Gemeenteblad van Noardeast-Fryslân
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Noardeast-Fryslân | Gemeenteblad 2021, 67041 | Verordeningen |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Noardeast-Fryslân | Gemeenteblad 2021, 67041 | Verordeningen |
Verordening op de gezamenlijke Rekenkamercommissie van de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân, in vergadering bijeen op 10 september 2020;
gelezen het voorstel van de begeleidingscommissie voor oprichting van een gezamenlijke rekenkamercommissie d.d. 1 juli 2020;
gelet op het bepaalde in artikel 81oa van de Gemeentewet;
besluit vast te stellen de Verordening op de gezamenlijke Rekenkamercommissie van de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
In deze verordening wordt verstaan onder:
b. Commissie c.q. rekenkamercommissie: de gezamenlijke rekenkamercommissie van de gemeenten
Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
c. Begeleidingscommissie: begeleidingscommissie voor de rekenkamercommissie
d. Voorzitter: voorzitter van de rekenkamercommissie of diens vervanger
e. Secretaris: secretaris van de rekenkamercommissie of diens vervanger
f. Lid of leden: lid of leden van de rekenkamercommissie
g. Gemeenten: de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
h. Raden: de gemeenteraden van Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
i. Penvoerende gemeente: de gemeente Noardeast-Fryslân
j. Colleges: colleges van B&W van de gemeenten Noardeast-Fryslân en Dantumadiel
k. Samenwerkingsovereenkomst: overeenkomst tussen de gemeenten waarin afspraken m.b.t. de
werkwijze van de gezamenlijke rekenkamercommissie zijn vastgelegd.
1. Er is een rekenkamercommissie die gezamenlijk door de raden van de gemeenten Noardeast-Fryslân en
2. Deze rekenkamercommissie bestaat uit drie leden te weten: een voorzitter en twee andere leden, niet-
Artikel 3 Begeleidingscommissie
1. De begeleidingscommissie die door de raden is ingesteld voor invulling van de rekenkamerfunctie
vervult ook de functie van begeleidingscommissie van de rekenkamercommissie.
2. De begeleidingscommissie bestaat uit 2 raadsleden van de gemeente Dantumadiel en 3 raadsleden van
de gemeente Noardeast-Fryslân. De commissie kiest uit haar midden een voorzitter.
3. De begeleidingscommissie heeft een adviserende rol en verder de volgende taken:
a. Het aanbevelen van kandidaten voor het lidmaatschap in de rekenkamercommissie;
b. Fungeren als eerste aanspreekpunt voor de rekenkamercommissie;
c. Zorgdragen voor goede communicatie/contacten tussen raden en rekenkamercommissie;
d. Het voeren van een jaarlijks evaluatiegesprek over het functioneren en de werkwijze van de
1. Er is een secretaris die de rekenkamercommissie bijstaat en die belast is met de dagelijkse uitvoering
van de activiteiten van de rekenkamercommissie. De secretaris is bevoegd deel te nemen aan
beraadslagingen binnen de commissie en heeft daarbij een adviserende stem.
2. De secretaris is het eerste aanspreekpunt voor de rekenkamercommissie en zorgt voor de directe,
ambtelijke ondersteuning van de rekenkamercommissie.
3. De secretaris vormt de verbindende schakel tussen de rekenkamercommissie, de extern in te huren
onderzoeker(s) en de ambtelijke organisatie.
4. De secretaris is formatief ondergebracht bij de raadsgriffie van de penvoerende gemeente.
5. De secretaris legt verantwoording voor zijn/haar werkzaamheden af aan de rekenkamercommissie.
Artikel 5 Benoeming leden rekenkamercommissie en afleggen eed/belofte
1. De voorzitter en de leden worden door de raden benoemd op aanbeveling van de
2. De begeleidingscommissie doet de aanbeveling vergezeld gaan van een verklaring van elke kandidaat
a. de mededeling dat hij/zij een benoeming als lid zal aanvaarden, en
b. een overzicht van de openbare betrekkingen die hij/zij bekleedt.
3. De leden worden benoemd voor een periode van vier jaar. De zittingsduur kan maximaal 1 keer worden
4. Ten aanzien van de leden is artikel 81g van de Gemeentewet (eed of verklaring en belofte) van
5. Leden leggen de eed of belofte af in een raadsbijeenkomst van de penvoerende gemeente Noardeast-
Fryslân, in afstemming met de gemeente Dantumadiel.
