[Deze publicatie betreft een rectificatie vanwege het ontbreken van de tekeningen. De oorspronkelijke publicatie is op 29 december 2020 bekendgemaakt, beschikbaar via Gemeenteblad 2020, 350160.]
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena,
Overwegende:
dat het op grond van artikel 4:11a, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening Altena 2020 (APV) verboden is op het grondgebied van de voormalige gemeente Werkendam zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te vellen of te doen vellen;
dat in artikel 4:11a, tweede lid, bepaald is dat dit verbod niet geldt voor:
- a.
wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs landbouw gronden, beide voor zover bestaande uit niet-geknotte populieren of wilgen;
- b.
vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;
- c.
fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het bijzonder bestemde terreinen;
- d.
- e.
houtopstand die bij wijze van dunning moet worden geveld;
- f.
houtopstand die gelegen is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een zelfstandige eenheid vormt die:
- •
ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10 are;
- •
ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal rijen;
- g.
houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last van het college, zulks onverminderd het bepaalde in artikel 4.12b;
dat in artikel 4:11a, derde lid, bepaald is dat het college delen van de gemeente aan kan wijzen waarin het verbod als bedoeld in het eerste lid niet van toepassing is;
dat het college van burgemeester en wethouders van de voormalige gemeente Werkendam bij besluit van 11 februari 2014 gebieden aangewezen heeft waar houtopstand gekapt kan worden zonder dat daarvoor een omgevingsvergunning nodig is;
dat het aanwijzingsbesluit van 11 februari 2014 per 1 januari 2021 van rechtswege vervalt, op grond van artikel 28 Wet algemene regels herindeling;
dat het een te grote regeldruk zou betekenen voor de samenleving als de gebieden waar voor het kappen van houtopstand geen vergunning nodig is, komen te vervallen;
dat het daarom gewenst is dezelfde gebieden op het grondgebied van de voormalige gemeente Werkendam, opnieuw aan te wijzen als delen van de gemeente waarin het verbod om zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te vellen of te doen vellen, niet van toepassing is;
Gelet op artikel 4:11a, derde lid, van de APV;
BESLUIT: