, tweede lid Wpg met een boete van ten hoogste 95 euro;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling) zou daarnaast ook nog een last onder dwangsom kunnen worden opgelegd op grond van artikel 58u, vierde lid Wpg4 .

Indien het in specifieke gevallen wenselijk is om de organisator of verantwoordelijke van een besloten plaats, niet zijnde beroep of bedrijf, of van een publieke ruimte aan te spreken, dan is dat mogelijk op grond van de zorgplicht. De handhavingslijn daarvoor is te vinden in paragraaf 2.13.1 van dit kader.

 

2.2 Groepsvorming

 

Op grond van artikel 58g Wpg jo. hoofdstuk 3 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 is het niet toegestaan om zich in een openbare plaats, een erf behorende bij een publieke plaats, een erf behorende bij een besloten plaats, niet zijnde een woning, op te houden met meer dan twee personen. Daarnaast is het in besloten binnenruimten5 niet toegestaan zich in groepsverband op te houden met meer dan dertig personen per zelfstandige ruimte.

 

Deze verboden geldt niet voor:

  • a.

    de personen, bedoeld in artikel 58f, derde lid, onder a en d, voor zover zij zich onderling ophouden;

  • b.

    een persoon als bedoeld in artikel 58f, derde lid, onder b en c;

  • c.

    een persoon die in gemeenschap met anderen zijn godsdienst of levensovertuiging belijdt;

  • d.

    een vergadering of betoging als bedoeld in de Wet openbare manifestaties;

  • e.

    een verkiezing als bedoeld in de Kieswet;

  • f.

    een vergadering van de Staten-Generaal of van een commissie daaruit;

  • g.

    een vergadering van de gemeenteraad, provinciale staten en het algemeen bestuur van een waterschap, of van een door deze organen ingestelde commissie;

  • h.

    een bijeenkomst van een internationale organisatie, die gevestigd is op het grondgebied van het Koninkrijk, of van een verdragspartij van een verdrag waarbij het Koninkrijk partij is;

  • i.

    een bijeenkomst die plaatsvindt onder verantwoordelijkheid van een rechter of een officier van justitie in de uitoefening van zijn ambt of die dient ter behandeling van een bezwaar of administratief beroep;

  • j.

    topsporters als bedoeld in artikel 2.1 onder p van dit handelingskader;

  • k.

    personen tot en met zeventien jaar die sport beoefenen;

  • l.

    trainers of begeleiders van een sportactiviteit;

  • m.

    jongeren als bedoeld in artikel 2.1 onder q van dit handelingskader

Voor het groepsverbod boven de twee personen gelden naast deze algemene uitzonderingen ook de volgende uitzonderingen:

  • a.

    personen tot en met twaalf jaar;

  • b.

    personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan georganiseerde jeugdactiviteiten en personen die deze activiteiten organiseren of begeleiden;

  • c.

    bezoekers bij een uitvaart, mits het groepsverband niet groter is dan vijftig personen;

  • d.

    bezoekers bij een huwelijksvoltrekking of de registratie van een partnerschap, mits het groepsverband niet groter is dan dertig personen;

  • e.

    personen die podiumkunsten beoefenen of acteren;

  • f.

    groepsverbanden die noodzakelijk zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van instellingen, bedrijven en andere organisaties;

  • g.

    zorgverleners of zorgvrijwilligers enerzijds en personen met een handicap die zij begeleiden anderzijds, alsmede de personen die zij begeleiden onderling;

  • h.

    ambtenaren die werkzaam zijn in het kader van de behandeling van een asielaanvraag, opvang, begeleiding, bewaring of gedwongen terugkeer van vreemdelingen in de uitoefening van hun functie enerzijds en degenen jegens wie zij hun taak uitoefenen anderzijds, alsmede deze laatste personen onderling.

Voor het groepsverbod boven de dertig personen gelden naast de algemene uitzonderingen ook de volgende uitzonderingen:

  • a.

    personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan georganiseerde jeugdactiviteiten en personen die deze activiteiten organiseren of begeleiden;

  • b.

    bezoekers bij een uitvaart, mits het groepsverband niet groter is dan vijftig personen;

  • c.

    personen die podiumkunsten beoefenen of acteren;

  • d.

    personen die deelnemen aan onderwijsactiviteiten, trainingsactiviteiten en educatieve activiteiten, locaties voor kinderopvang en zorglocaties;

  • e.

    groepsverbanden die noodzakelijk zijn voor de continuering van de dagelijkse werkzaamheden van instellingen, bedrijven en andere organisaties.

Handhavingslijn:

  • -

    Men leeft het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt een mondelinge waarschuwing aan de overtreders gegeven om zich niet op te houden in een gezelschap van meer dan twee personen in de openbare ruimte of meer dan 30 personen in de besloten binnenruimte;

  • -

    Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven, dan wordt overgegaan tot het geven van een verwijderingsbevel. Ook wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, lid 1 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling of bij herhaaldelijke overtreding) zou daarnaast ook nog een last onder dwangsom op grond van artikel 58u, vierde lid Wpg6 of gebiedsontzegging kunnen worden opgelegd.

Indien het in specifieke gevallen wenselijk is om de organisator of verantwoordelijke van een besloten binnenruimte, niet zijnde beroep of bedrijf, aan te spreken, dan is dat mogelijk op grond van de zorgplicht. De handhavingslijn daarvoor is te vinden in paragraaf 2.13.1 van dit kader.

 

2.3 Openstelling publieke plaatsen

Op grond van artikel 58h Wpg jo. hoofdstuk 4 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 gelden de volgende regels voor de openstelling van publieke plaatsen.

 

2.3.1. Sluiting publieke plaatsen

Onverminderd artikel 4.4, eerste en derde lid Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 worden geen andere publieke plaatsen voor publiek opengesteld dan:

  • a.

    locaties waar personen worden gehoord in verband met een bezwaarschrift of administratief beroep;

  • b.

    overheidsgebouwen met een publieksfunctie of een loket;

  • c.

    locaties gericht op zakelijke of financiële dienstverlening, uitsluitend voor die functie;

  • d.

    servicepunten voor het versturen of ontvangen van brieven en postpakketten, mits uitsluitend voor die functie geopend voor publiek;

  • e.

    winkels in de levensmiddelenbranche;

  • f.

    locaties waar een warenmarkt in de levensmiddelenbranche plaatsvindt, uitsluitend voor die functie;

  • g.

    groothandels voor levering ten behoeve van personen in de uitoefening van beroep of bedrijf;

  • h.

    voedselbanken, kledingbanken, uitsluitend voor die functie, en dierenvoedselbanken;

  • i.

    dierenspeciaalzaken die diervoeding en dierbenodigdheden verkopen, uitsluitend voor die functie;

  • j.

    publieke plaatsen waar het beroep van dierenarts wordt uitgeoefend;

  • k.

    drogisterijen;

  • l.

    apotheken;

  • m.

    opticiens;

  • n.

    audiciens;

  • o.

    tankstations;

  • p.

    wasserijen;

  • q.

    stomerijen;

  • r.

    locaties voor reparatie en onderhoud van goederen, uitsluitend voor die functie;

  • s.

    bibliotheken waar uitsluitend sprake is van het ophalen van bestelde of gereserveerde artikelen of het terugbrengen van artikelen;

  • t.

    publieke plaatsen waar tegen betaling verblijf wordt aangeboden aan personen die niet als ingezetene zijn ingeschreven in de basisregistratie personen met een adres in de gemeente waar dit verblijf wordt aangeboden, mits geen etenswaren of dranken aan de gasten worden geserveerd en mits deze publieke plaatsen als zodanig opgenomen zijn in het register van de Kamer van Koophandel of een soortgelijk erkend register;

  • u.

    luchthavens;

  • v.

    openbaar vervoer en ander bedrijfsmatig personenvervoer, mits het vervoer primair de verplaatsing van de ene naar de andere locatie behelst en het vervoer geen recreatieve activiteit is;

  • w.

    stations, halteplaatsen, of andere bij het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer behorende voorzieningen en de daarbij behorende perrons, trappen, tunnels en liften;

  • x.

    parkeergarages;

  • y.

    fietsenstallingen;

  • z.

    winkels buiten, indien daar uitsluitend bloemen verkocht worden;

  • aa.

    locaties waar een contactberoep, voor zover toegestaan op grond van artikel 6.8, wordt uitgeoefend;

  • bb.

    zorglocaties;

  • cc.

    locaties waar besloten en georganiseerde dagbesteding plaatsvindt voor kwetsbare groepen;

  • dd.

    winkels voor zorg- en welzijnshulpmiddelen;

  • ee.

    publieke sanitaire voorzieningen;

  • ff.

    locaties waar topsporters sport beoefenen en stadions waar voetballers, bedoeld in artikel 6.1, eerste lid, voetballen;

  • gg.

    locaties waar een plechtigheid plaatsvindt ten behoeve van huwelijksvoltrekkingen, een registratie van een partnerschap of een uitvaart;

  • hh.

    locaties waar gevaccineerd wordt tegen of getest wordt op het coronavirus, uitsluitend voor die functie;

  • ii.

    locaties die worden gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, uitsluitend voor die functie;

  • jj.

    locaties die worden gebruikt voor onderwijsactiviteiten door instellingen voor voortgezet onderwijs;

  • kk.

    buitenspeeltuinen zonder winstoogmerk die worden beheerd of geëxploiteerd door een gemeente, vereniging, stichting of groep individuen zonder rechtspersoonlijkheid en die zijn gericht op de betreffende buurt, wijk of gemeente, mits gebouwen gesloten blijven met uitzondering van de bij de buitenspeeltuin behorende toiletvoorzieningen;

  • ll.

    locaties voor het behalen van praktijkcertificaten van proeven van praktische bekwaamheid die benodigd zijn voor de uitoefening van een beroep of bedrijf, uitsluitend voor die functie;

  • mm.

    andere winkels, andere locaties met een winkelfunctie en winkels en locaties, uitsluitend voor zover het een andere functie betreft, waar bestelde of gereserveerde artikelen worden opgehaald of is gereserveerd in een bepaald tijdvak, voor zover toegestaan op grond van het tweede of derde lid van artikel 4.a1 van de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19.

  • nn.

    een stemlokaal

  • oo.

    een plaats die is bestemd voor een vergadering van de Staten-Generaal of van een commissie daaruit;

  • pp.

    een plaats die is bestemd voor een vergadering van de gemeenteraad, provinciale staten en het algemeen bestuur van een waterschap, of van een door deze organen ingestelde commissie;

  • qq.

    een gerechtsgebouw;

Click & Collect

Onverminderd hetgeen hierboven en hieronder is vermeld, mogen winkels en locaties met een winkelfunctie slechts voor publiek worden opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

  • -

    uitsluitend bestelde of gereserveerde artikelen gespreid over de dag worden opgehaald ten minste vier uur na de bestelling of reservering daarvan7 ;

  • -

    publiek de winkel of locatie met winkelfunctie niet betreedt;

  • -

    meerdere tijdvakken van telkens maximaal één uur zijn vastgesteld, die zodanig worden gespreid over de openingstijd dat ter plaatse geen oploop van publiek kan ontstaan en waarbinnen de artikelen worden opgehaald;

  • -

    de artikelen door slechts één persoon per bestelling of reservering worden opgehaald;

  • -

    niet meer personeel in de winkel of locatie met winkelfunctie aanwezig is dan strikt noodzakelijk is voor de afgifte van artikelen;

  • -

    het afhaalpunt een sobere uitstraling heeft.

Ook voor samenloopwinkels (denk aan winkels die zowel reparaties/onderhoud/pakketservice als verkoop aanbieden) geldt dat publiek de winkel niet mag betreden om de bestelde of gereserveerde artikelen zoals hierboven bedoeld op te halen. Voor de andere uitgezonderde functies, zoals genoemd in artikel 4.a1, eerste lid, van de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19, mag de winkel wel worden betreden door publiek

 

Winkelen op afspraak

Onverminderd hetgeen hierboven is vermeld, mogen winkels en locaties met een winkelfunctie slechts voor publiek worden opengesteld (winkelen op afspraak), indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

  • -

    publiek de winkel of locatie met een winkelfunctie alleen betreedt ten minste vier uur nadat aantoonbaar gereserveerd is voor aankomst in een bepaald tijdvak;

  • -

    publiek alleen in het vooraf aantoonbaar gereserveerde tijdvak wordt toegelaten in de winkel of locatie met een winkelfunctie;

  • -

    meerdere tijdvakken van telkens minimaal tien minuten zijn vastgesteld, die elkaar niet overlappen en die zodanig worden gespreid over de openingstijd dat ter plaatse geen oploop van publiek kan ontstaan;

  • -

    slechts één persoon per reservering wordt binnengelaten;

  • -

    slechts twee personen per verdieping per tijdvak worden binnengelaten;

  • -

    niet meer personeel in de winkel of locatie met een winkelfunctie aanwezig is dan strikt noodzakelijk is voor de verkoop van artikelen;

  • -

    in de winkel of locatie met een winkelfunctie uitsluitend activiteiten plaatsvinden die zijn gekoppeld aan het directe verkoopproces.

Handhavingslijn verboden openstelling publieke plaats:

  • -

    Ondernemers leven het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt de ondernemer opgedragen om de overtreding te beëindigen. Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven, wordt overgegaan tot feitelijke beëindiging van de overtreding. Bij de eerste overtreding volgt tevens een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt een sluitingsbevel/bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking) worden overgegaan op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling of bij herhaaldelijke overtreding) kan (daarnaast) ook een last onder dwangsom / bestuursdwang op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg worden opgelegd.

Handhavingslijn voorwaarden click & collect en winkelen op afspraak:

  • -

    Organisatoren leven de gestelde voorwaarden na op basis van eigen verantwoordelijkheid en handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de organisator (high trust, high penalty);

  • -

    Bij niet naleving van de voorwaarden, wordt de ondernemer aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel en/of bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding van artikel 58h Wpg volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting op grond van artikel 174 Gemeentewet (direct ongedaanmaking/ beëindiging situatie) worden overgegaan en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

 

Bij excessieve situaties (zoals enorme drukte in een bepaald gebied) kan er bovendien voor worden gekozen om het betreffende gebied af te sluiten. Zie hiervoor de handhavingslijn genoemd in paragraaf 2.12.1.

 

2.3.2. Voorwaarden openstelling publieke plaatsen

 

Voor de publieke plaatsen die nog wel geopend mogen zijn (zie paragraaf 2.3.1), gelden de volgende regels:

 

Een publieke plaats wordt slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

  • -

    Degene die geplaceerd is, uitsluitend van de aangewezen plaats gebruikmaakt;

  • -

    Stromen van publiek gescheiden worden;

  • -

    Hygienemaatregelen getroffen worden.

Daarnaast geldt dat een publieke binnenruimte slechts voor publiek mag worden opengesteld, indien per zelfstandige ruimte ten hoogste dertig personen als publiek aanwezig zijn.

Dit verbod geldt niet voor:

  • a.

    personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan georganiseerde jeugdactiviteiten en personen die deze activiteiten organiseren of begeleiden;

  • b.

    bezoekers bij een uitvaart, mits niet meer dan vijftig bezoekers aanwezig zijn;

  • c.

    personen die podiumkunsten beoefenen of acteren;

  • d.

    personen op doorstroomlocaties;

  • e.

    personen in voor publiek toegankelijke delen van onderwijsinstellingen, trainingsinstellingen en educatieve instellingen, locaties voor kinderopvang en zorglocaties;

  • f.

    personen en activiteiten als bedoeld in artikel 58g, tweede lid, onder c, d, e en h, van de wet;

  • g.

    personen die direct zijn betrokken bij een onderzoek ter zitting of het horen in verband met een bezwaarschrift of administratief beroep.

Doorstroomlocaties

Voor doorstroomlocaties geldt, met uitzondering van een parkeergarage, fietsenstalling, door het college van b&w aangewezen stemlokaal als bedoeld in artikel J4 van de Kieswet of andere locatie die wordt gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, luchthaven, station, halteplaats, of een andere bij het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer behorende voorziening en de daarbij behorende perrons, trappen, tunnels en liften, winkel en warenmarkt, dat deze slechts voor publiek mag worden opengesteld, indien de beheerder er zorg voor draagt dat:

  • -

    het publiek vooraf reserveert voor aankomst in een bepaald tijdvak;

  • -

    het publiek alleen wordt toegelaten in het vooraf gereserveerde tijdvak;

  • -

    bij aankomst van het publiek een gezondheidscheck wordt uitgevoerd.

Een supermarkt mag slechts voor publiek worden opengesteld, indien de beheerder zich inspant om de toegang ten minste twee keer per dag een uur te beperken tot mensen die zichzelf beschouwen als oudere of als kwetsbare persoon.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Organisatoren leven het verbod en gestelde voorwaarden na op basis van eigen verantwoordelijkheid en handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de organisator (high trust, high penalty);

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt de ondernemer aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende constatering volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel en/of bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding van artikel 58h Wpg volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting op grond van artikel 174 Gemeentewet (direct ongedaanmaking/ beëindiging situatie) worden overgegaan en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

 

2.3.3. Eet- en drinkgelegenheden

Een eet- en drinkgelegenheid en daarbij behorende dansvoorziening mag niet voor het publiek worden opengesteld.

 

Dit verbod geldt niet voor:

  • a.

    eet- en drinkgelegenheden waar uitsluitend sprake is van verkoop, aflevering of verstrekking van etenswaren of dranken voor gebruik anders dan ter plaatse, mits de inrichting tussen 01.00 uur en 07.00 uur gesloten is en de duur van het verblijf van publiek in de inrichting zoveel mogelijk wordt beperkt;

  • b.

    coffeeshops indien uitsluitend sprake is van verkoop, aflevering of verstrekking van softdrugs voor gebruik anders dan ter plaatse mits de coffeeshop tussen 20.00 en 07.00 uur gesloten is voor publiek,

  • c.

    eet- en drinkgelegenheden in een uitvaartcentrum of in een andere locatie waar een plechtigheid plaatsvindt ten behoeve van een uitvaart;

  • d.

    eet- en drinkgelegenheden in zorglocaties voor patiënten en cliënten en bezoekers van patiënten en cliënten;

  • e.

    eet- en drinkgelegenheden die zich bevinden op luchthavens na de securitycheck;

  • f.

    eet- en drinkgelegenheden binnen een locatie waar besloten en georganiseerde dagbesteding plaatsvindt voor kwetsbare groepen

Voor de afhaalfunctie van eet- en drinkgelegenheden geldt zolang artikel 6.15 van de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt, dat deze tussen 20.45 uur en 07.00 uur gesloten dient te zijn.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt de ondernemer opgedragen om de overtreding direct te beëindigen. Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven, wordt overgegaan tot feitelijke beëindiging van de overtreding. Bij de eerste overtreding volgt tevens een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt een sluitingsbevel/bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking) worden overgegaan op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling of bij herhaaldelijke overtreding) kan (daarnaast) ook een last onder dwangsom / bestuursdwang op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg worden opgelegd.

2.3.4. Sluitingstijd winkels

Winkels die nog geopend mogen zijn, dienen tussen 20.00 uur en 06.00 uur gesloten te zijn voor publiek. Dit geldt niet voor winkels die als stemlokalen dienen of worden gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19, voor zover het de uitvoering van de verkiezingen betreft.

Uitgezonderd zijn bovendien:

  • a.

    Een apotheek;

  • b.

    Een winkel in een tankstation, voor zover het de verkoop betreft van brandstof en smeermiddelen voor voer- of vaartuigen en benodigdheden voor gebruik, reiniging of spoedeisende reparaties van voer- of vaartuigen alsmede accessoires daarvoor en warme dranken;

  • c.

    Een winkel in een tankstation, voor zover het de verkoop betreft van andere goederen dan als bedoeld onder b;

  • d.

    Een andere winkel in de levensmiddelenbranche dan als bedoeld onder c.

Voor winkels in de levensmiddelenbranche, als bedoeld onder c en d, tenzij het een winkel als bedoeld onder d betreft die zich bevindt op een luchthaven na de securitycheck, geldt wel dat deze tussen 20.45 en 04.30 niet voor publiek mogen worden opengesteld, zolang artikel 6.15 van de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven het verbod en gestelde voorwaarden na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt de ondernemer opgedragen om de overtreding direct te beëindigen. Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven, wordt overgegaan tot feitelijke beëindiging van de overtreding. Bij de eerste overtreding volgt tevens een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel en/of bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom / bestuursdwang worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking/ beëindiging situatie) op grond van artikel 174 Gemeentewet worden overgegaan en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

2.3.5. Verkoop alcoholhoudende drank

Een publieke plaats mag slechts voor publiek worden opengesteld, indien daar tussen 20.00 uur en 06.00 uur niet bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank wordt verstrekt.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven het verbod en gestelde voorwaarden na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt de ondernemer aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing).

  • -

    Bij een volgende constatering volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel en/of bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking/ beëindiging situatie) op grond van artikel 174 Gemeentewet worden overgegaan en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

2.3.6. Wellness

Op grond van artikel 58h jo. artikel 4.8 van de tijdelijke regeling maatregelen covid-19 wordt een publieke plaats die een wellness is, slechts voor publiek opengesteld, indien de beheerder

  • a)

    werkt met reserveringen voor ten hoogste twee mensen per reservering, tenzij het gaat om personen die vallen onder de uitzondering van het groepsvormingsverbod

  • b)

    bij aankomst van het publiek een gezondheidscheck uitvoert.

Wellness dient op grond van artikel 2.3.1 van dit handelingskader gesloten te zijn. Mocht een wellnesscentrum desondanks geopend zijn, dan kan de handelingslijn gevolgd worden zoals opgenomen bij artikel 2.3.1.

 

2.4 Evenementen

Op grond van artikel 58i Wpg jo. artikel 5.1 van de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt er een verbod op het organiseren van evenementen.

 

Dit verbod geldt niet voor:

  • a.

    evenementen die behoren tot de reguliere exploitatie van die ruimte en die plaatsvinden tussen 06.00 uur en 01.00 uur in:

    • I.

      publieke binnenruimten;

    • II.

      besloten binnenruimten.

  • b.

    uitvaarten;

  • c.

    warenmarkten in de levensmiddelenbranche;

  • d.

    beurzen en congressen;

  • e.

    sportwedstrijden zonder toeschouwers van:

    • -

      topsporters als bedoeld in artikel 2.1 onder p van dit handelingskader;

    • -

      personen tot en met zesentwintig jaar, op de locatie en tussen de leden van de sportvereniging waarbij zij als lid zijn aangesloten.

De evenementen genoemd onder a en d mogen slechts onder de volgende voorwaarden worden georganiseerd:

  • -

    de algemene voorwaarden genoemd in paragraaf 2.3.2;

  • -

    reserveringsplicht, waarbij geldt dat een reservering voor meer dan twee personen niet is toegestaan, tenzij het gaat om personen die vallen onder de uitzondering van het groepsvormingsverbod ;

  • -

    het publiek dient te worden geplaceerd in groepen van ten hoogste twee personen, tenzij het gaat om personen die zijn uitgezonderd van het groepsvormingsverbod;

  • -

    gezondheidscheck

  • -

    het treffen van hygienemaatregelen.

Voor evenementen waarbij sprake is van doorstroom van publiek gelden de volgende voorwaarden:

  • -

    de algemene voorwaarden genoemd in paragraaf 2.3.2;

  • -

    het publiek dient vooraf te reserveren in een bepaald tijdvak en wordt alleen toegelaten in het vooraf gereserveerde tijdvak.

Handhavingslijn organiseren verboden evenement:

  • -

    Organisatoren leven het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid. Burgemeester doet een dringend beroep op organisatoren om hier gehoor aan te geven;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt de organisator opgedragen om het evenement direct af te gelasten;

  • -

    Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven, wordt overgegaan tot feitelijke beëindiging van het evenement op grond van artikel 58n (voor besloten plaatsen), 174 Gemeentewet (voor publieke plaatsen) of artikel 58m (voor openbare plaatsen). Ook wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg.

  • -

    Bij excessen kan direct worden overgegaan tot feitelijke beëindiging van het evenement en het opmaken van een proces-verbaal;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling) zou daarnaast ook nog een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing kunnen volgen vanuit de burgemeester, of een last onder dwangsom kunnen worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg.

Handhavingslijn overtreden voorwaarden organiseren evenement:

  • -

    Organisatoren leven de gestelde voorwaarden na op basis van eigen verantwoordelijkheid en handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de organisator (high trust, high penalty);

  • -

    Bij niet naleving van de voorwaarden, wordt de ondernemer aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Indien hier geen gehoor aan wordt gegeven, wordt overgegaan tot feitelijke beëindiging van het evenement op grond van artikel 58n (voor besloten plaatsen), 174 Gemeentewet (voor publieke plaatsen) of artikel 58m (voor openbare plaatsen). Ook wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling) zou daarnaast ook nog een last onder dwangsom kunnen worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg.

2.5 Sport

In afwijking van paragraaf 2.3.1 mogen sportaccommodaties buiten en de bij de sportaccommodatie behorende toiletvoorzieningen worden opengesteld voor publiek, mits geen reserveringen worden aangenomen van meer dan twee personen van zevenentwintig jaar en ouder.

 

De publieke plaatsen die een sportaccommodatie zijn en die nog geopend mogen zijn, mogen slechts voor publiek worden opengesteld, indien de douches en kleedkamers gesloten zijn en de beheerder van de sportaccommodatie werkt met reserveringen en bij aankomst van het publiek een gezondheidscheck uitvoert.

 

Dit verbod geldt niet voor de openstelling van:

  • a.

    kleedkamers ten behoeve van topsporters en voetballers als bedoeld in artikel 2.1, onder p van dit handelingskader;

  • b.

    kleedkamers in zwemgelegenheden;

  • c.

    kleedkamers in sportaccommodaties die door een onderwijsinstelling voor onderwijsactiviteiten worden gebruikt.

Sportwedstrijden en andere sportactiviteiten zijn alleen zonder toeschouwers toegestaan.

 

Handhavingslijn sportaccomodaties buiten (niet naleving reserveringsplicht)

  • -

    Ondernemers/organisatoren leven de gestelde voorwaarden na op basis van eigen verantwoordelijkheid en handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de organisator (high trust, high penalty);

  • -

    Bij niet naleving van de voorwaarden, wordt de ondernemer aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel en/of bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding van artikel 58h Wpg volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

Handhavingslijn geopend houden douches en kleedkamers:

  • -

    Ondernemers/organisatoren leven het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt een dringend beroep op de overtreder gedaan om de overtreding ongedaan te maken (mondelinge waarschuwing) en wordt door de burgemeester in overleg getreden met het bestuur van de vereniging;

  • -

    Bij een volgende overtreding, volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel/bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet (bij publieke plaatsen) of 58m Wpg (bij openbare plaatsen) en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis lid 1 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom / bestuursdwang worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a, Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet (bij publieke plaatsen) of 58m Wpg (bij openbare plaatsen) en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis lid 1 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking) op grond van artikel 174 Gemeentewet (bij publieke plaatsen) of 58m Wpg (bij openbare plaatsen) worden overgegaan en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis lid 1 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

Handhavingslijn toeschouwers (organisator):

  • -

    Ondernemers/organisatoren leven het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt een dringend beroep op de overtreder gedaan om de overtreding ongedaan te maken (mondelinge waarschuwing) en wordt door de burgemeester in overleg getreden met het bestuur van de vereniging;

  • -

    Bij een volgende overtreding, volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel/bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet (bij publieke plaatsen) of 58m Wpg (bij openbare plaatsen) en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis lid 2 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom / bestuursdwang worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder a Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet (bij publieke plaatsen) of 58m Wpg (bij openbare plaatsen) en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis lid 1 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking) op grond van artikel 174 Gemeentewet (bij publieke plaatsen) of 58m Wpg (bij openbare plaatsen) worden overgegaan en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis lid 1 onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

2.6 Openbaar vervoer en ander bedrijfsmatig personenvervoer en vervoer voor privédoeleinden

 

2.6.1 Uitzondering op veiligeafstandsnorm , groepsvorming en max 30 in publieke binnenruimtes

 

De veiligeafstandsnorm geldt niet voor personen in het openbaar vervoer, ander bedrijfsmatig personenvervoer en personen in vervoer voor privédoeleinden, mits:

  • -

    het vervoer primair de verplaatsing van de ene naar de andere locatie behelst; en

  • -

    het vervoer geen recreatieve activiteit is.

Bovendien gelden in het openbaar vervoer en ander bedrijfsmatig vervoer niet het verbod op groepsvorming boven dertig personen in besloten binnenruimten en de max van dertig personen per zelfstandige ruimte in een publieke binnenruimte.

 

2.6.2 Mondkapjesplicht

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder a, Wpg jo. artikel 6.6 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt In het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer voor personen van dertien jaar en ouder de plicht om een mondkapje te dragen.

 

Deze plicht geldt niet voor:

  • a.

    leerlingen tijdens leerlingenvervoer van en naar een instelling voor voortgezet onderwijs;

  • b.

    personen tot en met zeventien jaar die deelnemen aan vervoer van en naar de locatie waar jongeren jeugdhulp ontvangen of zorglocaties voor jeugd;

  • c.

    personen die het vervoer uitvoeren voor zover zij zich in een afgesloten ruimte bevinden ten opzichte van de passagiers;

  • d.

    personen die vanwege een beperking of een ziekte geen mondkapje kunnen dragen; 8

  • e.

    begeleiders van personen met een verstandelijke beperking, voor zover deze personen van het door begeleiders dragen van een mondkapje ernstig ontregeld raken, en voor personen die spreken met iemand die vanwege een auditieve beperking moet kunnen spraakafzien;

  • f.

    personen in ander bedrijfsmatig personenvervoer, indien in het voertuig maximaal twee personen aanwezig zijn;

  • g.

    personen aan wie krachtens een wettelijke bepaling gevraagd wordt hun mondkapje af te zetten om zich te identificeren met een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht, op het moment van identificatie;

  • h.

    personen waarbij het dragen van een mondkapje de goede en veilige uitoefening van hun werkzaamheden in het kader van beroep of bedrijf onmogelijk maakt.

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder a Wpg jo. artikel 2a.1 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt de mondkapjesplicht voor personen van dertien jaren en ouder ook in een station, halteplaats, of een andere bij het openbaar vervoer of ander bedrijfsmatig personenvervoer behorende voorziening en de daarbij behorende perrons, trappen, tunnels en liften, met uitzondering van de daar gelegen besloten plaatsen.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Reizigers leven het gebod op het dragen van een mondkapje na op basis van eigen verantwoordelijkheid. Zorgdragen voor de handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de vervoerder. De vervoerder spreekt de reizigers aan op het dragen van een mondkapje;

  • -

    Enkel bij excessen (passagier die voertuig of andere bij het openbaar vervoer behorende voorziening niet wenst te verlaten en geen mondkapje wil dragen) zal de toezichthouder ter plaatse worden gevraagd. Primair zal de toezichthouder de passagier uit het voertuig verwijderen en in het uiterste geval wordt proces-verbaal opgemaakt o.g.v. artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.9

2.6.3 Reservering ander bedrijfsmatig personenvervoer

De aanbieder van ander bedrijfsmatig personenvervoer, met uitzondering van veerponten, dient er zorg voor te dragen dat personen alleen aan dat vervoer deelnemen indien:

  • -

    zij gereserveerd hebben; en

  • -

    bij aankomst een gezondheidscheck is uitgevoerd.

Handhavingslijn:

  • -

    Aanbieders van bedrijfsmatig personenvervoer zijn verplicht te werken met reservering en dienen een gezondheidscheck uit te voeren;

  • -

    Bij overtreding hiervan, wordt door de burgemeester in overleg getreden met de aanbieder over de vervolgstappen.

2.6.4 Zorgplicht vervoerder

De aanbieder van voorzieningen voor openbaar vervoer en overig bedrijfsmatig personenvervoer heeft op grond van artikel 58k Wpg de plicht om zodanige voorzieningen te treffen dat de daar aanwezige personen de in de Wpg gestelde regels in acht kunnen nemen.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Vervoerders richten voorzieningen voor openbaar vervoer en overig bedrijfsmatig personenvervoer zodanig in en nemen daarmee samenhangende maatregelen zodat reizigers zich houden aan de in de Wpg gestelde regels;

  • -

    Bij overtreding van het verbod door de vervoerder, wordt door de burgemeester in overleg getreden met de vervoerder over de vervolgstappen.

  • -

    Beëindiging van personenvervoer geschiedt volgens artikel 58p, eerste lid, van de Wpg bij ministeriele regeling.

2.7 Reservering, gezondheidscheck en klantgegevens contactberoepen

Op grond van artikel 58j, eerste lid onder b, Wpg jo. artikel 6.8, zevende lid, Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 is het verboden het beroep van sekswerker uit te oefenen.

 

De beoefenaar van een contactberoep draagt er zorg voor dat klanten en patiënten gereserveerd hebben en bij aankomst een gezondheidscheck is uitgevoerd. Daarnaast dient de beoefenaar van een contactberoep klanten en patiënten in de gelegenheid te stellen de volgende gegevens beschikbaar te stellen ten behoeve van de mogelijke uitvoering van bron- en contactopsporing door de gemeentelijke gezondheidsdienst:

  • -

    Volledige naam;

  • -

    Datum en aankomsttijd;

  • -

    E-mailadres; en

  • -

    Telefoonnummer.

De beoefenaar van een contactberoep dient toestemming te vragen voor de verwerking en overdracht van deze gegevens ten behoeve van de uitvoering van bron- en contactopsporing door de GGD. Daarbij dient te worden vermeld dat het geven van deze toestemming vrijwillig is.

 

De reserveringsplicht, gezondheidscheck en registratieplicht geldt niet voor zorgverleners, sekswerkers en mantelzorgers.

 

De gegevens worden op zodanige wijze verwerkt dat daarvan geen kennis kan worden genomen door andere klanten. De gegevens dienen uitsluitend te worden verwerkt voor de uitvoering van bron- en contactopsporing door de GGD, dienen veertien dagen te worden bewaard en dienen daarna te worden vernietigd door de beoefenaar van het contactberoep.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven het gebod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het gebod, wordt een dringend beroep op de overtreder gedaan om de overtreding ongedaan te maken (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende constatering volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel/bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom / bestuursdwang worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder b, Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking) op grond van artikel 174 Gemeentewet worden overgegaan en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg.

2.8 Alcoholhoudende drank op openbare plaatsen

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder e, Wpg jo. artikel 6.9 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 is het verboden tussen 20.00 uur en 06.00 uur alcoholhoudende drank als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Drank- en Horecawet te gebruiken of voor consumptie gereed te hebben op openbare plaatsen. Dit verbod geldt niet in woongedeelten van voertuigen of vaartuigen.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Men leeft het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid.;

  • -

    Bij niet naleving van het verbod, wordt een mondelinge waarschuwing gegeven aan de overtreder en wordt de overtreder verzocht te stoppen met het nuttigen van de alcoholhoudende drank en deze weg te gooien;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de mondelinge waarschuwing, wordt overgegaan tot feitelijke beëindiging van de overtreding. Ook wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg. 10 De alcoholhoudende drank zal in beslag worden genomen ter vernietiging;

  • -

    In specifieke gevallen (bij reële vrees voor herhaling of bij herhaaldelijke overtreding) zou daarnaast ook nog een last onder dwangsom op grond van artikel 58u, derde lid, onder b, Wpg of gebiedsontzegging kunnen worden opgelegd.

2.9 Onderwijs

Het is verboden om onderwijsactiviteiten te verrichten in instellingen voor hoger onderwijs. Dit verbod geldt niet voor:

  • a.

    afstandsonderwijs;

  • b.

    praktijkgerichte onderwijsactiviteiten;

  • c.

    het houden van examens, tentamens en toetsen;

  • d.

    het begeleiden van studenten in een kwetsbare positie.

De onderwijsinstellingen die wel opengesteld mogen zijn, dienen de volgende regels in acht te nemen:

  • -

    Onderwijsinstellingen nemen de generieke kaders voor onderwijsinstellingen van het Rijksinstituut voor volksgezondheid en milieu in acht.

  • -

    Instellingen voor voortgezet onderwijs dragen er zorg voor dat iedere ingeschreven leerling ten minste één dag in de week kan deelnemen aan onderwijsactiviteiten op de instellingen.

  • -

    Instellingen voor beroepsonderwijs dragen er zorg voor dat een ingeschreven student één dag in de week kan deelnemen aan onderwijsactiviteiten op de instelling.

Handhavingslijn verboden openstelling onderwijsinstelling:

  • -

    de onderwijsinstelling draagt er zorg voor dat er geen onderwijsactiviteiten worden verricht in de instelling;

  • -

    bij overtreding van het verbod door de onderwijsinstelling, wordt door de burgemeester in overleg getreden met het bestuur van de onderwijsinstelling over de vervolgstappen en met de inspectie van onderwijs.

Handhavingslijn voorwaarden openstelling:

  • -

    De onderwijsinstelling draagt er zorg voor dat de generieke kaders voor onderwijsinstellingen van het RIVM in acht worden genomen en dat iedere ingeschreven leerling of student kan deelnemen aan onderwijsactiviteiten op de instelling

  • -

    Bij overtreding door de onderwijsinstelling, wordt door de burgemeester in overleg getreden met het bestuur van de onderwijsinstelling over de vervolgstappen en met de inspectie van onderwijs.

2.10 Kinderopvang

Het is verboden met ingang van 8 februari 2021 t/m 14 maart 2021 buitenschoolse opvang als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet kinderopvang geopend te hebben, anders dan voor kinderen van een ouder of een voogd die werkt in een cruciaal beroep als bedoeld in bijlage 1, of kinderen voor wie vanwege bijzondere problematiek of een moeilijke thuissituatie maatwerk nodig is.

 

Handhavingslijn:

  • -

    De kinderopvanginstelling draagt er zorg voor dat geen opvang wordt geboden;

  • -

    Bij overtreding van het verbod, wordt door de burgemeester in overleg getreden met de kinderopvanginstelling over de vervolgstappen;

  • -

    Toezicht op de kinderopvang geschiedt door de gemeentelijke gezondheidsdienst (GGD).

2.11 Bezettingsgraad logementen

 

De beheerder van een plaats waar tegen betaling verblijf wordt aangeboden aan personen die niet als ingezetene zijn ingeschreven in de basisregistratie personen met een adres in de gemeente waar dit verblijf wordt aangeboden, mag geen verblijf aan meer dan vier personen van dertien jaar en ouder per verblijfplaats aanbieden, tenzij het gaat om personen als bedoeld in artikel 58g, tweede lid, van de Wet publieke gezondheid.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven het gebod na op basis van eigen verantwoordelijkheid;

  • -

    Bij niet naleving van het gebod, wordt een dringend beroep op de overtreder gedaan om de overtreding ongedaan te maken (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende constatering volgt er een (schriftelijke) bestuurlijke waarschuwing vanuit de burgemeester;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de bestuurlijke waarschuwing volgt een sluitingsbevel/bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

  • -

    In specifieke gevallen kan (daarnaast) een last onder dwangsom / bestuursdwang worden opgelegd op grond van artikel 58u, derde lid, onder b, Wpg;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting (direct ongedaanmaking) op grond van artikel 174 Gemeentewet worden overgegaan en/of proces-verbaal worden opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg.

 

2.12 Excessen bij besloten en openbare plaatsen

 

2.12.1 Excessen bij openbare plaatsen

 

Indien de burgemeester van oordeel is dat de omstandigheden op een openbare plaats zodanig zijn dat de daar aanwezige personen het bepaalde bij of krachtens de artikelen 58f tot en met 58j van de Wpg niet in acht kunnen nemen, of bij ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, kan hij op grond van artikel 58m Wpg de bevelen geven die nodig zijn om de naleving van deze artikelen op een openbare plaats te verzekeren.

 

De burgemeester kan op grond van dit artikel onder andere de sluiting van openbare plaatsen voor het publiek bevelen.

 

2.12.2 Excessen bij besloten plaatsen

 

Indien door een gedraging of activiteit in of vanuit een besloten plaats, niet zijnde een woning, een ernstige vrees voor de onmiddellijke verspreiding van het covid-19 virus ontstaat, kan de burgemeester op grond van artikel 58n Wpg de bevelen geven die nodig zijn voor de beëindiging van de gedraging of activiteit en de daar aanwezige personen bevelen zich onmiddellijk te verwijderen.

 

2.13 Zorgplicht verantwoordelijke

 

2.13.1 Zorgplicht publieke plaatsen

 

Op grond van artikel 58k Wpg dient degene die bevoegd is tot het aan een publieke plaats treffen van voorzieningen of tot het openstellen van een publieke plaats voor publiek, ten aanzien van die publieke plaats zorg te dragen voor zodanige voorzieningen of openstelling dat de daar aanwezige personen de bij of krachtens de artikel 58f t/m 58j Wpg gestelde regels in acht kunnen nemen.