6. Ten aanzien van de leden is de gedragscode voor bestuurders van toepassing zoals die is vastgesteld
Artikel 6 Ontslag en non-activiteit
De artikelen 81c, zesde en zevende lid en 81d, eerste en tweede lid van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op de rekenkamercommissie.
1. De begeleidingscommissie bericht de raden als een van de ontslaggronden genoemd in artikel 81c,
zesde of zevende lid, of van artikel 81d, eerste of tweede lid, van de wet zich voordoet.
2. In de gevallen, bedoeld in artikel 81c, zevende lid, en in artikel 81d, tweede lid, van de wet adviseert de
begeleidingscommissie de raden over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot ontslag,
respectievelijk het op non-activiteit stellen van het desbetreffende lid.
3. De begeleidingscommissie adviseert de raden tevens met betrekking tot een beslissing tot verlenging of
beëindiging van een maatregel als bedoeld in artikel 81d, eerste of tweede lid .
1. De rekenkamercommissie is bevoegd binnen het aan haar binnen de begrotingen van de gemeenten
beschikbaar gestelde budget uitgaven te doen ten behoeve van de uitvoering van haar taken.
2. De commissie legt elk jaar voor 1 april financiële verantwoording af aan de raden over het voorgaande
3. Ten laste van het in lid 1 bedoelde budget worden de kosten gebracht van:
a. de vergoedingen van de leden;
b. externe deskundigen die door de rekenkamercommissie zijn ingeschakeld;
c. eventuele overige uitgaven die de rekenkamercommissie nodig acht voor de uitoefening van haar
4. In de samenwerkingsovereenkomst tussen de raden zijn afspraken vastgelegd over de hoogte van het
budget en de onderlinge verdeling van kosten voor de rekenkamercommissie.
1. De rekenkamer heeft als taak het uitvoeren van onderzoek naar de doeltreffendheid, doelmatigheid en
rechtmatigheid van het gemeentelijk beleid en beheer. De rekenkamer geeft zelfstandig, met een eigen
prioritering, invulling aan deze taak in opdracht van de gemeenteraden.
Op verzoek van de raden kan de rekenkamercommissie een onderzoek instellen.
De commissie rapporteert rechtstreeks aan de gemeenteraad / gemeenteraden.
Een door de rekenkamercommissie ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het gevoerde bestuur
bevat geen controle van de jaarrekening.
2. De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar werkzaamheden en vergaderingen
vast; het reglement wordt ter kennis gebracht aan de raden.
3. Onderzoek kan zich onder meer richten op:
a. “Ex post onderzoek” - onderzoek achteraf, naar gerealiseerd beleid, geschikt om de gemeenteraad te ondersteunen in zijn controlerende rol.
b. “Ex ante onderzoek” - onderzoek vooraf, naar voorgenomen beleid, gericht op ondersteuning van de raad in zijn kaderstellende rol. Het gaat hier vaak om kortdurend onderzoek met vaak een verkennend karakter.
4. De rekenkamercommissie brengt van ieder onderzoek een eindrapportage met conclusies en eventuele
aanbevelingen uit aan de raden. Dit kan in een door de commissie gekozen vorm.
5. De rekenkamercommissie brengt elk jaar voor 1 april een verslag uit aan de raden over haar
werkzaamheden in het voorgaande jaar.
6. Voor uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie, met inachtneming van het
beschikbare budget, gebruik maken van (een) externe onderzoeker(s) dan wel het onderzoek zelf
Artikel 9 inventarisatie en selectie van onderzoeksonderwerpen
1. De commissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt.
2. De commissie doet in principe tenminste één onderzoek per jaar.
3. Raden kunnen, bij voorkeur gezamenlijk, gemotiveerde verzoeken tot het verrichten van onderzoek
4. Indien meerdere onderwerpen voor onderzoek in aanmerking komen, maakt de commissie daaruit een
beargumenteerde keuze; ter bepaling van haar keuze kan de commissie vooronderzoek verrichten.
