Artikel 1 Beslistermijn schuldhulpverlening
De beschikking tot schuldhulpverlening of de afwijzing ervan, bedoeld in artikel 4a, eerste lid,
van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening, wordt genomen binnen een termijn van 8
weken na de dag waarop het eerste gesprek, bedoeld in artikel 4, eerste lid, van die wet,
heeft plaatsgevonden.
Artikel 2 Inwerkingtreding en citeertitel
1. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2021.
2. Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening beslistermijn schuldhulpverlening
gemeente Hof van Twente 2021.
Toelichting
Algemeen
De Verordening beslistermijn schuldhulpverlening geeft uitvoering aan artikel 4a, derde lid,
van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (hierna: wet), zoals deze met ingang van 1
januari 2021 geldt. Artikel 4a van de wet is ingevoerd bij Wet van 24 juni 2020 tot wijziging
van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening ten behoeve van de uitwisseling van
persoonsgegevens (Stb. 239).
Artikelsgewijze toelichting
Artikel 1. Beslistermijn schuldhulpverlening
De wet regelt dat inwoners met problematische schulden bij gemeenten terecht kunnen voor
onder meer advies, schuldbemiddeling of een saneringskrediet. Het uitgangspunt is dat
schuldhulpverlening breed toegankelijk is. Daarbij is van belang dat het voor de inwoner
duidelijk is binnen welke termijn na het eerste gesprek over de hulpvraag wordt besloten of
diegene voor een schuldenregeling in aanmerking komt.
Om deze reden is bij de genoemde wetswijziging in navolging van het advies van de
Nationale Ombudsman besloten een wettelijke termijn op te nemen waarbinnen de
gemeente na het eerste gesprek over de hulpvraag moet besluiten of iemand voor een
schuldenregeling in aanmerking komt. Niet alleen burgers dienen zich aan wettelijke
termijnen te houden. Ook van een dienende overheid mag verwacht worden dat zij op een
verzoek van een burger binnen een redelijke, door de raad in een gemeentelijke verordening
vastgestelde, termijn reageert.
Deze termijn mag volgens artikel 4a, derde lid, van de wet niet langer zijn dan acht weken.
Dit is gelijk aan de maximale redelijke termijn die in artikel 4:13, tweede lid, van de Algemene
wet bestuursrecht wordt gesteld. Een kortere beslistermijn vaststellen is wel toegestaan.
De beslistermijn is bepaald op 8 weken, omdat in de regio afspraken zijn gemaakt met o.a.
de Stadsbank waarbij ook een periode van 8 weken wordt gehanteerd. Op die manier wordt
uniform gewerkt en is de regeling goed uit te voeren.
Artikel 2 Inwerkingtreding en citeertitel
De datum van inwerkingtreding valt samen met de inwerkingtreding van artikel 4a van de
wet.