Deze bevoegdheid kan worden ingezet als publieke plaatsen zoals supermarkten niet of in onvoldoende mate maatregelen treffen die ervoor zorgen dat de daar aanwezige personen de in de Wpg gestelde regels in acht kunnen nemen. Een indicatie hiervoor kan zijn dat de locatie geen duidelijk toegangsbeleid hanteert, geen crowdmanagement heeft ingezet of geen zichtbare hygienemaatregelen heeft getroffen.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven de zorgplicht na op basis van eigen verantwoordelijkheid en handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de ondernemer (high trust, high penalty);

  • -

    Bij niet naleving van de zorgplicht, wordt de ondernemer aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende constatering volgt er een schriftelijke waarschuwing of een aanwijzing op grond van artikel 58k, eerste lid Wpg vanuit de burgemeester waarin de burgemeester aangeeft welke maatregelen dient te nemen zodat hij aan zijn zorgplicht voldoet;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de aanwijzing, volgt een sluitingsbevel en/of bestuurlijke maatregel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

  • -

    In specifieke gevallen kan in plaats daarvan een last onder dwangsom worden opgelegd op grond van artikel 125 Gemeentewet;

  • -

    Bij een volgende overtreding volgt opnieuw een (verzwarend) sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet en/of wordt proces-verbaal opgemaakt op grond van artikel 68bis, eerste lid, onder b, Wpg;

  • -

    Indien de situatie een exces betreft kan direct tot een spoedsluiting op grond van artikel 174 Gemeentewet worden overgegaan. 11

Clusterbesmettingen

Bij publieke plaatsen die gekoppeld worden aan meerdere besmettingen of clusters van besmettingen via het bron- en contactonderzoek van de GGD, kan de burgemeester op grond van artikel 174 Gemeentewet over gaan tot sluiting van deze plaatsen.

 

Handhavingslijn:

  • -

    Ondernemers leven het verbod na op basis van eigen verantwoordelijkheid, nemen maatregelen en gaan vrijwillig over tot sluiting van de inrichting;

  • -

    Indien die ondernemers niet vrijwillig overgaan tot sluiting volgt er een sluitingsbevel op grond van artikel 174 Gemeentewet.

2.13.2 Zorgplicht besloten plaatsen (niet zijnde beroep of bedrijf)

 

Op grond van artikel 58l dient degene die bevoegd is tot het aan een besloten plaats, niet zijnde een woning, treffen van voorzieningen of tot het toelaten tot een besloten plaats van personen, ten aanzien van die besloten plaats zorg te dragen voor zodanige voorzieningen of toelating dat de daar aanwezige personen de bij of krachtens de artikelen 58f t/m 58j gestelde regels in acht kunnen nemen.

 

Deze bevoegdheid kan worden ingezet als de verantwoordelijke voor een besloten plaats niet of in onvoldoende mate maatregelen treft die ervoor zorgen dat de daar aanwezige personen de in de Wpg gestelde regels in acht kunnen nemen. Een indicatie hiervoor kan zijn dat de locatie geen maatregelen heeft getroffen waardoor de aanwezigen te allen tijde 1,5 meter afstand tot elkaar kunnen houden.

 

Handhavingslijn:

  • -

    De verantwoordelijke leeft de zorgplicht na op basis van eigen verantwoordelijkheid en handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de verantwoordelijke (high trust, high penalty);

  • -

    Bij niet naleving van de zorgplicht, wordt de verantwoordelijke aangesproken en opgedragen om de overtreding direct te beëindigen en/of mitigerende maatregelen te treffen (mondelinge waarschuwing);

  • -

    Bij een volgende constatering volgt er een aanwijzing op grond van artikel 58l, tweede lid Wpg vanuit de burgemeester waarin de burgemeester aangeeft welke maatregelen de verantwoordelijke dient te nemen zodat hij aan zijn zorgplicht voldoet;

  • -

    Indien geen gehoor wordt gegeven aan de aanwijzing, kan een last onder dwangsom worden opgelegd op grond van artikel 125 Gemeentewet.

2.14 Mondkapjes publieke binnenruimten, luchthavens, onderwijsinstellingen en contactberoepen 12

 

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder a Wpg jo. artikel 2a.1 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 dienen personen van dertien jaar en ouder een mondkapje te dragen in:

  • a.

    publieke binnenruimten;

  • b.

    gebouwen op luchthavens, met uitzondering van de daar gelegen besloten plaatsen.

Deze verplichting geldt niet voor:

  • a.

    personen die geplaceerd zijn en de veiligeafstandsnorm in acht nemen;

  • b.

    personen als bedoeld in artikel 6.6 eerste lid Tijdelijke regeling maatregelen covid-19;

  • c.

    personen in door het college van b&w aangewezen stemlokalen als bedoeld in artikel J4 van de Kieswet of andere locaties die worden gebruikt ten behoeve van de uitvoering van een verkiezing als bedoeld in de Kieswet dan wel de Tijdelijke wet verkiezingen covid-19.

 

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder a Wpg jo. artikel 2a.2 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt ook een mondkapjesplicht voor personen in een onderwijsinstelling of een andere ruimte die door een onderwijsinstelling voor onderwijsactiviteiten wordt gebruikt.

 

Dit verbod geldt niet:

  • a.

    voor personen op een vaste zit- of staanplaats die deelnemen aan een onderwijsactiviteit of een onderwijsactiviteit verzorgen;

  • b.

    indien het dragen van een mondkapje een belemmering vormt voor deelname aan dan wel verzorging van een onderwijsactiviteit 13 ;

  • c.

    voor personeelsleden van een onderwijsinstelling, indien deze een vaste zit- of staanplaats innemen;

  • d.

    voor basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs als bedoeld in de Wet op het primair onderwijs en scholen voor speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de expertisecentra;

  • e.

    voor personen die etenswaren of dranken nuttigen, indien deze een vaste zit- of staanplaats innemen.

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder a Wpg jo. artikel 2a.3 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 geldt daarnaast een mondkapjesplicht voor de beoefenaar van een contactberoep en de klant of patiënt aan wie diensten worden verleend, gedurende het contact.

 

Dit geldt niet voor:

  • a.

    personen tot en met twaalf jaar;

  • b.

    sekswerkers en hun klanten;

  • c.

    klanten en patiënten die een behandeling krijgen aan hun gezicht, voor zover het contactberoep niet op gepaste wijze uitgeoefend kan worden op het moment dat de klant een mondkapje draagt.

Algemene uitzonderingen mondkapjesplicht:

Voor de volgende gevallen geldt in het geheel geen mondkapjesplicht:

  • -

    personen die vanwege een beperking of een ziekte geen mondkapje kunnen dragen;

  • -

    begeleiders van personen met een verstandelijke beperking, voor zover deze personen van het door begeleiders dragen van een mondkapje ernstig ontregeld raken;

  • -

    personen die spreken met iemand die vanwege een auditieve beperking moet kunnen spraakafzien;

  • -

    personen tijdens het beoefenen van sport, waaronder het zwemmen in een zwembad, voor zover het dragen van een mondkapje de beoefening van de sport belemmert;

  • -

    beoefenen van podiumkunsten en acteren, voor zover het dragen van een mondkapje de beoefening van de podiumkunsten of het acteren belemmert;

  • -

    poseren voor beeldende kunst, voor zover het gaat om het op beeld vastleggen van personen;

  • -

    deelnemen aan de opname van audiovisueel media-aanbod dat verzorgd wordt door aanbieders van mediadiensten, als bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Mediawet 2008, voor zover het gaat om personen die in beeld of aan het woord komen;

  • -

    personen aan wie gevraagd wordt krachtens een wettelijke bepaling hun mondkapjes af te zetten om zich te identificeren met een document als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de identificatieplicht op het moment van identificatie;

  • -

    personen in zorglocaties;

  • -

    indien het dragen van een mondkapje de goede en veilige uitoefening van werkzaamheden in het kader van beroep of bedrijf onmogelijk maakt.