Artikel 10 Vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamercommissie
1. De voorzitter van de rekenkamercommissie ontvangt een vaste maandelijkse vergoeding voor zijn
werkzaamheden van € 400,- per maand (excl. BTW) en een vergoeding voor gemaakte onkosten.
2. De overige leden van de rekenkamercommissie ontvangen ieder een vaste vergoeding voor hun
werkzaamheden van € 300,- per maand (excl. BTW) en een vergoeding voor gemaakte onkosten.
3. Bij ontstentenis van de voorzitter langer dan een maand, is artikel 10, lid 1 van deze verordening van
toepassing op diens vervanger.
4. Indien, met inachtneming van artikel 8 lid 7 van deze verordening, de rekenkamercommissie besluit één
of meer van zijn leden te belasten met de uitvoering van onderzoek, ontvangen deze leden een
vergoeding van € 75,- per onderzoeksuur (excl. BTW).
5. De in het eerste en tweede lid genoemde vergoedingen komen ten laste van het in het eerste lid van
artikel 7 van deze verordening bedoelde budget.
6. Bedragen genoemd in dit artikel worden jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de prognose van de HCPI
(geharmoniseerde consumentenprijsindex) van het Centraal Planbureau (CPB) in het Centraal
Artikel 11 Rapportage en terugkoppeling
1. De rekenkamercommissie legt haar bevindingen en haar oordeel vast in rapporten,
rekenkamercommissiebrieven, of een andere, door haar gekozen andere vorm van rapportage met dien
verstande dat hierin niet worden opgenomen gegevens en bevindingen die naar hun aard geheim zijn.
2. De rekenkamercommissie stelt de onderzochte partij schriftelijk op de hoogte van het (nog niet
gepubliceerde) conceptonderzoeksrapport.
3. De rekenkamercommissie legt het conceptonderzoeksrapport voor aan de betrokkenen met de vraag of
dit feitelijk juist is. De termijn waarop dit kenbaar kan worden gemaakt bedraagt drie weken. De
rekenkamercommissie bepaalt wie als betrokkenen worden aangemerkt.
4. De rekenkamercommissie informeert de colleges in een memorie van antwoord of, welke en hoe de
5. Na ontvangst van de reactie(s) sluit de rekenkamercommissie haar onderzoek af en stelt een definitief
document op waarin conclusies en aanbevelingen worden opgenomen. Dit document wordt aangeboden
Artikel 12 Experimenteerartikel
1. De rekenkamercommissie kan, niet eerder dan na raadpleging van de raden en instemming van de
begeleidingscommissie, besluiten tot afwijking van het bepaalde in deze verordening met als doel te
experimenteren met een andere wijze van werken voor een periode gekoppeld aan de
onderzoeksperiode van het betreffende onderzoek waarbij de rekenkamercommissie wil
2. Indien de rekenkamercommissie een beroep doet op dit experimenteerartikel, wordt door de
rekenkamercommissie beargumenteerd vastgelegd wat inhoud en doelstelling van het experiment is.
3. De rekenkamercommissie evalueert direct na het experiment de ervaringen van betrokkenen en
Artikel 13 Samenwerkingsovereenkomst
Er is een samenwerkingsovereenkomst tussen beide gemeenten waarin afspraken zijn vastgelegd over:
Artikel 14 Vervallenverklaring
De verordening op de rekenkamercommissie gemeente Dantumadiel (2017)
De verordening op de rekenkamercommissie gemeente Dongeradeel (2005)
De verordening op de rekenkamercommissie gemeente Ferwerderadiel (2008)
De verordening op de rekenkamercommissie gemeente Kollumerland c.a. (2017)
Artikel 15 Voorziening en overige bepalingen
In alle gevallen, waarin deze verordening niet voorziet of wanneer een artikel voor meerdere uitleg vatbaar blijkt te zijn, beslist:
a. voor zover het de werkwijze van de commissie betreft: de voorzitter van de commissie;
b. voor zover het de bevoegdheden van de commissie betreft: de raad op voorstel van de
c. in naar het oordeel van de commissie spoedeisende gevallen: de commissie waarbij de genomen
beslissing als voorlopige voorziening wordt aangemerkt. De voorlopige voorziening wordt in de
eerstvolgende raadsvergadering ter bekrachtiging aan de raad voorgelegd.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2021-67041.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.