Handhavingslijn publieke binnenruimten en contactberoepen:

  • -

    Aanwezigen leven het gebod op het dragen van een mondkapje na op basis van eigen verantwoordelijkheid. Zorgdragen voor de handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de verantwoordelijke voor de plaats. De verantwoordelijke spreekt de aanwezigen aan op het dragen van een mondkapje;

  • -

    Enkel bij excessen zal de toezichthouder ter plaatse worden gevraagd. Primair zal de toezichthouder de overtreder uit de plaats verwijderen en in het uiterste geval wordt proces-verbaal opgemaakt o.g.v. artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

Indien het in specifieke gevallen wenselijk is om de organisator of verantwoordelijke van een publieke binnenruimte of van een ruimte waar een contactberoep wordt uitgeoefend aan te spreken, dan is dat mogelijk op grond van de zorgplicht. De handhavingslijn daarvoor is te vinden in paragraaf 2.13.1 van dit kader.

 

Handhavingslijn luchthavens en onderwijsinstellingen:

  • -

    Aanwezigen leven het gebod op het dragen van een mondkapje na op basis van eigen verantwoordelijkheid. Zorgdragen voor de handhaving van de regels geschiedt in eerste instantie door de verantwoordelijke voor de plaats. De verantwoordelijke spreekt de aanwezigen aan op het dragen van een mondkapje;

  • -

    Enkel bij excessen zal de toezichthouder ter plaatse worden gevraagd. Primair zal de toezichthouder de overtreder uit de plaats verwijderen en in het uiterste geval wordt proces-verbaal opgemaakt o.g.v. artikel 68bis, eerste lid, onder b Wpg met een boete van de eerste categorie.

2.15 Avondklok

Op 22 februari 2021 is de Tijdelijke wet beperking vertoeven in de openlucht covid-19 vastgesteld en in werking getreden. Daarmee vormen vanaf deze datum de Wpg en de Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 het juridisch regime van de avondklok.

 

Op grond van artikel 58j, eerste lid, onder f Wpg jo. artikel 6.15 Tijdelijke regeling maatregelen covid-19 is het van 3 maart 2021 tot en met 15 maart 2021 verboden om tussen 21.00 uur en 04.30 uur te vertoeven in de openlucht. 14

 

Op de avondklok wordt strafrechtelijk gehandhaafd. De politie en boa’s in domein I zijn bevoegd om op het verbod te handhaven. 15

 

2.16 Demonstraties

Demonstraties worden gereguleerd door de WOM en zijn niet gereguleerd in de Wpg.

 

Specifieke uitgangspunten inzake demonstraties zijn:

  • -

    De individuele deelnemer van een demonstratie heeft in de eerste plaats een eigen verantwoordelijkheid als het gaat om zijn of haar gezondheid;

  • -

    Daarnaast heeft de organisator van de demonstratie een verantwoordelijkheid voor de gezondheid voor de deelnemers van de demonstratie.

In het kader van de bestrijding van de pandemie, neemt de lokale overheid daar bovenop ook maatregelen. Daarbij geldt:

  • -

    De landelijke richtlijnen zijn leidend;

  • -

    Het recht om te demonstreren is een grondrecht;

  • -

    Demonstreren is een essentieel onderdeel van een democratische rechtstaat.

Handhavingslijn 16 :

  • -

    Organisator wijzen op risico’s van de demonstratie voor de volksgezondheid (artikel 2 WOM) en de regels gesteld in de Wpg;

  • -

    Afhankelijk van grootte en aard demonstratie kunnen aanwijzingen worden gegeven (artikel 6 WOM) of kan de burgemeester besluiten om de demonstratie te beëindigen op grond van de artikelen 7 en 8 WOM;

  • -

    In geval van beëindiging maakt de politie het besluit van de burgemeester kenbaar dat de manifestatie is beëindigd (vordering) en dat men uiteen moet gaan (waarschuwing);

  • -

    Handhaven volgt indien de opdracht niet wordt opgevolgd (lees: demonstratie gaat door). Strafbaarstelling staat in art. 11 WOM;

  • -

    Opdracht tot beëindiging van de burgemeester vastleggen in mutatie/proces-verbaal van de politie. De vordering vastleggen in mutatie/proces-verbaal van de politie.

Indien een kennisgeving wordt gedaan, volgt de reguliere procedure van de WOM. De burgemeester kan naar aanleiding van een kennisgeving beperkingen of voorschriften stellen of een verbod geven (met inachtneming van de doelcriteria uit artikel 2 WOM).

 

3. Uitgangspunten

Voor de concrete handhaving van de Wpg gelden de volgende uitgangspunten:

  • -

    High trust, high penalty;

  • -

    De bestrijding van de pandemie vereist vergaande maatregelen waarbij het belang van de gezondheid prevaleert boven het belang van onderdelen van de economie;

  • -

    Een geconstateerde overtreding dient direct ongedaan gemaakt te worden en toezichthouders kunnen hiertoe het gesprek aangaan en aanwijzingen geven. De toezichthouders beschikken hierbij over een discretionaire bevoegdheid;

  • -

    Handhaving is in beginsel reactief en start nadat melding is gedaan van een overtreding of als sprake is van een heterdaad constatering (routinematig, n.a.v. melding/klacht en bij excessen);

  • -

    Operationalisering van de handhaving van de Wpg is een gezamenlijke opdracht. Degene die constateert (via melding of eigen waarneming) is verantwoordelijk voor de handhaving en de afstemming hierover met de partners;

  • -

    Bij beperkte capaciteit ligt de prioriteit bij ernstige overtredingen en/of ernstige gezondheidsrisico’s;

  • -

    De handhaving richt zich in eerste instantie op de eigenaar/ organisator en in beginsel niet op personeel en/of de gasten;

  • -

    De handhaving is gefaseerd en in eerste instantie niet gericht op aanhouding, maar op het beëindigen van de overtreding en herstel van de situatie;

  • -

    Bij de handhaving geldt:

    • dat het gericht is op het stoppen van de overtreding en dit inhoudt dat men kan waarschuwen, verbaliseren en/of het opmaken van een bestuurlijke rapportage;

    • dat men in eerste instantie waarschuwt, maar dat bij het bewust overtreden van de maatregelen een proces-verbaal volgt;

    • dat bij een eerdere waarschuwing en bij het opnieuw overtreden van de maatregelen een proces-verbaal volgt;

    • dat bij illegale bijeenkomsten een proces-verbaal volgt, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen groepsvorming (een ieder) en feesten (de organisator en voor zover mogelijk de deelnemers);

    • dat bevindingen altijd worden vastgelegd.

  • -

    De Officier van Justitie gaat in beginsel over de opsporing en handhaving van strafbare feiten.

4. Communicatie

Via de communicatie van de gemeente Rotterdam over de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 worden de doelgroepen geïnformeerd over landelijke coronamatregelen en het geldende handelingskader. Publicatie vindt ook plaats op de website en in het Gemeenteblad.